Voor-westerse geschiedenis (6) herders

Herders in de Zagros

Wie door het Midden-Oosten reist, stuit vroeg of laat onvermijdelijk op herders die hun kuddes verplaatsen van de zomer- naar de winterweiden en terug. Ze trekken daar wat meer de aandacht dan in Griekenland of Italië, hoewel ook daar nog altijd herders zijn die met geiten en runderen heen en weer trekken. In Spanje zijn de cañadas, de wegen waarlangs herders hun kuddes verweidden, niet meer wat ze zijn geweest, en dat geldt ook voor de drailles uit het zuiden van Frankrijk, maar de aloude levenswijze is niet verdwenen. Ik zag vorige maand ergens bij Murcia nog een verkeersbord dat automobilisten attendeerde op grote kuddes.

Ook in onze eigen contreien benutten boeren nog altijd winter- en zomerweides. Ik herinner me uit mijn Veluwse jeugd dat de koeien met vrachtwagens naar Friesland gingen. De winter- en zomerweiden hoeven overigens niet zo ver uit elkaar te liggen: in Zwitserland bestaat Almwirtschaft, waarbij de kuddes van het dal naar – je raadt het nooit – de alm worden verplaatst. En weer terug natuurlijk. Het moge duidelijk zijn: veeteelt beperkt zich niet tot ’n grasveldje met wat prikkeldraad erom.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (6) herders”

Saturnus Africanus (1)

Saturnus Africanus (Musée du Bardo, Tunis)

Je hoeft geen Latijn te kennen om te begrijpen dat “Saturnus Africanus” de godheid Saturnus is zoals die werd vereerd met Afrikaanse rituelen. Wie Tunesië, Algerije of Marokko bezoekt, kan niet om deze Romeinse godheid heen, al was het maar omdat hij staat vermeld in bijna 2500 gepubliceerde Latijnse inscripties, gevonden van Karthago in het oosten tot Volubilis in het westen. Vaak staat hij op die inscripties ook afgebeeld; er zijn verder honderden afbeeldingen zonder tekst. Ook zijn 200 cultusplaatsen bekend. Het bovenstaande reliëf was tien jaar geleden een van de pronkstukken op de Karthago-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden; als u het daar niet zag, zult ervoor Tunis moeten, naar het Bardo-museum.

Van boven naar beneden herkent u de god, gezeten op een troon, met een scepter en een snoeimes in de hand, met vóór hem het hoofd van óf zijn echtgenote Venus Caelestis óf de zon. Onder hem ziet u degene die deze stèle heeft opgericht. Hij staat op het punt een lam te offeren. De vlammen laaien al op van het altaar. Er zijn honderden van dit soort afbeeldingen. De baardige godheid draagt vaak een kleed over het hoofd en gaat niet zelden vergezeld van de goddelijke Tweelingen of de Zon en Maan.

Lees verder “Saturnus Africanus (1)”

Leverschouw

Kopie van een model voor leverschouw (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Eerlijk is eerlijk: het bovenstaande voorwerp is niet echt. Het is een replica, aanwezig in de collectie van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Voor het origineel moet u naar Piacenza in Noord-Italië, naar de Palazzo Farnese, waar de plaatselijke archeologische collectie is te zien. Het bronzen voorwerp stelt een schaapslever voor en is vermoedelijk eind tweede eeuw v.Chr. vervaardigd.

Het voorwerpje is iets kleiner dan een handpalm. Het was, om zo te zeggen het handboek van de ingewandenschouwer, de haruspex. Zo iemand kon de toekomst voorspellen – of beter, meende de toekomst te kunnen voorspellen – aan de hand van de uitstulpingen van de lever uit een offerdier.

Lees verder “Leverschouw”

Xenofon in Armenië

Het historische Armenië had een gevarieerd landschap; dit is de omgeving van Bitlis.

We gaan naar Armenië. Ik liet u een paar dagen geleden achter bij de Assyrische hoofdsteden Kalhu en Nineveh, waar Xenofon en zijn huurlingen de nachten hadden doorgebracht. Vervolgens marcheerden ze langs de rivier de Tigris naar het noordwesten. We kunnen de route tot Cizre vrij precies op de landkaart volgen, maar daarna wordt het lastiger. Zowel het commentaar van Otto Lendle als de Landmarkvertaling houden het erop dat de huurlingen de rivier Bitlis stroomopwaarts volgden tot aan de gelijknamige stad. Ook het huidige Muş zou zijn aangedaan.

Armenië in de winter

De tocht door het destijds nog door Armeniërs bewoonde land was lastig. Een snee was ghevallen groot. Het was februari 400 v.Chr. en stervenskoud.

Lees verder “Xenofon in Armenië”

Drie soorten cyclopen

Odysseus en Polyfemos (Eleusis)

Wat de Grieken een sfinx noemden, kennen we als cherub uit het oude Nabije Oosten. De griffioen kennen we ook van de steppenomaden uit Eurazië – correct geobserveerd in de laatste Asterix. De gorgonen ontleenden de Grieken aan de Mesopotamische Humbaba, ook bekend uit het Epos van Gilgameš. Voor de cyclopen, “rond-ogers”, ken ik echter zo snel geen voor-Griekse parallel. De Grieken vonden de cyclopen uit en deden het meteen drie keer.

De cycloop als herder

De oudste vermelding is te vinden in het negende boek van HomerosOdyssee. Het verhaal is wereldberoemd. Na een landing op een eiland worden Odysseus en twaalf metgezellen gevangen genomen door de cycloop Polyfemos, die hen samen met een schaapskudde in een grot vasthoudt en zijn gasten wil verslinden. De Griekse held geeft wijn te drinken aan de cycloop, die belooft dat hij hem als laatste zal opeten en, beleefd als kannibalen zijn, informeert naar zijn naam. Odysseus antwoordt dat hij Niemand heet.

Lees verder “Drie soorten cyclopen”

Herders in de velden

Een herder en zijn schapen (Bode-Museum, Berlijn)

Een traditionele kerststal toont zowel de door Lukas vermelde herders als de door Mattheüs vermelde wijzen. Die laatsten hebben niets te maken met de geboorte van Jezus: Mattheüs spreekt van een paidion, een kind, en niet van een baby, brefos. Ik kom er nog op terug. Vandaag de herders, geciteerd in de Nieuwe Bijbelvertaling.

Uitschot

Niet ver daarvandaan brachten herders de nacht door in het veld, ze hielden de wacht bij hun kudde. Opeens stond er een engel van de Heer bij hen en werden ze omgeven door het stralende licht van de Heer, zodat ze hevig schrokken. De engel zei tegen hen: ‘Wees niet bang, want ik kom jullie goed nieuws brengen, dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen: vandaag is in de stad van David jullie redder geboren. Hij is de messias, de Heer. Dit zal voor jullie het teken zijn: jullie zullen een pasgeboren kind vinden dat in een doek gewikkeld in een voederbak ligt.’ En plotseling voegde zich bij de engel een groot hemels leger dat God prees met de woorden:

‘Eer aan God in de hoogste hemel
en vrede op aarde voor alle mensen die hij liefheeft.’

Lees verder “Herders in de velden”

Dierenbotten uit Carnuntum

Na afloop van een jachtpartij in het amfitheater worden de kadavers geruimd. Eén beer geeft zich nog niet gewonnen. Dit reliëf komt uit Kibyra en is nu in de Archeologische Musea van Istanbul.

Even ten oosten van Wenen ligt Carnuntum. Een Romeinse legioenbasis zoals er wel meer zijn: een groot fort, een rivierhaven, een stad ernaast, een residentie voor een bestuurder, heiligdommen. Het Veertiende Legioen Gemina, hier gestationeerd, had het allemaal. En wat zo aardig is: het is nauwelijks overbouwd, zodat de plek een archeologische vindplaats hors catégorie is.

Momenteel doen bioarcheologen onderzoek naar het amfitheater bij het fort, waar de botten zijn gevonden van de dieren die daar in de Late Oudheid in de arena zijn omgebracht. U denkt nu aan leeuwen, maar daarvan zijn geen resten gevonden. De archeologen hebben wel een door honden aangevreten panterbot aangetroffen, maar het is onduidelijk of de panter het in de arena heeft moeten opnemen tegen wilde honden of wolven, of dat het kadaver voor de honden is geworpen. Was de panter een exoot, de rest van de dieren was inheems: beren, herten, wolven, bizons en wat everzwijnen. Na de jachtpartijen in de arena gingen ze allemaal naar de slager, die het vlees verkocht en de botten dumpte. Zie het plaatje hierboven.

De slager slachtte verder varkens (daarover binnenkort meer), schapen, paarden, ezels, kippen, ganzen, hazen en een enkele geit. De opgravers vonden ook visgraten en de botjes van raven, kraaien en kauwen. Kortom, afgezien van de panter waren het allemaal inheemse dieren, wat misschien een aanwijzing is voor de regionalisering van de Romeinse economie in de Late Oudheid. Er was echter nóg een exoot.

Lees verder “Dierenbotten uit Carnuntum”

Odysseus en Polyfemos

Odysseus en Polyfemos op een sarcofaag uit Kouklia (Museum van Oud-Pafos)

De Odyssee bevat enkele scènes die de moderne lezer regelrecht ontroeren. Odysseus die na twintig jaar thuis komt en wordt herkend door zijn oude, op een mestvaalt liggende jachthond, die van vreugde sterft. Of het verhaal van Polyfemos.

De eenogige reus heeft Odysseus en enkele van zijn metgezellen opgesloten in een grot maar is blind gemaakt. Nu moeten de gevangenen nog naar buiten zien te komen en daarvoor is nodig dat de cycloop de rots weghaalt die de deur vormt. Dat gebeurt gelukkig als hij zijn schaapskudde uitlaat en Odysseus bindt zijn vrienden onder de schapen vast, zoals u hierboven ziet op een rond 500 v.Chr. gemaakte sarcofaag uit Kouklia ofwel Oud-Pafos op Cyprus. Polyfemos laat de dieren – en dus de mensen – naar buiten. Maar niet zonder zijn schapen te hebben toegesproken.

Lees verder “Odysseus en Polyfemos”

De eerste landbouwers

Stamboom van het Aziatisch en Europees DNA (klik = groot; ©Archaeogenetics Research Group, universiteit van Huddersfield)

Oudheidkundigen maken sinds de zeventiende, achttiende eeuw gebruik van drie soorten bewijsmateriaal: geschreven bronnen, materiële resten en parallellen in andere samenlevingen. Drie vensters op het verre verleden. Met het DNA-onderzoek, waar ik het gisteren al over had, gaat nu een vierde venster open. Ik rondde mijn vorige stukje af met een verwijzing naar de stamboom van DNA-groepen (hierboven) en vroeg uw aandacht voor de ongebruikelijke vertakking onder H. De verspreiding daarvan lijkt samen te hangen met de verspreiding van de landbouw.

Het ontstaan daarvan is een beetje een puzzel, die steeds verandert als er ergens oudere vondsten worden gedaan. De laatste keer dat ik het opzocht leek het erop dat ergens rond 9500 v.Chr. mensen aan de bovenloop van de Eufraat begonnen met de teelt van tarwe, meer precies eenkoorn en emmer. Na een eeuw of vijf werden de eerste schapen en geiten getemd in de Zagros– en Taurusbergen. Veeteelt is dus een latere ontwikkeling dan akkerbouw. Ruwweg tegelijk ontstond de eerste monumentale architectuur: ik blogde al eens over de fenomenale monumenten die zijn aangetroffen in Göbekli Tepe en Sanli Urfa. Vee en varkens volgden en het eerste aardewerk in het Nabije Oosten dateert van ruwweg 7000 v.Chr. In vijfentwintig eeuwen was de samenleving ingrijpend veranderd – archeologen noemen dat een revolutie.

Lees verder “De eerste landbouwers”

Leer en perkament

Leerbewerking

Even iets recht zetten. Een paar dagen geleden viel op deze kleine blog een bijdrage te lezen van een dikke Amsterdamse historicus, tevens medewerker van uw binnenkort favoriete oudheidkundige tijdschrift Ancient History Magazine, die in de Livius Nieuwsbrief uw aandacht vroeg voor

een lief artikel over de zorg waarmee een vier millennia oude perkamentrol wordt gerestaureerd.

Naar aanleiding van die opmerking kreeg opgemelde dikke Amsterdamse historicus een mailtje van een vriendelijke papyroloog, Klaas Worp, die hem op de vingers tikte. In het artikel in The Guardian waarnaar was gelinkt, was immers geen sprake van een perkamenten rol, maar van een rol gemaakt van leer.

Lees verder “Leer en perkament”