Le Tour du monde en 80 jours

In 1870 maakte de Amerikaanse zakenman George Francis Train een wereldreis: van New York met de in 1869 voltooide transcontinentale spoorlijn naar Californië, over de Stille Zuidzee naar Japan, en vervolgens via Singapore naar de Indische Oceaan. Door het in 1869 geopende Suezkanaal bereikte hij de Mediterrane wateren, waarna hij in Parijs verstrikt raakte in het politieke geweld na de Frans-Duitse Oorlog, gevangen werd gezet en na bemiddeling door Alexandre Dumas (père) weer op vrije voeten kwam. Uiteindelijk kon hij via Londen terugreizen naar Amerika. Afgezien van de dagen in de gevangenis legde hij zijn reis om de wereld af in precies tachtig dagen.

Hij was niet de enige wereldreiziger. Heinrich Schliemann, die later beroemd zou worden als archeoloog, had in 1864 al eens zo’n reis gemaakt. Reisbureau Cook bood vanaf 1872 reizen rond de wereld aan. Maar er waren in die jaren natuurlijk slechts twee echte wereldreizigers: Phileas Fogg en Passepartout reisden van 2 oktober en 21 december 1872, zoals iedereen weet, in tachtig dagen om de wereld, plus één dag in de gevangenis. En Jules Verne heeft van hun denkbeeldige avonturen een geweldige roman gemaakt, die ik onlangs heb herlezen. Verne is de ideale auteur om je Frans op peil te houden.

Lees verder “Le Tour du monde en 80 jours”

Spanje tussen twee werelden

Spaanse manuscript met de tekst van de Griekse auteur Dioskourides (Pergamonmuseum, Berlijn)

Ik heb u de afgelopen maand meegenomen door de geschiedenis van het Iberische Schiereiland, vooral Spanje, in de tweede helft van het eerste millennium, met vooraf twee stukken over het Rijk van Toulouse en achteraf twee stukken over de Almoraviden en Almohaden. Ze gaan terug op een deel van de scriptie die ik in 1993 inleverde in Leiden; daarin stelde ik de vraag waarom de Romeinse samenleving de Visigotische invasie kon absorberen en waarom de Arabische samenleving dat niet kon doen met wat ik gemakshalve maar even de Reconquista zal noemen.

Ik concludeerde destijds dat de druk om je aan te passen aan de Romeinse habitus groter was dan de druk om je aan te passen aan de Arabische, maar die stof laat ik nu rusten. Om te beginnen omdat de analyse ongeschikt is voor een blog en verder omdat tegenwoordig niet ter discussie staat dat de Visigoten al vóór hun aankomst op het Iberische Schiereiland waren geromaniseerd. Liever eindig ik met een ietwat voorspelbare dubbele observatie.

Lees verder “Spanje tussen twee werelden”

Titus Livius (7): kwaliteiten

Zomaar een Romein met een kapsel à la keizer Augustus, niet per se Titus Livius (Archeologisch museum Córdoba)

[Laatste blogje in een reeks over de Romeinse geschiedschrijver Titus Livius. Het eerste deel was hier.]

Livius leefde tweeduizend jaar geleden. Je mag hem elitair noemen, je mag zijn moralisme oppervlakkig noemen. Het is immers een klassieke auteur. Om deze reeks niet in mineur te beëindigen, noem ik twee deugden die Livius óók bezit.

Titus Livius als stilist

Om te beginnen kan hij een verhaal vertellen. Tijdens het bewind van keizer Domitianus (r.81-96) stelde Quintilianus, een docent welsprekendheid, de Romeinse geschiedschrijvers Livius en Sallustius gelijk aan de Griekse auteurs Herodotos en Thoukydides.noot [Quintilianus, Opleiding tot redenaar 10.1.101.]. Dat was destijds de allergrootst mogelijke lof. Als Livius iets vertelde, zo vervolgde Quintilianus, was het verhaal zo helder als kristal, terwijl zijn toespraken onbeschrijfelijk welluidend waren.

Lees verder “Titus Livius (7): kwaliteiten”

De zevende hemel

De tien manichese hemels

Zoals gebruikelijk blog ik op zondag over de Grieks-Romeins-Joodse wereld van het Nieuwe Testament, en vandaag moet dat maar eens gaan over het wonderlijke idee dat er boven de aarde diverse hemels zijn. Zo schrijft de apostel Paulus in zijn Tweede Brief aan de Korintiërs:

Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen. Maar ik weet dat deze man …   werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die geen mens kan en mag uitspreken.noot 2 Korintiërs 12.2-4; NBV21.

Lees verder “De zevende hemel”

De Europese canon (11-15)

Scholastiek onderwijs (Benozzo Gozzoli)

In deze vierde aflevering van mijn reeks over de Europese canon belandden we in de tijd die we, afhankelijke van het gekozen perspectief, kunnen aanduiden als het herfsttij der Middeleeuwen of de vroege Renaissance.

Scholastiek

Periode: Late Middeleeuwen

De filosofie van de Late Oudheid, waarin het christendom zijn boodschap moest uitdrukken, staat bekend als het Neoplatonisme. Ook in de Arabische wereld was deze stroming lange tijd dominant, maar gaandeweg ontdekte men het belang van Aristoteles.

Europa volgde. Aanvankelijk was men sceptisch over het aristoteliaanse denken, maar in de dertiende eeuw wist Thomas van Aquino, profiterend van de vertalingen van Willem van Moerbeke, de christelijke theologie uit te leggen in de termen van Aristoteles’ filosofie. Daarmee was hij de grote representant van de laatmiddeleeuwse filosofie, de scholastiek. Zo werd Aristoteles in heel Europa de “meester van alle wijzen”, zoals Dante hem typeert. In de Arabische wereld bleef Aristoteles’ populariteit daarentegen beperkt; de commentaren van Ibn Rushd waren invloedrijker in Latijnse vertaling dan in het Arabische origineel.

Lees verder “De Europese canon (11-15)”

Kerstmis bij Vergilius?

Vergilius Pius (“de vrome Vergilius”) in de Walburgiskerk in Zutphen

Graag sluit ik aan bij de interessante bijdrage van Wim RavenMidden in de winternacht”, die aangaf waarom de Koran geen beschrijving van Kerstmis bevatte. Er is nog een beroemde tekst waarvan eveneens ten onrechte is beweerd dat er een verwijzing naar het kerstfeest in zat: de Vierde Ecloga of Herderszang van Vergilius.

In deze tekst, opgedragen aan Gaius Asinius Pollio, wordt de geboorte voorspeld van een Kind van goddelijke afkomst tijdens Pollios’s aanstaande consulaat (40 v.Chr.). Tijdens het leven van dit Kind zal het “Gouden Tijdperk” geleidelijk terugkeren. Over de identiteit van het Kind is veel gespeculeerd: de verwachte zonen van Pollio, van Marcus Antonius en van Octavianus komen allen in aanmerking, maar de tekst geeft geen uitsluitsel

Lees verder “Kerstmis bij Vergilius?”

De Renaissance van de Twaalfde Eeuw (2)

De gotische bouwstijl is het meest zichtbare aspect van de Renaissance van de Twaalfde Eeuw. Dit gotische portaal naast een romaanse kerk is in Worms; het is ook de locatie van de ruzie tussen Brunhilde en Kriemhilde in het Nibelungenlied.

Was de elfde eeuw, zoals ik hierboven schreef, een overgangstijd? Tja. Alles is altijd een overgangstijd. Je kunt altijd wel iets aanwijzen dat verandert. En je kunt ook altijd continuïteiten aanwijzen. Wat zéker veranderde, was de implosie van het Kalifaat van Córdoba op het Iberische schiereiland. De instorting bood de Normandiërs de gelegenheid de Straat van Gibraltar te passeren, waarna de paus hun, zoals gezegd, zuidelijk Italië in leen gaf. Van daaruit veroverden ze Sicilië, dat tot dat moment bestuurd was geweest door een Arabische vorst. Ook de koningen van Castilië profiteerden van de crisis in het Kalifaat van Córdoba: ze rukten op naar het zuiden en veroverden in 1085 Toledo. Veertien jaar later braken de christelijke legers op nog een derde plaats de wereld van de islam binnen: de kruisvaarders veroverden Jeruzalem.

Vertalingen

Spanje, Sicilië en de “Landen van Overzee” waren de drie plaatsen waar informatie uit de Arabische cultuur eenvoudig kon overspringen naar de westerse wereld. Neem de vertaalscholen die vanaf 1125 bestonden op het Iberische schiereiland: Toledo, Barcelona en Zaragoza. In de laatste werden onder meer de Koran en de dialogen van Plato uit het Arabisch in het Latijn vertaald. De vertaalschool te Barcelona richtte zich vooral op de teksten van de Arabieren zelf. In Toledo vertaalde men de werken van Aristoteles uit het Arabisch. Ook elders waren vertaalinstituten.

Lees verder “De Renaissance van de Twaalfde Eeuw (2)”

Soefisme

Een soefi in traditionele witte kleding bidt bij het graf van Abu Yazid in Bastam (Iran)
Een soefi in traditionele witte kleding bidt bij het graf van Abu Yazid in Bastam (Iran)

Soefisme is islamitische mystiek en mystici streven ernaar met God één te worden. Dit is een extatische ervaring die, zo zeggen degenen die haar hebben ondergaan, met geen pen valt te beschrijven. Gelukkig beschrijven ze wel de weg naar deze extase: het komt er in eerste instantie op neer dat de rede wordt gebruikt om de lagere driften te neutraliseren, waarna het in tweede instantie zaak is zowel de rede als het ego te overwinnen. Je kunt dit lezen als een proces van groei en ontwikkeling tot men “de volmaakte mens” is, maar je kunt het ook zien als het vernietigen van wie je eigenlijk bent.

Een opmerkelijke trek van het soefisme is dat zijn aanhangers weinig waarde hechten aan deze wereld. De strijd tegen de lagere hartstochten geldt bijvoorbeeld als een belangrijker vorm van jihad, “geloofsinspanning”, dan de meer aardse heilige oorlog. Met allerlei provocaties maken de soefis duidelijk dat ze lak hebben aan de wereldse conventies. Zo geeft men hoog op van de wijnroes, die zou lijken op de goddelijke extase, wat natuurlijk voldoende is om elke rechtgeaarde moslim een acute hartverzakking te bezorgen.

Lees verder “Soefisme”

Henoch & andere goddelijke komedies

Dantes visioen van de verschillende hemels, teruggaand op Henoch

Ik beken dat er hele weken, ja hele maanden voorbij gaan zonder dat ik denk aan het kleine antieke geschrift dat bekendstaat als de Openbaring van Paulus. Sterker nog, tot gisteren had ik niet gehoord van deze gnostische tekst, die in 1945 is gevonden in het Egyptische Nag Hammadi. En dat was jammer.

Maar we beginnen niet met een obscure tekst uit de Egyptische woestijn, maar met een heel wat bekender stuk literatuur: de Goddelijke komedie van Dante. In dit tussen 1308 en 1321 gepubliceerde gedicht vertelt de ik-figuur hoe hij een visioen heeft waarin hij afdaalt in de hel en vervolgens via de louteringsberg opstijgt naar de hemel. Onderweg ontmoet hij allerlei mensen, die vertellen waarom zij worden gestraft of beloond. Tegelijkertijd wordt de filosofie van Thomas van Aquino uitgelegd. In de hel en op de louteringsberg heeft Dante als gids de Romeinse dichter Vergilius, en er is wel aangenomen dat de Florentijnse auteur op het idee van zijn werk is gekomen door lezing van de Aeneis, waarin de held afdaalt in de Onderwereld.

Lees verder “Henoch & andere goddelijke komedies”