We kunnen de geesteswetenschappen niet langer redden (en dat is ook uw probleem)

Matilo

Een paar dagen geleden blogde ik over de bedreiging van de oudheidkundige departementen in Sheffield en Halle-Wittenberg. Het gaat nu snel met de sloop van de oudheidkunde, want hier is de volgende: het klassiek instituut van de Howard-universiteit in Washington. De onvermijdelijke petitie vindt u daar.

Ik ben te kwaad om een fijn stukje te schrijven.

Ik heb geprobeerd in een blogje voor deze maandag onder woorden te brengen wat er fout gaat. Dat is dat veel geesteswetenschappers hun inzichten niet professioneel delen. Om het bij de dit keer bedreigde classici te houden: de DNA-revolutie biedt hun een enorme verrijking, ze hebben als vakgebied goud in handen – en ze zwijgen daarover. Onuitgelegd maakt onbekend maakt onbemind maakt kwetsbaar. De problemen zijn dus selbstverschuldet. Maar dat vertelde ik al.

Lees verder “We kunnen de geesteswetenschappen niet langer redden (en dat is ook uw probleem)”

De Bergrede (1)

Christus als wetgever, op een heel laag bergje. Detail van een sarcofaag uit Rome (Louvre, Parijs)

Zoals ik al eerder heb verteld, liggen aan de evangeliën van Matteüs en Lukas twee bronnen ten grondslag, enerzijds het evangelie van Marcus en anderzijds de bron Q. (Er gaat een gerucht dat een tekst van Q is aangetroffen in dezelfde cache waarin ook het Judas-evangelie zou zijn gevonden. Ik ben sceptisch, maar noteer het als iets waarop u gespitst moet zijn.) Lukas geeft Q weer in de volgorde waarin hij het aantrof: een reeks spreekwoorden en gezegdes zonder veel verband. Matteüs maakt er toespraken van, waarvan de Bergrede het indrukwekkendste is. Ze is vooral bekend om de ronkende proloog, de beroemde “zaligsprekingen”, waarin Jezus de toekomst schetst in het Koninkrijk van God (“Gelukkig wie hongeren en dorsten naar gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.”)

Er is over de Bergrede veel te vertellen. Zo is er een nauwe parallel in de Dode-Zee-rol die bekendstaat als 4Q525 en zijn er leuke antropologische observaties te doen bij het woord “geluk”. Mij gaat het nu even om de compositie als geheel, die er dus een is van Matteüs. Het publiek zal meteen hebben herkend dat als Jezus op een berg de Wet gaat bespreken, dit een verwijzing is naar Mozes’ wetgevende activiteit op de berg Horeb/Sinaï. Dat maakt Jezus in de eerste plaats “de profeet als Mozes”, een gangbare messiaanse titel, en in de tweede plaats een religieuze autoriteit. Immers, joodse religieuze autoriteit wilde zeggen: uitleg van de Wet.

Lees verder “De Bergrede (1)”

Hannibal in Italië: waarom?

Dit is niet Hannibal

Zoals ik al vertelde, werk ik momenteel aan een boekje over Hannibal in de Alpen. Het doel is uit te leggen waarom pogingen zijn route naar Italië vast te stellen, wel moeten mislukken. Waarom Hannibal besloot tot deze expeditie, is eigenlijk van ondergeschikt belang. Dat is meer een vraag voor een andere gelegenheid – bijvoorbeeld voor een blogstukje.

Ik begrijp het gewoon niet. We kunnen niet in Hannibals geest kijken maar mogen speculeren. Het is redelijk aan te nemen dat hij wel een paar dingen wist over zijn tegenstanders, de Romeinen.

Lees verder “Hannibal in Italië: waarom?”

De slag bij de Hondenkoppen (4)

“De melancholieke Romein”: vermoedelijk Flamininus. (Museum van Delfi)

[Vierde deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

 Ook de andere staten trokken hun conclusies. Ruim een generatie na de slag bij Kynoskefalai, zo rond het jaar 160, hadden de meeste legers afstand genomen van de aloude falanxstrijdwijze en probeerden de generaals te vechten zoals de Romeinen. Het baatte weinig: na Macedonië zouden ook het Seleukidische Rijk en het Ptolemaïsche Egypte bezwijken.

Zover was het echter nog niet. Het vredesverdrag liet twee problemen open: de al genoemde kwestie-Argos en de wijze waarop de Romeinen hun Griekse alliantie vorm wilden geven. Om over het laatste uitsluitsel te geven, wachtte Flamininus op de sportwedstrijden die in 196 bij Korinthe werden georganiseerd, waarbij vertegenwoordigers van alle Griekse stadstaten aanwezig zouden zijn.

Lees verder “De slag bij de Hondenkoppen (4)”

Krokodillentranen

Egyptische krokodil (Staatliche Museum Ägyptischer Kunst, München)

Er schijnt een spreekwoord te zijn – al heb ik het maar één keer gehoord en toen ook nog met de toelichting dat het een spreekwoord was – dat er geen beter vermaak is dan leedvermaak. Welnu, ik heb wat leedvermaak te bieden: de firma Hobby Lobby heeft een rechtszaak aangespannen tegen Dirk Obbink en eist zeven miljoen dollar terug.

Hobby Lobby is een andere naam voor de Green-collectie. Steve Green wilde graag een Museum voor de Bijbel openen in Washington – het is er inderdaad gekomen – en verzamelde daarvoor oudheden. Die kocht hij regelmatig aan via zijn bedrijf, Hobby Lobby, dat artikelen verkoopt voor mensen die houden van handwerken.

Lees verder “Krokodillentranen”

De slag bij de Hondenkoppen (3)

Mogelijk Romeins kamp bij Kynoskefalai

[Derde deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

Polybios zou meer over de slag hebben kunnen vertellen. Onvermeld blijft het ruitergevecht dat er moet zijn geweest en ook over de olifanten zegt hij weinig. Hij is dan ook vooral geïnteresseerd in de botsing van de Romeinse legioenen, die Afrika hadden veroverd, en de Macedonische falanx, waarmee ooit de Perzen waren verslagen. Wat volgt is een van de beroemdste militaire analyses uit de Griekse letteren: Polybios, Wereldgeschiedenis 18.25-32. De vertaling is van Wolter Kassies.

Lees verder “De slag bij de Hondenkoppen (3)”

De slag bij de Hondenkoppen (2)

Kynoskefalai

[Tweede deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

De afwijzing van de voorwaarden was voldoende om de Volksvergadering alsnog te laten instemmen met de oorlogsverklaring en eind 200 staken de legioenen de Adriatische Zee over. De eerste Romeinse generaal bracht Filippos voldoende kleine nederlagen toe om te bewerkstelligen dat de Aitolische steden in het westen, waarmee Rome na 215 al had samengewerkt, zich opnieuw aansloten bij Rome.

In het volgende jaar opende Filippos onderhandelingen. Hij bleek bereid tot flinke concessies. Maar de nieuwe Romeinse generaal, Titus Quinctius Flamininus rook bloed en stelde hogere eisen: Filippos moest maar beginnen met de evacuatie van Thessalië, een Grieks gebied dat al anderhalve eeuw door de Macedoniërs werd bestuurd. Hij moet hebben geweten dat dit onaanvaardbaar was. De oorlog werd hervat.

Lees verder “De slag bij de Hondenkoppen (2)”

De ondergang van de geesteswetenschappen

Ach ja, de geesteswetenschappen. Deze week is het de Martin-Luther-universiteit in Halle-Wittenberg en dit keer zijn het onder andere classici wier instituut wordt bedreigd. Twee weken geleden waren de archeologen in Sheffield de pineut. Er is een petitie hier en er is een petitie daar. U moet ze maar even tekenen, als u denkt dat het nog zin heeft.

Die laatste acht woorden zijn insinuerend. Natuurlijk heeft het wél zin er wat van te zeggen als universiteiten iets waardevols mollen. Dat ik die acht woorden toevoeg, is echter om diezelfde reden. Het is zinvol te noteren dat het geen verrassing is. Een jaar of zes geleden documenteerde ik in een stukje “Ex oriente nox” hoe het traditionele onbegrip voor de humaniora steeds vaker overging in sloop.

Lees verder “De ondergang van de geesteswetenschappen”

De slag bij de Hondenkoppen (1)

Filippos V (Numismatisch Museum, Athene)

Toen Hannibal de veldslag bij het Trasimeense Meer had gewonnen, gaf hij zijn manschappen opdracht de wapenrustingen aan te trekken van de gesneuvelde legionairs. Het staat vast dat hij bij een latere veldslag, die bij Zama, zijn soldaten opstelde in de voor de Romeinse legioenen typerende drievoudige slaglinie. Anders gezegd: hij nam aspecten over de Romeinse manier van oorlogsvoering. Die was dan ook superieur, zoals bleek tijdens de Tweede Macedonische Oorlog, waarin de tot dan toe onverslaanbaar geachte Macedonische falanx het onderspit dolf.

In 200 v.Chr. brak voor de tweede keer oorlog uit tussen Rome en Macedonië. Sinds koning Filippos V in 215 een verdrag met Hannibal had gesloten waren de relaties niet al te best en na de Tweede Punische oorlog stuurden sommige Romeinse politici aan op een campagne aan de overzijde van de Adriatische Zee. De grote vraag is waarom zij dat deden. Een vredesverdrag was ook in de Oudheid een vredesverdrag en Filippos had de bestaande overeenkomst niet geschonden.

Lees verder “De slag bij de Hondenkoppen (1)”

Hannibal in de Alpen

Karthaagse afbeelding van een olifant op een grafstèle (Musée national de Carthage)

In het najaar van 218 v.Chr. trok de Karthaagse veldheer Hannibal in vijftien dagen over de Alpen. Het was slechts één deel van één van de vele militaire operaties in de Tweede Punische Oorlog, die op zijn beurt weer deel uitmaakte van een langdurig conflict tussen Karthago en Rome.

Laten we eerlijk zijn: de route die Hannibal over de Alpen nam, is een kwestie van niks. Maar het is wel iets dat tot de verbeelding spreekt. Zeg immers “Karthago” en de mensen denken aan Hannibal. En zeg “Hannibal” en de mensen zien olifanten voor zich die moeizaam trekken door de besneeuwde Alpen. Niet dat er werkelijk veel sneeuw lag, overigens.

Maar goed, Hannibals tocht vanuit de vallei van de Rhône naar de Povlakte is een van de weinige thema’s uit de oude geschiedenis waarvan iedereen een beeld heeft. Alle reden om er een boek over te schrijven. En daar ben ik onlangs aan begonnen.

Lees verder “Hannibal in de Alpen”