Judas Iskariot

De dood van Judas Iskariot (Koninklijke Bibliotheek, Den Haag)

Mijn goede vriend Richard attendeerde me onlangs op een kort filmpje waarin een franciscaner monnik het revolutionaire karakter van het christendom beter samenvatte dan ik ooit eerder hoorde. Kijk, zei de man, niets is makkelijker dan te houden van Jezus. Die geneest mensen, doet wonderen en lijdt in jouw plaats. Iedereen zou sympathie voelen voor zo’n weldoener. Een goede christen, zo zei de monnik, voelt echter eveneens sympathie voor Judas. Ik heb nooit een oudhistoricus zó scherp horen uitleggen hoe vernieuwend het christendom is geweest.

Wat weten we echter over Judas, behalve dat zijn naam inmiddels synoniem is voor verraad? U raadt het al: we weten niet veel. Eigenlijk maar twee dingen. Eén: Judas behoorde tot Jezus’ inner circle, de Twaalf: de mannen dus die, na de grote kosmische ommekeer die Jezus en zijn volgelingen verwachtten, leiding zouden moeten geven aan het herstelde Israël. Twee: Judas leverde Jezus uit aan de autoriteiten in Jeruzalem. Aan die twee stukjes informatie kunnen we toevoegen dat de auteurs van het Nieuwe Testament al onzeker waren over Judas’ beweegredenen.

Lees verder “Judas Iskariot”

Circumcelliones

Timgad, Donatistisch complex

Als we de kerkvader Augustinus mogen geloven, is de naam circumcelliones afgeleid van het feit dat deze lieden circum cellas pleegden te zwerven, “rondom de heiligdommen”. Dat is niet onmogelijk, maar “heiligdom” is niet de eerste betekenis van cella. Misschien bezondigt de hoogwaardige bisschop zich aan een volksetymologie, ik geef straks een andere verklaring. In elk geval gaat het om opstandelingen op het Numidische platteland die iets te maken kregen met de donatistische kerk.

Wat was dat ook alweer? Het zat zo. Nadat keizer Licinius (r.308-324) zijn medekeizer Constantijn (r.306-337) ervan had overtuigd dat de christenen financieel moesten worden gecompenseerd voor de jarenlange vervolging, kwam de vraag op of de bisschop van Karthago wel correct was gewijd. Eén van de deelnemende geestelijken had zich namelijk nogal meegaand betoond tijdens de vervolging. De officiële, door de keizers erkende kerk zou zich op het standpunt stellen dat priesters ook maar mensen waren, maar dat zo’n kerkelijke wijding toch vooral Gods eigen werk was. Gods zegen rustte dus wel op een bisschop die door niet-helemaal-volmaakte mensen was gewijd. De donatisten waren het daarmee oneens. Ze verwachtten totale zuiverheid van elke geestelijke. Lange tijd is er in de Maghreb naast de keizerlijke kerk een donatistische parallelkerk geweest, en de enorme omvang van het donatistische complex in Timgad bewijst dat die parallelkerk beschikte over aanzienlijke middelen.

Lees verder “Circumcelliones”

De Notre-Dame: andere verhalen

Een spuwer van de Notre-Dame van Parijs

[Dit is het laatste van vier door Hans Overduin geschreven blogjes over de Notre-Dame van Parijs. Het eerste was hier.]

Zelfmoord

Een gebouw met twee bijna zeventig meter hoge torens is een voor de hand liggende plaats om zelfmoord te plegen. Zo gaat het verhaal dat in 1882 een jonge vrouw zich bij een beheerder van de kathedraal vervoegde met het verzoek een van de torens te mogen beklimmen. De man weigerde in eerste instantie omdat de vrouw geen begeleider had. Ze vond echter een oudere vrouw die bereid was met haar mee te gaan, en eenmaal boven wipte de jonge vrouw over het randje om een onontkoombare dood tegemoet te vallen. Haar geest wordt nog regelmatig gezien op het dak of op de torens.

Een historische zelfmoord is die van Antonieta Rivas Mercado, een Mexicaanse schrijfster, feministe en kunstkenner die zichzelf in 1931 door het hoofd schoot op het hoogaltaar. Ze was verliefd geworden op de politicus José Vasconcelos en was hem gevolgd naar Parijs. De affaire was nogal uitzichtloos aangezien hij getrouwd was en weinig bereidwilligheid toonde te scheiden van zijn echtgenote. Toen Antonieta die feiten onder ogen zag, beroofde ze zichzelf van het leven met het pistool van Vasconcelos. Opnieuw was de Notre Dame een geest rijker.

Lees verder “De Notre-Dame: andere verhalen”

Wilde Mohammed zelfmoord plegen?

Djibrīl en Mohammed bij de berg Hira

In het grote geschiedwerk van Al-Tabarī (839-923) staat ook het verhaal van Mohammeds biograaf Ibn Ishāq (704-770) over hoe Mohammed de eerste Koranopenbaring ontving op de berg Hirā’. Het verhaal is de profeet zelf in de mond gelegd; wie anders immers zou als bron aannemelijk zijn? Het hele verhaal staat hier; voor het ogenblik licht ik er het fragment uit over Mohammeds gedachte aan zelfmoord. De profeet heeft net verteld hoe hij in een droom door Djibrīl (Gabriël) de eerste Koranverzen onderwezen heeft gekregen.

Twee versies

In Al-Tabarī’s versie van Ibn Ishāq vervolgt hij:

… Dat reciteerde ik; toen liet hij mij los en ging weg, en toen ik ontwaakte uit mijn slaap was het alsof het in mijn hart gegrift stond. Nu was er geen schepsel waar ik een groter hekel aan had dan dichters en bezetenen; ik kon ze niet zien of luchten. En ik dacht: “O wee, deze nietswaardige” — hij bedoelde zich zelf — “is een dichter of een bezetene. Maar dat zullen de Qurayshieten nooit van mij zeggen! Ik zal hoog de berg opklimmen en mij eraf storten; dan heb ik rust.” Dus ging ik met die bedoeling op weg en toen ik halverwege de berg was hoorde ik een stem uit de hemel die zei: “Mohammed! Jij bent de gezant Gods en ik ben Djibrīl.” … noot Al-Ṭabarī, [Taʾrīkh al-rusul wal-mulūk] Annales, uitg. M.J. de Goeje e.a., deel 1 (1879) 1150.

Lees verder “Wilde Mohammed zelfmoord plegen?”

Euripides

Euripides (Ny Carlsberg Glyptotek, Kopenhagen)

In eerdere stukjes heb ik het gehad over Aischylos en Sofokles, twee grote Atheense tragici. Van hen zijn tweemaal zeven toneelstukken over. Met Euripides, de derde treurspeldichter uit het rijtje, zijn het er niet minder dan achttien. Ik zal straks uitleggen hoe dat zo is gekomen, mar eerst iets over de man en zijn oeuvre.

Kluizenaar

Hij debuteerde in 455 v.Chr. en was niet werkelijk succesvol. Hij won maar vier keer de jaarlijkse toneelwedstrijd ter ere van Dionysos en verliet op hoge leeftijd zijn vaderstad om in Macedonië te gaan wonen. Daar is hij in 406 overleden. Waar Aischylos zich erop beroemde een rol te hebben gespeeld in de slag bij Marathon – naar verluidt zou Marathonstrijder het enige woord op zijn graf zijn geweest – en waar Sofokles de Atheense wetten had helpen herschrijven in een crisissituatie, koos Euripides voor een meer teruggetrokken leven. De kluizenaar zou een grote persoonlijke bibliotheek hebben gehad – de oudste privécollectie boeken waarvan we weten.

Lees verder “Euripides”

Seneca (5): Seneca en de dood

Seneca en Sokrates. Herme uit Rome, nu in het Altes Museum in Berlijn.

Ook al deelde de Stoa veel van de gangbare antieke opvattingen over het leven als een opdracht andere mensen te helpen, de stoïcijnen meenden ook dat een mens het recht had zijn eigen leven te beëindigen. Daarvoor waren wel enkele voorwaarden.

Geluk versus leven

Iedereen heeft de taak tot nut te zijn van het geheel, of anders van een klein deel daarvan. Als dat niet lukt, heeft hij de taak tot nut te zijn van zichzelf. Wie niet tot nut kan zijn voor de wereld, heeft tenminste nog de plicht tot nut te zijn voor zijn directe naasten. Als dat door omstandigheden niet lukt, heeft hij de plicht om voor zichzelf te zorgen en gelukkig te zijn.

Als iemand zelf echter oordeelt dat hij door omstandigheden niet meer in staat is tot het vervullen van zijn plicht, kan hij oordelen dat zijn eigen leven voorbij mag zijn, en is zelfdoding gerechtvaardigd en toegestaan. Deze gedachte ligt in het verlengde van de in onze ogen nogal wrede gewoonte van de Romeinen om gehandicapte of ongewenste kinderen om het leven te brengen. Gelukkig zijn was in de Romeinse maatschappij belangrijker dan het leven.

Lees verder “Seneca (5): Seneca en de dood”

Seneca (4): Gehecht en onthecht

Ajax overweegt zelfmoord (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

In veel culturen, en ook in onze moderne tijd, is zelfdoding taboe en hulp bij zelfdoding strafbaar. Dit heeft een religieuze oorsprong. Het begrip zelfdoding staat op gespannen voet met religie, dat het leven doorgaans opvat als opdracht. Dit idee speelt een rol in het jodendom, het christendom en de islam. Ook in de filosofie van het oude India wordt het leven beschouwd als een soort opdracht.

De Stoa deelde deze opvatting. Ook volgens de stoïcijnen heeft een persoon de plicht zijn rol in het bestaan te vervullen. Mensen zijn onderdeel van een geheel, de kosmos, en zonder de mensen om hen heen zijn zij niets.

Lees verder “Seneca (4): Gehecht en onthecht”

De harde dood

regenboog

Ik heb om twee uur een afspraak in Schagen. Daar zal ik niet op tijd zijn want de trein is vertraagd. Al voor Uitgeest reed de trein eerst langzaam, toen stapvoets, daarna niet. Aanvankelijk was er geen verklaring, maar later werd duidelijk dat er iemand op het spoor liep.

Dan weet je genoeg. Waar het spoor langs de duinen gaat, bij Castricum, is een psychiatrische inrichting en daar springen weleens mensen voor de trein. Blijkbaar is vandaag een machinist erin geslaagd zijn trein stil te zetten vóór hij iemand doodreed. Inmiddels zijn er, zoals de conducteur van mijn trein zojuist omriep, “hulpdiensten op het spoor”. Alles is dus goed gegaan maar ik vrees dat de machinist desondanks een paar dagen volkomen overstuur zal zijn. Arme drommel.

Lees verder “De harde dood”

Dood op het spoor

Ik ben zojuist met de trein naar Amsterdam vertrokken vanuit Assen. Ik had de reis eigenlijk willen beginnen in Groningen en had daar mijn kaartje al gekocht toen aan de reizigers werd meegedeeld dat er “wegens een aanrijding” geen treinverkeer was naar Assen.

Er waren al drie bussen vertrokken en er zouden er nog drie rijden, maar hoe laat die zouden aankomen wist niemand en aangezien er dus “(zeer) beperkt busverkeer” was, moest ik rekening houden met een vertraging van minimaal een uur. Omdat ik liever niet overnacht in Zwolle of Amersfoort, nam ik een taxi naar Assen. Daar werd omgeroepen waarom de trein niet reed. “Wegens een aanrijding met een persoon rijdt de sprinter naar Groningen niet.”

Lees verder “Dood op het spoor”