Wetenschap en politiek

Het probleem is steeds hetzelfde: PVV-leider Geert Wilders ziet ergens iets dat fout is en constateert die fout dan niet om haar te corrigeren, maar om er politiek gewin uit te halen. Dit keer valt hij over een uitspraak van de Tilburgse hoogleraar bestuurskunde Paul Frissen die oordeelt dat Wilders “het klassieke fascistische verhaal” vertelt en – zo lees ik hier – stelt “dat mensen in opstand moeten komen tegen de herhaaldelijke uitlatingen van Wilders over een nepparlement”.

Toevallig ben ik dat met Frissen eens. Ik mag dat zeggen, want ik ben een burger. Frissen mag dit als burger ook allemaal zeggen. Bovendien kan hij als wetenschapper concluderen dat Wilders’ betogen voldoen aan deze of gene definitie van fascisme. Het is echter een heel andere zaak als hij als wetenschapper mensen oproept in opstand te komen.

Lees verder “Wetenschap en politiek” →

De voorlichting in het gedrang (2)

Een slecht Paulusboek van een veelgehypete auteur, zoals dit, maakt betere boeken onverkoopbaar

Bad information drives out good. Dat principe doet om te beginnen zijn opgeld op het internet, waar de beste informatie op betaalsites ligt en slechte informatie gratis te verkrijgen valt, zodat het publieke debat over tal van onderwerpen – autisme, UMTS-straling, de vluchtelingentoestroom, klimaatverandering – in afnemende mate berust op feiten. Dat geldt ook voor de oudheidkunde. Of het nu de archeologie van Israël, de mensenrechten van Cyrus de Grote, de zwarte etniciteit van de oude Egyptenaren of de historiciteit van Jezus betreft, steeds opnieuw blijkt dat mensen op het internet verouderde informatie vinden en geloven.

Dat slechte informatie goede verdrijft, is ook relevant voor boeken. Ik durf de voorspelling wel aan dat Van Rossems Het einde van het Romeinse Rijk een hoop publiciteit zal gaan krijgen: hij schoof al aan bij Jinek, waar hij bekende het boek in twee-en-een-halve maand te hebben geschreven, en hij mocht zijn niemendalletje presenteren in het Rijksmuseum van Oudheden. Het zal dus wel goed verkopen en zo Jeroen Wijnendaeles veel betere boek Romeinen en barbaren. De ondergang van het Romeinse Rijk in het westen onverkoopbaar maken. Iets soortgelijks geldt voor het Paulus-boek van Fik Meijer, dat vrijwel voorbijgaat aan het New Perspective on Paul (de revolutionaire discussie over wat Paulus nu eigenlijk bedoelde) en, zoals een van mijn correspondenten ooit opmerkte, “evengoed over een rondreizende stofzuigerverkoper zou kunnen gaan”. Nu wil ik aannemen dat rondreizende stofzuigerverkopers best interessante dingen meemaken, maar Meijers overbodige boek drukte wél het uitstekende Paulus en de rest van Bert Jan Lietaert Peerbolte uit de markt. Bad information drives out good.

Lees verder “De voorlichting in het gedrang (2)” →

Het Romeinse Rijk van Fik Meijer (1)

fik_meijer-macht_zonder_grenzen

Een tijdje geleden schreef ik over Jezus en de vijfde evangelist van Fik Meijer. Ik legde uit dat dit boek een christelijke agenda volgde: Meijers Jezus was van alles, maar géén Jood. Ik zal de allerlaatste zijn, echt, om christenen het recht te ontzeggen hun heiland uit zijn religieuze en etnische context te lichten, maar ik wilde wel de eerste zijn om op te merken dat Meijers boek over een onjoodse Jezus niet kan doorgaan voor het werkstuk van een competente historicus.

Overlast

Die haast had ik, omdat ik overlast ondervind van de boeken van Fik Meijer. Al jaren gaat er vrijwel geen week voorbij zonder dat ik vragen moet beantwoorden over wat de UvA-emeritus heeft geschreven, beweerd op een HOVO-cursus, verteld als reisleider, gezegd op de radio. Ik blijf altijd beleefd: als iemand erop wijst dat de man toch hoogleraar is geweest, verbloem ik met een “ook hoogleraren begaan weleens vergissingen” de problemen. Deze correspondentie kost me echter te veel tijd. Het gaat bovendien niet om onschuldige zaken die je kunt afdoen als verschil aan inzicht. Soms is fout gewoon fout. Als Meijer de Bergrede presenteert als “de enige tekst die echt iets prijsgeeft over de door Jezus beoogde samenleving”, heeft hij de bronnenkritiek niet begrepen en licht hij u verkeerd voor. Tot slot zijn veel van Meijers fouten zichtbaar voor iedereen, zodat het begrijpelijk is dat mensen denken dat oude geschiedenis een fopwetenschap is.

Lees verder “Het Romeinse Rijk van Fik Meijer (1)” →

Pleisterspray

Sommige dingen zou je als blogger eigenlijk niet moeten doen. Bijvoorbeeld een markante observatie van een taxichauffeur, kapper of degene naast je bij de haringkar weergeven en vervolgens gebruiken als kapstok voor een algemenere beschouwing. Of vertellen welk gesprek je nou weer hoorde in de trein. Twitter daar maar over, als je het zo nodig kwijt moet.

Goed, u ziet aankomen dat ik deze regel nu ga breken en inderdaad: ik zat laatst in de trein. Het was het boemeltje van Apeldoorn naar Zutphen, dat altijd een oase van rust is na de trein vanuit Amsterdam. Ik luisterde mee naar het gesprek van drie jonge vrouwen – misschien begin twintig – over de oproep van de PVV om vrouwen pepperspray te laten gebruiken tegen mogelijke belagers. De drie hadden een beter plan.

Lees verder “Pleisterspray” →

Rampenoefening met de NS

trein_druk_1

Afgelopen donderdag deden de Nederlandse Spoorwegen een rampenoefening om te onderzoeken hoe de reizigers reageren als er later dit jaar te weinig treinstellen zullen zijn. Er is dan nog minder plaats dan momenteel en het wordt één grote Blokker Kortingweek. De door de NS geopperde oplossing (dat de middelbare scholen, net als de universiteiten bij eerdere problemen, hun onderwijstijden aanpassen) is immers door de onderwijsorganisaties afgewezen. De NS zoeken nu naar buitenlands materieel, maar dat is er nog niet en omdat het probleem er vooralsnog nog ligt, wilden onderzoekers weten hoe grote groepen mensen zouden reageren. Daarom reed de trein die normaliter om 16:48 uit Deventer vertrekt, gisteren in een aangepaste samenstelling: met een treinstel minder.

Ik behoorde tot degenen die instapten in Apeldoorn, waar de trein, zoals voor het onderzoek noodzakelijk, vertraagd aankwam. Omdat de trein half zo lang was als gebruikelijk en noodzakelijk, wachtten veel passagiers op het verkeerde deel van het perron, zodat er extra vertraging werd opgebouwd om iedereen naar het juiste deel van het perron te laten lopen en te doen instappen.

Lees verder “Rampenoefening met de NS” →

Moderne kunst

Ik begin vandaag met een clichévraag: “hoe komt het dat zoveel mensen een hekel hebben aan moderne kunst?” (Dikwijls is de vraag een verzuchting: “hoe komt het toch…”.) Het antwoord is vaak al even clichématig: men denkt dat het publiek uitleg nodig heeft over moderne kunst. Beter kunstonderwijs! Dat lijkt me, eerlijk gezegd, vooral olie op het vuur gooien. Je zegt dan namelijk in feite tegen de criticus: “ik neem je kritiek niet serieus maar ben de beroerdste niet, ik zal je uitleggen waarom jij het verkeerd ziet”.

Die neerbuigendheid, dat onvermogen een zaak van twee kanten te bekijken, dát is wat mensen tot razernij brengt. Afgezien van dat ene kunstwerk dat ze lelijk vinden – ik heb wel eens geblogd over een Apeldoornse tankversperring en een opvallend tuinbeeld – hebben mensen helemaal niets tegen moderne kunst. Ze hebben wél een hekel aan het aplomb waarmee die aan de man wordt gebracht.

Lees verder “Moderne kunst” →

Bangmakerij

Aristoteles (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)

Ik zal de allerlaatste zijn om te zeggen dat kennis van de Oudheid noodzakelijk is, maar soms zit er in de bonte grabbelton van antieke ideeën iets bruikbaars. Zoals Aristoteles’ opvattingen over de wijze waarop mensen in een discussie anderen overtuigen, een onderwerp waar hij opvallend veel en heel origineel over heeft geschreven. De Griekse filosoof meende dat drie factoren een rol speelden:

  1. logos: de logische opbouw van de argumentatie;
  2. ethos: of de spreker persoonlijk overtuigend is;
  3. pathos: of de spreker aan de gevoelens van het publiek weet te appelleren.

Klinkt simpel, is simpel. Er zijn eenvoudig te benoemen fouten die je kunt vermijden.

Lees verder “Bangmakerij” →

Informatieverzuiling

Een tijdje geleden schreef ik over een leuke archeologische ontdekking in Jeruzalem: een afdruk van het zegel van koning Hizkia. Het aardige was dat dit voorwerp was gevonden in een gecontroleerde opgraving. Er kon dus niet mee zijn gemarchandeerd, het is authentiek en we weten waar het vandaan komt.

Daar kun je nuchter over schrijven want het is op zichzelf interessant genoeg. Er is geen enkele reden om te beweren dat het voor het eerst is dat zulke zegels opduiken of dat dit het bewijs is dat de bijbelse koning Hizkia echt heeft bestaan. (Die wordt gewoon vermeld in de Assyrische bronnen.) Het is dus zéker overdreven aan de hand van deze vondst een uitspraak te doen over de betrouwbaarheid van de Bijbel, maar toch was dat de teneur van nogal wat stukken. Als het over archeologie in Israël gaat, mag die alleen het gelijk van de Bijbel bevestigen of tegenspreken, en nooit normaal onderzoek zijn naar de materiële cultuur van een klein Mediterraan staatje.

Lees verder “Informatieverzuiling” →

Eindeloze treinellende

 

trein_druk_1

Het jaar mag dan nieuw zijn, de problemen met het openbaar vervoer blijven dezelfde en ik schrijf mijn wanhoop ook in 2016 weer van me af. Vorig jaar hadden de Nederlandse Spoorwegen het lumineuze idee om goedkoop kaartjes te verkopen via onder andere de Blokker. De consequenties? De treinen waren afgeladen. Ik probeerde – u leest het hier – op 22 oktober van Leeuwarden naar Zutphen te reizen in een trein die zó vol was dat in Meppel mensen op het perron moesten blijven staan en dat de conducteur in Zwolle ervoor waarschuwde dat wie overstapte, geen plaats zou vinden in een vervolgtrein. Niet dat het mogelijk was over te stappen (wat ik wel moest), want ik kon door de drukte niet bij de deur komen en kon de trein pas verlaten in Lelystad.

Een gezonde organisatie, ja zelfs een halfzieke organisatie, leert van haar fouten. De Blokker-actie had er een moeten zijn van “eens maar nooit weer”. Dat de Nederlandse Spoorwegen de actie nu herhalen, betekent óf dat de organisatie doodziek is óf dat men een sadistische hekel heeft aan de reizigers. Of allebei.

Lees verder “Eindeloze treinellende” →

Clintons onderwijsvisie

De komende leider van de vrij wereld – ik bedoel de volgende president van de Verenigde Staten – is óf een republikein óf een democraat. Je zou lachen om het republikeinse veld als er geen reële kans bestaat dat een van deze mafketels werkelijk president wordt: uiteindelijk is een van deze idioten de republikeinse kandidaat die het opneemt tegen de democratische kandidaat, en op dat moment is de stemverhouding ineens weer ruwweg 50/50.

Aan de democratische zijde lijkt Hillary Clinton de gedoodverfde kandidaat. Hier is haar ambitieus bedoelde visie op het onderwijs.

Lees verder “Clintons onderwijsvisie” →