Mohammed, een profeet geënt op profeten (2)

In de traditionele biografie van Mohammed wordt vaak gebruik gemaakt van biografische elementen en eigenschappen van vroegere profeten. De annunciatie en de profetische vroegrijpheid kwam al ter sprake in deel 1. Hieronder volgen nog twee profetische trekken die door gelovige vertellers op Mohammed werden overgebracht.

Mohammed als herder

Wanneer wij lezen dat Mohammed als jongeman herder is geweest is het moeilijk, niet aan Mozes te denken, van wie hetzelfde wordt verteld (Koran 28:22-8). Maar veel meer bijbelse profeten blijken herder te zijn geweest. In dit geval is het een hadīth die ons verder op het spoor helpt:

… van Djābir ibn ‘Abdallāh: Wij waren met de profeet in Marr al-Zahrān arāk-vruchten aan het plukken. ‘De zwarte moet je hebben,’ zei de profeet. Wij zeiden: ‘Gezant Gods, het lijkt wel of u schapen hebt gehoed!’ ‘Ja,’ zei de profeet, ‘en is er ooit een profeet geweest die dat niet heeft gedaan?’ of woorden van die strekking.noot Er zijn ettelijke hadithen waarin dit ter sprake komt, bij voorbeeld Muslim, Sahīh, Ashriba 163: حدثني أبو الطاهر أخبرنا عبد الله بن وهب عن يونس عن ابن شهاب عن أبي سلمة بن عبد الرحمن عن جابر بن عبد الله قال: كنا مع النبي ص بمر الظهران ونحن نجني الكباث فقال النبي ص عليكم بالأسود منه قال فقلنا: يا رسول الله كأنك رعيت الغنم قال نعم وهل من نبي إلا وقد رعاها، أو نحو هذا من القول.

Lees verder “Mohammed, een profeet geënt op profeten (2)”

Mohammed, een profeet geënt op profeten (1)

Jesaja, Jezus en Mohammed

In de Koran wordt Mohammed voorgesteld als een profeet in een lange rij vroegere profeten: Abraham, Noach, Mozes, Jezus en nog ettelijke andere— niet altijd dezelfde persoonlijkheden als die in het jodendom of het christendom profeet genoemd worden. Maar wanneer we lezen over die oudere profeten, dan valt op, dat zij zich vaak net zo gedroegen en hetzelfde meemaakten als Mohammed. Ook zij werden door God met een boodschap tot een volk gezonden, bestreden het veelgodendom, dreigden hun volk met een strafgericht, werden bespot en tegengewerkt enzovoort. De trekken van Mohammed worden op die oudere profeten geprojecteerd: ze worden naar hem gemodelleerd, ze lijken op hem.

In de sira en de hadith daarentegen wordt Mohammed ingevuld met de trekken van die oudere profeten: hij lijkt op hen. Deze teksten zijn van iets later en dienden wellicht om de nieuwbakken gelovigen temidden van de overweldigende meerderheid van christenen en joden te sterken in hun geloof, eventueel ook als ze met dezen in gesprek raakten. Zie je wel: onze Mohammed hoort er ook bij, konden ze dan zeggen, hij is zelfs nog een betere profeet dan die van jullie. De joodse en christelijk teksten zullen toen ook beter bekend zijn geweest.

Lees verder “Mohammed, een profeet geënt op profeten (1)”

De nachtreis van Mohammed

De hemelreis van Mohammed

Hemelvaarten hoorden erbij in de Oudheid. Henoch, Mozes, Elia, Jesaja, Jezus, Paulus en nog anderen, ook in Perzië, zijn ten hemel gevaren. Mohammed kon natuurlijk niet achterblijven. De kern van het verhaal over zijn hemelvaart wordt door hemzelf verteld, dus betrouwbaarder kan niet. De gelovigen verwerven daardoor aanvullende kennis van het paradijs en de hel; de Koran gaf daarover slechts beperkt informatie. Mohammeds hemelvaart staat in een lange traditie, maar zou later het uitgangspunt voor een nieuwe reeks hemel- en hellevaarten worden, de mi‘rādj-litteratuur (Ma‘arrī, Libro della Scala, Dante e.a.).

Hieronder volgt het verhaal van Ibn Ishāq (704–767) in vertaling:

Lees verder “De nachtreis van Mohammed”

Irak kort (8): Borsippa

Je weet zeker dat bezoekers aan Irak je een keer zullen zeggen dat de enige zekerheid in Irak is dat je geen zekerheid hebt. Wat op de ene dag nog een duidelijk reisprogramma lijkt, kan de volgende dag totaal anders zijn. Plekken waar de paus dit voorjaar op bezoek is geweest, zijn enerzijds prachtig opgeknapt en aangepast voor bezoekers. In Ur betekent dat dat delen die in 2019 nog toegankelijk waren, nu afgesloten zijn. Soms ontmoet je archeologen, zoals in Hatra, Nineveh en Girsu, die er merkbaar plezier in hebben je rond te leiden. (Noot: in Uruk pleurden ze de halve site op slot, alsof wetenschappers de voornaamste belanghebbenden zouden zijn). Het museum in Bagdad, dat een enorme subsidie kreeg om open te zijn voor bezoekers, is inderdaad open geweest om te tonen dat het Gilgameš-tablet terug in Irak was en toen weer gesloten. En overal waar je komt vind je iets dat je niet had verwacht maar dat leuk is. Zoals in Borsippa. Of Birs Nimrud, zoals de moderne naam is.

Borsippa

We gingen naar Borsippa om  de ziggurat te zien, een plomp monument waar je allerlei tichels ziet liggen, gestempeld met spijkerschriftinscripties. Het monument is, net als de minaret van Samarra, weleens genoemd geweest als de Toren van Babel. Ernaast ligt de tempel Ezida, gewijd aan de god van de wijsheid en schrijfkunst, Nabu. Kortom: we liepen er met plezier rond, te meer omdat de ruïne van de tempeltoren in gebruik bleek als speeltuin. Sommige mensen skiën van een berg af, hier renden de kinderen van een kunstmatige berg tichels naar beneden.

Lees verder “Irak kort (8): Borsippa”

Abraham uit het Ur der Chaldeeën

Ur, met op de achtergrond de ziggurat

Het zal moeilijk te missen zijn: de paus is momenteel in Irak. Op de zaterdag waarop dit stukje online gaat zal hij in Najaf een ontmoeting hebben met de invloedrijke grootayatollah Ali al-Sistani, het “navolgenswaardig voorbeeld” (marja) voor sji’ieten in Irak, Libanon en Iran. Daarna reist hij – ik bedoel de paus – door naar Ur. Ik blogde al eens over het zogenaamde huis van Abraham, die door alle drie grote monotheïstische religies wordt beschouwd als voorvader.

De verhalen in Genesis zijn goed genoeg maar we hebben geen idee wanneer de man leefde. Het is ook eigenlijk de verkeerde vraag. Er is een keer een man Abraham geweest – de naam moet immers ergens vandaan komen – die voldoende interessant was om te onthouden en waarover men verhalen begon te vertellen. En verhalen aan toe te voegen die bij hem pasten. Hetzelfde geldt voor Isaak en Jakob, in Genesis gepresenteerd als zijn zoon en kleinzoon. Het drietal staat bekend als de aartsvaders.

Lees verder “Abraham uit het Ur der Chaldeeën”

Het huis van Abraham in Ur

Het huis van Abraham, Ur

Daar ben ik toch eigenlijk wel jaloers op, op de paus. Mijn vriendin en ik hebben al anderhalf jaar het voornemen naar Irak te gaan, een land waar ik beroepshalve allang geweest had moeten zijn. Maar ja, u weet hoe warm het is en hoe ver, en ik kan eraan toevoegen dat het ook niet goedkoop is en dat je het beste een groepje kunt samenstellen.

Juist toen dat begon te lukken en er een goede kans was dat we behalve Bagdad tenminste twee van de drie grote regio’s  – de Assyrische hoofdsteden in het noorden, het Babylonische zuiden en het sji’itische westen – konden bezoeken, kwam de corona. Wat een reis naar Irak zou zijn werd dus een reis naar Rome werd een weekje Limburg werd uiteindelijk een bezoek aan het Thermenmuseum in Heerlen. Waren we maar paus geweest.

Lees verder “Het huis van Abraham in Ur”

De aqedah

De aqedah (Byzantijns reliefje uit het Nationaal Museum in Beiroet)

Nog even een stukje naar aanleiding van iets dat ik eergisteren schreef over het offerdier, waarvan de poten waren gebonden. Ik moest ineens denken aan de aqedah, het “vastbinden” van de jonge Isaak door Abraham, de aartsvader. Het verhaal wordt verteld in Genesis 22 en begint met het onthutsende bevel van God dat Abraham zijn enige zoon moet offeren op een bergtop. Voor het goede begrip: dit soort offers kwamen in de oude wereld voor maar golden binnen het jodendom als volkomen onaanvaardbaar.

Isaak zei: “Wij hebben wel vuur en hout, maar waar is het offerdier?”
Abraham antwoordde: “God zelf zal wel voor het offerdier zorgen, mijn zoon.”
En samen gingen zij verder. Toen zij de plaats bereikt hadden die God hem had aangewezen, bouwde Abraham daar een altaar, stapelde er het hout op, bond zijn zoon Isaak vast en legde hem op het altaar, boven op het hout. Toen Abraham echter zijn hand uitstak naar het mes om daarmee zijn zoon de keel af te snijden, riep de engel van Jahwe hem van uit de hemel toe: “Abraham, Abraham!”
En hij antwoordde: “Hier ben ik.”
Hij zei: “Raak de jongen met geen vinger aan en doe hem niets! Ik weet nu dat gij god vreest, want gij hebt Mij uw zoon, uw enige, niet willen onthouden.”
Abraham keek om zich heen en bemerkte een ram, die met zijn horens in het struikgewas vastzat. Hij greep de ram en droeg die als brandoffer op, in plaats van zijn zoon.

Lees verder “De aqedah”

De vijfde eeuw (5)

Glazen schaal met het offer van Abraham: Gallië was niet bepaald arm in de late vierde eeuw (Musée archéologie nationale, Saint-Germain-en-Laye)
Glazen schaal met het offer van Abraham (Musée archéologie nationale, Saint-Germain-en-Laye)

[Een tijdje geleden blogde ik enkele keren over de Late Oudheid. Een van degenen die reageerden, John Messemaker, zegde toe zijn gedachten over het onderwerp op een rijtje te zetten. Van dat stuk verscheen het eerste deel hier.]

We zagen gisteren dat voor de Romeinse legerleider Stilicho de – wellicht mede door hem mede veroorzaakte – betrekkelijke welvaart van de noordelijke gebieden iets was om zich op te beroemen. Maar heeft hij de historische context begrepen?

De Romeinse historicus Ammianus Marcellinus schrijft nog dat een groepje Franken in de vierde eeuw in staat was om de graantoevoer naar de Rijnlegers vanuit Brittannië stil te leggen. Rond 400 was Noord-Gallië echter volledig zelfvoorzienend. Het exporteerde zelfs graan en had geen Brits graan meer nodig. Zo viel een belangrijk wapen weg dat de centrale overheid kon hanteren tegenover opstandige troepen: de aanvoer van eten kon niet meer geblokkeerd worden.

Lees verder “De vijfde eeuw (5)”

Henoch & andere goddelijke komedies

Dantes visioen van de verschillende hemels, teruggaand op Henoch

Ik beken dat er hele weken, ja hele maanden voorbij gaan zonder dat ik denk aan het kleine antieke geschrift dat bekendstaat als de Openbaring van Paulus. Sterker nog, tot gisteren had ik niet gehoord van deze gnostische tekst, die in 1945 is gevonden in het Egyptische Nag Hammadi. En dat was jammer.

Maar we beginnen niet met een obscure tekst uit de Egyptische woestijn, maar met een heel wat bekender stuk literatuur: de Goddelijke komedie van Dante. In dit tussen 1308 en 1321 gepubliceerde gedicht vertelt de ik-figuur hoe hij een visioen heeft waarin hij afdaalt in de hel en vervolgens via de louteringsberg opstijgt naar de hemel. Onderweg ontmoet hij allerlei mensen, die vertellen waarom zij worden gestraft of beloond. Tegelijkertijd wordt de filosofie van Thomas van Aquino uitgelegd. In de hel en op de louteringsberg heeft Dante als gids de Romeinse dichter Vergilius, en er is wel aangenomen dat de Florentijnse auteur op het idee van zijn werk is gekomen door lezing van de Aeneis, waarin de held afdaalt in de Onderwereld.

Lees verder “Henoch & andere goddelijke komedies”