Nubische koningen

Standbeelden van Nubische koningen uit Dukki Gel (Museum van Kerma)

Wie schrijft over de Oudheid heeft nogal wat clichés om te vermijden. In de tekst die ik momenteel lees is sprake van de “geoliede Romeinse oorlogsmachine” en samenpakkende “oorlogswolken”. Romeinen zijn immers altijd agressief, militaristisch en imperialistisch. Grieken zijn daarentegen altijd weer geniaal en erotisch. “Romeinen komen van Mars, Grieken van Venus”, zoals de vooroordelen een tijdje geleden werden uitgevent. Ondertussen vinden archeologen voortdurend “schatten”, identificeren ze “verloren beschavingen” en lossen ze “raadsels” op. Geen wonder dat mensen de oudheidkunde niet langer serieus nemen. En dit stukje gaat over, jawel, “zwarte farao’s”.

Ten zuiden van Egypte lag Nubië of Kush, waar in de loop der eeuwen diverse koninkrijken hebben bestaan. Eén daarvan, weleens aangeduid als Napata, slaagde er in de late achtste eeuw v.Chr. in Egypte te onderwerpen, waar de Nubische heersers bekendstaan als de Vijfentwintigste Dynastie. Het voortaan verenigde koninkrijk bleek kwetsbaar voor aanvallen vanuit het noorden, aanvallen die onvermijdelijk werden toen de Assyriërs Syrië en de Fenicische steden hadden onderworpen. Het kleine tempelstaatje Jeruzalem wist maar nauwelijks buiten het Assyrische rijk te blijven.

Lees verder “Nubische koningen”

Kleren kopen

Het leven is een hel. Het begint er al mee dat je zomaar geboren wordt zonder dat iemand je ergens om heeft gevraagd. Daarna zit er maar één ding op: proberen er alsnog iets van te maken.

Alleen wordt dát gefrustreerd doordat je voortdurend wordt verplicht tot allerlei handelingen die alleen maar noodzakelijk zijn omdat de wereld gewoon slecht in elkaar is geschroefd. Zo blijven je haren almaar groeien, waardoor je, bij wijze van groot onderhoud, om de zoveel tijd verplicht bent naar de kapper te gaan. Je bent in de wereld geworpen en de wereld doet alles om je diets te maken dat je daar niet hoort.

Lees verder “Kleren kopen”

Klassieke literatuur (5b): geschiedschrijving

Kleio, de muze van de geschiedschrijving. Mozaïek uit Zeugma, nu in Gazi Antep.

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich werkelijk in de klassieke letteren wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit aanschuiven bij een cursus, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur kun je verder Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus lezen, maar voor de Griekse en christelijke literatuur bestaat zo’n boek niet.]

Ik heb u eergisteren al voorgesteld aan Herodotos, de auteur van de Historiën, en aan Thoukydides, die het genre dat we gemakshalve “geschiedenis” noemen versmalde tot de daden van enkele grote mannen. Vandaag behandel ik enkele andere schrijvers, en dan begin ik met Xenofon, een van de onderhoudendste auteurs uit de Oudheid. Dat is ook niet zo vreemd, want behalve auteur was hij huurling, econoom, filosoof, paardenfokker, reiziger, balling, biograaf, romancier, generaal en hoveling. Met zo’n leven ben je natuurlijk niet in staat iets te schrijven dat saai is.

En inderdaad: zijn Hellenika (een geschiedenis van zijn eigen tijd), zijn biografie van koning Agesilaos en zijn geromantiseerde boek over de jeugd van Cyrus de Grote zijn buitengewoon lezenswaardig. Maar de Anabasis, het ooggetuigenverslag van een burgeroorlog in het Perzische Rijk, spant de kroon: Xenofon gaat mee op pad in het huurlingenleger van een rebel, is aanwezig bij de beslissende (verloren) veldslag, en commandeert een deel van het leger als het probeert terug te keren naar Griekenland – dwars door het besneeuwde oosten van wat nu Turkije heet. Van de 14.000 soldaten keerden er 6000 terug.

De Anabasis is verschillende keren in het Nederlands vertaald (onder andere door Gerard Koolschijn en Nicolaas Matsier en door Marc Moonen) maar die vertalingen zijn bij mijn weten niet meer leverbaar. Koolschijn vertaalde in 1990 ook de Hellenika maar ik adviseer de Landmark-vertaling, die voldoet aan de eisen die we aan een vertaling stellen in de eenentwintigste eeuw. Een Landmark-Anabasis is in de maak. John Nagelkerke vertaalde in 1999 het boek over de jeugd van Cyrus (Kyros de Grote. De vorming van een vorst): een boek dat wat meer aandacht had verdiend.

Lees verder “Klassieke literatuur (5b): geschiedschrijving”

Schervengericht

Scherf met de naam van Perikles, zoon van Xanthippos (Agoramuseum, Athene)

Een van de oudste teksten over de antieke democratie is een Sumerisch verhaal over koning Gilgamesj, die ten oorlog wil trekken maar door het ene representatieve orgaan wordt tegengehouden en daarom een ander orgaan om toestemming vraagt. Hij komt ermee weg, trekt ten strijde, overwint en lijkt vervolgens geen lastige vragen meer te hebben gehad. Het is een probleem voor elke democratie: de succesvolle of de charismatische leider die de procedures naar zijn hand kan zetten.

Persoonlijke invloed is geen misdrijf maar te veel persoonlijke invloed kan het systeem beschadigen, zelfs als de persoon in kwestie het beste met de mensheid voort heeft. Een goed-functionerende democratie kan daarmee omgaan, maar democratieën functioneren niet altijd goed. Het antieke Syracuse is een voorbeeld van een democratie die verschillende keren plaats maakte voor de alleenheerschappij van een succesvolle generaal.

Lees verder “Schervengericht”

Factcheck: Hangende Tuinen?

De “East India House Inscription” (British Museum, Londen)

Voor wie nooit iets leest, is alles nieuws. Dit betekent dat je, als wetenschapper, er goed aan doet het publiek niet te veel te vertellen, want dan kun je altijd een oud kliekje opwarmen en presenteren als iets nieuws. Een loepzuiver voorbeeld van nieuws-dat-geen-nieuws-is-maar-ervoor-moet-doorgaan is het bericht dat de zogenaamde Islamitische Staat ongewild de Hangende Tuinen van Babylon zou hebben gevonden.

Nou, dus niet. En het is zelfs geen hypothese die de moeite van het overwegen waard is. Het is gewoon zoeken naar iets waarvan je weet dat het niet bestaat en toch “hebbes!” roepen.

Lees verder “Factcheck: Hangende Tuinen?”

Klassieke literatuur (5a): geschiedschrijving

Mijn (letterlijk kapot gelezen) exemplaar van Rex Warners vertaling van Thoukydides

[Bij mijn mail zat onlangs de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich werkelijk in de klassieke letteren wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit aanschuiven bij een cursus, zoals deze. Voor de Latijnse literatuur kun je verder Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus lezen, maar voor de Griekse en christelijke literatuur bestaat zo’n boek niet.]

Vandaag behandel ik het antieke genre waarvan ik gisteren beargumenteerde dat het eigenlijk geen “geschiedschrijving” zou moeten heten. De redenen: de Griekse en Latijnse schrijvers konden nauwelijks echte archiefratten zijn, ze zagen geschiedschrijving vaak als een morele exercitie en ze hadden een methodisch individualistische visie op causaliteit. De antieke geschiedschrijving is kwalitatief even ver van de moderne geschiedschrijving verwijderd als alchemie van chemie en astrologie van astronomie. Omdat we geen echte term hebben om het antieke genre aan te duiden, zal ik het ook maar geschiedschrijving noemen, maar het schuurt.

Lees verder “Klassieke literatuur (5a): geschiedschrijving”

MoM | Levensbeschouwing en causaliteit (2)

[In het voorgaande stukje heb ik uitgelegd dat eenieder die zich bezighoudt met het verleden, moet laveren tussen ontologisch holisme en ontologisch individualisme. Ik heb geconcludeerd dat levensbeschouwingen het beste kunnen worden beschouwd als een voortdurend veranderend netwerk van in meer of mindere mate gedeelde ideeën en sociale relaties.]

Heeft het christendom, om de opmerking van Buma weer op te pikken, het westerse gelijkheidsideaal veroorzaakt? Ik denk dat hij wel een béétje gelijk heeft. De Bijbel zit vol tegenspraken en daardoor stuitten christenen, door de eeuwen heen, steeds weer op passages die hun konden brengen tot egalitaire ideeën. Het gelijkheidsideaal behoort, zo bezien, tot de christelijke bagage, samen met een ongelijkheidsideaal. Het is een deel van het “voortdurend veranderende netwerk van in meer of mindere mate gedeelde ideeën en sociale relaties”.

Lees verder “MoM | Levensbeschouwing en causaliteit (2)”