Hexham Abbey en de Romeinen

Hexham Abbey (© Wikimedia Commons | Bob Castle)

Na een eerdere afgeblazen poging onder keizer Caligula vielen in het jaar 43 n.Chr. op bevel van keizer Claudius de Romeinen met vier legioenen plus hulptroepen ‘Britain’ binnen, waarvan zij het huidige Engeland en Wales bezetten en tot de provincie Britannia maakten. Om de noordgrens, de limes van de provincie, te beschermen tegen de in het huidige Schotland wonende Picten, bouwden de soldaten op bevel van Hadrianus (r.117-138) de Muur van Hadrianus.

Deze liep van het huidige Carlisle in het westen tot Newcastle upon Tyne in het oosten, een bijna horizontale oost-west lijn van 117 kilometer. Velen denken dat de Romeinen niet noordelijker zijn gekomen, maar dat is niet juist. Hadrianus’ opvolger keizer Antoninus Pius herhaalde dit kunststukje in 142 met de aanleg van de Vallum Antonini die liep vlak boven het huidige Glasgow en Edinburgh en raakte aan de Schotse Hooglanden, waarvan de grens met de Schotse Laaglanden. Deze versterking is minder bekend omdat hij minder belangrijk en korter in gebruik is geweest dan de Muur van Hadrianus.

Lees verder “Hexham Abbey en de Romeinen”

Misverstand: Vrouwelijke geestelijken

Hippo Regius, Basiliek

Ik wilde eigenlijk verder werken aan mijn reeks over patronen van misinformatie toen ik dit artikel tegenkwam. Een oudheidkundige heeft  aanwijzingen dat er vrouwelijke geestelijken zijn geweest in de vroege kerk.

New research recently unveiled in Rome suggests women had a greater role in the early church’s ministries and liturgies than previously thought.

Let op dat lamlendige “than previously thought”. “Anders dan aangenomen” is de ergste stoplap uit de wetenschapsjournalistiek.

Lees verder “Misverstand: Vrouwelijke geestelijken”

Geen misverstand: Paardenstaart

Vier paarden (San Marco, Venetië)

Met al die dagelijkse misverstanden – er komen er nog meer – word je misschien wat al te sceptisch. Een week of drie geleden was het de feestdag van de evangelist Marcus, over wiens historiciteit op Sargasso een aardig stuk is verschenen. Iemand vertelde me over de marteldood van de auteur van het oudste evangelie, die in 68 n.Chr. tijdens het festival voor de god Sarapis zou zijn vastgebonden aan de staart van een paard en door de straten van Alexandrië meegesleept.

Er worden meer doodsoorzaken genoemd, wat voldoende is om aan te nemen dat de Alexandrijnen een heilige Marcus kenden, later geen idee meer hadden wie dat was, en er een verhaal bij bedachten. De echte vraag – en dat wat mijn scepsis deed ontwaken – is natuurlijk of paardenstaarten wel sterk genoeg zijn voor evangelistentransport.

Lees verder “Geen misverstand: Paardenstaart”

Hoe zag Jezus eruit?

Matthias Stomer, De ongelovige Thomas (c.1645)

Het Davidsfonds stuurde me Hoe zag Jezus eruit? van Willie Van Peer en hoewel ik op een geschenkje positief wil reageren, weet ik niet goed hoe. Dit boekje is niet slecht, het is niet goed, het is iets daartussen en eigenlijk ook dat niet. Van Peer behandelt een non-probleem en slaat zijwegen in. Hele paragrafen kunnen eruit, maar wat hij daarin ten berde brengt is niet onzinnig. Dat maakt het lastig recenseren.

Non-probleem

Over het uiterlijk van Jezus valt, zoals Van Peer aangeeft, niets met zekerheid te zeggen. Hij benadrukt dat de man niet heeft geleken op de blanke, blauwogige afbeeldingen uit de artistieke traditie, maar vermeldt niemand die zo denkt. De iconen uit de Byzantijnse traditie en de afbeeldingen uit de School van Beuron waren, om twee voorbeelden te geven, nooit bedoeld als realistisch.

Lees verder “Hoe zag Jezus eruit?”

Pseudo-Isidorus (2)

(Pseudo-Isidorus’ glossen bij het Concilie van Chalcedon in manuscript Parijs, Bibliothèque Nationale de France, Lat. 11611, folio 187recto. De afbeelding is matig, maar de nota-tekens staan ook daadwerkelijk in lichtere inkt op het perkament.

[Dit is het tweede deel van een gastbijdrage over de vervalsingen van Pseudo-Isidorus. Het eerste deel vindt u hier.]

Het onderzoek

Toen het hele scala aan vervalsingen, en met name de valse decretalen, in de negende eeuw in omloop kwam, fronsten sommige Frankische geestelijken wel hun wenkbrauwen. De echtheid van afzonderlijke decretalen zou ook later nog ter discussie staan. Het was echter de calvinistische geleerde David Blondel die begin zeventiende eeuw Pseudo-Isidorus definitief als vervalser ontmaskerde. Hij toonde aan dat de decretalen letterlijk citeerden uit veel latere teksten. In de negentiende eeuw verscheen de eerste wetenschappelijke editie van de decretalen.

Lees verder “Pseudo-Isidorus (2)”

Pseudo-Isidorus (1)

Lodewijk de Vrome (manuscript uit 826, Vaticaanse bibliotheek)

In het middeleeuwse christendom leidde de nadruk op autoriteit en traditie ertoe dat vernieuwing met enig wantrouwen bekeken werd. Geleerden pretendeerden vooral de traditie door te geven, die, behalve op de Bijbel, gegrondvest diende te zijn op de teksten van auctoritates, de gezaghebbende auteurs en teksten zoals de kerkvaders, patriarchen of de laatantieke concilies. Geconfronteerd met nieuwe omstandigheden of crisissituaties kon men in die autoriteiten uit het verleden niet altijd de juiste antwoorden vinden om deze het hoofd te bieden. Een paardenmiddel om de traditie naar de eigen hand te zetten was de vervalsing.

De vervalsingen

In het noorden van het Karolingische Rijk, ergens tussen 834 en 860, bracht een zekere Isidorus Mercator, een pseudoniem van een vervalser of een groep vervalsers, een aantal verzamelingen met vervalst kerkelijk recht in omloop om zijn standpunten kracht bij te zetten. Deze Pseudo-Isidorus is in de eerste plaats verantwoordelijk voor een verzameling deels bestaande en deels verzonnen decretalen (brieven) van pausen uit de eerste eeuw tot en met de achtste eeuw, die hij aanvulde met een serie bewerkte oude concilieteksten. Alle decretalen van vóór de vierde eeuw en sommige daarna zijn vervalsingen.

Lees verder “Pseudo-Isidorus (1)”

Graf te Roermond

Het “graf met de handjes”, Roermond

Dingen waar je langs zou kunnen komen als je deze dagen niet binnenshuis moest blijven maar de vrijheid had een fietstochtje te maken: het Oude Kerkhof van Roermond, officieel de Begraafplaats Nabij de Kapel in ’t Zand. Waar het bovenstaande beroemde grafmonument is te zien.

Het bijbehorende verhaal is zo beroemd dat het matennaaierij zou zijn het u niet nog eens te vertellen: jonkvrouw J.C.P.H. van Aefferden (1820-1888) was getrouwd met kolonel J.W.C. van Gorkum (1809-1880). Weinigen zullen het echtpaar zijn geluk hebben misgund maar zij was rooms-katholiek en hij was protestant, en dat was bij de uitvaart toch wel wat problematisch, omdat de begraafplaats was geordend naar religieuze overtuiging: Nederlands-Hervormd, Rooms-Katholiek, Joods. (Zelfmoordenaars, ongeïdentificeerde drenkelingen en mensen zonder religie lagen op nog een vierde deel.)

Het monument, dat wel duidelijk maakt wat de overledenen dachten van religieuze verdeeldheid, is maar één van de mooie graven op het Oude Kerkhof. Een mooie plek om even langs te gaan als u in de buurt bent.