De Europese canon (16-20)

Vroege kaart van Amerika

In de alweer vijfde aflevering in de reeks over de Europese canon gaan we kijken naar de overgang van Middeleeuwen naar Nieuwe Tijd.

De Grote Ontdekkingen

Periode: Vanaf 1419

Vanaf 1419 organiseerden de Portugezen systematische verkenningstochten langs de westelijke kust van Afrika. Die werden steeds ambitieuzer. Bartolomeu Dias passeerde in 1488 Kaap de Goede Hoop, Vasco da Gama bereikte in 1497 India. In de tussentijd was Columbus namens de reyes católicos de Atlantische Oceaan overgestoken. Rond 1500 begonnen de Europeane nte begrijpen dat Columbus niet in India was aangekomen, zoals hij dacht, maar een nieuwe wereld had ontdekt.

Lees verder “De Europese canon (16-20)”

Drie nieuwe codices van de Azteken

De Codex Yohualli Ehecatl, het “Boek van nacht en wind” (Wereldmuseum, Leiden)

Hé, dit is leuk: de ontdekking van drie Azteken-codices. U moet daarbij niet denken aan de codices uit de Europese Middeleeuwen, want Azteken-codices zijn niet geschreven op perkament maar op berkenhout bestreken met een laagje gips. Voor zover ik weet bestaan de Mexicaanse codices ook uit één tekst, geschreven in pictogrammen. Dat is anders dan de Europese codices, die vaak diverse teksten bevatten en die alfabetisch zijn geschreven. En nog een verschil: de Azteken-codices zijn jonger. Ze zijn vervaardigd toen men in Europa boeken van papier was gaan drukken.

Pictogrammen

De naam codex mag dan wat ongelukkig zijn, de Azteken-codices bieden wel heel belangrijke informatie. Ze hebben andere perspectieven dan de teksten van de Europese veroveraars, zoals de brieven van Hernán Cortés en de latere Spaanse kronieken. In combinatie met de archeologische vondsten én de informatie die de afstammelingen van de Azteken mondeling hebben doorgegeven, vertellen de codices enkele eigen verhalen van de precolumbiaanse inwoners van Amerika.

Lees verder “Drie nieuwe codices van de Azteken”

De Inka’s (4): Inti Raymi

De Inka’s met Pizarro: een poging de Spaanse overheersing te presenteren als logische voortzetting van het rijk van de Inka’s (Humboldtforum, Berlijn)

[Laatste blogje in een vierdelig reeks door Frans Buijs over de Inka’s. Het eerste deel was hier.]

Terug in Cusco installeerden de Spanjaarden een familielid van Huayna Capac, Manco, als de nieuwe Inka, die ze echter zo vernederden dat hij in opstand kwam. Hij viel de Spanjaarden in Cusco aan met een groot leger, maar uiteindelijk bleken de Inka’s toch niet opgewassen tegen de harnassen, de vuurwapens en de paarden van de Spanjaarden en Manco moest zich terugtrekken naar Vilcabamba.

Toen Hiram Bingham in 1911 de ruïnes van Machu Picchu ontdekte, dacht hij dat het Vilcabamba was, maar later onderzoek wees uit dat het een buitenverblijf was van de vijftiende-eeuwse Inka Pachacutec Yupanqui en dat het waarschijnlijk al verlaten was voordat de Spanjaarden landden. De Spanjaarden hebben Machu Picchu nooit gevonden.

Lees verder “De Inka’s (4): Inti Raymi”

De Inka’s (3): goud en aardappelen

Inka-beeldje (Humboldtforum, Berlijn)

[Derde blogje in een vierdelig reeks door Frans Buijs over de Inka’s. Het eerste deel was hier.]

Hoe kwam het dat Atahuallpa zich zo makkelijk liet overrompelen? Om een antwoord te vinden op die vraag gaat Wim Kamerbeek, de auteur van Atahuallpa’s vergissing, eerst te rade bij een ander boek, Zwaarden, paarden en ziektekiemen van Jared Diamond. De Spanjaarden hadden natuurlijk een technologisch overwicht op de Inka’s en ze waren resistent tegen ziekten.

Kennis van de wereld

Maar dat is niet alles. Ze hadden ook een voorsprong op het gebied van kennis. Pizarro kon zelf niet lezen of schrijven, maar hij had een hele cultuur achter zich die dat wel kon. En die al eeuwenlang contact had gehad met de buitenwereld, eerst met Azië en nu met Amerika. De Spanjaarden hadden het Aztekenrijk onder de voet gelopen en hadden dus al ervaring opgedaan met het verkennen en veroveren van de nieuwe wereld.

Lees verder “De Inka’s (3): goud en aardappelen”

De Inka’s (2): Tawantinsuyu

Ritueel beeldje van de Inka’s (Museum aan de Stroom, Antwerpen)

[Tweede blogje in een vierdelig reeks door Frans Buijs over de Inka’s. Het eerste deel was hier.]

Volgens het scheppingsverhaal van de Inka’s ontmoetten de zon Inti en de maan elkaar tijdens een zonsverduistering en schiepen zij toen de eerste Inka, Manco Capac en zijn zus Mama Ocllo om de mensheid te onderwijzen in landbouw, veeteelt (lama’s in dit geval), huishouden, godsdienst en wetten, kortom, alles wat een beschaving nodig heeft. Ze vestigden zich in Cusco, de navel van de wereld, dat het centrum van hun rijk werd.

Tawantinsuyu: het Rijk van de Inka’s

Of deze Manco echt bestaan heeft is niet helemaal duidelijk, maar er kwamen nog tien Inka’s na hem die hun macht steeds verder uitbreidden tot ze uiteindelijk heersten over een gebied dat de huidige landen Ecuador, Peru, Bolivia, Chili en het noordwestelijkste stukje van Argentinië beslaat. Ze noemden het Tawantinsuyu, het land van de vier windstreken.

Lees verder “De Inka’s (2): Tawantinsuyu”

De Inka’s (1): Intipchurin en Runa

Over de Inka’s zijn in het Nederlands niet zo heel veel boeken verschenen en dat is jammer, want deze beschaving is zeker zo interessant als die van de oude wereld. Misschien komt het door de afstand of doordat de Spanjaarden het gebied eeuwenlang overheerst hebben. Reisjournalist Wim Kamerbeek is in het gat gesprongen. Hij publiceerde onder andere voor reisblad Columbus en schreef ook al een geschiedenis van Zuid Amerika getiteld Ploegen van de zee (gebaseerd op een uitspraak van Simón Bolívar over revoluties). In Atahuallpa’s vergissing gaat het over het Inkarijk. Wat nu volgt is een bespreking van het boek aangevuld met wat persoonlijke observaties.

Geografie

De geografie van Zuid-Amerika wordt natuurlijk bepaald door de Andes, die enorme bergketen met toppen tot zesduizend meter hoog die zich van noord naar zuid uitstrekt over het continent en zo de regenwolken die opdoemen vanuit het tropisch laagland tegenhoudt, zodat het kustgebied ten westen van de Andes droog blijft (de droogste woestijn ter wereld is niet de Sahara maar de Atacama in Chili) en de regen die valt geen andere keus heeft dan de oostelijke wanden van de Andes af te stromen en zo beekjes en rivieren te vormen die uiteindelijk allemaal uitmonden in de reusachtige Amazone die al dat water duizenden kilometers verderop de Atlantische Oceaan in pompt en onderweg het grootste tropische regenwoud ter wereld creëert.

Lees verder “De Inka’s (1): Intipchurin en Runa”

Middeleeuws Tunesië

Mahdia

Ik vertelde gisteren dat Aghlabidisch Tunesië in de problemen kwam door een grote opstand. De rebellen hielpen vervolgens de Fatimiden, eveneens sji’ieten, aan de macht in Egypte. Zij eisten het kalifaat op, dat volgens hen ten onrechte in handen was gekomen van de Umayyaden (eerst in Damascus, rond 900 nog steeds in Córdoba) en de Abbasiden van Bagdad. De zich als kalief aandienende Fatimidische leider gold als de teruggekeerde laatste imam, de mahdi, en de residentie van de Fatimidische gouverneur in Tunesië heette dan ook Mahdia.

De Ziriden

De bestuurders die, toen de Fatimidische kalief zich vestigde in Cairo, namens hem heersten over Tunesië, kwamen vanaf 972 uit de dynastie die bekendstaat als de Ziriden, Berbers. En zoals de Aghlabiden autonomie hadden verworven ten opzichte van de Abbasiden, zo gingen de Ziriden zich onafhankelijk gedragen ten opzichte van de Fatimiden. De economische bloei van Tunesië zette zich aanvankelijk voort, maar men verloor de greep op de woestijnhandel: de Fatimiden in Egypte en de Almoraviden in Marokko werden geduchte concurrenten.

Lees verder “Middeleeuws Tunesië”

Middeleeuws Jeruzalem

Rotskoepel, Jeruzalem

[Dit is het laatste van drie blogjes over wat een toerist kan bekijken in Jeruzalem. Het eerste was hier.]

Middeleeuwen

Met de Middeleeuwen kom ik buiten mijn specialisme, maar ik wil toch nog wat dingen noemen. Uit deze tijd zijn immers ook allerlei bouwwerken en monumenten bekend die je als toerist niet wil missen.

Aan het kerkje van het graf van Maria, even buiten de stad, heb ik speciale herinneringen. We wandelden er met een groepje geen werkelijk overdreven religieuze mensen binnen, maar iedereen werd tegelijk stil en bleef luisteren naar de monnik die er aan het zingen was. Maria is hier vanzelfsprekend niet begraven geweest. Hier is echter wel het graf van koningin Melisende, een van de machtigste vrouwen uit het Koninkrijk Jeruzalem.

Lees verder “Middeleeuws Jeruzalem”

Precolumbiaanse kunst

Azteekse watergodin uit Mexico

Ongetwijfeld woedt er discussie over de vraag of we de geschiedenis van de Amerika’s vóór de komst van Columbus nog moeten aanduiden als “precolumbiaans”. Zoals alle historische periodiseringen verheldert én verdoezelt ook dit etiket. Ja, de komst van mensen van overzee was een schok, een breuk. Nee, er waren continuïteiten.

Schok en continuïteit

De klap van de Spaanse aanwezigheid was in elk geval onvoorstelbaar. De conquistadores kwamen met schepen, paarden, kanonnen, christendom, gouddorst en het pokkenvirus. De mensen in Midden-Amerika, die leefden in wat wij het Chalcolithicum zouden noemen, konden zich geen voorstelling maken van wat hun te wachten stond. Vermoedelijk begrepen ze het evenmin nadat Hernán Cortés, samen met de Tlaxcalteken en de Texcoca’s, de hoofdstad Tenochtitlan had verwoest. De ervaren schok schiep ruimte voor de snelle verspreiding van het christendom en de Spaanse taal.

Lees verder “Precolumbiaanse kunst”

Hooglied (3): Een Egyptische wasf

Een Egyptische dame, van top tot teen (Neues Museum, Berlijn)

[Mijn goede vriend Richard Kroes werpt een blik op het Hooglied. Het eerste deel van dit stuk was hier.]

Zoals gezegd is het gedicht van Al-Marrar ibn Munqidh een millennium jonger dan het Hooglied. De volgende Egyptische tekst is duizend jaar ouder, maar heeft ook de vorm van een wasf. Het is te vinden op een papyrus vol liefdesliederen die zich momenteel bevindt in Dublin en bekend staat als Chester Beatty Papyrus 1.

Uniek is mijn zuster, ze heeft geen gelijke:
gracieuzer dan alle andere vrouwen.
Zie haar, als Sirius die opkomt
aan het begin van het nieuwe jaar;
glanzend, kostbaar, met een lichte huid,
lieflijk haar ogen als zij kijkt.
Zoet haar lippen wanneer zij spreekt,
zij gebruikt niet teveel woorden.
Lang van hals, blank van borst,
haar haar echt lapis lazuli,
haar armen meer dan goud,
haar vingers lotussen.
Liefelijk haar tred als zij loopt over de grond
zij heeft mijn hart veroverd in haar omhelzing.

Lees verder “Hooglied (3): Een Egyptische wasf”