Continuïteit

Twee Punische grafstèles uit Utica (Musée archéologique d’Utique)

Het reliëf hierboven heb ik een paar maanden geleden gefotografeerd in Utica. Twee Punische grafstèles waarvan er in Tunesië dertien in een dozijn gaan. De overledenen zwaaien ons nog even na nu we wandelen langs hun laatste rustplaatsen, zou je op het eerste gezicht zeggen, maar het kan natuurlijk ook een zegenend gebaar zijn.

Je kunt moeiteloos parallellen vinden van de vriendelijk opgestoken hand. In de Oudheid zijn er de handen van de Thracische godheid Sabazios, vaak voorzien van allerlei kwaadafwerende tekens, of de handen van de Syrisch-Romeinse godheid Jupiter Dolichenus, waarvan u hieronder een foto ziet. Er zijn christelijke amuletten met dezelfde open hand. In alle gevallen dienden deze handen om geluk en heil te brengen. Een zegen, een groet.

Lees verder “Continuïteit”

Het belang van de geesteswetenschappen

We zijn de weg kwijt.

“De feiten liggen verrassend genuanceerd”, twitterde de een, en een ander antwoordde “Zoals altijd”. Het is krek zoals ze zeiden. En ineens wist ik dat dit hét probleem van onze tijd is.

Er is een tijd geweest waarin de mensheid niet zo heel veel informatie had. In de zestiende eeuw was het voor een Europese intellectueel nog mogelijk het hele paleis van de toenmalige Europese kennis te overzien. Misschien lukte het Diderot en D’Alembert in de achttiende eeuw nog. In elk geval is het sindsdien in toenemende mate onmogelijk geworden. Daarom proberen we de enorme hoeveelheden informatie waarover we beschikken, te ordenen in handzame categorieën, patronen en sjabloons.

Lees verder “Het belang van de geesteswetenschappen”

Structuur en cultuur

Dit plaatje heeft niks met het vervolg te maken maar ik vond deze gevelsteen van de Vier Heemskinderen, op de hoek van de Herengracht/Leidsegracht in Amsterdam, gewoon leuk.

Zo rond 1970, zo heb ik ooit eens ergens gelezen, inventariseerde een cultureel antropoloog – misschien was het Roy Rappaport wel – de definities die bestaan van het woord “cultuur”. Als ik me goed herinner, vond hij er zeshonderd of zesduizend. Ik houd het er, in de voetstappen van Edward Burnett Tylor, even op dat het gaat om het complexe geheel van kennis, geloof, kunst, waarden, wetten, gewoontes en andere zaken die mensen verwerven als lid van een samenleving. Echt belangrijk is de definitie nu niet. Waar het mij om gaat is hoe je zo’n geheel zó conceptualiseert dat je er zinvolle uitspraken over kunt doen.

Ik snijd dit onderwerp aan omdat ik in de reacties op mijn eerdere stukje over het belang van de Oudheid voor ons nogal wat reacties kreeg waarvan de strekking was dat we X, Y of Z toch hadden van de Grieken, Romeinen of Joden – hoe kon ik daar nu blind voor zijn? En inderdaad, er valt een lijstje te maken van dingen die we hebben te danken aan de ouden (“but apart from the sanitation, the medicine, education, wine, public order, irrigation, roads, a fresh water system, and public health, what have the Romans ever done for us?” in de legendarische formulering van Monty Python). Die lijst is lang. En zegt weinig.

Lees verder “Structuur en cultuur”

Een archeologie-canon

Zomaar eens een foto van een archeologische stratigrafie

Gisteren bood ik op deze plaats een overzicht van een kleine veertig dingen die mensen zouden moeten weten over geschiedvorsing. Aangezien de historische canon van Van Oostrom / Kennedy geschiedenis presenteert als het ene feit na het andere, wilde ik toch eens benadrukken dat geschiedenis ook een wetenschap is.

Een van de trouwste lezers van deze blog, CK uit het archeologisch en historisch zo rijke Nijmegen, wees me erop dat een archeologiecanon ook niet zou bestaan uit een lijst van losse opgravingen, maar uit een lijst van methodische en technische vernieuwingen. In een telefoontje bespraken we dat archeologen, doordat ze de wetenschappelijke dimensie almaar niet benoemen en zich verschuilen achter de monumentenwetgeving, zélf de reden zijn waarom een staatssecretaris van Cultuur zich afvraagt wat hij aan moet met musea vol opgegraven potten en pannen, waarom de limesvoorlichting zo verrekte contraproductief is, waarom een hoogleraar publiek begrip van wetenschap de raarste dingen kan vertellen over het Rijksmuseum van Oudheden en waarom De Volkskrant archeologie te onbelangrijk vindt om iets te rectificeren. Een Nijmegenaar herinnert zich natuurlijk ook de aquaductenaffaire en de affaire in de buurgemeente Cuijk.

Lees verder “Een archeologie-canon”

Waarom we humaniora hebben

De historische wetenschappen werken met allerlei soorten begrippen: de wezensdefinitie, de omschrijvende definitie, de typen, de ideaaltypen, de extreemtypen, de familiegelijkenissen. Daar wil ik het eens over hebben.

Een wezensdefinitie is mogelijk als er een benoembare essentie is die bij alle beschreven objecten en alleen bij de beschreven objecten voorkomt. GW-Basic is een computertaal met een bepaalde grammatica, die we niet aantreffen bij andere computertalen. Een bonobo heeft een eigen DNA dat andere dieren niet hebben. Slavernij is het als iemand anders jou bezit. Water bestaat uit twee atomen waterstof en één atoom zuurstof. Als het zo precies niet lukt, zullen we zaken moeten beschrijven door middel van omschrijvende definities of een van de andere soorten begrippen.

En dan gaan we het nu – zucht – hebben over Zwarte Piet.

Lees verder “Waarom we humaniora hebben”

Centrum en periferie

Glazen armbanden (Keltenmuseum, Manching)

Eigenlijk had ik voor vandaag een ander stukje in gedachten, maar ik hoor juist dat Immanuel Wallerstein is overleden en dat wil ik toch niet helemaal onopgemerkt voorbij laten gaan, zelfs als dit op deze vroege ochtend – ik schrijf dit om zes uur – niet het onderwerp is waar ik helemaal op was voorbereid.

Kort en goed: Wallerstein wordt vooral geassocieerd met de wereldsysteem-theorie en die is weer op te vatten als een vorm van de dependencia-theorie. Deze was ontstaan omdat de klassieke liberale theorie niet verklaarde waarom Latijns-Amerika in de kwart eeuw na de Tweede Wereldoorlog niet méér economische groei had meegemaakt, terwijl rijkere landen nota bene investeerden in de regio. De verklaring van de dependencia-theorie, waaraan marxistische invloed niet vreemd was, was dat de noordelijke landen (het “centrum” van de wereldeconomie) hun welvaart opbouwden door de Derde Wereld (de “periferie”) systematisch in onderontwikkeling te houden. De investeringen dienden bijvoorbeeld vooral om grondstoffen goedkoop te kunnen bemachtigen of om om aan goedkope arbeidskrachten te komen. De periferie kon zo niet de economische ontwikkeling doormaken die het centrum had doorgemaakt. Wallerstein benutte deze ideeën om de wereldeconomie te beschrijven na de instorting van het feodale systeem.

Lees verder “Centrum en periferie”

Droysen

Droysen (ets van Hugo Bürkner)

De bestudering van het verleden lijkt wat op een pakhuis waarin van alles en nog wat ligt, Kreuz und Quer door elkaar. De een is historicus en zoekt in deze stellingenkast, de ander is archeoloog en pakt even verderop iets van het schap, de derde is classicus of socioloog en vraagt naar weer andere dingen. Zoveel hoofden, zoveel zinnen. Is er overzicht, systeem, structuur?

In mijn ervaring beschouwen veel onderzoekers de versplintering van de humaniora als gegeven. Het stoort me altijd een beetje, vooral als ze zonder nadere argumentatie zeggen dat het “nou eenmaal” zo is. Soms noemen ze de geesteswetenschappen “polyparadigmatisch”, wat minder sleazy klinkt maar op hetzelfde neerkomt.

Misschien is de versplintering inderdaad onvermijdelijk en moeten we niet langer hopen dat er in het pakhuis ooit orde zal zijn. Toch voel ik sympathie voor een Johann Gustav Droysen (1808-1884), die anderhalve eeuw geleden, in 1868, een Grundriss der Historik publiceerde waarin hij wat structuur aanbracht. Het was ook toen een geïdealiseerd overzicht, maar het maakt wel duidelijk hoe het proces van kennisverwerving zou kunnen verlopen en in die zin is het nog altijd nuttig. Eerstejaarsstudenten nemen er daarom nog weleens kennis van, meestal in uittrekselvorm.

Lees verder “Droysen”

De tien invloedrijkste antieke teksten (4)

Een van de snippers van “Enige werken der Wet” (© Wikimedia Commons)

Alvorens verder te gaan met mijn overzicht van tien teksten die een invloedrijk aspect van de Oudheid documenteren, herhaal ik nog even dat invloed wil zeggen dat iets ons denken en eventueel ons handelen in een bepaalde richting duwt. We doen of vinden iets, tenzij we ons daar bewust tegen verzetten. Vergelijk het met een berghelling: het is meestal makkelijker naar beneden te gaan, maar als je wil kun je ook naar boven klauteren. Invloed is niet hetzelfde als inspiratie, want we noemen iets inspirerend als we er bewust aansluiting bij zoeken, wat impliceert dat we het niet als vanzelf doen.

9 Orthopraxie

Een van de aspecten van de Oudheid die ik in deze reeks behandeld wil zien, is het idee dat God zich kenbaar heeft gemaakt in de vorm van een tekst. De Wet van Mozes is het bekendste voorbeeld. Omdat dit Gods woord was, diende je het als mens serieus te overwegen maar het probleem was dat de Wet niet altijd even duidelijk was. Dus was er debat over de juiste manier om te leven in overeenstemming met de Wet. We spreken van halachische discussies en een van de mooiste voorbeelden is Enige werken der Wet, een de belangrijkste Dode Zee-rollen.

Lees verder “De tien invloedrijkste antieke teksten (4)”

Waarom is archeologie belangrijk?

Een incident waarover ik vaker heb geblogd: staatssecretaris van Cultuur Halbe Zijlstra die zei niet te weten wat hij moest met “musea vol opgegraven potten en pannen”. Het schokkende was niet de provocatie maar het uitblijven van repliek. Er werd wel geklaagd, maar ik heb geen ingezonden stukken gelezen en heb geen hoogleraren zien aanschuiven bij DWDD om uit te leggen hoe archeologie de empirische onderbouwing heeft geleverd van de vooruitgangsgedachte. Deze stilte is raar, want als antivaxxers of klimaatontkenners wartaal uitslaan, komen er wel reacties.

Het voorval is bovendien niet uniek. Ander voorbeeld: een artikel waarin stond dat het bewijs voor het bestaan van het Nijmeegse aquaduct niet alleen op vondsten was gebaseerd maar ook op vergelijking, zou de aquaductenaffaire van 2014 in de kiem hebben gesmoord. Maar zelfs toen de Radbouduniversiteit om advies werd gevraagd, zwegen de archeologen. Nog een voorbeeld: geen archeoloog heeft antwoorden gegeven toen burgers via de Nationale Wetenschapsagenda vragen stelden.

Lees verder “Waarom is archeologie belangrijk?”

NWA: Oost en West

Een Romeinse kopie van een hellenistisch beeld van Kybele uit Nikaia, nu in het Archeologisch Museum van Istanbul.
Een Romeinse kopie van een hellenistisch beeld van Kybele uit Nikaia, nu in het Archeologisch Museum van Istanbul.

Vandaag behandel ik in mijn reeks rond de Nationale Wetenschapsagenda (NWA) de laatst overgebleven vragen. Ik heb ze samengenomen omdat ze alle drie niet gaan over de Oudheid zelf, maar over de wijze waarop we daarmee omgaan. Ze liggen bovendien in elkaars verlengde: in feite gaan ze over de erfenis van de negentiende eeuw.

Waarom besteden oudheidkundige musea geen aandacht aan Kybele of Cybele?

De vragensteller geeft als voorbeeld van het negeren van de belangrijke oosterse godin de Karthago-expositie in het Leidse Rijksmuseum van Oudheden. Hoewel ik eerlijk gezegd niet weet of Kybele in de antieke havenstad werd vereerd en, zo ja, of die cultus voor Karthago belangrijk was, is de observatie van de vragensteller niet onjuist. Handboeken en musea behandelen de invloed van oosterse culten doorgaans pas als ze zijn aangekomen bij de Late Oudheid, alsof het een late ontwikkeling was dat de goden van Anatolië, Syrië, Egypte en Judea zich naar het westen verspreidden. Dat wekt de indruk dat de opkomst van het christendom deel uitmaakte van een betrekkelijk laat proces van oriëntalisering van de Romeinse culten, en dat klopt niet. Kybele werd in Rome vereerd sinds de late derde eeuw v.Chr.

Lees verder “NWA: Oost en West”