Oezbekistan in Berlijn

Reliëf met een krijger uit Kampyr Tepe (tweede eeuw v.Chr.)

Om deprimerende redenen die u vlak voor het einde van dit blogje zult vernemen, ben ik momenteel in Berlijn. Gisteren zijn we langs Tempelhof, het Schöneberg-raadhuis en andere Koude-Oorlog-locaties wezen fietsen. Vandaag gingen we naar het Neues Museum, de Oezbekistanexpositie en het Altes Museum. Het laatstgenoemde museum toont klassieke kunst, het Neues Museum biedt Egypte en (Germaanse) Prehistorie. Alles bij elkaar ben je daar acht uur mee bezig, een pauze met curryworst inbegrepen. Daarna ben je weliswaar doodmoe maar ook helemaal vol mooie indrukken.

Invloeden op Oezbekistan

Ik hoef u een bezoek aan Berlijn niet aan te raden. Het is immers de interessantste stad van Europa en het is maar zes uur met de trein. Wat ik u wel aanraad, is de expositie Archäologische Schätze aus Usbekistan. Er zijn stukken te zien uit het Nationaal Museum in Tasjkent, het Museum van Termez, de collectie van de Oezbeekse Academie van Wetenschappen en enkele andere musea. Die zul je verder niet snel te zien krijgen, zelfs niet in Oezbekistan.

Lees verder “Oezbekistan in Berlijn”

De hellenistische steden

De hoofdstraat van Apameia

Zoals zoveel zaken in de hellenistische tijd, was de gewoonte steden te stichten een voortzetting van een eerdere praktijk. De vader van Alexander de Grote, Filippos, was de stichter van Filippoi, terwijl drie Fenicische moedersteden Tripoli hadden gesticht. Dit zijn geen koloniën – sowieso een lastig begrip – want Filippoi en Tripoli verrezen niet overzee. Het waren volksplantingen in eigen land.

Het was, zoals zo vaak, Alexander die radicaliseerde. Het lijstje begint met Iskenderun in Turkije, Alexandrië in Egypte en Edessa in Turkije. In Afghanistan liggen Alexandrië in Areia (Herat), Proftasia, Alexandrië in Arachosië (Kandahar) en Alexandrië in de Kaukasos (Begram bij Kabul). Alexandrië aan de Oxus is identiek aan Kampyr Tepe in Oezbekstian. Het Verste Alexandrië is vermoedelijk Khojand. Nikopolis, Boukefala en Alexandrië aan de Akesines (Uch) liggen in de Punjab. Er lijken stadstichtingen te zijn geweest rond Karachi. Charax ligt in zuidelijk Irak. We ronden af met Alexandrië in de Troas in Turkije en Alexandrië in Margiana (Gyaur Kala in Turkemistan). Dit waren compleet nieuwe steden of sterk vergrote oudere dorpen.

Lees verder “De hellenistische steden”

Namen, namen, namen

Detail van een monument in Nikopolis aan de Donau

Onlangs blogde ik over Maës Titianus en ik opperde in een naschrift dat de Romeins-ogende naam wel eens feitelijk de weergave kon zijn van de Aramese naam Tattanay. Ook schreef ik dat hij afkomstig kon zijn uit de landstreek Mygdonië, in noordelijk Mesopotamië.

Griekse dubbelgangers

Verwarring! Iemand wees me erop dat Mygdonië in noordelijk Griekenland lag. En dat is waar. Maar het is niet de volledige waarheid. Er zijn namelijk twee Mygdoniës: het oorspronkelijke lag in Macedonië, zeg maar rond het huidige Thessaloniki, terwijl een tweede Mygdonië lag rond Nisibis. De verklaring is dat Macedonische en Griekse soldaten uit het leger van Alexander de Grote zijn gedemobiliseerd in Mesopotamië en hun nieuwe verblijfplaatsen begonnen te vernoemen naar landstreken in hun vaderland. Latere generaties huurlingen deden hetzelfde en zo vermenigvuldigden de namen zich.

Lees verder “Namen, namen, namen”

Alexander in India (1)

Alexander te paard (Metropolitan Museum of Art, New York)

Alexander had van zijn vader Filippos niet alleen zijn koninkrijk, zijn leger en zijn oorlog tegen Perzië geërfd, maar ook enkele bijbehorende problemen. Filippos had de macht van de koning sterk uitgebreid en daarmee de betekenis van de adel verminderd, maar hij had de aristocraten tevreden gesteld met grote geschenken. De gouden voorwerpen in het archeologisch museum van Thessaloniki getuigen daar na een kleine vierentwintig eeuwen nog altijd van. De noodzaak geschenken uit te delen had voor Filippos tot gevolg dat hij altijd oorlog moest voeren: enerzijds om buit te bemachtigen, anderzijds omdat zijn bijzondere positie samenhing met zijn bevelhebberschap.

Voor zijn zoon gold hetzelfde. Hij moest veroveren blijven. Hij kon na de zege bij Issos niet anders dan verder gaan naar Tyrus, naar Egypte, naar Gaugamela, naar Babylon. Hij baande zich een weg door het Zagrosgebergte, verwoestte de paleizen van Persepolis. In 330 opende hij de jacht op zijn tegenstander Darius, die in Ekbatana bezig was een leger op te bouwen. Op het nieuws van Alexanders nadering ontruimde de Perzische vorst zijn basis en trok langs de oude handelsweg naar het oosten, waar zijn nieuwe troepen zich ophielden.

Lees verder “Alexander in India (1)”

Hellenistisch Baktrië

Ik heb ongeveer een jaar gedaan over The Hellenistic Far East (2014) van de Britse oudheidkundige Rachel Mairs. Niet omdat het geen boeiend boek zou zijn, niet omdat het een slecht boek zou zijn, maar omdat het extreem interessant was. Kort en goed samengevat onderzoekt Mair welke conclusies we met enig vertrouwen kunnen baseren op de beschikbare data. Data die, zoals in de oudheidkundige disciplines gebruikelijk, zeer schaars zijn: we hebben nauwelijks geschreven teksten, we hebben een stuk of wat inscripties en we krijgen pas de laatste tijd de beschikking over voldoende archeologisch materiaal om zinvolle vergelijkingen te maken.

Dat leidt meteen tot een nieuwe kijk op Ai Khanum, de Hellenistische stad die in het noordoosten van Afghanistan is opgegraven. Die wordt traditioneel getypeerd als een Griekse nederzetting (“an outpost of Hellenism”) en dat is ook niet zo heel erg vreemd. Kijk maar hier wat er zoal is opgegraven: het meeste zou in Griekenland niet hebben misstaan. Het is dus logisch Ai Khanum te beschouwen als een Griekse kolonie in den vreemde, niet in de laatste plaats omdat we weten dat Alexander de Grote Griekse huurlingen als kolonisten heeft achtergelaten in Baktrië, dat wil zeggen de vallei van de Boven-Oxus.

Lees verder “Hellenistisch Baktrië”

Baktrië en Afghanistan

Kampyr Tepe, zuidelijke stadspoort

Er was – en in zekere zin: is – een zekere urgentie achter Into the Land of Bones, waarin de Amerikaanse oudhistoricus Frank Holt de campagnes behandelde van Alexander de Grote in Baktrië (noord-Afghanistan en zuid-Oezbekistan) en in Sogdië (de rest van Oezbekistan). Die urgentie had alles met zijn Amerikaanse achtergrond te maken: de Amerikanen waren op het moment waarop het boek verscheen, 2005, militair aanwezig in Afghanistan en hoewel ze vochten met “ervaring, toewijding, eer, en moed” hadden ze “de geschiedenis simpelweg niet aan hun kant”.

Holt wilde zijn landgenoten waarschuwen. Met recht en reden. Oorlog in Centraal-Azië is één van de weinige punten waar de oude geschiedenis lessen biedt voor onze eigen tijd.

Lees verder “Baktrië en Afghanistan”

Alexander in Oezbekistan

Kampyr Tepe, zuidelijke stadspoort
Kampyr Tepe, zuidelijke stadspoort

Ik had vandaag eigenlijk wakker zullen worden in Tasjkent, waar ik een groep zou rondleiden. Het Nationaal Museum van Oezbekistan stond op het programma, vol interessante oudheden, culminerend in een welhaast tempelachtige zaal voor de nationale held Timoer Lenk – die overigens leefde vóór de horde van Öz Bek zich vestigde in het land dat naar hem is vernoemd. Omdat mijn vader overleed, heb ik in Nederland moeten blijven. Een vriendin begeleidt de groep nu; ik heb dinsdag de groep uitgeleide gedaan op Schiphol; en ik kan niet méér doen dan een stukje schrijven over Alexander de Grote in Sogdië – zoals Oezbekistan heette voordat de Oezbeken zich daar vestigden. Huishoudelijke mededeling voor de trouwe lezers van deze kleine blog: morgen gaan we verder met de reeks over de monotheïsering van jodendom, christendom en heidendom.

**

Hoe raakte Alexander de Grote in vredesnaam verzeild in Sogdië, een land waarvan de Grieken nauwelijks iets wisten? Het antwoord “het behoorde bij het Perzische Rijk waarmee Alexander in oorlog was” is te makkelijk: in de eerste plaats omdat de Perzische controle informeel was – anders dan in Libanon of Egypte of Turkije is er in Oezbekistan geen monumentale Perzische architectuur opgegraven. In de tweede plaats omdat de oorlog, met de dood van de Perzische koning Darius III Codomannus, in feite ten einde was. De Griekse contingenten in Alexanders leger waren in de zomer van 330 al naar huis gestuurd en werden vervangen door Griekse huurlingen.

Lees verder “Alexander in Oezbekistan”

Boeddha als Herakles

Boeddha als Herakles op een beeld uit Oud-Termez

Ik vertelde gisteren hoe de Grieken in Baktrië, het noorden van Afghanistan en het Surkandarya-district in Oezbekistan, waren aangekomen: eerst als ballingen, later als een door Alexander de Grote geïniteerde volksplanting. Kampyr Tepe is een van de zo ontstane Graeco-Baktrische versterkingen.

Vanaf de vroege tweede eeuw waren deze Grieken onafhankelijk onder eigen koningen, waarvan ik Demetrios de Onoverwonnene al eens noemde, de vorst naar wie Termez, ooit Demetria, is vernoemd. Er zijn andere theorieën, waaronder de Indische etymologie Taro Maetha, “overkant”. Deze naam kan zijn gegeven door Boeddhistische monniken die aan de zuidkant van de Amudarya zouden hebben gewoond en zich later aan de overzijde vestigden.

Lees verder “Boeddha als Herakles”

Kampyr Tepe

Huizen in Kampyr Tepe
Huizen in Kampyr Tepe

Het zuiden van Oezbekistan bestaat uit de vlakte langs rivieren als de Surkandarya en Amudarya. In de Perzische tijd werd het gebied gerekend tot Baktrië en gold het als het district waar de kroonprins kon leren besturen, ongeveer zoals de Franse kroonprins de Dauphiné had en zijn Engelse collega Wales.

Baktrië was ook het gebied waarheen de Perzische koning mensen liet deporteren: de Griekse onderzoeker Herodotos vermeldt bijvoorbeeld dat de bewoners van het Libische Barka naar het verre oosten werden afgemarcheerd. Latere Griekse historici schrijven dat Alexander de Grote in 329 v.Chr. in de omgeving van Termez werd verwelkomd door de afstammelingen van Griekse ballingen. Ondanks het gastvrij onthaal liet Alexander ze allemaal doden, omdat hun voorouders niet méér tegen de Perzen hadden gevochten.

Lees verder “Kampyr Tepe”