Irak kort (13): de Slangenpoort van Kufa

De Slangenpoort van Kufa

Net als Khifl, waar moslims de voorislamitische Khidr en de joodse Ezechiël vereren, is ook Kufa een verzamelplaats van culten. Ze zijn van een keurig islamitisch jasje voorzien, natuurlijk. Hier was het huis waarvandaan Abraham vertrok om tegen de reuzen te vechten, hier vereren moslims Khidr, hier wijst men de plaats aan die de profeet Mohammed zag tijdens zijn Hemelreis, hier zijn cultusplaatsen voor Gabriël en Adam, en hier is de plaats waar de Ark afvoer. Allemaal voorislamitische culten die in de islam zijn geïntegreerd, ongeveer zoals het christelijke feest voor Sint-Nikolaas oudere heidense gebruiken kerstende.

Een van de aardigste plekken in Kufa is de Slangenpoort. Waarom die zo heet, ligt besloten in de mist der tijden. Volgens de latere legende waarmee de poort werd geïslamiseerd, was imam Ali bezig met zijn preek toen een slang naar hem toe kwam kruipen. De aanwezige gelovigen schrokken en probeerden het dier te verjagen, maar zagen dat de imam onverstoorbaar bleef, zich zelfs richtte tot het dier en er een praatje mee maakte.

Lees verder “Irak kort (13): de Slangenpoort van Kufa” →

Irak kort (12): Mosul

De minaret van de Nuri-moskee in Mosul, klaar voor de herbouw

Mosul, de grote stad in het noorden van Irak, is de laatste jaren vaak slecht in het nieuws geweest. Ook al wilde ik graag naar het er tegenover gelegen Nineveh, ik zag eerlijk gezegd nogal op tegen het bezoek aan de stad die door de zogenaamd Islamitische Staat zo is geterroriseerd. Dit is immers waar ISIS in de Nuri-moskee het kalifaat uitriep en waar datzelfde kalifaat ten einde kwam met het opblazen van diezelfde moskee. Een bezoek was toch een beetje a holiday in other people’s misery.

Ik had er niet bang voor hoeven zijn. De bruggen over de Tigris functioneren (voor zover ik kon zien: één noodbrug), de rioleringen en straatverlichting eveneens. Mijn vriendin had hier twee jaar geleden gewandeld door een verzameling doodstille ruïnes, nu was zeker twee derde van de huizen en winkels weer in gebruik. Het deed wat denken aan Gyumri, de in 1988 door een aardbeving verwoeste stad in Armenië.

Lees verder “Irak kort (12): Mosul” →

Irak kort (11): Babels stromen

Zomaar langs een weg in Irak: weggegooide plastic flessen.

Treurend zetten wij ons neder bij Babels stromen. Die stromen bestaan uit plastic, plastic, plastic. Het in het Midden Oosten populaire grapje dat zulks geen afval is maar dat de boeren vooruitzien naar de komende plasticoogst, is in Irak nog minder leuk dan elders. Het is hier milieuvervuiling wat de klok slaat. En dan zegt mijn vriendin nog doodleuk dat ze het land met elk bezoek schoner ziet worden. Vind ik de grachten in Basra verschrikkelijk stinken, zegt zij dat er vroeger op de oevers vuil lag opgestapeld en dat dat vuil vroeger in het water dobberde. Vuil in de gracht, vuil opgedregd, vuil opgeruimd. Van de riviervis weet vriendinlief al even doodleuk te melden dat die tot voor kort niet gegeten mocht worden omdat er nog lijken in de Tigris dreven waaraan die vissen zich tegoed hadden gedaan.

Oké, het kan dus nóg erger, maar het is hier dus redelijk catastrofaal allemaal. De mensen in Irak verspillen water op allerlei manieren. In de vernevelaar die je wat koelte toeblaast. Als de kraan open blijft staan tussen het wassen van de auto’s door (foto). Bij irrigatie van landbouwgronden die eigenlijk te marginaal voor cultivatie zijn. (U mag hier iets aanvullen over overbevolking.) Het enorme Razzaza-meer ten westen van de Eufraat is verdwenen, wat niet alleen jammer is voor de plaatselijke vissers, maar ook betekent dat vegetatie verdwijnt, dat de woestijn oprukt en de gemiddelde temperatuur stijgt.

Lees verder “Irak kort (11): Babels stromen” →

De sji’ieten van Irak (slot)

Vlag van de Vredesbrigade, een van de milities van de sji’ieten van Irak

[Dit is het laatste stuk over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

Wie nu door Irak reist, merkt overal dat de sji’a bestaat en het politieke leven domineert. Een simpel voorbeeld: in de kopermarkt in Bagdad hangen overal vlaggen met de portretten van de imams. Dit is opvallend, want Bagdad is traditioneel een gemengde stad, waar alle gezindten wonen. De soennitische koperwerkers zijn echter tijdens de Surge vertrokken. Pas nu keren ze terug.

De Surge was de naam die president Bush Jr in 2007 gaf aan de versterking van de Amerikaanse troepenmacht die in 2003 Saddam Hussein had verdreven en een steeds chaotischer land had geërfd. Het werd inderdaad rustiger, maar dat was niet doordat de Amerikanen het gebied nu pacificeerden maar doordat de sji’ieten hun politieke doelen bereikten: meer gezag in hun woongebied. Hun milities wisten grote gebieden in hun macht te krijgen en breidden hun invloedssfeer ook uit, terwijl sji’itische politici meer macht kregen.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (slot)” →

De sji’ieten van Irak (4)

Abbas haalt water: afgebeeld op een fontein in Basra. Dit is een standaardmodel-fontein dat je overal in Irak ziet.

[Dit is het vierde stuk over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

Irak is momenteel een overwegend sji’itisch land. De imams die ik in het vorige stukje noemde, liggen begraven in grote heiligdommen in Najaf, Kerbala, Bagdad en Samarra en meer dan de helft van de bevolking rekent zich tot de sji’a. Na de verdrijving van Saddam Hussein wonnen de sji’ieten aan politieke invloed. Toen het leger op de vlucht sloeg voor de zogenaamd Islamitische Staat, speelden sji’itische milities een belangrijke rol bij het herstel van het centrale gezag. De laatste verkiezingen gingen vooral over de vraag welke sji’itische groep de meeste stemmen zou krijgen, degenen die vooral naar Iran keken of degenen die een meer nationale koers wilden varen.

Soennitisch Irak

Omdat de heiligdommen hier zijn en het sji’itische bevolkingsdeel zo groot is, zou je verwachten dat deze vorm van islam altijd de meeste aanhang heeft gehad. Toegegeven, de Abbasidische kaliefen en de Ottomaanse sultans waren soennieten, maar een soennitische overheid sluit een sji’itische bevolking niet uit. Het wonderlijke is dat de bevolking van het Tweestromenland pas na pakweg 1830 is gesji’itiseerd. Voordien beperkte de sji’a zich tot de steden met de heiligdommen – en die waren klein. In Najaf woonden op een gegeven moment maar dertig families.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (4)” →

De sji’ieten van Irak (3)

Najaf, het graf van de door sji’ieten vereerde Ali

[Dit is het derde stukje over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

De graven van de imams zijn belangrijke pelgrimsoorden waar honderdduizenden sji’ieten naartoe komen. Anders dan de voor alle moslims aanbevolen pelgrimage naar Mekka, die plaatsvindt op specifieke data, is het bezoek aan de sji’itische pelgrimsheiligdommen niet aan een bepaalde tijd van het jaar verbonden. Langs de weg van Teheran naar Mashhad en langs de grote wegen in Centraal-Irak zie je dus altijd wel mensen wandelen met vlaggen, op weg naar zo’n mausoleum. In dit blogje wat foto’s.

Hieronder ziet u de mihrab in Kufa, waar de eerste imam, Ali dus, is vermoord. Daarna is hij begraven in Najaf, dat u hierboven zag. Het is een mooi heiligdom, waar ik met plezier heb rondgelopen. Het is met het Iraanse Qom het belangrijkste centrum voor sji’itische studie. U heeft wellicht gezien hoe de lokale leider, grootajatollah Sistani, dit voorjaar in zijn bescheiden huis in Najaf een ontmoeting had met de paus.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (3)” →

De sji’ieten van Irak (2)

De Umayyadenmoskee in Damascus, door de eerste kaliefen gebouwd in een kerk.

[Dit is het tweede stuk over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

In mijn vorige stukje vertelde ik het officiële verhaal over de scheiding van soennieten en sji’ieten. Er was onduidelijkheid over de aard van het leiderschap. Degene die het uitoefende, genoot Gods steun, zoveel is duidelijk, maar wie was de ware heerser der gelovigen? Was het de Umayyadenkalief in Damascus of was het de imam, het familiehoofd van Ali’s afstammelingen?

Zoals de soennieten zijn verdeeld over vier rechtsscholen, zo zijn de sji’ieten verdeeld over wie nu de belangrijkste imams zijn. Niet iedereen wijst dezelfde vijfde en zevende imam aan, terwijl de meeste sji’ieten wachten op een twaalfde imam, Mahdi genaamd, die ooit zal terugkeren en een rol speelt aan het einde der tijden. Shi’iten waren betrokken bij enkele opstanden tegen de Umayyaden. Grosso modo was de tendens echter: depolitisering.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (2)” →

De sji’ieten van Irak (1)

Ali, de “leeuw des geloofs”, de ongewilde leider van de sji’ieten

De islam kent twee hoofdstromingen: de soennieten ofwel traditionalisten en de sji’ieten ofwel partijgangers. De splitsing gaat terug op een conflict dat meteen na de dood van Mohammed is ontstaan. Ik blogde er al eens over. De Profeet had enerzijds aangegeven te willen worden opgevolgd door de beste moslim en had anderzijds zijn schoonzoon Ali aangewezen. Misschien ontwikkelde Mohammeds denken en zag hij aanvankelijk de geloofsgemeenschap (de umma) als alternatief voor de familie en benadrukte hij later toch verwantschapsbanden.

De soenna en het kalifaat

Hoe dat ook zij, toen Mohammed was overleden en Ali de gebruikelijke verplichtingen vervulde, koos Mohammeds inner circle van vertrouwelingen de oude Abu Bakr als opvolger. Er was haast. Het was namelijk crisis: er was een concurrerende Arabische leider, sommige stammen meenden dat verdragen met Mohammed na diens overlijden kwamen te vervallen en tal van andere zaken waren onvoldoende geregeld. Abu Bakr bezat de voor het voortbestaan van de umma benodigde doortastendheid. Wat een nette manier is om te zeggen dat hij geweld niet afwees.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (1)” →

Mar Behnam

Boekenverstopplek in Mar Behnam

De heilige Behnam lijkt een beetje op Sint-Joris. In elk geval iconografisch. De in Irak vereerde heilige is net als zijn Mediterrane collega een te paard gezeten drakendoder. De parallel gaat verder. Moslims vereren zowel Behnam als Joris als Khidr, de groene man. Joden vereren deze bemiddelaar tussen mensheid en God alsof het Elia is. Of Ezechiël, zoals in Khifl. Vermoedelijk is het de oude cultus van Baäl die in de volkscultuur steeds andere vermommingen heeft aangetrokken.

Zo’n heilige met diverse identiteiten, dat staat haaks op het verlangen van islamisten dat mensen slechts één identiteit hebben, hun religieuze. (Het is een vorm van modernisme, waarin alles eenduidig te verdelen moet zijn en elke ambiguïteit ergernis oproept.) Begrijpelijk dus dat de zogenaamd Islamitische Staat zich tegen dit soort volksculten richtte en de drie monniken uit het klooster van Mar Benham gevangennam. Wat er met hen is gebeurd, weet ik niet. Wel weet ik dat twee monniken zijn teruggekeerd. Er zijn nog drie of vier christelijke families in de omgeving. Het met dynamiet vernietigde graf van Benham is gerestaureerd (alleen de koepel was kapot) en verder moet u maar even hier kijken.

Lees verder “Mar Behnam” →

Irak kort (10): Toerist in Babylon

Mijn vriendin en medereizigster is zeven keer in Irak geweest en ik kom er nu voor het eerst. Zij ziet dingen die ik niet herken, zoals verbeteringen in de toeristische infrastructuur. Een voorbeeld is Babylon, waar houten loopbruggen zijn aangelegd over de voornaamste ruïnes: langs de Processieweg (origineel in Berlijn, maar hier begrijp je er meer van), naar de funderingen van de Ištarpoort (origineel in Berlijn maar hier staat een aardige reconstructie), naar de tempel van Ninmah (herbouwd), naar het noordelijke fort (nog steeds een ruïne), naar de leeuw van Babylon (mooi opgesteld), naar het paleis van Nebukadnezzar (herbouwd), naar de Etemanki (waar men nog bezig was bovenstaand hekje te schilderen). Enerzijds makkelijk voor bezoekers die niet goed ter been zijn, anderzijds verhinder je dat al te enthousiaste bezoekers op de ruïnes klauteren.

Ook zijn er goedgeïnformeerde gidsen. Dat is een verbetering maar helaas zijn het er niet veel, zodat de groepen groot zijn. Wij moesten meelopen met een stuk of dertig Spanjaarden, wat de gids dwong te schreeuwen.

Lees verder “Irak kort (10): Toerist in Babylon” →