Een antieke hemelsfeer

De hemelsfeer van Qusair ‘Amra

In de woestijn ten oosten van Amman liggen de zogeheten Desert Castles: een stuk of vijftien forten, meest uit de Umayyadische periode (661-750 na Chr.). Sommige zijn ouder: ik blogde al eens over het Romeinse Qasr el-Azraq, dat in 1917/1918 diende als winterkwartier van Lawrence of Arabia. In een ander blogje verwees ik al eens naar Qusair ‘Amra, waar een fresco is te zien van enkele door de Arabieren verslagen koningen. In het badhuis van Qusair ‘Amra is ook bovenstaande schildering aangebracht: een hemelkaart aan de binnenkant van de koepel boven het badhuis. Rond 730 vervaardigd voor prins (later kalief) Walid II, is dit de oudste nog zichtbare geschilderde hemelsfeer.

Het is echter niet de oudst-bekende hemelsfeer, of sfaira, zoals de Grieken het noemden. De Grieks-Romeinse auteur Filostratos, die u moet plaatsen in de eerste helft van de derde eeuw, biedt een beschrijving van zo’n met een sterrenkaart beschilderde koepel. In zijn biografie van Apollonios van Tyana (eerste eeuw na Chr.) vertelt dat hij dat de rondtrekkende Pythagorese wijsgeer met zijn leerling Damis aankomt in Babylon, een van de residenties van de Parthische koningen die destijds heersten over Mesopotamië.

Lees verder “Een antieke hemelsfeer”

Saturnus Africanus (1)

Saturnus Africanus (Musée du Bardo, Tunis)

Je hoeft geen Latijn te kennen om te begrijpen dat “Saturnus Africanus” de godheid Saturnus is zoals die werd vereerd met Afrikaanse rituelen. Wie Tunesië, Algerije of Marokko bezoekt, kan niet om deze Romeinse godheid heen, al was het maar omdat hij staat vermeld in bijna 2500 gepubliceerde Latijnse inscripties, gevonden van Karthago in het oosten tot Volubilis in het westen. Vaak staat hij op die inscripties ook afgebeeld; er zijn verder honderden afbeeldingen zonder tekst. Ook zijn 200 cultusplaatsen bekend. Het bovenstaande reliëf was tien jaar geleden een van de pronkstukken op de Karthago-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden; als u het daar niet zag, zult ervoor Tunis moeten, naar het Bardo-museum.

Van boven naar beneden herkent u de god, gezeten op een troon, met een scepter en een snoeimes in de hand, met vóór hem het hoofd van óf zijn echtgenote Venus Caelestis óf de zon. Onder hem ziet u degene die deze stèle heeft opgericht. Hij staat op het punt een lam te offeren. De vlammen laaien al op van het altaar. Er zijn honderden van dit soort afbeeldingen. De baardige godheid draagt vaak een kleed over het hoofd en gaat niet zelden vergezeld van de goddelijke Tweelingen of de Zon en Maan.

Lees verder “Saturnus Africanus (1)”

De Gouden Hoed van Berlijn

De Gouden Hoed van Berlijn (Neues Museum, Berlijn)

Op de Bronstijdexpositie in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, die ik al eens aanstipte, is momenteel de Gouden Hoed van Schifferstadt te zien, die in 1835 is gevonden in de buurt van Spiers. Het wonderlijke voorwerp is ergens tussen 1400 en 1300 v.Chr. vervaardigd. Negen jaar later dook nog zo’n voorwerp op, dit keer in Avanton bij Poitiers. Dat is ruwweg even oud en ik zal niet snel vergeten hoe ik het eind oktober zag in het Musée Archéologie Nationale in Saint-Germain-en-Laye: het cliché “magisch” was zeker op zijn plaats. Een derde hoed is in 1953 in de omgeving van Neurenberg bij Ezelsdorf gevonden. Die wordt gedateerd rond 1000 v.Chr.

Tot slot verwierven de Berlijnse musea in 1996 een hoed met een schimmige herkomst. Ook die Gouden Hoed van Berlijn dateert van rond 1000 v.Chr. Ik heb het een paar keer gezien, sensationalistisch opgesteld in mysterieuze duisternis. Ondanks het gekunstelde pathos waarmee het Neues Museum het presenteert, blijft het een indrukwekkend voorwerp. Het is vijfenzeventig centimeter hoog en weegt een pond.

Lees verder “De Gouden Hoed van Berlijn”

Eise Eisinga (3)

Eise Eisinga (collectie Rijksmuseum)

[Derde deel van Truus Pinksters beschouwing over Sandra Langereis’ boek Machineman. De tijden van Eise Eisinga (2024). Het eerste deel was hier.]

En zo komen we bij die roerige jaren tachtig. Sandra Langereis begint dit deel van de biografie zo mooi:

De jaren tachtig van Eises eeuw waren mooi van lelijkheid. Alles begon te kieren en te scheuren in Nederland toen Engelse oorlogsschepen ervoor zorgden dat de overzeese handel vanuit de Hollandse havens onderuitging en Willem V als opperbevelhebber te land en ter zee weigerde daar iets aan te doen. (…) Zijn gedrag gaf vleugels aan de patriottenbeweging, die zich sterk ging maken voor inspraak van burgers in de politiek. De bodem viel weg onder de oude politiek in Nederland vanaf het moment dat in 1775 de grote indruk makende Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog uitbrak… (p.169)

Burgers roeren zich, men wil meer democratie in stads- provincie- en landsbestuur. En Eise was een van hen. En Franeker was een echte patriottenplaats. (Anders dan nu was patriot dus een aanduiding voor progressieve lieden, anti-orangisten, mensen die invloed wilden in hun stadsbestuur en de prins van Oranje, Willem V, weg wilden hebben.)

Lees verder “Eise Eisinga (3)”

Eise Eisinga (2)

Het planetarium van Eise Eisinga in Franeker
Het planetarium van Eise Eisinga in Franeker

[Tweede deel van Truus Pinksters beschouwing over Sandra Langereis’ boek Machineman. De tijden van Eise Eisinga (2024). Het eerste deel was hier.]

Het punt om zijn aandacht op te richten kwam met het verschijnen van een boekje met een voorspelling van het einde der tijden, geïnspireerd op het Bijbelboek Openbaring. Mensen werden er heel bang van. Zulke voorspellingen waren er wel vaker geweest, maar deze keer maakte het veel meer indruk omdat het boekje zei zich te baseren op Newtons natuurwetten. De aarde zou geheel gesloopt worden op 8 mei 1774, want dan kwamen Mercurius, Venus, Mars en de reuzenplaneet Jupiter op één lijn te staan en zo zou de aarde uit haar baan om de zon worden getrokken.

Het bijgeloof en de onrust onder de mensen zette Eise aan tot het bouwen van zijn prachtige planetarium, waarmee hij tot op de seconde nauwkeurig de trajecten van alle zichtbare hemelobjecten liet zien. En dat niet voor een bepaalde afgebakende periode maar tot in de eeuwigheid. Zo wilde hij de mensheid geruststellen dat God, de grote klokkenbouwer, het heelal zo vernuftig had geschapen dat het oneindig zou blijven voortbestaan.

Lees verder “Eise Eisinga (2)”

Eise Eisinga (1)

Al eerder schreef Sandra Langereis prachtige biografieën over “dwarsdenkers” als de zestiende-eeuwse drukker Christoffel Plantijn en Erasmus. Mannen die hun eigen weg zochten in de woelige tijd waarin ze gezet waren, geen revolutionairen maar, inderdaad, “dwarsdenkers”.

Nu is er weer een prachtige biografie van haar hand over Eise Eisinga, de man die in het laatste kwart van de achttiende eeuw eigenhandig een planetarium bouwde in zijn woning, waarin ook zijn wolkammersbedrijf gevestigd was. En die, wat ik wellicht nog interessanter vind, een rol speelde in het denken over democratie in die late achttiende eeuw, en een rol speelde in de beweging van de patriotten. (En denk bij dit woord nu even niet aan Geert Wilders, maar aan een oprechte wens om alle mannen (!) invloed te geven op het bestuur van gemeente, provincie en land. Vrouwen kwamen pas veel later aan bod.)

Lees verder “Eise Eisinga (1)”

Kudurru

Kudurru (Archeologisch Museum van Basra)

Wat u hierboven ziet, is een zogeheten kudurru. Dit soort stèles stammen vooral uit het Babylonië van de Kassitische periode, zeg maar de Late Bronstijd ofwel de jaren tussen pakweg 1600 en 1150. Het woord kudurru is Babylonisch en betekent zoiets als “grens”. Tot nog niet zo lang geleden dachten onderzoekers dat het ging om grensmarkeringen, want er staan vaak spijkerschriftteksten op waarvan de strekking is dat de vorst land toewijst aan deze of gene hoge functionaris. (Op de bovenstaande ontbreekt die tekst overigens. Je kunt niet alles hebben.)

De interpretatie van kudurru’s als grensmarkeringen is echter een beetje problematisch. De meeste zijn namelijk gevonden in de omgeving van de grote tempels van Babylonië. Het gaat wél om landtoewijzingen, maar vermoedelijk waren ze vooral bedoeld om te registeren dát land was toegewezen. Ze golden dus niet als markering van een perceelgrens.

Lees verder “Kudurru”

Eise Eisinga

Eise Eisinga (Stadhuis Franeker)

Franeker is even klein als leuk. In het Martenamuseum was vorig jaar een geslaagde expositie over het boekenbezit van de voormalige universiteit waar ik met veel plezier heb rondgelopen. De wereld van Reinerus Neuhusius. Even verderop – het zal geen steenworp zijn maar het scheelt weinig – is het beroemde planetarium van Eise Eisinga.

Het bijbehorende verhaal is te beroemd om niet nog eens te vertellen. In 1774 zouden de maan en de planeten Mercurius, Venus, Mars en Jupiter vlak bij elkaar aan de hemel staan en er gingen geruchten dat daardoor de aarde uit zijn baan zou worden getrokken. Een door een dominee Eelco Alta geschreven brochure veroorzaakte nogal wat paniek.

Het misverstand dat hij de wereld in hielp is overigens interessant omdat het bewijst dat hij kennis had van de zwaartekrachtwet van Newton en begreep dat andere hemellichamen krachten uitoefenden op onze aarde, maar het effect overschatte. Dit is hoe pseudowetenschap altijd werkt. Mensen begrijpen wel het principe van deze of gene wetenschappelijke methode, maar zijn niet goed in staat de werking te kwantificeren.

Lees verder “Eise Eisinga”