Kort Irakees (5): Bahlul

Het Abbasidische paleis in Bagdad, dat overigens eeuwen na Haroen ar-Rasjid is gebouwd

Soefi’s zijn islamitische mystici. Ik blogde al eens over ze. Misschien is het grote verschil met de westerse mystiek wel dat deze laatste werkelijk naar binnen is gekeerd, zodat het écht gaat om de relatie tussen de gelovige en God, terwijl de soefi’s vaak de noodzaak voelen hun radicale liefde voor God te tonen, en daarbij dus een publiek nodig hebben. Er is een derde partij bij betrokken, wat in mijn ogen – die van een buitenstaander – de claim alléén van God te houden tegenspreekt.

Dat laat onverlet dat ik plezier beleef aan de verhalen over een Rabia, die door Bagdad rende met een kruik en een fakkel, om de hel te blussen en de hemel in brand te steken, zodat ze Gods wil kon doen zonder aan het hiernamaals te denken. De anekdote bevalt me vooral zo omdat ze illustreert dat er tussen humanisme en religie weinig verschil zit. Een gelovige die iets goeds doet om in de hemel te komen, is een boekhouder.

Lees verder “Kort Irakees (5): Bahlul”

Kort Irakees (2): IJs

IJsvogel

De beschaving komt uit het oosten en ijssorbets zijn een Arabische uitvinding. “Sorbet” is de Nederlandse versie van een Italiaanse vorm van een Turkse weergave van een woord dat de Perzen hebben ontleend aan het Arabisch. Alle reden om in Bagdad ijs te gaan eten. Ik had nog nooit lichtgevend ijs gezien, maar hier hebben ze het.

Maar het knapste vind ik de appel – zie hierboven – die iemand zó heeft gesneden dat die op een vogel lijkt. Het is echt een appel! De vrucht is zó gesneden dat uit plakjes de kop, de hals en de vleugels zijn ontstaan. Ongetwijfeld zijn er ook in ons land mensen die zoiets moois kunnen maken, maar ik heb staan kijken, vol bewondering en ook verwondering, want hoe houd je een appel zo lang zo mooi? Misschien vermijd je met citroensap dat er bruine plekken ontstaan.

Lees verder “Kort Irakees (2): IJs”

De Warka-vaas

De Warka-vaas (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Ik blogde al over de grote stad Uruk, tegenwoordig Warka, waar de overgang van Neolithicum naar geschiedenis is gedocumenteerd in niet minder dan achttien strata, d.w.z. de lagen die archeologen onderscheiden binnen een opgraving. In stratum III (ofwel de late Jemdet Nasr-periode ofwel het slot van de Prehistorie ofwel als de eerste geschreven teksten opduiken ofwel tussen 3100 en 2900 v.Chr. ofwel in de tijd waarin ze in Drenthe hunebedden bouwden) vonden de opgravers de bovenstaande vaas, die bijna een meter hoog is. Het kalkstenen kunstvoorwerp is te zien in het Nationaal Museum van Irak in Bagdad.

Plundering

U kent dat museum vermoedelijk wel omdat het in 2003 is geplunderd. De Warka-vaas is toen gestolen. Het voorwerp is later, toen er een amnestieregeling was, in veertien stukken geslagen teruggebracht en vervolgens gerestaureerd. Inmiddels is het terug in het museum. Als het niet zou zijn teruggebracht, was een goede kopie in het Pergamonmuseum in Berlijn alles wat we hadden gehad.

De onderste registers

De afbeelding vertelt veel over het Sumerische wereldbeeld. Helemaal onderaan zien we, ongeveer waar binnenin de vaas het langst het water moet hebben gestaan, allerlei golven. Het is niet moeilijk te raden wat het voorstelt. Daarboven zijn achtentwintig planten afgebeeld, die zijn te identificeren als dadelpalmen en gerst. Om en om.

Lees verder “De Warka-vaas”

Een wonderlijk altaar uit Hatra

Altaar uit Hatra (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Wat een raar ding, dit – eh, hoe zal ik het noemen? – altaar uit Hatra, de hellenistische stad in het noorden van Irak. Het is misschien het beste het te bekijken van onder naar boven. Onderaan bevindt zich een grijswit, marmeren, vierkant huisje met nissen. Dit huisje, omgeven door acht pilaren, is in feite het model van een heiligdom. In de vier nissen staan goddelijke figuren, zoals een adelaar: een gebruikelijk soort afbeelding in deze contreien, meestal uitgelegd als het voertuig van de ziel.

Op zeven van de zuilen staan – wat lastig te herkennen – standaards afgebeeld, min of meer zoals op dit reliëf. De standaards representeren de hemelgoden: aan de ene zijde (links achter, voor ons onzichtbaar) zijn dat de Maan en Mercurius; aan de zijde op de foto zijn dat Venus, de Zon en Mars; aan de rechterzijde Jupiter en Saturnus. De achtste zuil, helemaal achteraan, is onversierd.

Lees verder “Een wonderlijk altaar uit Hatra”

Een beschadigde Sumerische harp

De “grote harp” van Ur (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Deze Sumerische harp is te zien in het museum in Bagdad. Het snaarinstrument komt uit de koninklijke tombes van Ur, een stad in het zuiden van Irak. Hij dateert uit de derde fase van de vroegdynastieke periode, wat een voorzichtige manier is om te zeggen dat het voorwerp stamt uit de tijd tussen pakweg 2600 en 2370 v.Chr.

Lees verder “Een beschadigde Sumerische harp”

Fabeldieren

Sfinx met jong (Nationaal Museum van Irak, Bagdad)

Alle oude volken kenden zo hun eigen fabeldieren en voegden daar de fantasiebeesten van hun buurvolken aan toe. De sfinxen die in de Mesopotamische mythologie de Boom des Levens bewaken, keren terug in het joodse verhaal over de Tuin van Eden. De Humbaba’s van de Babyloniërs werden de Gorgonen van de Grieken. Ik schreef er al eens over. De lamassu’s uit Mesopotamië staan op munten uit Sicilië. De Romeinen namen van de Grieken de hele goddelijke veestapel over en daarvandaan wandelde die door naar de middeleeuwse bestiaria.

Hierboven ziet u een sfinx op een ivoortje uit het Nationaal Museum van Irak in Bagdad; de foto is gemaakt door Marjon Verburg, die Irak onlangs bezocht. Op de achtergrond herkent u de paradijselijke vegetatie maar het leukste is natuurlijk dat deze sfinx een jonkie heeft. De ivoorsnijder kende aan het mythologische beest normale dierlijke eigenschappen toe.

Lees verder “Fabeldieren”

De plundering van het museum van Bagdad

Parthische sculptuur in het heropende museum van Bagdad

Ooit toonde het museum van Bagdad hoe in het oude Mesopotamië de beschaving was ontstaan. Zo’n vijfduizend jaar geleden verrezen aan de oevers van de Eufraat en Tigris de eerste steden en vestigden de eerste koningen hun macht. Het schrift ontstond, juristen, dichters en geleerden traden aan, en voor het eerst werd geschreven over de grote levensvragen. Een kwart miljoen voorwerpen in de museumvitrines en magazijnen illustreerden het proces. Tot op 10 april 2003 de plundering begon.

Hoe kon het zover komen? De plunderaars waren in elk geval geen vrome moslims die voorwerpen uit de ‘tijd der onwetendheid’ kapotsloegen. Ze namen namelijk tevens de moeite de catalogi, foto’s en digitale inventarissen te vernietigen. Zoiets doe je alleen om te verhinderen dat de gestolen voorwerpen ooit worden geïdentificeerd. Met andere woorden: als je antiquiteiten wil verkopen op de zwarte markt.

Lees verder “De plundering van het museum van Bagdad”