Het Tempe-ravijn

Het ravijn Tempe

De Tempevallei is de diepe kloof tussen de bergen Olympos en Ossa, waar de snelle rivier Peneios zich een weg van Thessalië naar de Egeïsche Zee baant. Wat zo vaak een vallei wordt genoemd, is in feite maar 25 tot 50 meter breed, bijna 500 meter diep en tien kilometer lang. Het is een ravijn.

Er zijn prachtige kliffen en de vegetatie is lieflijk, zodat het niet verwonderlijk is dat het landschap altijd door dichters is geprezen: zo was er van Dion Chrysostomos een Ekfrasis (beschrijving). De tekst is helaas verloren gegaan.

De Grieken vertelden dat de god Apollo hier eens had geprobeerd de nimf Dafne aan te randen, maar dat ze was veranderd in een laurierboom. Apollo zou een loot vanuit de canyon hebben overgeplant naar de Kastalische Bron bij Delfi.

Lees verder “Het Tempe-ravijn”

Honorius op de troon

Jean-Paul Laurens, Honorius (1880; Chrysler Museum of Art)

Een van de aardigste mensen om op Twitter te volgen is Lauren van Zoonen. Ze is sowieso een van de aardigste mensen die ik ken. Haar tweets gaan over van alles en nog wat, maar geschiedenis vormt een flink bestanddeel. Ook houdt ze van historische schilderijen. Vaak koppelt ze haar tweets aan de datum op de kalender; ze moet ergens een enorm archief hebben.

Aan het bovenstaande doek wijdde ze afgelopen zondag een tweet.

Op 28 maart 1838 werd Jean-Paul Laurens geboren. Deze Franse Academieschilder creëerde vele historische genrestukken met onderwerpen geïnspireerd door de middeleeuwen. Desalniettemin vind ik dit schilderij van de jonge Romeinse keizer Honorius het mooiste werk uit zijn oeuvre!

Lees verder “Honorius op de troon”

De Kastalische Bron

De Kastalische Bron

De Kastalische bron in Delfi bevindt zich niet in het eigenlijke heiligdom van Apollo zelf, maar een eindje vóór de hoofdingang tot het tempelcomplex. Volgens Euripides’ toneelstuk Ion gingen de bezoekers van het orakel eerst naar deze bron om zich ritueel te reinigen. Het wassen van het haar was daarbij voldoende. Alleen moordenaars moesten zich van top tot teen wassen.

Het bronwater diende ook om de tempel van Apollo te besprenkelen. Het kwam van de twee rotsen die bekend stonden als de Faidriades en stortte zich als een beekje naar beneden, om zich onder Delfi te voegen bij de rivier de Pleistos. Volgens de Griekse schrijver Pausanias was het water heerlijk van smaak.

Lees verder “De Kastalische Bron”

Sapfo: de retractie die je wist dat zou komen

Sapfo, door de Brygos-schilder (Antikensammlung, Munchen)

Uitgeverij Brill heeft een retractie (een officiële terugtrekking van een wetenschappelijke publicatie) gedaan van een door Dirk Obbink geschreven hoofdstuk in een boek over Sapfo, namelijk Bierl & Lardinois, The Newest Sappho (2016).

Ik heb op deze plaats al eens aangegeven waarom retractie onvermijdelijk was. De vraag is waarom we er zo lang op hebben moeten wachten. De tekst van de retractie suggereert dat “in the years following the first publication of this book, serious doubts have been raised about the provenance”. Dit is misleidend. Die twijfels waren er meteen na de ontdekking begin 2014. In onze eigen Nederlandse Volkskrant maakte Lardinois, dus een van de editors van het nu ingetrokken hoofdstuk, duidelijk geen geloof te hechten aan Obbinks eerdere claim dat de provenance was gedocumenteerd. Dat de twijfel pas na publicatie van het boek zou zijn opgekomen, is simpelweg niet de volledige waarheid.

Lees verder “Sapfo: de retractie die je wist dat zou komen”

Caesar in Marseille

Caesar (Nationaal Museum, Napels)

Als ik u zeg dat het de negentiende april was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 21 maart 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag eergisteren 2069 jaar geleden?”

Het antwoord op die vraag is dat hij in Marseille aankwam. De situatie was simpel: hij had sinds eind december (onze kalender) Italië onder de voet gelopen, hij had ervoor gezorgd dat hij legaal meer soldaten kon rekruteren dan zijn tegenstanders en hij had zich geholpen aan het edelmetaal uit de staatsschatkist. Nu was hij op weg naar het Iberische Schiereiland, waar enkele legioenen lagen die trouw waren aan de Senaat en zijn generaal Pompeius. Voordat Caesar Pompeius in Griekenland kon aanvallen, wilde hij de troepen in het westen hebben uitgeschakeld. Op weg naar Spanje bereikte Caesar Marseille, of Massilia, zoals het destijds heette. Hij vond de poorten gesloten.

Lees verder “Caesar in Marseille”

Katharsis

Romeinse toneelmaskers (Museum van Sousse)

Bij een tragedie zien we op het podium een afgeronde reeks serieuze handelingen met een zekere lengte, waarbij elegante taal wordt benut die functioneel is toegesneden op de delen van het stuk en de handelingen niet worden beschreven maar uitgevoerd, met als doel door middel medelijden en angst van die emoties te zuiveren. Tot zover is de definitie – meer een opsomming van kenmerken – redelijk duidelijk, maar de vraag is wie er wordt gezuiverd.

Of misschien was dat de vraag en is er inmiddels een antwoord dat ik niet ken. Het was eind jaren tachtig, toen ik bij de vorige week overleden professor Schenkeveld een literatuurtentamen deed over alle stukken van Aischylos, Sofokles, Euripides en Ezechiël, wel een kwestie. Had die zuivering, de katharsis, betrekking op een personage dat tot inzicht kwam of op het publiek?

Lees verder “Katharsis”

De dwarse meningen van Hemelrijk

Een scherf van een vaas, beschilderd door de Sarpedon-schilder, uit de collectie van het Allard Pierson.

Om een dreigend misverstand weg te nemen: er zijn twee Amsterdamse professoren Hemelrijk, een jongere die tegenwoordig oude geschiedenis doceert en een oudere, kunsthistoricus van huis uit, die ook directeur was van het Allard Pierson-museum. Na zijn emeritaat schreef hij een stuk of zestig stukken over de Griekse kunstgeschiedenis in Amphora, het sympathieke tijdschrift van de Vrienden van het Gymnasium; die bundelde hij in 2009 en 2014 in twee boeken, Makron en zijn makkers. Fijne lectuur.

Dwarse meningen

Al was het maar omdat de oude Hemelrijk af en toe lekker dwars kon zijn. Zo vertelt hij met smaak over de wijze waarop de georganiseerde misdaad in Italië Etruskische graven plunderde en het spul vervolgens verkocht aan buitenlandse musea, zoals het Metropolitan Museum in New York en het Getty-museum in Malibu. Die zorgden voor wetenschappelijke uitgaven die, zo schrijft Hemelrijk, de wetenschap van de kunstgeschiedenis verder brachten. De politie rolde het netwerk echter op en dus gingen de voorwerpen terug naar Italië. Maar de Italianen, die zorgden niet voor goede publicaties. Hemelrijk was niet blij

Lees verder “De dwarse meningen van Hemelrijk”

Romeinse cijfers

Detail van het prijsedict van keizer Diocletianus

Een nieuwtje uit Frankrijk: de grote musea gebruiken de Romeinse cijfers niet langer. Het Musée Carnavalet en het Louvre, beide in Parijs, zijn al op die weg gegaan. De reden is dat mensen de cijfers niet meer kunnen lezen. Een stukje algemene ontwikkeling dat verdwijnt.

Het staat niet op zichzelf. Mijn nichtje vertelde me onlangs dat ze de laatste tijd meer was gaan lezen en ik vroeg me af wat ik haar zou aanraden. Even dacht ik aan De komst van Joachim Stiller van Hubert Lampo, maar ik bedacht dat er teveel allusies aan de christelijke beeldentaal in zaten om voor een negentienjarige toegankelijk te zijn. Ik werd daar verdrietig van, want het is een prachtige roman die ik haar graag had aangeraden.

Ik zou, nu ook de Romeinse cijfers behoren tot ontoegankelijk wordend erfgoed, kunnen miepen over het afnemend peil van onze beschaving, maar eerlijk gezegd kan ik om die cijfers geen traan laten. Het is maar een uiterlijk vormpje. De grote schade aan onze cultuur is dat we ons een bijna militant anti-intellectualisme hebben eigengemaakt. Daar hebben we het al eens over gehad, dus ik laat het rusten. Vandaag ben ik eigenlijk vooral verbaasd.

Lees verder “Romeinse cijfers”

Caesar in Rome: de “Rechtsfrage”

Caesar (Palazzo Altemps, Rome)

Ik liet u gisteren achter met de Senaatsvergadering die Marcus Antonius buiten de stad Rome had georganiseerd op de kalenden van april van het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls waren – 3 maart 49 v.Chr. op onze kalender, vandaag 2069 jaar geleden. In zijn Burgeroorlog 1.32 beschrijft Caesar de toespraak die hij bij die gelegenheid zou hebben gehouden. Daarin vertelt hij wat zijn beweegredenen waren geweest om de Tweede Burgeroorlog te ontketenen.

Uiteraard zijn de volgende woorden te lezen in de context van zijn propagandistische geschiedwerk, maar het zou een samenvatting kunnen zijn van wat op de dag feitelijk is gezegd. De vertaling is van de onlangs overleden classica Hetty van Rooijen.

Lees verder “Caesar in Rome: de “Rechtsfrage””

Caesar in Rome

Senatoren (kopie van de Ara Pacis, Vaticaanse Musea, Rome)

Het was 31 maart in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren – 2 maart 49 v.Chr. op onze kalender, vandaag 2069 jaar geleden. Maar de consuls waren niet in Rome, ze waren gevlucht. Toen Julius Caesar de Rubico was overgetrokken en er geen steun bleek te zijn voor de officiële vertegenwoordigers van de republiek, waren ze eerst naar het zuiden van Italië getrokken en vervolgens de Adriatische Zee overgestoken. Caesar had ze achtervolgd, had niet kunnen vermijden dat ze ontsnapten, had legers gerekruteerd en had door middel van de Lex Roscia de verdere rekruteringsbasis verbreed. Sinds 14 november 50, de dag waarop hij de Rubico was overgestoken, had de veroveraar van Gallië ongeveer 1500 km afgelegd.

Terug in Rome

En nu, op onze tweede maart, kwam hij over de Via Appia aan in Rome. Tien jaar daarvoor was hij voor het laatst in de stad geweest, als consul; sindsdien had hij Gallië veroverd en een deel van de daar verworven buit bestemd om het stadscentrum van Rome te renoveren. Naast het Forum Romanum had hij voor 600 miljoen sestertiën de grond gekocht om een tweede forum te bouwen. De stad waar hij aankwam, was zo een andere dan de stad die hij had verlaten. Ook hijzelf was veranderd. Hij was niet langer een oud-consul die blij mocht wezen zijn loopbaan te mogen voortzetten in een redelijk belangrijke provincie. Hij commandeerde een groot, getraind leger.

Lees verder “Caesar in Rome”