De brug van Nero

Een fundament van de brug van Nero, Rome

Ik kan natuurlijk niet naar bed gaan zolang er iemand op het internet flauwekul rondbazuint. Dus ik moet even een blogje de wereld ingooien. Als trouwe lezer van deze blog weet u wel wat mij zoal ergert en ja, ik heb weer eens een archeologisch nieuwsbericht gevonden dat de conclusie rechtvaardigt dat archeologen het publiek liever misleiden dan informeren. Vier van de vijf verpesten het voor de rest. Want ook vandaag is er weer iemand die vond dat de archeologie in het nieuws moest komen, maar geen zin of geen talent had om echt iets te noemen.

Dus wat doe je? Het is komkommertijd, elk bericht is sowieso goed, zeker als het aansluit bij het weinige nieuws dat er wel is. Voilà, het is heet en droog, en in veel rivieren staat weinig water. Hier en daar worden archeologische resten zichtbaar die dat anders niet zijn. Daar heb je iets om mee naar aandacht te hengelen.

Lees verder “De brug van Nero”

Faits divers (55) mopperblog

Chrysippos (Museo archeologico nazionale, Napels)

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer gemopper op de journalistiek, twee petities voor bedreigde geesteswetenschappelijke instellingen, maar ook een leuk einde.

Caesar in Tongeren

Al een tijdje ligt de hypothese op tafel dat de Eburonen van koning Ambiorix het Romeinse Veertiende Legioen van Julius Caesar hebben verslagen in de omgeving van Berg, een piepklein en – u raadt het al – hoog gelegen kerkdorpje onder de rook van Tongeren. Tot de argumenten voor die hypothese behoren dat de naam Atuatuca, die wordt gebruikt voor zowel de plaats van de Romeinse nederlaag als het latere Romeinse stadje, over maar een korte afstand verplaatst hoeft te zijn; verder, dat er een oude cultusplaats was; bovendien dat er zoveel munten zijn gevonden dat aannemelijk is dat dit de centrale plaats was van de Eburonen. Ik heb er eerder over geschreven en steeds als ik op weg ben van Maastricht naar Tongeren, fiets ik even over die bult in de hoop archeologen tegen te komen.

Lees verder “Faits divers (55) mopperblog”

Vragen rond de jaarwisseling (4)

Giorgio de Chirico, Gli archeologi (1927)

Zo’n drie weken geleden nodigde ik u uit om de traditionele vragen rond de jaarwisseling te stellen. Ik zal nu mijn best doen de meer beschouwende vragen te beantwoorden.

Wat vond je zelf de belangrijkste ontdekking?

Eerlijk gezegd heb ik in 2025 weinig bijzonders zien langskomen. Alles ging z’n gangetje. Je kunt natuurlijk niet elk jaar een nieuwswaardige doorbraak hebben.

Waar zou je dit jaar de Kasteel van Amstelprijs voor geven?

Ach ja, de Kasteel van Amstelprijs! In de eerste jaargangen van de Livius Nieuwsbrief reikte ik die uit aan de meest opzichtige manier om te vissen naar publiciteit. Ik noem nog maar eens Josephine Quinn, die de geschiedenis van Het Westen plaatst in de wijdere context. Voor de journalisten die haar kritiekloos aan het woord lieten: wereldgeschiedenis is een genre uit de jaren zeventig. De journalistiek relevante vraag is waarom wetenschappers publiciteit zoeken met iets dat dat al een halve eeuw in de belangstelling staat.

Lees verder “Vragen rond de jaarwisseling (4)”

Faits divers (42)

Een plaatje dat niets met onderstaande faits divers heeft te maken, maar goed, morgen begint de slachtmaand (Nieuw Museum, Cherchell)

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer slecht nieuws, geen nieuws, gerelateerd nieuws, nieuws over nieuws en niet ter zake nieuws. Voilà.

Slecht nieuws

Zoals bekend wordt er elke twee maanden ergens een oudheidkundige instelling bedreigd. Dat kan een museum zijn of een archeologische opleiding. Deze maand is het een opleiding klassieke talen in Toronto. De petitie vindt u daar – en ik breng in herinnering dat petities effect hebben. Nou ja, af en toe. Dus neem even de moeite.

Lees verder “Faits divers (42)”

Sloppy Science

Vorige week publiceerde Stan van Pelt, die u kunt kennen als degene die in De Volkskrant adembenemende stukken schreef over de problemen rond de vermeende ontdekking van het majorana-deeltje, een boek over wetenschapsfraude. Het heet Sloppy Science en behandelt, behalve de voorbarige majorana-claims, zo’n beetje alles wat de laatste jaren in het nieuws is geweest over minder dan optimaal functionerende wetenschap.

Leesplezier

Ondanks de naargeestige thematiek heb ik Sloppy Science ademloos gelezen. De voorbeelden die Van Pelt noemt zijn goed uitgewerkt. De lezer begrijpt het wetenschappelijke probleem, hij herkent welke hindernis leek te zijn overwonnen, hij snapt waarom dat niet het geval was, en hij begrijpt waarom deze of gene fraude gevaarlijk was.

Lees verder “Sloppy Science”

Faits divers (41)

Muzikanten uit ZIncirli (Museum voor Anatolische Beschavingen, Ankara)

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers: ook dit keer een verzameling van berichtjes die mijn aandacht trokken. Niet per se het belangrijkste nieuws, niet per se belangrijk, niet per se nieuws.

Muziek!

Het eerste artikel begrijp ik eerlijk gezegd niet tot in detail, maar wat ik wel denk te begrijpen is dat muziek in Bronstijd-Ugarit en India vergelijkbaar klonk. Een en ander valt af te leiden uit het in Ugarit gevonden lied “De bruiloft van Nikkel en Yarich” en de Indische Rig-Veda.

Lees verder “Faits divers (41)”

Schrijven over de Oudheid

Wanneer ik zie dat er weer ’ns een weerrecord is gebroken, lees ik niet verder. Niet dat ik me geen zorgen maak over de klimaatverandering waarvoor warmte- en neerslagrecords aanwijzingen zijn, maar ik heb dit soort stukjes al te vaak gezien. Inmiddels vervelen ze me. Terwijl de planeet afstevent op een klimaatramp, maken de mensen die de zaken aan ons uitleggen, het thema saai.

Dezelfde ervaring heb ik elk najaar: pletter toch op met die Nobelprijzen. Het is een vervelend geworden vorm om over wetenschap te schrijven. En laat ook die verwijzingen naar Albert Einstein nou eens achterwege. Weerrecords, Nobelprijzen en Einstein zijn als clichégebruik: de journalist die een voorspelbare invalshoek gebruikt, toont vooral dat de stof hem onvoldoende boeit om er even voor te gaan zitten. Waarom zouden wij het dan lezen?

Lees verder “Schrijven over de Oudheid”

Alweer een petitie

Even een meerstemmig blogje. Want ik ben het oneens met mezelf. Al tijden.

Eerste stem. Er wordt een oudheidkundige instelling bedreigd en er is een petitie. Opnieuw betreft het de universiteit van Cardiff en u leest er meer over op deze pagina, waar u ook uw handtekening kunt zetten.

U zegt: “alweer een petitie?” Ook vorige maand vroeg ik immers uw aandacht voor de bezuinigingen op de oudheidkunde. En in de tijd daarvoor waren er acties om de sluiting te verhinderen van de archeologische opleidingen in Leipzig en Helsinki, waren er acties voor het behoud van oude talen in Frankfurt, in Kingston en in (ook al) Cardiff. Verder waren er petities voor het museum in Ename, voor het behoud van geesteswetenschappen in Kent en voor de toekomst van de gymnasia in Denemarken. Uit eigen land herhaal ik de petitie voor het Keltisch in Utrecht.

Lees verder “Alweer een petitie”

Gladiator II

(© 2024 Paramount)

Er is een nieuwe oudheidkundige film in de bioscoop, Gladiator II. Of, zoals de makers het niet ongeestig spellen, GladIIator. Deel één ben ik ooit samen met classica Simone Mooij wezen kijken en we liepen destijds de bioscoop uit met het gevoel dat de film precies dat bood wat ook de mensen destijds naar het amfitheater bracht: het geweld. En anders dan bijvoorbeeld de films van een Sam Peckinpah (Straw Dogs of Cross of Iron) had Gladiator daarover niets te melden. Het geweld was er en dat was dat. Dat is niet erg, maar de overeenkomst tussen Romeins en hedendaags amusement frappeerde Simone en mij.

En nu dus Gladiator II. Een journalist belde me gisteren met de vraag wat ik ervan vond. Nou daarvan vond ik niks, want ik had die film nog niet gezien en ik had er ook geen tijd voor. Maar had ik een quote? Nou nee, ook die had ik niet. Maar ik had wel een antwoord. Namelijk dat historici beter geen oordeel over historische films kunnen geven.

Lees verder “Gladiator II”

Archeologie als sociale wetenschap

Giorgio de Chirico, Gli archeologi (1927)

Dit stukje gaat over archeologie. En de conclusie gaat over journalistiek. Maar we beginnen bij de historische taalkunde.

Wetmatige verbanden

Lang geleden hadden wetenschapstheoretici het idee dat wetenschap bestond uit waarnemen, het herkennen van patronen of wetmatigheden, en het doen van voorspellingen. Voor een deel werkt het inderdaad zo. De taalkunde herkent bijvoorbeeld dat als een Latijns, Grieks of Oud-Indisch woord begint met een /p/, daar in de Germaanse talen vaak een /v/ of een /f/ stond. Als een nieuwe Germaanse taal zou kunnen worden ontdekt, mogen we aannemen dat het woord voor vader ook daar begint met een /v/ of een /f/.

De klankwetten hebben dus voorspellend vermogen en als het blijkt te kloppen, heet dat corroboratie. In de afgelopen kwart eeuw zijn nogal wat al bekende talen beter beschreven – denk aan de Indo-Europese talen van Centraal-Azië en Anatolië – en zijn ook allerlei nieuwe talen ontdekt, zoals de talen die zijn gedocumenteerd in de tienduizenden pas ontsloten inscripties uit de Arabische wereld. En de klankwetten blijken grosso modo correct. Uiteraard zijn er uitzonderingen, maar daar gaat mijn stukje niet over. Het gaat me er vandaag om dat we hier een visie hebben op het functioneren van wetenschap, die veronderstelt dat onze kennis van onderaf wordt opgebouwd. En dat deze visie bestaansrecht heeft. Ze wordt wel aangeduid als positivistisch, al is dat een term die steeds weer iets anders betekent.

Lees verder “Archeologie als sociale wetenschap”