Antoninus Pius (3)

Antoninus Pius (Archeologisch museum, Constantine)

[Laatste van drie gastblogs over keizer Antoninus Pius door Dieter Verhofstadt. Het eerste blogje was hier.]

Antoninus Pius stond hoog in aanzien bij zowel het Griekse als joodse establishment, en zelfs bij verre mogendheden zoals het Indische Kushanarijk. Zijn schitterende reputatie steunde niet alleen op zijn weldadige en rechtvaardige regime, maar ook op zijn knappe voorkomen.

Toen Antoninus de gezegende leeftijd van zeventig naderde, droeg hij de macht over aan niet één maar twee adoptiefzoons: Marcus Aurelius en Lucius Verus, zoals zijn voorganger Hadrianus het hem had opgedragen. Zijn laatste woord sprak hij volgens de overlevering tot een schildwacht, aan wie hij het wachtwoord voor de komende dag gaf: “gelijkmoedigheid”. Hij ging liggen als om te slapen en stierf. Zijn regering was de langste sinds Augustus en zou dat blijven tot Constantijn de Grote. Als we al het bovenstaande beschouwen en vooral geloven, moeten we hem zien als een van de beste keizers die Rome ooit heeft gekend.

Lees verder “Antoninus Pius (3)”

Antoninus Pius (2)

Antoninus Pius (Musée des Beaux-Arts, Lyon)

[Tweede van drie gastblogs over keizer Antoninus Pius door Dieter Verhofstadt. Het eerste blogje was hier.]

De vredelievende keizer

Het bijzonderste aan de regering van Antoninus Pius was dat hij, in tegenstelling tot de meeste van zijn voorgangers en opvolgers, geen animo toonde voor oorlog of veroveringen. Meer nog, hij zou Rome nooit verlaten hebben en amper een legioen van dichtbij hebben gezien. Er waren weliswaar opstanden in Brittannia en Mauretania, maar daar stuurde hij bekwame generaals heen, die het oproer snel konden bezweren.

Lees verder “Antoninus Pius (2)”

Antoninus Pius (1)

Antoninus Pius (Collectie Torlonia, Rome)

Omdat ik me met de mensheid om me heen schuldig maak aan citius, altius, fortius, durf ik me wel eens wagen aan een “favoriete Romeinse keizer”. Als kind, toen ik nog met Playmobilridders speelde en als tiener, toen ik in de ban raakte van Risk, vergaapte ik me aan keizers die oorlogen wonnen en het rijk uitbreidden. Augustus dus, maar vooral Trajanus, die toch maar mooi de Roemeense bult als Dacia toevoegde aan het al omvangrijke territorium.

Als volwassene, behept met moraal, begon ik anders te denken. Ik begreep dat “de Grote” een afkorting is voor “de grootheidswaanzinnige”: Alexander, Constantijn, Karel … al die groten der verbrande aarde waren psychopaten met een onlesbare dorst naar onderwerping. Ik keek dus met een nieuwe blik, door een welopgevoede bril, naar keizers: wie was een kundig bestuurder, wie verbeterde het leven van de burgers en wie zorgde vooral voor vrede, niet de zoveelste oorlog.

Lees verder “Antoninus Pius (1)”

Saturnus Africanus (2)

Wijding aan Saturnus Africanus (Nationaal archeologisch museum, Algiers)

[Dit is het tweede van twee blogjes over Saturnus Africanus. Het eerste was hier.]

Het onderzoek naar de inscripties is al begonnen in de negentiende eeuw en de grote Algerije-kenner Stéphane Gsell vatte het allemaal samen. Daaraan voegde Marcel Le Glay in 1966 de resultaten van driekwart eeuw archeologisch onderzoek toe; u vindt de monografie hier. Daarna zijn er deelpublicaties geweest, maar ik ken geen andere synthese dan die van Le Glay. Die behandelt gelukkig wel een veelvoud aan aspecten, zoals de eigenlijke eredienst.

Verering

Er was, zo begrijp ik, onderscheid tussen de priesters (sacerdotes) en de ingewijde gelovigen (sacrati), die bij wijze van initiatie onder een juk moesten doorgaan. Een ander ritueel was het samen drinken van een honing-melk-drank. Ouders konden, zoals met de christelijke kinderdoop, baby’s al opdragen aan de bescherming van de god. De Saturnus-eredienst stond dus niet voor iedereen open; je moest een keuze maken voor toetreding, waarna er eisen aan je werden gesteld. Die doen zo oosters aan als je verwacht bij een godheid die minimaal ten dele uit Fenicië komt: je moest je schoenen uitdoen als je een heiligdom betrad en je mocht geen varkensvlees eten. En je moest je zoveel mogelijk onthouden van de verering van andere goden. Saturnus was niet zomaar een god, hij was simpelweg de heer, ba’al ofwel dominus.

Lees verder “Saturnus Africanus (2)”

Saturnus Africanus (1)

Saturnus Africanus (Musée du Bardo, Tunis)

Je hoeft geen Latijn te kennen om te begrijpen dat “Saturnus Africanus” de godheid Saturnus is zoals die werd vereerd met Afrikaanse rituelen. Wie Tunesië, Algerije of Marokko bezoekt, kan niet om deze Romeinse godheid heen, al was het maar omdat hij staat vermeld in bijna 2500 gepubliceerde Latijnse inscripties, gevonden van Karthago in het oosten tot Volubilis in het westen. Vaak staat hij op die inscripties ook afgebeeld; er zijn verder honderden afbeeldingen zonder tekst. Ook zijn 200 cultusplaatsen bekend. Het bovenstaande reliëf was tien jaar geleden een van de pronkstukken op de Karthago-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden; als u het daar niet zag, zult ervoor Tunis moeten, naar het Bardo-museum.

Van boven naar beneden herkent u de god, gezeten op een troon, met een scepter en een snoeimes in de hand, met vóór hem het hoofd van óf zijn echtgenote Venus Caelestis óf de zon. Onder hem ziet u degene die deze stèle heeft opgericht. Hij staat op het punt een lam te offeren. De vlammen laaien al op van het altaar. Er zijn honderden van dit soort afbeeldingen. De baardige godheid draagt vaak een kleed over het hoofd en gaat niet zelden vergezeld van de goddelijke Tweelingen of de Zon en Maan.

Lees verder “Saturnus Africanus (1)”

Het Parthenmonument uit Efese

De apotheose-scène in het Parthenmonument (Ephesos-Museum, Wenen)

Berggasse 19. De Stephansdom. Het gebouw van de Wiener Secession. The Third Man. Het Kunsthistorisch Museum. Het Hundertwasserhaus. Het Mathematisches Seminar der k. und k. Universität. Eigenlijk alles wat k. und k. is. De Venus van Willendorf. De Staatsopera. Er zijn vele redenen om naar Wenen te gaan en ik hoop er binnenkort iemands verjaardag te kunnen vieren.

En dan hoop ik ook het Ephesos-Museum te kunnen bezoeken, waar de vondsten zijn te zien van de Oostenrijks-Hongaarse archeologische campagnes die vanaf 1896 plaatsvonden in Efese, de hoofdstad van de Romeinse provincie Asia. Omdat de Ottomaanse archeoloog Osman Hamdi in 1907 de sultan overtuigde de export van oudheden te verbieden, zijn er geen recentere vondsten te zien, hoewel in Efese nog altijd Oostenrijks onderzoek plaatsvindt.

Lees verder “Het Parthenmonument uit Efese”

Lucius Verus versus de Parthen

Lucius Verus (Torloniacollectie, Rome)

In 115 ontketende de Romeinse keizer Trajanus (r.98-117) een enorme oorlog tegen het Parthische Rijk. Hij liep de bufferstaat Armenië onder de voet en gelastte zijn legioenen om langs de Tigris en de Eufraat op te rukken naar de Perzische Golf. Een boottochtje vormde het triomfantelijke hoogtepunt van de operatie. Maar meteen daarna waren er opstanden en Trajanus’ opvolger Hadrianus (r.117-138) ontruimde de gebieden. Evengoed zat de schrik er goed in bij de Parthen: decennia lang bleef het rustig. De opbloeiende handel van een stad als Palmyra documenteert de zegeningen van de vrede.

Crisis

Tijdens Hadrianus’ opvolger Antoninus Pius (r.138-161) bleef het aan de Eufraatgrens rustig en de Romeinen verwachtten dan ook geen onoverkomelijke moeilijkheden toen Marcus Aurelius en zijn broer Lucius Verus aantraden. De nieuwe keizers werden totaal overrompeld door het offensief van de Parthische koning Vologases IV, die niet alleen het Romeinse Rijk binnenviel maar ook de gouverneur van Cappadocië versloeg. Een van de legioenen (VIIII Hispana of XXII Deiotorana) werd vernietigd. De Parthen versloegen ook de gouverneur van Syrië, installeerden in Armenië een vazalkoning en vervingen in het bufferstaatje Edessa de pro-Romeinse koning Manu door een eigen vorst.

Lees verder “Lucius Verus versus de Parthen”

Manemos, een grote onbekende

Wijding aan Manemos (Musée des Beaux-Arts, Lyon)

Ik blog regelmatig over antieke religie en die stukjes eindigen nogal eens met de constatering dat we iets niet weten. Waarom Psyche op een dromedaris rijdt, waarom Hercules Magusanus vroeger gold als de Hercules van Magusa en nu als syncretisme: dat werk. Ik wil morgen schrijven over het raadsel hoe het christendom in Egypte is aangekomen. Bij elk van deze vragen is de kern van de problematiek dezelfde: we hebben te weinig informatie. En de data die we hebben, zijn ambigu.

Het onbekende platteland

Wat we wél weten: iets over de staatsculten, iets over filosofische visies op het goddelijke, iets over systematiseringen als “de twaalf Olympische goden”. Over de echte godsdienst van de normale Grieken, Babyloniërs, Kelten, Romeinen, Egyptenaren, Syriërs weten we daarentegen vrijwel niets. Welke oogstfeesten hadden ze? Hoe sloten de opvattingen van de “little tradition” van het platteland aan bij de “great tradition” van de stedelijke elites? Welke familieleden voltrokken welke rituelen? Vereerden ze überhaupt goden en zo ja, wat waren dat van bovennatuurlijke krachten?

Lees verder “Manemos, een grote onbekende”

Hercules van Magusa?

Hercules Magusanus (Museumpark Xanten)

In mijn vorige blogje besprak ik de mogelijkheid dat Hercules Magusanus een syncretisme was van een Romeinse halfgod en een Keltische of Germaanse godheid. Nu de andere mogelijkheid: Hercules Magusanus is de Hercules van Magusa, of iets dat daarop lijkt. Je kunt denken aan het Gallische woord magos, “veld”, dat in allerlei plaatsnamen is te herkennen, zoals Senomagus, “oud veld”, en Noviomagus, “nieuw veld”. Misschien brengt dit spoor ons verder, maar je zou dan willen weten wat het Keltische element is dat tot -anus verlatiniseerde.

Oude speculaties

De mogelijkheid dat Magusanus verwijst naar een plaats, is heel lang besproken geweest. Op de DNBL zijn vroegnegentiende-eeuwse publicaties te vinden vol vroegnegentiende-eeuws gespeculeer. Die hoeven niet per se onzin te zijn. Een van de eerste echte geleerden die zich ermee bezighield, Conrad Leemans, herhaalde in 1846 in Gedenkteekens van Hercules Magusanus de eerdere speculatie dat als het ging om de Hercules van deze of gene plaats, het zou kunnen gaan om Mecusa, ook bekend als Divodurum ofwel Metz. Ik denk dat dit moderne linguïsten niet overtuigt.

Lees verder “Hercules van Magusa?”

Hercules Magusanus

Hercules Magusanus (Rheinisches Landesmuseum, Bonn)

Hercules Magusanus geldt als een van de belangrijkste goden van de Bataven. Dat zegt althans iedereen, maar er zijn haken en ogen. Dat iets goed is gedocumenteerd, wil vanzelfsprekend niet zeggen dat het belangrijk was. Maar na deze en nog wat andere kentheoretische slagen om de arm, moeten we maar denken dat Hercules Magusanus een belangrijke Bataafse godheid is geweest.

Hercules Magusanus

Toen ik u in december uitnodigde voor de oudejaarsvragen, kreeg ik voor het eerst de vraag voorgelegd waar Magusa lag. De normale lezing van “Hercules Magusanus” is immers dat het de halfgod Hercules was, zoals die werd vereerd met de rituelen van Magusa. De vraag verbaasde me omdat ik niet beter wist dan dat Hercules Magusanus een zogeheten syncretisme was: twee goden die aan elkaar werden gelijkgesteld, zoals Apollo Grannus en Mars Lenus. Dat ik niet beter wist, betekent natuurlijk niet dat Hercules Magusanus ook werkelijk een syncretisme was. Er zijn volop goden die een plaatsnaam hebben als bijnaam. Zo is Hercules Deusoniensis de Hercules van Deuso. Kortom, het was een goede vraag.

Lees verder “Hercules Magusanus”