Twee duiven

Koghb, relief met twee duiven en Maria (Nationaal Museum van Armenië, Yerevan)
Koghb, relief met twee duiven en Maria (Nationaal Museum van Armenië, Yerevan)

Dit wonderlijke reliëf komt uit Koghb in het uiterste noorden van Armenië. Het ligt dichter bij de Georgische hoofdstad Tblisi dan bij Yerevan. Onderaan ziet u Maria met het Christuskind; het haar van de moeder is zó afgebeeld dat het lijkt op een aureool. Christelijke kunst is in Armenië onvermijdelijk – het stikt hier van de middeleeuwse kerkjes – maar dit reliëf is ongebruikelijk.

Het aardige is dat van boven twee duiven neerkomen die een kroon aanbieden. Dat is op zich geen ongebruikelijke afbeelding: meestal stelt een neerdalende duif de Heilige Geest voor. Maar daarvan zijn er geen twee. En trouwens, de Heilige Geest brengt doorgaans geen kronen.

Lees verder “Twee duiven”

Alesia (4)

Landkaartje van Alesia; Les Laumes is links; de onvoltooide buitenring is linksboven
Landkaartje van Alesia; Les Laumes is links; de onvoltooide buitenring is linksboven

Vercingetorix’ strijdplan had eruit bestaan alle voedsel onder te brengen in een beperkt aantal heuvelforten, die de Romeinen dan zouden moeten belegeren om aan voedsel te komen. De Galliërs zouden dan de Romeinse foerage verstoren en de vijanden dwingen Gallië te ontruimen. Eén van de belegeringen was Alesia, waar de Romeinse legioenen enorme belegeringswerken aanlegden en het Gallische ontzettingsleger laat aankwam om de foerageurs te dwarsbomen.

Toen het arriveerde, was het eigenlijk al te laat: de ring van belegeringswerken was bijna voltooid. Het Gallisch ontzettingsleger bivakkeerde op de heuvels ten westen van Alesia maar het oorspronkelijke krijgsplan was niet langer bruikbaar. Anders dan beoogd waren de voedselvoorraden van de belegerden in Alesia uitgeput en daardoor konden de Galliërs er niet langer mee volstaan de Romeinse foerageurs aan te vallen. Ze moesten ze zo snel mogelijk een veldslag forceren en de belegering opheffen. Caesar kwam de Galliërs daarbij te hulp doordat hij de dag na hun aankomst de cavalerie op hen afstuurde. Hij had er belang bij de aanvallers geen moment rust te gunnen, want het noordelijke deel van de buitenste ring van zijn versterkingen was nog niet voltooid en dat mochten de commandanten van het ontzettingsleger onder geen beding ontdekken.

Lees verder “Alesia (4)”

Alesia (3)

Reconstructie van Caesars belegeringswerken bij Alesia (Archéodrome, Beaune)

De snelheid waarmee de belegeraars het heuvelfort van Alesia met belegeringswerken omringden zal, doordat de Romeinen met zo velen waren, hoog zijn geweest en creëerde een probleem voor de Galliërs. Vercingetorix’ strijdplan was immers dat een Gallisch leger de Romeinen aan zou vallen nu ze bezig waren een stad te belegeren en dus op een vaste plaats verbleven. Het ontzettingsleger bleek evenwel nog niet te bestaan. Vercingetorix had al zijn troepen in Alesia geconcentreerd, waar ze wachtten op een Romeinse aanval en ondertussen de eigen voedselvoorraad uitputten.

De inactiviteit moet het Gallische moreel hebben aangetast. Het was echter niet te laat om de fout te herstellen, zoals Caesar toegeeft. De vertaling is weer van Vincent Hunink.

Vercingetorix vatte het plan op ‘s nachts de hele cavalerie weg te sturen, voordat de Romeinen hun schanswerk zouden voltooien. Bij hun vertrek droeg hij ze op elk naar hun eigen stam te gaan en iedereen die de leeftijd had om wapens te dragen bijeen te brengen voor de oorlog. […] Mochten ze het erbij laten zitten, dan zouden 80.000 keurtroepen met hem ten onder gaan, zo hield hij hun voor; volgens zijn telling had hij graan voor nog dertig dagen, bij karige rantsoenering. Maar als hij extra zuinig aandeed, kon hij het ook nog wel wat langer uithouden.

Met deze opdrachten stuurde hij zijn ruiters voor middernacht in stilte weg, door het nog openliggende stuk van de Romeinse wal. Hij gaf bevel alle graan bij hem te brengen; wie niet gehoorzaamde zou de doodstraf krijgen. Het vee, waarvan de plaatselijke bevolking een grote voorraad had aangelegd, verdeelde hij over de manschappen.

Lees verder “Alesia (3)”

Alesia (2)

Gallische krijgsgevangene op een munt van Julius Caesar (British Museum, Londen)
Gallische krijgsgevangene op een munt van Julius Caesar (British Museum, Londen)

In 58 versloeg Caesar de Helvetiërs en vervolgens nog een groep Germanen in de Elzas. Hij profileerde zich nu als de beschermer van de Gallische bondgenoten, en daarom overwinterde hij in de vallei tussen de Vogezen en Jura, waar hij de weg van de Rijn naar het land van Saône en Rhône blokkeerde. In Italië zal men het verblijf zo ver van de Middellandse Zee heel dapper hebben gevonden, maar Caesar moet hebben geweten dat de dreiging minimaal was en dat hij er de Galliërs vooral mee provoceerde.

En inderdaad: in 57 organiseerden de noordelijkste stammen, de Belgen, een anti-Romeinse coalitie. Dat bood de Romein het excuus dat hij nodig had om de stammen tussen Marne en Maas de kracht van de legioenen te demonstreren en bovendien nog eens twee legioenen toe te voegen aan zijn leger. Ze kregen de nummers XIII en XIIII. Aan het einde van het jaar kon hij, na overwinningen aan de Aisne en de Selle in Noord-Frankrijk en de belegering van een heuvelfort bij Thuin zonder veel overdrijving claimen dat hij Gallië had onderworpen.

Lees verder “Alesia (2)”

Alesia (1)

Caesar (Altes Museum, Berlijn)

Veel Romeinse auteurs meenden dat de verovering van Karthago – ik blogde er al over – het begin was geweest van een periode van zedenverval. Geldzucht en machtswellust hadden hun intrede gedaan, de Romeinen hadden hun oprechtheid verloren, list en geweld waren acceptabele politieke middelen geworden. Het was van kwaad tot erger gegaan doordat militaire leiders de Senaat onder druk zetten en de Volksvergadering paaiden met geschenken, waardoor het volk lui en vadsig zou zijn geworden.

Titus Livius gaf de lezers die zijn geschiedwerk ter hand namen het advies erop te letten hoe de moraal eerst begon af te brokkelen, vervolgens meer en meer verviel en uiteindelijk in hoog tempo ineenstortte. De enige antieke auteur die verder keek dan het zogenaamde verval van normen en waarden, was Appianus van Alexandrië, die aan het begin van zijn boek over de Burgeroorlogen de diepere sociaal-economische veranderingen beschreef.

Lees verder “Alesia (1)”

MoM | Johan Picardt

Coevorden, kerk
Coevorden, kerk

Een van de beste mij bekende oudheidkundige boeken is Lost World of the Golden King van Frank Holt (recensie). Hoofdstuk na hoofdstuk neemt hij u mee langs de diverse manieren waarop oudheidkundigen zich bezig hebben gehouden met de oostelijke buitenposten van de Grieks-Romeinse cultuur: Baktrië. Zeg maar het grensgebied van Afghanistan en Oezbekistan, met steden als Kampyr Tepe, Begram en Ai Khanum. Zeg maar de museumcollecties van de musea in Kabul (die u kunt kennen van reizende exposities), Tashkent en Termez. Zeg maar het gebied waar de klassieke cultuur nooit vanzelfsprekend was, waar ze elke keer opnieuw werd bevochten en waar je ziet wat mensen het belangrijkste vonden om te bewaren: een uiterlijke vormentaal die prestige verleende.

Holt vertelt hoe het onderzoek begon toen oudheidkundigen probeerden bij elke uit de bronnen bekende koningsnaam een muntportret te vinden. Dit doel was al snel verwezenlijkt maar er was een complicatie: de muntverzamelaars waren gestuit op munten van vorsten die niet in de bronnen stonden vermeld.

En dan schakelen we nu over naar Drenthe, naar het stadje waarvan u de kerk hierboven ziet: Coevorden.

Lees verder “MoM | Johan Picardt”

Livius Nieuwsbrief | Mei 2019

Dit is de 165e aflevering van de Livius Nieuwsbrief met nieuws over de Oudheid. Een kleine 7500 abonnees ontvangen de nieuwsbrief elke maand gratis; voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Jona Lendering (redactie)

======================================

LIVIUS’ EIGEN NIEUWS

Een paar toevoegingen aan de Livius.org-website, zoals alle Parthische koningen, een biografie van Mithridates Ktistes van Pontus, de Armeense hoofdstad Artaxata en Alexander de Grote aan de Jaxartes.

Filmpje: hoe werd het Latijn uitgesproken?

Lees verder “Livius Nieuwsbrief | Mei 2019”