Faits divers (43): alles dubbel

Thracische Pegasos (Archeologisch museum, Razgrad)

Alweer een aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: twee keer museumnieuws, twee keer leuk onderzoek, twee leuke websites, twee reizen en twee boeken.

Tweemaal museumnieuws

Het jaar is nog niet ten einde, maar ik denk niet dat we nog beter museumnieuws gaan krijgen dan dit: op zaterdag 13 december heropent Museum Dorestad (in Wijk bij Duurstede) zijn deuren. Ik ben al eens een kijkje wezen nemen. Uiteraard kan een klein museum in een niet al te rijke gemeente zich niet meten met het Louvre of het Vaticaan, maar dat laat onverlet dat het verleden van Dorestad voor Nederland belangrijk is. Hier vinden we immers de eerste echte sporen van een traditie die we onze eigen geschiedenis kunnen noemen.

Lees verder “Faits divers (43): alles dubbel”

Wat is archeologie? (5) Toekomst

Marc van Oostendorp legt uit hoe de Nederlandse wetenschap er voor staat.

[Dit is het laatste van vijf blogjes over wat archeologie is en hoe we haar belang beter kunnen uitleggen. Het eerste deel was hier.]

Wat is archeologie? (5) Wat te doen?

Samenvattend: archeologie is een wetenschap waarin het evenveel draait om de vondsten als om de vragen. In de voorlichting ligt de nadruk meer op het eerste dan op het tweede, en omdat het wetenschappelijke proces dus onderbelicht blijft, is het voor politici en academische bobo’s prijsschieten. Oudheidkundigen worden onvoldoende begrepen, ook door journalisten, en kunnen weliswaar rekenen op sympathie maar niet op genoeg begrip. Bestuurders kunnen rustig een vakgroep opheffen of op een museum bezuinigen, aangezien niemand snapt wat verloren gaat. Bezuinigen is electoraal veilig.

Net als Dig It All, de houtkamer, Geheimen van het Pottenbakkerswiel, Judith en Le Phare probeert de expositie Boven Het Maaiveld in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden de doorgaans ontbrekende informatie wél te geven. Het is, zoals gezegd, niet slechts een stap maar een reuzensprong in de goede richting. We komen er echter niet mee aan de overkant. Het museum heeft ervoor gekozen de bottom-up-zijde van de archeologie te tonen, en haalt met vlag en wimpel de doelen die het zich stelt, maar ik denk dat we méér nodig hebben. Wie tevens de top-down-zijde uitlegt, toont hoe de oudheidkundige disciplines de samenleving verrijken. De Belgische voorbeelden bewijzen dat dit museaal mogelijk is.

Lees verder “Wat is archeologie? (5) Toekomst”

Caesar bij Atuatuca: Berg?

Berg

Archeologie en teksten, dat is een ongemakkelijk huwelijk. Ik heb hier weleens uitgelegd waarom archeologen volgens mij wat al te makkelijk veronderstellen dat de Drususgrachten in Nederland hebben gelegen. Soms missen archeologen een kans om hun vakbroeders, de classici, te helpen: de vondsten in Velsen kunnen niet én bij een castra behoren én bij een castellum genaamd Flevum. Tenzij we het Latijn niet goed begrijpen, en het zou leuk zijn als archeologen eens over woordbetekenissen discussieerden met hun collega’s. Eerstgenoemden hebben laatstgenoemden iets te bieden. Ook de opgravingen van Herwen en Heerlen bieden meer mogelijkheden tot samenwerking dan momenteel worden waargemaakt.

Sommige dingen waren vroeger beter dan nu. De opleidingen waren bijvoorbeeld langer. De studieduurbekorting van de jaren tachtig beroofde archeologiestudenten van een eerlijke kans vertrouwd te raken met teksten – zelfs in vertaling. Andere dingen zijn tegenwoordig dan weer beter dan vroeger: archeologiestudenten leren veel meer over technieken en raken met meer data vertrouwd. Ook dat leidt echter weg van vertrouwdheid met de antieke bronnen. En dan ontstaat het gevaar dat je eerdere inzichten als vanzelfsprekend overneemt, zonder te weten dat classici en oudhistorici die inmiddels hebben weerlegd. Er is geen bewijs dat Hadrianus ooit in Voorburg is geweest, wat de plaatselijke VVV ook beweert, en het is hoogst discutabel Nijmegen als stad te typeren, wat de plaatselijke VVV ook beweert.

Lees verder “Caesar bij Atuatuca: Berg?”

De Oudheid als eenheid

De Oudheid als eenheid: teksten en archeologische reconstructies bij elkaar

Een opvallend aspect van de bestudering van de Oudheid is haar verdeeldheid. Je hebt allerlei bloedgroepen, waarvan de classici en archeologen het grootst zijn, en die bloedgroepen werken nauwelijks samen. Weliswaar stimuleren subsidieregelingen interdisciplinaire samenwerking, maar zulke prikkels zouden niet nodig zijn als de onderzoekers werkelijk wilden. Ik ben niet op de hoogte van het bestaan van een door de samenwerkende onderzoekscholen opgestelde nota over de vormen van interdisciplinariteit waarvan de samenleving de meeste kenniswinst mag verwachten. De academische reflex om specialisme hoger aan te slaan dan generalisme, zit te diep. Specialisme geldt als normaal.

Voorlichting

En dat terwijl er meer is dat de bloedgroepen verbindt dan scheidt! Om te beginnen de voorlichting. Iedereen die weleens publieksvragen beantwoordt, weet dat mensen inzicht willen in de Oudheid, en geen informatie over de Oudheid met de beperkingen van de materiële cultuur of informatie over de Oudheid vanuit het perspectief van de classicus. In de voorlichting kan niemand zonder informatie uit elke bloedgroep.

Lees verder “De Oudheid als eenheid”

Wat is nieuws?

Gevelsteen (Egelantiersstraat, Amsterdam)

Een enkele keer blog ik hier over een recente ontdekking of nieuw inzicht. Dat gaat weleens fout. Met één april alweer even achter ons, is dit een mooi moment om het te hebben over de manieren waarop het ontspoort en over de “filters” waarmee ik probeer fouten te vermijden.

Onlangs werkte zo’n filter niet: ik blogde toen over Sponsianus, de Romeinse keizer waarvan iedereen dacht dat die niet had bestaan, totdat enkele onderzoekers het tegendeel beweerden. Ik schreef erover want dit was leuk. De onderzoekers bleken zich echter te vergissen. Gelukkig is dit een blog, dus ik kon de rectificatie er meteen bij zetten.

Lees verder “Wat is nieuws?”

Multi- en interdisciplinariteit

Een reconstructie van de boogschutter (Paris?) op de tempel van Afaia op het eiland Aigina. Deze reconstructie is te zien in de Glyptothek in München.

Woorden hebben betekenissen maar die betekenissen kunnen verschuiven. De kinderbewaarplaats van weleer heette daarna kleuterschool en inmiddels basisschool. Betekenisverschillen die ooit belangrijk waren, kunnen verdwijnen: de dromedaris gaat steeds vaker kameel heten. En wat ooit multidisciplinair heette wordt nu op één hoop gegooid met interdisciplinair. In dat geval gaat er iets van waarde verloren. Vandaar dat ik even de purist ga uithangen.

Multidisciplinair: alleen de conclusies

Gisteren blogde ik erover dat ik de kleuren van moderne reconstructies van antieke sculptuur ongeloofwaardig vond en dat een portret als dat uit Kharga bewees dat ze in de Oudheid heus wel wisten hoe het natuurgetrouwer moest. Ik had de resultaten van kunsthistorisch onderzoek overgenomen en hoewel ik er vragen bij had, had ik de resultaten niet betwijfeld. Het overnemen van een resultaat uit een vakgebied dat het jouwe niet is, heette ooit multidisciplinair.

Lees verder “Multi- en interdisciplinariteit”

Caesar in de Lage Landen

Moderne reconstructie van het gezicht van Julius Caesar, gebaseerd op de Leidse Caesar-buste. U leest er meer over in het boek van Buijtendorp.

[Gisteren werd in het Rijksmuseum van Oudheden een nieuw boek van Tom Buijtendorp gepresenteerd: Caesar in de Lage Landen. Het is geen toeval dat ik daar vandaag aandacht aan besteed, want ik heb het voorrecht gehad het “Woord vooraf” te schrijven. Dat leest u wel als u het boek eenmaal hebt bemachtigd. Hier is waarom ik denk dat het een belangrijk boek kan zijn.]

***

Wie meer wil weten over het verre verleden, beschikt grosso modo over twee soorten informatie: enerzijds geschreven bronnen, zoals Caesars Gallische Oorlog, en anderzijds archeologische vondsten, zoals de belegeringswallen die zijn opgegraven rond Alesia. Wie de nadruk legt op één van deze categorieën bewijsmateriaal, is als een pianist die vooral witte of vooral zwarte toetsen bespeelt. Door teksten en vondsten te combineren, doe je echter de boeiendste ontdekkingen. Dan ontstaat muziek. Terwijl je bijvoorbeeld aan de hand van vondsten kunt vaststellen dat rond het midden van de eerste eeuw v.Chr. de gouden munten uit noordelijk Gallië verdwijnen, suggereren teksten dat dit het moment was waarop Caesars legers het gebied aan het plunderen waren.

Lees verder “Caesar in de Lage Landen”

Alles van waarde is kwetsbaar (4)

Je wordt soms wat neerslachtig.

De culturele sector is verward. Ik heb hierboven beschreven wat het einddoel is, wat er nodig is om dat te bereiken en dat we dat niet halen. Waardoor wordt het publiek almaar niet goed bereikt?

Waardoor loopt het spaak?

Om de zaken te herstellen, moeten we zien wat de oorzaken zijn. Eén factor is de verdeeldheid die onvermijdelijk voortvloeit uit het gegeven dat er allerlei uiteenlopende clubs zijn met verschillende belangstellingssferen en uiteenlopende prioriteiten. Dat er orientalistengenootschappen, archeologische werkgemeenschappen en klassieke verbonden zijn, is alleen maar logisch, maar het probleem is – en geloof me, ik spreek uit ervaring – dat het publiek vraagt om het geheel.

Het Drents Museum in Assen speelt daar goed op in: het toont het Meisje van Yde mét Tacitus. Wie immers alleen archeologie doet of alleen de oude talen, is als iemand die op een piano alleen de witte of alleen de zwarte toetsen bespeelt. Een vak als “publieksarcheologie”, hoe sympathiek ook, heeft een naam die in feite een contradictio in terminis is, want het publiek wil de gehele Oudheid (of Middeleeuwen, of Prehistorie) en niet “de Oudheid zoals bestudeerd aan de hand van alleen de materiële cultuur”. Er zijn heel goede redenen om je te beperken tot een van de wetenschappelijke disciplines, maar je stemt je aanbod dan slecht af op de vraag.

Lees verder “Alles van waarde is kwetsbaar (4)”

Nobel streven (3)

Ik ben geen mediëvist en ook geen neerlandicus. Verwacht van mij geen inhoudelijk oordeel over Nobel streven, het onlangs verschenen boek van Frits van Oostrom dat ik al voor u samenvatte en waarover ik al opmerkte dat de auteur zo mooi uitlegt wat hij aan het doen is. Dit keer nog wat andere gedachtes die bij me opkwamen en die minder te maken hebben met Nobel streven dan met het feit dat het een boek is. Boeken zijn problematisch als medium om aan een groot publiek wetenschappelijke inzichten over te dragen. We leven immers in een tijd waarin iedereen zijn informatie zoekt op het wereldwijde web.

Ik heb al eens eerder uitgelegd dat het boek alleen nog een meerwaarde heeft als het de ongedifferentieerde nevenschikking van het internet weet te overstijgen. Het heeft geen zin een biografie te schrijven van deze of gene Romeinse keizer, aangezien vrijwel alle informatie al online is te vinden. Wat we wél zoeken is een overzicht van de Griekse literatuur of een boek over de wijze waarop archeologen van vondsten komen tot conclusies. Of een overzichtswerk dat de geschiedenis van Egypte opnieuw onderhanden neemt, de eerste geschiedenis van het Aramees of een overzicht van de omgang met de Oudheid in de Renaissance: boeken die iets bieden wat je niet vindt op het internet.

Lees verder “Nobel streven (3)”

Artifact & Artifice

Petrus en Paulus op een glazen penning van bisschop Damasus (Vaticaanse Musea, Rome)

Daar zaten we dan als studenten, te luisteren naar een docent archeologie die ons voorhield dat de Atheense democratie na de Peloponnesische Oorlog niet langer functioneerde. Terwijl wij wisten dat de belangrijkste teksten juist daarna waren geschreven: de redevoeringen van een Demosthenes, de analyse van een Aristoteles, de aanvallen van een Plato. Ons respect voor zo’n docent werd er niet groter op. Omgekeerd hadden we college van een oudhistoricus die ons adviseerde over archeologie vooral de essays van Moses Finley te lezen, terwijl wij al diens redenatiefouten moeiteloos konden uittekenen. Ook dat droeg niet bij aan ons respect voor de docenten.

Ik weet tot op de dag van vandaag niet – en ik schrijf dat zonder ironie – waar het wederzijdse onbegrip vandaan kwam, want de teksten van de oudhistorici en de vondsten van de archeologen documenteren dezelfde cultuur. Wie zich tot één bewijscategorie beperkt, is als een pianist die alleen de witte of alleen de zwarte toetsen bespeelt. Je krijgt weliswaar muziek, maar ontzegt je de volle rijkdom. Wat onderzoekers bewoog deze beperking te aanvaarden, weet ik dus niet, wél weet ik dat de Deetman-kaalslag het probleem vergrootte: de studieprogramma’s werden bekort tot vier jaar, zodat studenten geen tijd meer kregen belangrijke collega-vakken te leren kennen.

Lees verder “Artifact & Artifice”