Pyrrhos van Epirus (2)

Helm uit Midden-Italië (Villa Giulia, Rome)

In mijn vorige stukje beschreef ik hoe koning Pyrrhos van Epirus de Romeinen tweemaal versloeg maar grote verliezen leed. Zijn manschappen raakten behoorlijk gedemoraliseerd en zijn lijfarts bood de Romeinen zelfs aan zijn meester te vergiftigen.

Onderhandelingen

Dat het er slecht voor Pyrrhos voorstond, wil niet zeggen dat Rome opgelucht adem kon halen. Welbeschouwd was Pyrrhos in zijn missie geslaagd: de Romeinen weghouden van Tarente en de andere Griekse steden. De Senaat zal blij zijn geweest te vernemen dat Karthago, waarmee Rome kort daarvoor een verdrag had gesloten, op Sicilië de oorlog had verklaard aan Syracuse. Die stad riep nu de hulp in van de koning van Epirus. Voor Pyrrhos was Sicilië een aantrekkelijk alternatief, want hier kon het moreel van zijn leger zich herstellen.

Lees verder “Pyrrhos van Epirus (2)”

Pyrrhos van Epirus (1)

Pyrrhos van Epirus (Buste uit Herculaneum, nu in Napels)

In de loop van de vierde eeuw v.Chr. had Rome de meeste Italische steden en stammen opgenomen in zijn stelsel van bondgenoten: de Etrusken in het noorden, de bergvolken in de Apennijnen en Abruzzen, de stadstaten rond de Baai van Napels. Expansie naar de Griekse havensteden in het zuiden was alleen maar logisch. Een voorwendsel hoefde niet eens te worden gevonden want in de eindeloze reeks conflicten tussen de Griekse stadstaten was er altijd wel een partij die Romes hulp inriep.

Zo’n ingreep kon echter leiden tot escalatie. Tarente, een machtige stadstaat in de “hak” van Italië, beschouwde een van de Romeinse interventies als inmenging in de eigen invloedssfeer, er waren wederzijdse klachten, diplomaten werden mishandeld, oorlog werd verklaard, legers werden gelicht, rekruten getraind, bondgenoten geworven. Tarente deed wat Griekse stadstaten in Italië in crisistijd altijd hadden gedaan: hulp vragen in het moederland.

Lees verder “Pyrrhos van Epirus (1)”

Het portret van Hannibal

Dit is niet Hannibal

Er is geen boek over de Karthaagse veldheer Hannibal, nee, er is geen boek over Karthago, of bovenstaande kop staat erin. De buste is gevonden in Capua (even ten noorden van Napels) en dateert uit de tweede of misschien derde eeuw na Christus. Door de sterke contrasten van de foto is het wat je noemt een markante kop. Daarmee is de foto beter dan het origineel, dat eigenlijk nogal vlak is.

Probleem: het kan onmogelijk een portret zijn van Hannibal, zelfs geen Romeinse kopie van zijn portret. De Karthager had namelijk aan het begin van zijn campagne in Italië een oog verloren en bovenstaande heer heeft er echt twee, compleet met pupil. Afgaand op de helm zou ik eerder denken aan een praetoriaanse gardist, maar dat is ook maar een losse gedachte.

Lees verder “Het portret van Hannibal”

Silphium

Silphium op een niet zo beste foto die ik ooit maakte in het Bode-Museum in Berlijn

Het is zoiets als de coelacanth. U weet wel, de vissensoort die miljoenen jaren geleden zou zijn uitgestorven maar toch nog bleek te bestaan. Zo lijkt het nu ook te zijn met silphium, een plant die in de Oudheid een zekere beroemdheid had om zijn medicinale eigenschappen, die leek te zijn uitgestorven maar die toch blijkt te bestaan.

Dat is althans de claim die de Turkse farmacognost Mahmut Miski doet in dit artikel. De lezer moet nogal wat wetenschappelijk struikgewas kappen – het is maar een “preliminary morphological, chemical, biological and pharmacological evaluation”, het is slechts een “initial conservation study” en wil niet meer bieden dan een “reassessment of the regional extinction event”. Maar toch: het is de moeite van het overwegen waard.

Lees verder “Silphium”

Alexander in India (3)

In de Oudheid meenden Alexanders biografen dat de Macedonische koning was gecorrumpeerd door zijn aanhoudende succes. Vaak vergastten deze auteurs hun lezers op naargeestige beschrijvingen van de wreedheden waarin Alexander zich had verlustigd. De historicus Arrianus is terughoudender, maar ook zijn relaas is gruwelijk.

De terugkeer naar het westen, die ik gisteren al vermeldde, begon met een simpele mars naar de Hydaspes, waar al een vloot in gereedheid was gebracht. Daarmee wilde Alexander naar de Indische Oceaan varen, terwijl op de oevers van de rivier twee legers zouden marcheren. Nog nooit hadden de Macedoniërs een operatie van vloot en leger samen ondernomen, maar de rivieren boden een goede gelegenheid tot oefenen alvorens de troepen, eenmaal aangekomen aan de kust, een soortgelijke maar veel gewaagder operatie zouden uitvoeren door langs de kust van de Oceaan en de Perzische Golf terug te keren naar Babylonië.

Lees verder “Alexander in India (3)”

Alexander in India (2)

Alexander als Zeus, met bliksemschicht in de hand

De twee jaar in Oezbekistan, waarover ik gisteren schreef, veranderden Alexander. In een onbekend land vocht hij tegen een vijand waartegen zijn eigen troepen niets konden uitrichten, terwijl zijn pas in dienst genomen Perzische cavalerie wel successen boekte. Dat leidde tot spanningen en toen Alexander probeerde wijzigingen in het hofprotocol aan te brengen om de Perzen wat meer ter wille te zijn, werd hij door de Macedoniërs tegengewerkt. Toen er versterkingen aankwamen, bleken dat vooral huurlingen uit Griekenland, wat niet op prijs werd gesteld door de Macedoniërs. In een poging de inheemse bevolking voor zich te winnen, trouwde Alexander met de lokale prinses Roxane en bruuskeerde daarmee zijn Perzische maîtresse Barsine en haar familie.

Alexander kon niet alle mensen tegemoet komen en zijn frustratie blijkt uit het radicale karakter van zijn maatregelen. Als Spitamenes werd gesteund door de bevolking, dan moesten die mensen maar worden gedeporteerd. Als er spanningen waren tussen Macedoniërs en Grieken, dan liet hij de laatsten achter als kolonisten. En toen Alexander bij een drinkgelag eens een vriend doodsloeg, was er niets aan de hand, want net als zijn vader Zeus was hij de belichaming van het recht. Het idee was hem aan de hand gedaan door de filosoof Anaxarchos, maar de auteur van een van onze bronnen, Arrianus, plaatste vraagtekens bij het denkbeeld:

Lees verder “Alexander in India (2)”

Alexander in India (1)

Detail van de Alexandersarcofaag (Archeologisch Museum van Istanbul)

Alexander had van zijn vader Filippos niet alleen zijn koninkrijk, zijn leger en zijn oorlog tegen Perzië geërfd, maar ook enkele bijbehorende problemen. Filippos had de macht van de koning sterk uitgebreid en daarmee de betekenis van de adel verminderd, maar hij had de aristocraten tevreden gesteld met grote geschenken. De gouden voorwerpen in het archeologisch museum van Thessaloniki getuigen daar na een kleine vierentwintig eeuwen nog altijd van. De noodzaak geschenken uit te delen had voor Filippos tot gevolg dat hij altijd oorlog moest voeren: enerzijds om buit te bemachtigen, anderzijds omdat zijn bijzondere positie samenhing met zijn bevelhebberschap.

Voor zijn zoon gold hetzelfde. Hij moest veroveren blijven. Hij kon na de zege bij Issos niet anders dan verder gaan naar Tyrus, naar Egypte, naar Gaugamela, naar Babylon. Hij baande zich een weg door het Zagrosgebergte, verwoestte de paleizen van Persepolis. In 330 opende hij de jacht op zijn tegenstander Darius, die in Ekbatana bezig was een leger op te bouwen. Op het nieuws van Alexanders nadering ontruimde de Perzische vorst zijn basis en trok langs de oude handelsweg naar het oosten, waar zijn nieuwe troepen zich ophielden.

Lees verder “Alexander in India (1)”

MoM | Thesaurus linguae Latinae

Kasten vol dozen met systeemkaarten

De Thesaurus linguae Latinae is een wetenschappelijk woordenboek van het Latijn. Nu zou je kunnen denken: er bestaan toch al woordenboeken Latijn? Inderdaad, het meest bekend is voor Nederlanders het woordenboek van Pinkster, voor Engelsen de Oxford Latin Dictionary, en zo heeft elk taalgebied wel zijn Latijnwoordenboek.

Nu is er een aantal problemen met deze woordenboeken. Ten eerste zijn ze gemaakt op basis van maar een beperkt aantal teksten, meestal bestaand uit werken van  “grote” auteurs als Cicero, Caesar, Vergilius, Ovidius. Ten tweede bouwen ze meestal op elkaar op: zo is Pinkster oorspronkelijk een bewerking van het Duitse woordenboek van Pons, dat weer een bewerking is van Taschen-Heinichen. Op deze manier krijgen we steeds dezelfde lemmata met dezelfde betekenissen, en soms zelfs dezelfde fouten.

Lees verder “MoM | Thesaurus linguae Latinae”

De Drususgrachten

De IJssel

Het is een gemeenplaats dat meanderende rivieren archeologie moeilijk maken. Alles verspoelt. Nou ja, bijna alles: de Romeinse brug in Cuijk viel op te duiken omdat die ligt op een punt waar de Maas haar bed nauwelijks kon verleggen. Maar voor het overige zijn rivieren niet al te best voor het bodemarchief. Daarom trekken ze onderzoek aan. Wetenschappers willen tóch iets zeggen.

Soms lukt dat heel aardig. Je kunt namelijk met boringen een gedetailleerde reconstructie maken van de afzettingen in het rivierenlandschap. Zo valt te reconstrueren wanneer de diverse rivieren op welke plek stroomden. Dat kan weer implicaties hebben voor bijvoorbeeld de uitleg van teksten.

Maas en Waal

Zo speelde bij de kwestie of Caesar in Kessel de Usipeten en Tencteri kan hebben afgeslacht, dat Caesar schrijft dat het is gebeurd op de samenvloeiing van de Maas en (een arm van) de Rijn. Aangezien er stroomafwaarts van Kessel in de Maas sedimenten zijn aangetroffen die afkomstig waren uit de Waal, vervalt in elk geval één argument tegen de locatie van het bloedbad. De discussie is vanzelfsprekend complexer en rust niet op dit ene argument. Dit voorbeeld toont echter dat we uitspraken kunnen doen over het oude tracé van rivieren en dat die reconstructies gevolgen hebben voor de tekstuitleg. De Drususgrachten zijn een ander voorbeeld.

Lees verder “De Drususgrachten”

Een Algerijnse Augustinusfilm

Je kunt het aan mij overlaten om door Algerije te reizen, kijkend naar de steden waar Augustinus moet hebben gewoond en gewerkt, zonder in de gaten te hebben dat er in de Algerijnse bioscopen een film draaide over de bisschop van Hippo: Augustine, Son of Her Tears. Of ook wel Aghstynws, abin dumueuha. Dat schrijf ik niet uit pedanterie, maar omdat het aangeeft wat de film is: een poging de man weg te halen uit de wereld van het Europese christendom maar te presenteren als Algerijn.

Gemeten aan wat de filmmakers beoogden, kan de film alleen worden getypeerd als succes. We krijgen de Algerijnse en Tunesische landschappen te zien. We zien Aghstynws niet alleen in een Romeinse tunica en toga, maar ook in een kandora en een qessabiya. De acteurs komen uit de Maghreb en dat heb ik in films over de Oudheid nog maar zelden gezien. Ik vond dat prettig ontregelend. De film verveelt beslist niet. Maar om nu te zeggen dat het een meesterwerk is dat u gezien hebben móet, nee.

Lees verder “Een Algerijnse Augustinusfilm”