Nog even iets over papyrologie

De Leidse Amunpapyrus (foto Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Het filmpje dat u hierna ziet, illustreert de tijd waarin we leven. Mijn uitgever, Omniboek, wilde reclamefilmpjes hebben voor het interessante Mohammed-boek dat Marcel Hulspas heeft geschreven en voor mijn boek over de wedloop tussen papyrologie en vervalsers. Hulspas zou mij interviewen en ik Hulspas. Alles was al geregeld, toen de coronamaatregelen werden verscherpt en er niks van kwam. Als ik me goed herinner, kwam het nieuws dat we niet in de studio terecht konden, op de ochtend zelf. De tijd waarin we leven.

Hulspas’ boek is echter niet alleen interessant, zijn thematiek is ook belangrijk. En eerlijk gezegd vind ik ook mijn eigen boek redelijk belangrijk. Het gemak waarmee oudheidkundigen misdadigers een handje helpen, is voldoende schokkend om het, vooruitlopend op de rechtszaak tegen Obbink, nog eens over het voetlicht te brengen. En dus zaten Hulspas en ik onlangs in een uitgestorven Rijksmuseum van Oudheden. Zonder professionele apparatuur maar met een hoop praatjes.

Lees verder “Nog even iets over papyrologie”

MoM | Rome 455, Washington 2021?

Als mijn uitgever het me vraagt, en als die uitgever ook nog inhoudelijk nadenkt over wat geschiedenis is, kan ik moeilijk weigeren. Vandaar: een stukje over de vergelijking in het plaatje hierboven. Mijn uitgever heeft gelijk: de grap, waarin de Vandalen van 455 staan tegenover de vandalen van 2021, veronderstelt een achterhaalde visie op de Vandalen. Wie de Vandalen waren, leest u maar in het boek van Mischa Meier. Ik schreef er al over en zal er nog weleens op terugkomen. Mij gaat het vandaag om de vergelijking zelf.

Washington en Rome

Het is namelijk niet de enige recente vergelijking tussen gebeurtenissen in Washington en gebeurtenissen in het Romeinse Rijk. Hier staat bijvoorbeeld Donald Trump naast de Gracchi, de Pompeii en de Caesares die een einde maakten aan de Romeinse republiek. Er valt iets voor te zeggen. Een elite die privileges accepteerde zonder dienstbaarheid, werd ervaren als corrupt, had geen steun meer en ging ten onder. Maar ja: die analyse is zó algemeen dat ’ie altijd klopt. De instorting van het pausdom in de dertiende eeuw en de ondergang van het Franse absolutisme zijn andere voorbeelden. De vergelijking is zo breed dat ze zinledig is.

Lees verder “MoM | Rome 455, Washington 2021?”

Gasselte: een nieuw hunebed?

Iets zegt me dat dit geen hunebed is

Drenthe kent momenteel tweeënvijftig hunebedden, genummerd van D1 (D = Drenthe) tot en met D54. De twee ontbrekende nummers staan voor een gesloopt en een verkeerd geïdentificeerd monument. Daarnaast zijn er F1, een ten onrechte als hunebed geïdentificeerde megaliet in Friesland, en G1 en G5 in Groningen. De in die provincie ontbrekende nummers kennen we alleen uit oude kronieken. Kortom, we moeten het doen met vierenvijftig hunebedden en dus worden we blij als er nog eentje wordt ontdekt. De laatste ontdekking, G5, was in 1982 even bezuiden Delfzijl; de voorlaatste, D41 bij Emmen, was in 1809.

Hunebed #55

Sinds vorige maand claimt het Drentse dorp Gasselte nummer vijfenvijftig. Er zijn redenen om daaraan te twijfelen. Het bodemarchief van Nederland is redelijk goed bekend en de heuvel in kwestie zie je niet over het hoofd. Als hier werkelijk iets zou zijn, was het allang bekend geweest. Van de andere kant: even ten zuiden van Gasselte liggen Borger en Drouwen, met samen een half dozijn hunebedden. En even ten noorden van Gasselte liggen bij Eext en Annen nog eens zeven hunebedden. Dat er in Gasselte ooit een hunebed is geweest, ligt dus ergens in de lijn der verwachtingen.

Lees verder “Gasselte: een nieuw hunebed?”

De Grote Conjunctie van Jupiter en Saturnus

Vandaag, op de dag waarop ook de astronomische winter aanvangt (11u 2m 22s Nederlandse tijd), staan Jupiter en Saturnus het dichtst bij elkaar aan de hemel, een zeldzame gebeurtenis die slechts eens in de twintig jaar plaatsvindt. Vanavond, om 19u 22m 30s (Nederlandse tijd) is hun onderlinge afstand het kleinst en staan beide planeten slechts 6′ 6.40”, ofwel een vijfde deel van de schijnbare maandiameter, van elkaar verwijderd. Zo dicht bij elkaar zijn beide planeten sinds 1623 niet meer geweest en de eerstvolgende keer dat ze weer zo dicht bij elkaar staan zal pas in 2080 zijn.

Met een kleine kijker zullen beide planeten met hun satellietstelsels mooi in hetzelfde kijkerveld te bewonderen zijn maar met het blote oog of een verrekijker zie je alleen een heldere ster (Jupiter) boven de westelijke horizon met een zwakkere sterretje (Saturnus) net erboven – Saturnus zal ongeveer tien keer zwakker dan Jupiter zijn. Op het tijdstip van de dichtste nadering zullen beide planeten al onder de horizon staan dus wie het hemelverschijnsel met eigen ogen zelf wil aanschouwen is het zaak om enkele uren eerder, dus kort na zonsondergang de zuidwestelijke horizon af te speuren. Jupiter is, met uitzondering van de bijna halfvolle maan die hoger in het zuiden staat, verreweg het helderste hemellichaam die dan te zien is. (Zie boven.)

Lees verder “De Grote Conjunctie van Jupiter en Saturnus”

Varsseveld en Varus’ veld

Welkom in Varsseveld, gelegen in de Achterhoek tussen Doetinchem en Winterswijk. Volgens een verzonnen etymologie zou die naam zijn afgeleid van Varus’ veld. Het zou de plaats zijn van de slag in het Teutoburgerwoud.

Daar kun je om lachen. Het is inderdaad gegoropiseer. Van de andere kant: helemáál uit de lucht gegrepen is het niet. Varsseveld ligt niet ver van de Oude IJssel, een stroom die heel wel de belangstelling van de Romeinen gehad kan hebben omdat er ijzeroer te vinden is. Het Romeinse leger had goede contacten met de plaatselijke Chamaven.

Lees verder “Varsseveld en Varus’ veld”

Sapfo: van kwaad tot erger

Sapfo (Neues Museum, Berlijn)

Op een bepaald moment moet iets klaar zijn. Ik wilde, nadat Bedrieglijk echt was verschenen, niet meer over papyrologie willen schrijven. Het was een afgerond project. Soms drijft de verontrusting je echter terug.

Echt of vals?

Sapfo dus. In Bedrieglijk echt behandelde ik diverse dossiers: Artemidoros (vals), Geheime Marcus (incompetent beoordeeld), het Evangelie van de Vrouw van Jezus (vals), de Dode Zee-rol-fragmenten uit de Green-collectie (vals), de Dode Zee-rol-fragmenten uit de Schøyen-collectie (vals), het Marcusfragment (gestolen) – steeds was wel duidelijk hoe de vlag erbij hing. De Sapfo-fragmenten vormden echter een open einde. Er is geen afdoende gedocumenteerde provenance.

Lees verder “Sapfo: van kwaad tot erger”

Een gewiekste zwendelaar en een verblinde wetenschapper

Wat te mooi is om waar te zijn, is vaak niet waar. Dat gold ook voor de in 2012 opgedoken papyrussnipper waarop te lezen viel hoe Jezus van Nazaret sprak over ‘mijn vrouw’. Wat een mooie bevestiging leek van Da Vinci-code-achtige theorieën en daarom enig opzien baarde, bleek al gauw een vervalsing. Daarmee paste dit ‘Evangelie van de Vrouw van Jezus’ in een eeuwenlange traditie van onechte manuscripten. Een wetenschappelijke blamage, zeker, maar geen werkelijk nieuws.

Cover-up

Dat werd het wél toen ontdekker Karen King (Harvard) zei dat het laboratorium de echtheid zou bewijzen. Die aankondiging was alarmerend. Het lab kan namelijk wel vaststellen dat een papyrustekst een slechte vervalsing is, maar herkent een goede vervalsing niet en kan zeker niet bepalen of iets authentiek is. Harvard was rookgordijnen gaan optrekken.

Lees verder “Een gewiekste zwendelaar en een verblinde wetenschapper”

Nogmaals: hoe zag Jezus eruit?

Romeinse soldaten bespotten Jezus (Catacomben van Praetextatus, Rome; tweede eeuw)

De allereerste zin van een artikel dient om de aandacht te trekken. De auteur mag het even scherp zeggen; de nuances komen verderop wel. Maar dan moet de auteur die nuances wel tonen. En het is ook fijn als de eerste zin niet zó overdreven is dat de lezer meteen afhaakt. Dit gaat verkeerd in Marije van Beeks artikel “De ongeloofwaardige witheid van Jezus”, onlangs in Trouw.

Op de eerste afbeeldingen die van Jezus gemaakt zijn, in de eerste eeuw, is hij een witte man.

Dit is klinkklare onzin. Het probleem is niet alleen de datering. Het gaat ook om de verkeerde typering van de eerste afbeeldingen. Als we afzien van de Palatijnse spotcrucifex, waarop een gekruisigde ezel is te zien die misschien wel en misschien niet een afbeelding is van de executie van de messias, is de beroemdste Jood aller tijden aanvankelijk gewoon afgebeeld geweest zoals alle ingezetenen van het Romeinse Rijk. Ietwat gebruind, zeker niet als een moderne Noordwest-Europeaan.

Lees verder “Nogmaals: hoe zag Jezus eruit?”

Relevance is the enemy of history

Het bovenstaande plaatje doet de ronde op de sociale media. De strekking is duidelijk: christelijk Rechts in de Verenigde Staten heeft niets begrepen van het christendom. Dat wil ik best wel voor mijn rekening nemen maar er zijn kanttekeningen te plaatsen.

Vraag één: wat is christendom? Dat is zo simpel nog niet. Het is in elk geval een verzameling ideeën, gegroeid in de loop van een kleine tweeduizend jaar. Sommigen benadrukken Bijbelstudie, anderen leggen de nadruk op sacramenten en rituelen. Zo nu en dan is het een onderdeel van ’s mensen culturele of nationale identiteit. Doordat eigenlijk alles én het tegendeel daarvan vroeg of laat christelijk is, zijn christelijke ideeën overal om ons heen. Ook waar we het misschien niet meteen verwachten. Het humanisme valt bijvoorbeeld te interpreteren als een vorm van christendom.

Hieruit volgt dat de Christus van Amerikaans evangelisch Rechts een loot kan zijn aan de christelijke boom, aangezien alle ideeën vroeg of laat christelijk zijn, en dat deze Christus óók valt te interpreteren als niet-christelijk. Datzelfde geldt voor het in het plaatje getoonde alternatief: ja, die Linkse Christus staat in een christelijke traditie, en nee, deze Christus is net zo goed een politiek construct.

Lees verder “Relevance is the enemy of history”

MoM & misverstand: Natuurgodsdiensten

Standbeeld uit Ain Ghazal, even ten noorden van Amman, ongeveer 8000 v.Chr. Tot de ontdekking van een beeld in Şanli Urfa gold dit als de oudste vrijstaande sculptuur ter wereld. Het mythologisch-religieuze karakter staat met zo’n dubbel lichaam niet ter discussie (Archeologisch Museum van Amman)

Natuurgodsdiensten zijn de oudste vorm van religie. Zegt men. Vóór de moderne wetenschap bestond verklaarde de primitieve mensheid namelijk alle natuurverschijnselen als goddelijk ingrijpen. En nog eerder, vóór de mens begreep dat er goden bestonden, zag de oermens overal vage en ambigue natuurkrachten. Althans, dat dachten antropologen en godsdiensthistorici aan het eind van de negentiende eeuw. Zij meenden ook dat de oermens de vruchtbaarheid van het land had geïdentificeerd met die van de vorst. Vandaar dat de Graalkoning in een verwoest land leefde zolang de wond in zijn lendenen niet was genezen.

Koningsmoord

In natuurgodsdiensten was het niet onlogisch ’s konings vruchtbaarheid zo geconcentreerd mogelijk in te zetten: als men elk jaar een andere heerser aanstelde, maximaliseerde men diens vermogen de natuur te doen uitlopen en de oogst overvloedig te laten zijn. Aan het einde van het jaar moest de koning dan dood. Vandaar dat in zoveel Griekse mythen en sagen de koning akelig aan zijn einde komt: Herakles verbrandde, Agamemnon bezweek aan bijlslagen, Pelias werd geslacht.

Lees verder “MoM & misverstand: Natuurgodsdiensten”