De slag op de Kyrosvlakte

Grafschrift van Menas, gesneuveld op de Kyrosvlakte (Archeologische musea, Istanbul)

Schreef ik onlangs dat het Alexanderrijk nooit meer als eenheid werd hersteld en dat de toekomst behoorde aan de heersers van de deelgebieden? Dat schreef ik en het is de conclusie die in alle handboeken staat. Toch is er nog een moment geweest waarop het herenigd had kunnen zijn.

Na de slag bij Ipsos (301 v.Chr.) was Seleukos “koning van Azië” (de titel die ook Alexander had gedragen), was Ptolemaios koning van Egypte en omliggende gebieden, heersten Lysimachos over Thracië en Kassandros over Macedonië, en was Demetrios in het bezit van verschillende steden in Griekenland. Toen Kassandros in 294 v.Chr. overleed, nam Demetrios de macht in Macedonië over. Dat zat Lysimachos niet lekker, die Demetrios na enkele jaren verdreef.

Lees verder “De slag op de Kyrosvlakte” →

Maximinus de Thraciër

Een damnatio memoriae van Maximianus Thrax uit Sétif

Mijn zakenpartner heeft het weleens over de inscriptietoeter die afgaat als hij ergens op een opgraving een steen ziet waarop wat woorden staan geschreven. Ik stuiter er dan meteen op af om foto’s te maken. Later zal ik er dan een nummer aan toevoegen uit de EDCS, de Epigrafische Database van de Duitse oudheidkundigen Manfred Clauss en Wolfgang Slaby, en als daar nog geen foto’s in staan, dan stuur ik die op. Meer dan eens gaat het om materiaal dat nog niet is gedigitaliseerd of zelfs volkomen onbekend was.

In januari heb ik iets van vierhonderd foto’s gestuurd en dat is mede doordat ik op een regenachtige ochtend in Sétif heb staan fotograferen in twee met inscripties gedecoreerde parken, de Jardin Emir Abdelkader en de wat kleinere Jardin Rafaoui. Daar zat ook de bovenstaande foto bij van een inscriptie die kort voor 1920 moet zijn ontdekt in wat toen nog Saint-Arnaud heette en tegenwoordig El-Eulma heet. Zoals u ziet heeft iemand de tekst van die inscriptie doorgestreept. Een damnatio memoriae.

Lees verder “Maximinus de Thraciër” →

Dacia Felix: Romeins Dacië

Gezichtsmasker van een Romeinse ruiter, gevonden in Harsova in Dacië

De laatste dag van het jaar, het laatste stukje over de Dacia Felix-tentoonstelling in het Gallo-Romeins museum in Tongeren. Die vertelt een complex verhaal over Thracische Geten, zeg maar de oerbevolking van het oostelijke Balkanschiereiland, over Griekse havensteden, over Skythische en Keltische immigranten, over het koninkrijk Dacië en tot slot de Romeinse provincia Dacia. De titel Dacia Felix staat op een munt uit het midden van de derde eeuw – het allereerste voorwerp dat de bezoeker ziet – en is nogal ironisch omdat de Romeinen het gebied twintig jaar later moesten ontruimen.

Romeins Dacië

Toen keizer Trajanus Dacië annexeerde, erfde hij een gebied waar de bevolking al sterk was afgenomen, deels doordat zijn tegenstander Decebalus legers had verspeeld in een oorlog tegen Domitianus – een deel van de krijgsgevangen Daciërs zal zijn geëindigd in het pas gebouwde Colosseum – en deels doordat velen waren omgekomen toen Trajanus het gebied binnenviel. De Zuil van Trajanus toont het platbranden van nederzettingen, de deportatie van hele gezinnen en legionairs die de hoofden van gesneuvelde Dacische soldaten aan hun commandant aanbieden.

Lees verder “Dacia Felix: Romeins Dacië” →

Het koninkrijk Dacië

Gouden penning met een godin uit Dacië (Bjala Zlatina, Bulgarije)

Zoals de trouwe lezers van deze blog merken, had ik het naar mijn zin op de dubbele expositie in Luik en Tongeren, “Racines, les civilisations du Bas-Danube” in le Grand Curtius en daarna “Dacia Felix” in het Gallo-Romeins museum. Dacië was het koninkrijk dat in de eerste eeuw vóór en na Christus ten noorden van de Beneden-Donau lag. Het museum definieert ze als de Thraciërs die woonden in de Karpaten en Transsylvanië, archeologisch herkenbaar aan de versterkte nederzettingen die vanaf het midden van de tweede eeuw v.Chr. zijn aan te wijzen. Sarmizegetusa Regia is van deze davae, zoals ze worden aangeduid, de bekendste.

De hamvraag is waardoor die versterkingen ontstonden. Het is duidelijk dat in de voorafgaande eeuwen de inheemse bevolking, de Thracische Geten, contact had met Griekse kolonisten die zich hadden gevestigd aan de kust van de Zwarte Zee, en met Skythen en de Kelten, die zich ook vestigden aan de benedenloop van de Donau. De beeldschone tentoonstellingscatalogus zegt dat de Kelten in de vroege tweede eeuw v.Chr. vertrokken uit Transsylvanië, wellicht gedwongen door een sterker wordende plaatselijke bevolking, waarbij een nieuwe krijgerselite een rol kan hebben gespeeld. Andere specialisten, zo lees ik, menen dat de Kelten zijn geassimileerd. Ik heb ook weleens gelezen dat de Kelten de krijgerselite waren die het gebied veranderden in een Dacisch koninkrijk.

Lees verder “Het koninkrijk Dacië” →

Dacia Felix: de Kelten

Keltisch beeldje van een everzwijn uit Luna

Ik blog deze dagen over de expositie “Dacia Felix” in het Gallo-Romeins museum in Tongeren en haar oudere zusje “Racines, les civilisations du Bas-Danube” in le Grand Curtius in Luik. Over die laatste tentoonstelling leest u hier mee, over haar zusje in Vlaanderen vertel ik nog even dat er diverse culturen of zo u wil volken aan de orde komen: de Thracische Geten, die door kunnen gaan voor de oorspronkelijke bevolking, de Griekse kolonisten aan de kust, de immer fascinerende Skythen en de Kelten, waarover ik het vandaag wil hebben. Uit dit samenraapsel ontstond het koninkrijk Dacië, dat door de Romeinen werd onderworpen aan het begin van de tweede eeuw na Chr.

De Kelten zijn dé grote IJzertijdcultuur uit West-Europa, ontstaan uit de Hallstatt-cultuur in het gebied dat van Champagne en Lotharingen via de Elzas, het Zwarte Woud en Beieren liep tot en met Bohemen. Hier woonde een elite die rijk was geworden met de handel in onder meer zout en ijzer en die vervolgens de tussenhandel was gaan monopoliseren in grondstoffen die de Mediterrane wereld nodig had uit het noorden, zoals tin en barnsteen. Ik heb het hier al eens verteld. Vaak lieten de leden van deze elite zich begraven met een wagen, zoals in het wagengraf in de Elzas waar ik ooit over blogde. Hun cultuur breidde zich uit; daar is het graf van de Vorst van Oss een voorbeeld van.

Lees verder “Dacia Felix: de Kelten” →

Dacia Felix: de Skythen

Skythische krijger, eind zesde eeuw v.Chr.

Ik blogde gisteravond over de expositie “Dacia Felix” in het Gallo-Romeins museum in Tongeren. Ze behandelt de geschiedenis van wat Dacië, het huidige Roemenië, tussen pakweg 650 v.Chr. en 200 na Chr. en dat wil zeggen dat verschillende volken aan de orde komen, die elk op een bepaald moment invloed hadden. De Thracische stam der Geten valt te beschouwen als autochtoon. Er spoelden wat Grieken aan de Zwarte Zee-kust aan. De Skythen arriveerden in de zesde eeuw uit het oosten en de Kelten bereikten de regio in de vierde eeuw v.Chr. Deze vier groepen hebben allemaal in meerdere of mindere mate bijgedragen aan het ontstaan van het koninkrijk Dacië, dat in de jaren 101-106 na Chr. werd ingelijfd door de Romeinse keizer Trajanus.

De Skythen

De Skythen behoren tot de steppenomaden van Centraal-Azië. Ze spraken een Indo-Iraanse taal en begonnen in pakweg de achtste eeuw v.Chr. aan hun tocht naar het westen, waar ze de gebieden overnamen van de Kimmeriërs. Achter de Skythen kwamen de Sauromaten aan, eveneens naar het westen migrerend. De verklaring van deze westwaartse beweging, die nog eindeloos vaak zou plaatsvinden (Hunnen, Avaren, Turken, Magyaren, Mongolen…) is dat de Euraziatische steppe van oost naar west vochtiger wordt, zodat nomaden liever westwaarts trekken dan vice versa. De Skythen zijn maar één zo’n volk geweest, maar we hebben in het vierde boek van Herodotos’ Historiën een puike beschrijving van hun leefwijze, die niet eens zo beroerd is.

Lees verder “Dacia Felix: de Skythen” →

Dacia Felix: de Geten

De godin Bendis op een panter (Rogozen-schat, Archeologisch museum, Vratsa)

De expositie die ik vanmorgen beschreef, “Racines, les civilisations du Bas-Danube” in het Grand Curtius-museum in Luik, is het oudere zusje van de tentoonstelling “Dacia Felix” in het Gallo-Romeins museum in Tongeren. Waar het verhaal in Luik eindigt in de Vroege IJzertijd, daar neemt Tongeren de draad op door de geschiedenis van het Beneden-Donau-gebied te vertellen van de Late IJzertijd tot en met de Romeinse onderwerping van wat destijds Dacië heette.

Het is het verhaal van allerlei volken die naar de regio trokken en een gedeelde kunststijl hadden, met allerlei diermotieven. De Thracische stam der Geten stamde af van de eerste golf van Indo-Europese bewoners, die in het vierde en derde millennium v.Chr. westwaarts waren gekomen vanuit het huidige Oekraine; de Grieken arriveerden in de zevende eeuw op Zwarte Zee-kust; de Skythen behoorden tot een meer oostelijke groep Indo-Europees-sprekenden en trokken in de zesde eeuw vanuit Centraal-Azië richting Karpaten; de Kelten zakten ergens in de vierde eeuw v.Chr. vanuit het westen de Donau af. Uit dit alles ontstond het volk van de Daciërs, dat in de vroege tweede eeuw na Chr. door de Romeinse keizer Trajanus werd onderworpen. De huidige taal van de regio, het Roemeens, stamt af van het Latijn.

Lees verder “Dacia Felix: de Geten” →

Basiliscus

Inscriptie ter ere van generaal Basiliscus (Museum van Plovdiv)

In het museum van het Bulgaarse Plovdiv mag je, om redenen die vermoedelijk alleen de directie begrijpt, niet fotograferen. Gelukkig geldt dat verbod niet in het parkje dat dient als museumtuin. Ik bekeek bovenstaande steen destijds vluchtig, lang genoeg om te zien dat er twee talen en twee handschriften op staan en te concluderen dat ’ie op de foto moest. Dat was dat. Onlangs las ik de tekst ook en toen bleek dat dit toch wel iets bijzonders was.

Als je goed kijkt naar de onderste helft, zie je dat die ooit eveneens beschreven is geweest. De maker heeft een standbeeldsokkel met een oude inscriptie genomen, de letters weggebeiteld en er iets nieuws op gezet. Helemaal bovenaan deze stenen palimpsest is nog iets in het Grieks blijven staan, Ἀγαθῇ τύχῃ, een aanroep van het geluk die je op talloze antieke teksten vindt. En dan komt het!

Lees verder “Basiliscus” →

Het koningsgraf van Seuthes III

Seuthes III (Archeologisch museum, Sofia)

Zoals de trouwe lezers van deze kleine blog zich wellicht herinneren, was ik vorig jaar in Bulgarije. Een klein land dat na de val van de Muur zijn economie heeft moeten aanpassen, vervolgens nog eens moest aanpassen aan zijn toetreding tot de EU, en inmiddels weer moet aanpassen omdat een van de voornaamste afnemers van zijn agrarische producten Syrië was. Een land ook met opvallend veel archeologisch erfgoed – Thracisch, Grieks, Romeins, Middeleeuws, you name it – dat het ook maar weer moet zien te beheren.

Het is dus alleszins begrijpelijk dat het soms niet gaat zoals je zou willen. Zoals in dit bericht valt te lezen, is het Thracische graf van Golyamata Kosmatka ingestort. De twintig meter hoge heuvel is inmiddels een meter lager. Arbeiders hebben uit de gang die de ingang verbindt met de twee grafvertrekken zo’n vijf kubieke meter aarde weggehaald.

Lees verder “Het koningsgraf van Seuthes III” →

Karanovo

Het graf in Karanovo

Ik reis nog steeds door Bulgarije: na de noordelijke vlakte, de Beneden-Donau-limes en de kuststrook, zijn we inmiddels ten zuiden van de Balkan gereisd naar Plovdiv. Onderweg passeerden we Karanovo, een van de interessantste opgravingen in het land.

Het verhaal begint in 2008, toen grafrovers werden betrapt bij een van de duizenden grafheuvels in Bulgarije. Een team archeologen uit het nabijgelegen Nova Zagora nam de schade op en ontdekten een wagen met twee paarden. Even verderop lag een hond.

Lees verder “Karanovo” →