Berenike

Inscriptie van Berenike en Agrippa II uit Beiroet (klik=groot)

De Joodse prinses Berenike maakt in het Nieuwe Testament één keer haar opwachting en dat leidt tot zegge en schrijve drie vermeldingen. Dat is niet veel, maar we vangen desondanks een glimp op van een van de meest fenomenale vrouwen uit Romeinse geschiedenis. Ze was de dochter van de Joodse koning Herodes Agrippa I (r.37-44) en de zus van koning Herodes Agrippa II (r.43-100). Hier zijn de drie vermeldingen.

Paulus

Koning Agrippa en Berenike kwamen naar Caesarea om bij Festus hun opwachting te maken. Tijdens hun verblijf, dat verscheidene dagen duurde, sprak Festus met de koning over de rechtszaak tegen Paulus.noot Handelingen 25.13-14; NBV21.

Lees verder “Berenike”

De “Keizerlevens” van Suetonius

Hadrianus, onder wie Suetonius werkte als ab epistulis, als almachtig heerser (Altes Museum, Berlijn)

In het vorige stukje hebben we het leven van Suetonius bekeken. Maar hij is natuurlijk bekender als auteur dan als ab epistulis. We kennen van zijn hand diverse titels, zoals een biografie van Cicero, een boekje over Griekse kinderspelletjes, een scheldwoordenboek en een boek met de intrigerende titel Fysieke gebreken van de man. Helaas zijn al deze boeken verloren gegaan.

We weten iets meer over een werk dat de Pratum de rebus variis heette. Dat is te vertalen als “een weide vol uiteenlopende dingen” of, om het lichtvoetige karakter te accentueren, als “de speeltuin”. Hierin verzamelde Suetonius nuttige, interessante en vermakelijke feitjes, waarvan hij hoopte dat ze de lezer zouden amuseren. We hebben meer van dit soort collecties over uit de Grieks-Romeinse Oudheid.

Lees verder “De “Keizerlevens” van Suetonius”

Het leven van Suetonius

De inscriptie met Suetonius’ carrière (Archeologisch Museum, Annaba)

Als u nog nooit een antieke bron heb gelezen, zijn er eigenlijk maar drie plaatsen om te beginnen: de profeet Amos, voor het betere pek-en-zwavel-werk, de altijd onderhoudende Historiën van Herodotos van Halikarnassos of de keizerlevens van Suetonius. Over eerstgenoemde moeten we het bij gelegenheid nog eens hebben, over de tweede hebben we het al eens gehad, en dus is vandaag Suetonius aan de buurt.

Suetonius’ jeugd

Gaius Suetonius Tranquillus, zoals zijn volledige naam luidt, is geboren in de havenstad Hippo Regius, het moderne Annaba in het noordoosten van Algerije. Zijn vader, Suetonius Laetus, was een rijk man en behoorde tot de ridderstand, de op een na hoogste rang in de Romeinse elite (na de senatoren). In 69 na Chr., het jaar van de burgeroorlog die bekend staat als Vierkeizerjaar, diende Laetus als tribuun in het Dertiende Legioen Gemina. Zijn zoon zou later vertellen dat Laetus aanwezig was geweest toen keizer Otho besloot zelfmoord te plegen.

Lees verder “Het leven van Suetonius”

De kalenderhervorming van Julius Caesar

Zodiak uit de tijd van Caesar (Museo Nazionale, Rome)

Als ik u zeg dat het 1 december had moeten zijn in het jaar waarin Caesar met Lepidus het consulaat bekleedde, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

De dictator besloot dat het nog maar eens november moest wezen. Op de laatste dag van november volgde dus de eerste dag van de tweede november. En toen de tweede maand november was afgelopen, kwam er nog een derde. Pas daarna begon de maand december. De inhaalslag was noodzakelijk omdat de Romeinse kalender, waarin soms een extra maan werd geschrikkeld, ernstig uit de pas liep met de seizoenen. Als hogepriester moet Caesar zich dat bewust zijn geweest. Zijn biograaf Suetonius schrijft:

Caesar hervormde de kalender, die door de schuld van de priesters in het ongerede was geraakt, omdat zij naar willekeur schrikkelmanen invoegden. Het gevolg was dat de oogstfeesten niet meer in de zomer, en de wijnfeesten niet meer in de herfst vielen.noot Suetonius, Caesar 39; vert. Daan den Hengst.

Lees verder “De kalenderhervorming van Julius Caesar”

Het Colosseum (6): populaire gladiatoren

Muziek zoals ook in het Colosseum uitgevoerd moet zijn (Villa Dar Buc Ammera)

[Dit is het voorvoorlaatste van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

De meeste Romeinen waren dol op gladiatorengevechten. Velen gingen geheel op in deze demonstraties van mannelijkheid, kracht en onverschrokkenheid, zoals de Romeinse geschiedschrijver Tacitus aangeeft:

Hoeveel zijn er nog, die thuis over iets anders kunnen spreken? En waarover hoor je jonge mannen praten als je hun schoollokalen binnenloopt?noot Tacitus, Dialoog over de welsprekendheid 29.3.

Mannelijkheid, kracht en onverschrokkenheid: het waren de eigenschappen waarvan de Romeinen vonden dat zij er in royale mate over beschikten en er hun imperium aan dankten. Het bijwonen van gladiatorenshows gold als een manier om aan de dood te wennen, wat tijdens een veldslag van pas kwam. Weliswaar kwam ten tijde van keizer Tiberius de expansie van het rijk tot stilstand, maar de ideologie bleef bestaan. Konden de Romeinen hun stoerheid niet etaleren aan het front, dan konden ze hun onverschrokkenheid tonen door de dood in de arena gade te slaan.

Lees verder “Het Colosseum (6): populaire gladiatoren”

Het Colosseum (4): executies

Een van de executies in een amfitheater (Museum van El-Djem)

[Dit is het vierde van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Ik vertelde in het vorige blogje dat een dag in het Colosseum begon met jachtpartijen, vervolgde met executies en eindigde met gladiatoren. In dat vorige blogje beschreef ik de jacht. Hadden de dieren elkaar of de jagers de dieren afgemaakt, dan waren dus de misdadigers aan de beurt. Wellicht is dit het moment om even een trigger warning af te geven, want wat nu gaat volgen, is onprettige lectuur.

De eerste executies ad bestias, door beesten, vonden volgens Valerius Maximus plaats in 146 en 168 v.Chr.:

Nadat hij het Karthaagse Rijk te gronde had gericht, wierp Publius Cornelius Scipio Aemilianus deserteurs van niet-Romeinse afkomst voor de wilde beesten tijdens spelen die hij aanbood aan het volk, en toen Lucius Aemilius Paullus koning Perseus van Macedonië had overwonnen, legde hij mensen met dezelfde afkomst en schuld voor de olifanten om te worden vertrapt.noot Valerius Maximus, Gedenkenswaardige daden en uitspraken 2.7.13-14.

Lees verder “Het Colosseum (4): executies”

De viervoudige triomf van Julius Caesar

Een triomf, niet die van Caesar (Vaticaanse musea, Rome)

Als ik u zeg dat het sextilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Julius Caesar (voor de derde keer) en Marcus Aemilius Lepidus het consulaat bekleedden, en als ik dat omreken naar juni 46 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat ik vandaag blog over de vraag wat Julius Caesar zo’n 2069 jaar geleden deed.

Triomferen. Vier keer. Het grote feest waarin een Romeinse aristocraat glorieerde en voor één dag als een koning van weleer was verheven boven de andere senatoren. Het grote feest ook waarbij men een onderworpen volk aan de Romeinen presenteerde, liefst zo exotisch mogelijk. De bekendste beschrijving is die van Caesars biograaf Suetonius, die ook de vijfde triomftocht vermeldt. De Spaanse triomf was echter pas een jaar later.

De eerste en schitterendste triomftocht die hij hield was de Gallische, dan kwam de Alexandrijnse, daarna de Pontische, vervolgens de Afrikaanse en ten slotte de Spaanse. Bij elke triomftocht was het gebruikte materiaal en de presentatie weer anders.noot Suetonius, Caesar 37; vert. Daan den Hengst.

Lees verder “De viervoudige triomf van Julius Caesar”

Juvenalis over Rome: meer overlast

Een lid van de Romeinse ordetroepen (Nationaal Museum, Rome)

In het vorige blogje introduceerde ik de Derde Satire van Juvenalis (ca.60 – ca.135), waarin de dichter het leven hekelt in de woonwijken van Rome. Het door Juvenalis opgevoerde personage had een hekel aan buitenlanders, maar dat was niet zijn enige bezwaar tegen de grote stad. In het vervolg beschrijft Juvenalis de rest van de stedelijke ellende, zoals het lawaai. De vertaling is van Marietje d’Hane-Scheltema.

…Het volk
lijdt hier, ja sterft aan slaapgebrek, een kwaal
die gepaard gaat met slechte spijsvertering
en zuur en maagkramp, omdat huuretages
geen slaap gedogen. Nachtrust is in Rome
slechts rijkelui gegund. Vandaar die kwalen…
Het wielgeratel in de kronkelstraten,
het schelden van het opgepropt verkeer
houdt Jan en alleman wakker.

Lees verder “Juvenalis over Rome: meer overlast”

Leven in het oude Rome

Maquette van een Romeinse flat uit Ostia (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)

Wie Rome heeft bezocht – en ik denk dat heel veel lezers van deze blog er wel eens zijn geweest – heeft gestaan bij de steile trap naar de Santa Maria in Aracoeli, bovenop het Capitool. Aan de voet ervan is de bakstenen ruïne te zien een oud Romeins flatgebouw. Drie verdiepingen steken boven de grond uit, twee liggen onder het straatniveau. Wat overigens veel zegt over de overstromingen van de rivier de Tiber voordat deze eind negentiende eeuw werd gekanaliseerd. Op de onderste verdieping van het oude gebouw waren vrijwel zeker winkeltjes gevestigd, daarboven waren woonhuizen en op de zolder woonden sloebers in kamers zonder ramen.

In onze tijd zou de gemeente overbevolkte flats zonder aansluiting op de riolering en met raamloze bovenverdiepingen onbewoonbaar verklaren, maar in de Oudheid golden ze als redelijk onderkomen voor de stedelijke bevolking. Vitruvius, de auteur van een Handboek bouwkunde, was enthousiast:

Lees verder “Leven in het oude Rome”

De eigengereide Julia

Portretten van Julia waren om voor de hand liggende redenen zeldzaam; dit is misschien een uitzondering (Toulouse)

Tijdens haar huwelijk met Agrippa circuleerden geruchten over het veronderstelde overspel van Julia. Minstens drie mannen werden met haar in verband gebracht. Dit soort geruchten waren destijds gebruikelijk en Augustus hechtte er geen waarde aan. De gelijkenis tussen Agrippa en zijn zonen was vertrouwenwekkend. Men zou Julia later in de mond leggen dat ze alleen tijdens haar zwangerschappen vreemd ging (“ik neem geen passagier aan boord, tenzij het ruim vol is”).

Als Julia werkelijk overspel pleegde, overtrad ze de huwelijkswetgeving waarmee Augustus de moraliteit van de “goeie oude tijd” wilde herstellen. Julia had zo haar eigen gedchten. Tot haar vaders afschuw besteedde veel werk aan haar uiterlijk en kleedde zich opzichtig. Daarnaast hield ze van luxe en trok ze op met jonge mannen met een – volgens Augustus – nogal bedenkelijke reputatie. Haar vader had echter een zwak voor haar en haar scherpe geest.

Lees verder “De eigengereide Julia”