Dagvisioen, nachtelijke droom

Een voorbeeld van een apsismozaïek (Sant’ Apollinare in Classe, Ravenna)

Misschien hadden Vincent en ik ons boekje wel De visioenen van Constantijn moeten noemen, meervoud. Er circuleerden namelijk heel veel verhalen over ’s mans waarneming van een hemels teken. Dat was te verwachten: in de Oudheid werd vrijwel alle informatie mondeling overgedragen en daardoor was wildgroei de gewoonste zaak van de wereld. Het visioen van Constantijn is alleen uitzonderlijk omdat de oudheidkundige én de oorspronkelijke gebeurtenis kent uit de Lofrede van 310 én beschikt over diverse bronnen om de verdere verspreiding te documenteren.

Om te beginnen is er dus de Redenaar van 310, die Constantijn eraan herinnert dat deze heeft gezien hoe Apollo en Victoria hem kransen presenteerden. Hierop lijkt een tweede verhaal: dat van Eusebios, die in het Leven van Constantijn schrijft dat de keizer op een ongespecificeerd moment, maar enige tijd vóór de slag bij de Milvische Brug in 312, een lichtend kruis had waargenomen en daar vervolgens over had gedroomd. Deze tekst, waarin het beroemde “in dit teken zul je overwinnen” voorkomt, vormt het begin van de legende.

Lees verder “Dagvisioen, nachtelijke droom”

De colossus van Nero

Hoewel hij meer lijkt op Sylvester Stallone, is dit toch echt Constantijn de Grote (Capitolijnse Musea, Rome)

Na de brand van Rome van het jaar 64 n.Chr. – berucht van een door Tacitus beschreven christenvervolging – liet keizer Nero zijn hoofdstad herbouwen. In het oosten kwam een kolossale villa, het Gouden Huis, waarin hij zelf zijn intrek nam. In de vestibule stond de “colossus van Nero”: een gigantisch beeld van wel dertig meter hoog. Het verrees achter de tempel voor Caesar, die de oostelijke afsluiting vormde van het Forum Romanum. Wie vanaf dit plein naar die tempel keek, zag altijd het portret van Caesars afstammeling boven het heiligdom van zijn voorvader uitsteken. (Dat Nero alleen via adoptie afstamde van Caesar, deed voor de Romeinen niet ter zake.)

Nadat Nero in 68 zelfmoord had gepleegd en toen met keizer Vespasianus een nieuwe dynastie was aangetreden, werd het beeld aangepast: voortaan stelde het de zon voor. Ook werd het voorzien van een nieuw portret: dat van Titus, de beoogde troonopvolger. Een halve eeuw verplaatste keizer Hadrianus het beeld van de zonnegod over de achterliggende heuvel naar het amfitheater. De auteur van de Historia Augusta schrijft:

Met hulp van de architect Decrianus verplaatste Hadrianus de colossus – rechtopstaand! – vanaf de plaats waar nu de tempel van Roma staat, ook al was het gevaarte zo zwaar dat hij voor het karwei vierentwintig olifanten moest inzetten.

Lees verder “De colossus van Nero”

Waarom geschiedenis?

De Boog van Constantijn in Rome

Zomaar een vraag bij de mail: waarom zou je je bezighouden met geschiedenis? (Eigenlijk stond er “met de Romeinen”, maar ik neem het wat breder.) Het simpele antwoord is natuurlijk dat geschiedenis leuk is. Je kunt genieten van een boek, van een website, van een Napoleontisch Weekend in Archeon of van een bezoek aan een museum. Ik heb wel vaker de vergelijking gemaakt met een boswandeling, een concert, een computerspelletje, strandbezoek: niemand vraagt wat dáárvan het nut is.

“Je kunt van het verleden genieten” is dus een prima antwoord maar het is wat lastig als er geld rondgaat. Als geschiedenis er immers uitsluitend was om van te genieten, zou financieel bezien de bizarre consequentie zijn dat u en ik betaalden om anderen te laten genieten, zoals de mensen van een universiteit, een gesubsidieerde stichting of een museum. Gelukkig is het zo bizar niet. We betalen omdat we er iets voor terug (zouden moeten) krijgen: inzicht.

Lees verder “Waarom geschiedenis?”

Twee dromende keizers

De slag bij de Milvische Brug: Constantijns soldaten doden hun verslagen tegenstanders, die liggen in het water van de Tiber.

Wie een antieke tekst leest, zelfs als het gaat om een rationele auteur als pakweg Plinius de Oudere, wordt altijd geconfronteerd met zaken die domweg niet kunnen. Als een vorstin haar lokken offert voor de behouden terugkeer van haar man van het front, verschijnen die kort daarna als ster aan de hemel: het sterrenbeeld Hoofdhaar van Berenice. Elke belangrijke gebeurtenis wordt aangekondigd door betrouwbare voortekens. Van Jezus van Nazaret wordt verteld dat hij de lammen liet lopen en blinden deed zien en van keizer Vespasianus wordt precies hetzelfde verteld. Keizer Marcus Aurelius had een regenmaker in dienst die het Twaalfde Legioen Fulminata redde van de ondergang. En keizer Constantijn zag hoe de goden Apollo en Victoria hem lauwerkransen presenteerden.

Ik citeer nog eens de vertaling van de redevoering die voor dat visioen de eerste documentatie vormt. Deze dateert uit de zomer van 310.

U was afgebogen naar de mooiste tempel op aarde, of nee: naar de reëel aanwezige Godheid, zoals U hebt gezien. Want ja, U hebt gezien, geloof ik, hooggeachte Constantijn, hoe uw Apollo onder begeleiding van Victoria U lauwerkransen presenteerde, stuk voor stuk goed als voorteken van dertig jaren. … Maar wat zeg ik “geloof ik”? U hébt gezien. (vert. Vincent Hunink)

Lees verder “Twee dromende keizers”

Grand

Langs de weg naar Grand, waar Constantijn zijn visioen zou hebben gehad.

De trouwe lezers van deze blog herinneren zich dat ik al een paar keer heb geschreven over een reisje dat mijn zakenpartner en ik in september hebben gemaakt langs Bastenaken, de Titelberg, Trier, Hermeskeil en Straatsburg. Ons werkelijke doel was echter Grand in Lotharingen.

Waarom? Een tijdje geleden speelde ik met de gedachte een boek te schrijven over de Franken en dat onderwerp bracht me bij de Panegyrici Latini, een verzameling antieke lofredevoeringen op de Romeinse keizer. Eén daarvan, gehouden in de zomer van 310 n.Chr., bleek aardig genoeg om een apart boekje aan te wijden. Stof te over. Niet alleen kwam in die toespraak de Frankenoorlog van een bekende keizer, Constantijn, aan de orde, maar de redenaar behandelde ook enkele bouwprojecten aan de Rijn én Constantijns visioen. Zich richtend tot de keizer haalde de spreker herinneringen op:

U was afgebogen naar de mooiste tempel op aarde, of nee: naar de reëel aanwezige Godheid, zoals U hebt gezien. Want ja, U hebt gezien, geloof ik, hooggeachte Constantijn, hoe uw Apollo onder begeleiding van Victoria U lauwerkransen presenteerde. (vert. Vincent Hunink)

Lees verder “Grand”

De Peelhelm

De Peelhelm (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

In mijn reeks museumstukken vandaag een van de beroemdste voorwerpen uit de Oudheid: de Peelhelm. Rond 300 n.Chr. gemaakt van verguld zilver, in 1910 gevonden door turfsteker Gebbel Smolenaars in de Peel, tegenwoordig in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. De helm is niet het enige voorwerp dat Smolenaars uit het veen haalde: hij vond ook enkele vierde-eeuwse munten, een mantelspeld, delen van een paardentuig en een ruiterspoor.

Net als moderne helmen bestaat de Peelhelm uit een binnen- en een buitenhelm. De binnenhelm moet van ijzer gemaakt zijn geweest. Doordat het voorwerp gelegen heeft in veen, is het ijzer compleet weggeroest. De buitenhelm, gemaakt van edelmetaal, heeft het wel overleefd. Ze bestaat uit veertien onderdelen die met gespjes en riempjes waren verbonden.

Lees verder “De Peelhelm”

Trier

Deel van het Fausta-fresco (Trier, Bischöfliches Dom- und Diözesanmuseum)

Een paar maanden geleden maakte ik met mijn zakenpartner een reisje door dat stuk van Europa waar je gedachteloos doorheen reist op weg naar échte buitenlanden: de Ardennen, de Moezelvallei, de Elzas, Champagne. Gebieden die eigenlijk prachtig zijn maar die we, blasé als we zijn, altijd hadden genegeerd. Ik blogde al over Bastogne en de Titelberg en neem u vandaag mee naar Trier, de enige bestemming op dit reisje waarvan ik kan zeggen dat ik die niet had genegeerd.

Trier is geweldig. Ik kom er al jaren tot mijn genoegen, al sliep ik dit keer voor het eerst in een hotel waar op mijn kamer een portret hing van Triers beroemdste zoon, de negentiende-eeuwse journalist, filosoof, politicus, econoom, publicist, oproerkraaier, visionair en socioloog K. Marx. Zijn familie woont nog steeds in de stad: als je de door de Romeinse keizer Constantijn gebouwde basiliek een beetje leuk op de foto wil zetten, is het onvermijdelijk dat je met je rug gaat staan naar Modehaus Marx.

Lees verder “Trier”

De Constantijnmeteoor

meteoor

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, verschijnt in april een boek van mijn hand over het visioen waarmee de weg van keizer Constantijn de Grote richting christendom begon. Vincent Hunink heeft de oudste tekst over die gebeurtenis, een redevoering uit het jaar 310, voor de gelegenheid vertaald. Ik neuzel nog wat om die vertaling heen en ik meende, naïef als ik ben, dat dit een onderwerp was waarbij ik me zou kunnen concentreren op datgene waarover u wil lezen.

Helaas is dat niet het geval. Iedereen vindt de Oudheid namelijk interessant en dat betekent dat er vrijwel geen onderwerp is waarover geen onzintheorie de ronde doet. En jawel, ook over het visioen van Constantijn is een onzintheorie: Constantijn heeft een meteoor zien neerkomen.

Eh?

Lees verder “De Constantijnmeteoor”

Het visioen van Constantijn (2)

Apsismozaïek uit de Sant’ Apollinare in Classe, Ravenna

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, werk ik aan een boek over het visioen van Constantijn de Grote. Hoewel, hét visioen? De goede man had nogal wat visioenen. De oudste beschrijving is die in een lofrede uit 310 en heeft betrekking op een gebeurtenis eerder dat jaar in Gallië. In de vertaling die Vincent Hunink voor het boek heeft gemaakt, spreekt de lofredenaar de keizer als volgt toe:

U was afgebogen naar de mooiste tempel op aarde, of nee: naar de reëel aanwezige Godheid, zoals U hebt gezien. Want ja, U hebt gezien, geloof ik, hooggeachte Constantijn, hoe uw Apollo onder begeleiding van Victoria U lauwerkransen presenteerde, stuk voor stuk goed als voorteken van dertig jaren.

Maar wat zeg ik “geloof ik”? U hebt gezien, U hebt uzelf herkend in de gedaante van hem aan wie volgens de goddelijke gezangen der dichters het koningschap over de gehele wereld toekomt.

Wie die gedaante is aan wie het koningschap toekomt – joost mag het weten. Was het een omslachtige manier om “Apollo” te zeggen? Het zou kunnen. Of wordt hier gezegd dat Constantijn een nieuwe keizer Augustus zal zijn? Verschillende woorden in de toespraak echoën diens propaganda. Een nieuwe Alexander de Grote? Die presenteerde zichzelf als beschermeling van de zon en de redenaar verwijst daar ook naar. In feite weten we het echter niet. De puzzel ligt er en zal, zolang er niet meer bewijsmateriaal opduikt, onopgelost blijven.

Lees verder “Het visioen van Constantijn (2)”

Het visioen van Constantijn (1)

“Ik schrijf nooit meer een boek!” Ik méénde het en dus schreef ik in een noot in Israël verdeeld dat dit mijn laatste boek zou zijn. Voor het soort boeken dat ik heb geschreven is het inderdaad te laat. Het heeft immers weinig zin mensen goed over de Oudheid te informeren zolang er mechanismen zijn waardoor slechte informatie zich sneller verspreidt, zowel online als in boekvorm. Een adequate voorlichting richt zich anno 2017 op Web 3.0, waar artificiële intelligentie mensen helpt betrouwbare informatie te vinden.

Dat laat onverlet dat bepaalde soorten boeken nog betekenis hebben. In het algemeen zal er ruimte blijven voor het fraai geïllustreerde koffietafelboek en de elegante vertaling (voor wie van een tekst als tekst wil genieten). In de wetenschapsvoorlichting zal er behoefte blijven aan het traditionele overzichtswerk. Het online-aanbod is immers ongedifferentieerd en geeft niet aan wat belangrijk is en wat niet. In de wetenschapsvoorlichting over de Oudheid ontbreekt bovendien de “tweede lijn”. Zo’n boek heb ik nu in de pen.

Lees verder “Het visioen van Constantijn (1)”