De dubbele slag bij Filippoi (4)

Het moerasgebied van Filippoi, inmiddels iets droger

[In mijn hier begonnen reeks over het conflict tussen enerzijds Marcus Antonius en Octavianus en anderzijds de moordenaars van Caesar, Brutus en Cassius, behandelde ik gisteren de eerste slag bij Filippoi, die onbeslist eindigde, al pleegde Cassius zelfmoord.]

Appianus van Alexandrië schrijft dat Brutus een grafrede hield voor zijn collega en hem prees als de “laatste der Romeinen”. Onze andere bron, Cassius Dio, moet deze informatie achterwege laten, want voor hem vormden de overwinning van Octavianus en de stichting van het keizerrijk, ondanks de weinig nobele motieven waarmee dit was gebeurd, een goede zaak. Er waren nog vele generaties goede Romeinen geweest. De keuze tussen vrijheid en stabiliteit, zoals Caesar en Octavianus en  de feiten hadden uitgelegd, was in Dio’s tijd geen actuele meer.

Lees verder “De dubbele slag bij Filippoi (4)”

Numidische grafstèle

Grafsteen uit Mascula (Algerije), nu in het Amsterdamse Allard Pierson-museum

Vorige week blogde ik over twee Numidische votiefstèles die ik ooit in het Louvre heb gefotografeerd. Beide waren gesteld in het Punisch, dateerden uit de tweede eeuw v.Chr., waren voorzien van het “teken van Tanit” en waren afkomstig uit hetzelfde heiligdom bij Cirta (Constantine in Algerije). De ene was een gewoon bedankje van een zekere Abdeshmun aan de god Baal-Hammon, de tweede was interessant omdat degene die de stèle had opgericht een Italische naam had. Niet onmogelijk, maar ik had in de tweede eeuw v.Chr. geen Italiaan in Algerije verwacht. Zo leren we elke dag bij.

Vandaag een andere Algerijnse inscriptie, dit keer uit Mascula (het huidige Khenchela), die ik fotografeerde in het Amsterdamse Allard Pierson-museum. Deze stèle is zo’n tweehonderd jaar jonger. Terwijl de vorige inscriptie een Romein of een Italiaan documenteerde die in het Punisch een lokale godheid aanbad, is dit keer de godheid geromaniseerd. Hij is bovenaan afgebeeld: dit is Saturnus. De aloude Baal-Hammon, de heerser van het dodenrijk, had een nieuwe naam aangenomen, ongeveer zoals in Gallië de god Lug zich was gaan tooien met de naam Mercurius.

Lees verder “Numidische grafstèle”

De dubbele slag bij Filippoi (3)

Het slagveld, bezien vanaf de citadel van Filippoi

[Ik blogde vorige week over de Derde Burgeroorlog, het conflict dat na de moord op Caesar de Romeinen verdeelde tussen zijn aanhangers, aangevoerd door Marcus Antonius en Octavianus, en zijn tegenstanders, aangevoerd door Brutus en Cassius. Hun legers raakten slaags bij Filippoi in oostelijk Macedonië. De Grieks-Romeinse auteur Cassius Dio presenteert het als een conflict tussen de vrijheid van een republiek tegen de rust van de monarchie.]

Hoewel Cassius Dio weergeeft wat ruwweg de inzet van het conflict was, klopt er weinig van zijn verhaal over de veldslag, zoals blijkt als het wordt vergeleken met dat van Appianus van Alexandrië. Die vertelt hoe de twee legers tegenover elkaar lagen en hoe Marcus Antonius besloot een dam door het moeras te bouwen om zo achter de kampen van Cassius en Brutus te komen en de weg naar hun aanvoerbasis af te snijden. Tien dagen lang werkten de legionairs in het moeras.

Lees verder “De dubbele slag bij Filippoi (3)”

MoM | Kunnen we een Madoc maken?

Byzantijns manuscript van het Evangelie van Johannes (Byzantijns Museum, Athene)

Ik heb de laatste tijd met verbijstering gekeken hoe de papyrologie (de bestudering van antieke tekstfragmenten dus) door schandalen ten onder gaat. Het begon in 2012 met de rel rond het Evangelie van de Vrouw van Jezus: het stond meteen vast dat dit een vervalsing was maar desondanks ging de ontdekster, een Harvard-onderzoeker, ermee naar het lab, alsof dat echtheid kon bewijzen. Anderhalf jaar later waren er de Sapfo-fragmenten. De ontdekker legde rookgordijnen over de herkomst en er werden onwaarheden verspreid over zogenaamd dateerbare inkt. Het enige wat we tot op heden weten is dat de ontdekker, een Oxford-geleerde, inmiddels geldt als dief (wat hij via zijn advocaten tegenspreekt). Verder zijn er vier gevallen waar vervalsingen voor echt zijn aangezien. De financiële schade van dit oudheidkundige gestuntel loopt in de miljoenen en de werkelijke schade aan onze kennis valt niet te begroten.

En ik snap het gewoon niet. U verdient tien punten als u mij kunt vertellen hoe weinig je hoeft te weten om een baan te krijgen in Harvard. U verdient ook tien punten als u me vertelt wat een medewerker in Oxford (onafhankelijk, goed loon, pensioenopbouw…) beweegt papyri te gaan stelen. U verdient vijf bonuspunten als u me zegt waarom het keurige Zeitschrift für Papyrologie und Epigraphik materiaal uitgaf waarvan wordt vermoed dat het is gestolen. En ik heb zaterdagavond zitten piekeren over nog een andere vraag: waarom hebben we deze problemen wel bij antieke teksten en niet ook bij middeleeuwse?

Lees verder “MoM | Kunnen we een Madoc maken?”

Meer papyrologie-bingo

Papyrusfragment met een deel van de “Vrouwencatalogus” van Hesiodos (Neues Museum, Berlijn)

[Vervolg op het vorige. Wat we terug kunnen zeggen als wetenschappers weer eens met smoesjes aankomen waarom datafraude, heling en dergelijke niet erg zouden zijn.]

Maar als we het niet publiceren gaat het verloren
Zoals je weet houd je zo het systeem in stand: door illegaal verworven voorwerpen aan te kopen, stimuleer je plundering van archeologische sites. Zoals je eveneens weet gaan er voor elk illegaal verworven stuk dat je als wetenschapper uitgeeft, méér verloren. Lees maar.

In het lab zullen ze wel zien of dit fragment echt is
Doe nou niet of je niet weet dat dat helemaal niet kan. Ook op deze blog is vaak genoeg uitgelegd hoe een vervalser het lab omzeilt.

Ik wist niet dat er een gedragscode was
Is het een idee je taakomschrijving eens te lezen?

Ik ken [naam collega] al jaren en hij/zij is door-en-door betrouwbaar
Wetenschap gaat om data, methode en argumenten. Niet over reputaties.

De inkt is spectroscopisch gedateerd en dat kun je niet vervalsen
Ga je eerste jaar opnieuw doen.

Lees verder “Meer papyrologie-bingo”

Papyrologie-bingo

Wanneer er een papyrus wordt gevonden, is er een stevige kans dat die vals is of illegaal verworven. En anders dient de wetenschappelijke publicatie wel om de verkoopprijs op te drijven. Het is allemaal redelijk deprimerend. En alsof datafraude, heling en medeplichtigheid nog niet erg genoeg zijn, komen de dames en heren wetenschappers later met allerlei smoesjes waarom niet zij verantwoordelijk zijn.

Er is voor mensen die belang stellen in de Oudheid weinig lol meer aan, maar we kunnen in elk geval bingo spelen.

[Wordt vervolgd]