Gaius Marius

De zogenaamde “Marius” (Glyptothek, München)

Op donderdag blog ik meestal over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld. Soms heb ik commentaar, soms vat ik samen, soms breid ik uit, zoals toen ik het had over Jugurtha of over de hervormingen die Tiberius en Gaius Sempronius Gracchus hadden voorgesteld.

De aanhangers van laatstgenoemde waren in opdracht van Lucius Opimius gewelddadig opgeruimd en de boodschap was duidelijk: wie een rol van betekenis wilde spelen in de Romeinse politiek, had gewapende steun nodig. In de komende decennia zouden in snelle opeenvolging, met toenemende agressie en met afnemende legitimiteit een half dozijn politici de top bereiken. En een voor een kwamen Gaius Marius, Lucius Cornelius Cinna, Lucius Cornelius Sulla, Pompeius de Grote, Julius Caesar en Marcus Antonius ten val.

Lees verder “Gaius Marius”

Italië op weg naar een crisis

Het geld van Italië: Romeinse munt uit de late tweede eeuw v.Chr. (Bodemuseum, Berlijn)

Hoe begint een burgeroorlog? Wat gaat er aan vooraf? Ik heb daar geen ervaring mee, althans dat hoop ik, maar ik zou geneigd zijn te zeggen dat er iets goed mis gaat als aan de voorwaarden is voldaan waaraan Italië eind tweede eeuw voldeed.

Ressentimenten in Italië

Om te beginnen: een reeks economische tegenstellingen, zoals een elite die enorme rijkdommen verwierf terwijl de boerenklasse nauwelijks het hoofd boven water kon houden. Verder een ongelijkmatige verdeling van de lasten en lusten van een imperium: wie het Romeins burgerrecht bezat, kreeg forse delen van de buit, wie mee vocht als Italische bondgenoot, profiteerde aanzienlijk minder. Sprekend over het imperium: het bestond uit wingewesten die nauwelijks rechten hadden. Ze moesten betalen, niet méér. Raubkapitalismus.

Lees verder “Italië op weg naar een crisis”

Gaius Sempronius Gracchus

Zomaar een Romein, niet per se Gaius Sempronius Gracchus (Archeologisch museum, Thessaloniki)

Ik blogde vanmorgen over het optreden van Tiberius Sempronius Gracchus, die had geprobeerd de Italische boerenstand te herstellen en daarvoor betaalde met zijn bloed. Het was een tragische gebeurtenis, maar de echte tragiek was dat de Romeinen er niet van leerden. De geschiedenis herhaalde zich in 123-121 v.Chr., toen Tiberius’ jongere broer Gaius Sempronius Gracchus volkstribuun was. Concluderend dat hervormingen alleen kans van slagen hadden als de gevestigde elite was vernietigd, zette hij zich energiek aan die arbeid.

Gaius Sempronius Gracchus

Daartoe diende hij een wet in die ridders, zoals Romes financiële elite heette, het recht gaf zitting te nemen in de gerechtshoven die beslisten over van corruptie beschuldigde oud-gouverneurs. Dat waren senatoren. Hiermee zette hij dus de financiële en de bestuurlijke elite tegen elkaar op. In zijn eigen woorden: “Ik heb dolken op het Forum geworpen”.

Lees verder “Gaius Sempronius Gracchus”

Tiberius Sempronius Gracchus

Afgietsel van een inscriptie van de landverdeling van Tiberius Sempronius Gracchus (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)

In mijn reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, heb ik vorige week behandeld hoe in de tweede eeuw v.Chr. de situatie in Italië veranderde. De Romeinen konden graan goedkoper importeren uit Tunesië en Sicilië, niet alle boeren konden overschakelen op olijven, druiven en fruit; en bovendien waren de boeren, als dienstplichtigen die vaak lang van huis waren, kwetsbaar voor financiële problemen. Veel boerderijen kwamen in handen van grootgrondbezitters, die hun uitgestrekte landerijen lieten bewerken door slaven. Deze herenboeren bezaten ook gepacht staatsland, dat ze vaak al zo lang beheerden dat niemand nog wist of een bepaalde akker eigendom was of niet.

De boerenstand was in de problemen. Of althans, dat melden de bronnen. Die noemen ook de consequentie: dat steeds minder mannen voor krijgsdienst oproepbaar waren. Het lot van de boeren liet de senatoren vermoedelijk koud, maar het feit dat er minder soldaten waren, raakte ook hen. Zonder leger vielen immers geen zeges te behalen of triomftochten te houden, en was het onmogelijk te rivaliseren met andere senatoren. De man die het probleem agendeerde, heette Tiberius Sempronius Gracchus.

Lees verder “Tiberius Sempronius Gracchus”

De Romeinse Republiek

De Fasti Capitolini, de lijst van magistraten van de Romeinse Republiek (Rome, Capitolijnse Musea)

In het handboek waarin ik elke week controleer of mijn kennis nog actueel is, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, zijn we aangekomen bij de Romeinse Republiek. In mijn blogjes over de IJzertijd en het martiale karakter van de Romeinse samenstelling liep ik vooral vooruit op het eerstejaars-werkcollege, waarin docenten het handboek aanvullen, bevragen, corrigeren, contextualiseren. Vandaag heb ik meer algemene opmerkingen: zaken waarover ik deze week weinig nieuws in het handboek las en die ik ook niet kan aanvullen, bevragen, corrigeren of contextualiseren.

Een complexe samenleving

We kennen de Romeinse samenleving eigenlijk pas na pakweg 300 v.Chr., maar we kunnen reconstrueren dat er in de oudere fase aristocraten (“patriciërs”) waren. Ze claimden (althans in later tijd) afstamming van legendarische helden en dus, indirect, ook van de goden. De Blois en Van der Spek attenderen er terecht op dat die claim ook in Griekenland gangbaar was. De rest van de bevolking gold als plebejers, en die konden rijk of arm zijn. De “standenstrijd” die in de vijfde en vierde eeuw plaatsvond, gaf rijke plebejers toegang tot de hoogste ambten, waarbij deze rijke plebejers vaak samenwerkten met arme plebejers, die andere klachten hadden over het aristocratische bestuur. Zij wilden schuldendelging en land.

Lees verder “De Romeinse Republiek”

Polybios (4): Romes succes

Polybios benadrukt de rol van Tyche (Vaticaanse Musea, Rome)

[Vierde deel in een korte reeks over Polybios van Megalopolis. Het eerste deel was hier.]

Het was gemakkelijk te begrijpen waarom naties floreerden: de belangrijkste (maar niet de enige) verklarende factor was hun staatsbestel. Althans, zo zag Polybios het. Hij legt het uit in zijn fascinerende zesde boek, dat het verhaal over de Tweede Punische Oorlog onderbreekt. Na de Romeinse nederlagen bij het Trasimeense Meer en Cannae en na het verdrag tussen Hannibal en Macedonië, had Rome’s fortuin zijn dieptepunt bereikt, maar de republiek zou zich hernemen en de oorlog uiteindelijk winnen. In het zesde boek legt Polybios uit waardoor de Romeinen zich konden herstellen van een reeks rampen die het bestaan van elke andere natie zou hebben beëindigd. Vandaar dat Polybios een beroemde beschrijving van het Romeinse leger biedt en een al even beroemde beschrijving van het functioneren van de republiek.

Het was destijds niet ongewoon om drie soorten staatsbestel te onderscheiden, alsmede hun drie gedegenereerde tegenhangers:

  • monarchie en despotisme,
  • aristocratie en oligarchie,
  • democratie en ochlocratie (heerschappij door de massa).

Lees verder “Polybios (4): Romes succes”

De Atheense Bondgenotenoorlog

Artaxerxes III Ochos (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Een tijdje geleden gaf ik in mijn reeks over het eerstejaarshandboek oude geschiedenis, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, aan dat het dicht bij de bronnen blijft en daardoor niet goed in balans is. We lezen veel over de Perzische Oorlogen en over de Peloponnesische Oorlog, en dit laatste precies volgens de selectie die Thoukydides aanbrengt, maar de Bondgenotenoorlog en de Derde Heilige Oorlog komen er bekaaid vanaf. De bronnen laten zich daar niet zo een-twee-drie navertellen. Jammer, want deze twee conflicten schiepen het vacuüm dat Macedonië zou vullen. Ze markeren feitelijk het begin van het einde van de Griekse vrijheid. Om die reden blog ik vandaag toch eens over de Bondgenotenoorlog, die u moet plaatsen tussen 357 en 355 v.Chr.

De Tweede Delische Zeebond

Eerst nog even dit: door de opkomst van Thebe – hierover schrijven De Blois en Van der Spek wel het een en ander – waren de kaarten in het Griekse moederland grondig geschud. Zeker na de slag bij Leuktra in 372 was Sparta niet langer de supermacht die het ooit was geweest. De Atheners hadden al in 378 een tweede Delische Zeebond opgericht, die minder hoorde te gelden als een eigen imperium, wat een veelgehoorde klacht was geweest bij de oorspronkelijke Delische Zeebond. Het probleem was dat Athene zijn herwonnen bondgenoten niet goed wist te beschermen.

Lees verder “De Atheense Bondgenotenoorlog”

Plato (3): De richtingloze democratie

Plato zou de Atheense Volksvergadering niet hebben gekroond (Agoramuseum, Athene)

[Dit is de derde aflevering van een reeks over de Atheense filosoof Plato, die veel mensen vooral kennen om zijn zogenoemde ideeënleer, om de Platonische liefde en om zijn ideale filosofenstaat. Dat is echter wat misleidend. Plato’s filosofie is breder en gaat dieper.] 

We gaan, zoals in het vorige stukje aangekondigd, eerst eens kijken naar hoe Plato stond tegenover de democratie. Wie hoopt dat hij een bevlogen democraat is geweest, zal teleurgesteld zijn. Bij het beschrijven van een democratie trekt Plato verschillende pijnlijke vergelijkingen.

Zo is een democratie volgens hem als een kleuterklas die moet kiezen wie het beste dieet voorschrijft: de banketbakker of de dokter. Natuurlijk kiezen de kinderen voor de banketbakker. Maar is dat wel de beste keuze met het oog op hun gezondheid of hun toekomst? Natuurlijk niet. En dat is nu juist het probleem.

Lees verder “Plato (3): De richtingloze democratie”

Een geschiedenis van Syracuse (1)

Tempel van Apollo (Syracuse)

Ik schreef twee weken geleden dat wie schrijft over het verleden van Griekenland, zich al snel gedwongen ziet zich te concentreren op Athene en Sparta. Athene, omdat daarover de meeste bronnen zijn; Sparta omdat het als Athenes aartsrivaal opduikt in diezelfde bronnen. Wat ook een rol moet spelen, is dat die twee steden liggen binnen de grenzen van het huidige Griekenland.

Het probleem is: wie de bronnen als leidraad neemt, is geen historicus, maar vat de bronnen samen. Dit is geen kritiek op het handboek waarop ik ’s donderdags pleeg te bloggen, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. Of beter: het is wel een kritische constatering, maar ik weet niet hoe het beter zou kunnen. Ik ben deze reeks gaan schrijven omdat ik intellectueel verkeer in een impasse en ik schrijf dus niet omdat ik het allemaal wél weet. Los daarvan: handboeken zijn bedoeld om gehakt van te maken bij de bijbehorende werkcolleges. Desondanks is het aardig om, na Kyrene, ook een andere stad te behandelen waarvoor doorgaans weinig aandacht is: Syracuse, de belangrijkste stad op Sicilië. Voor u verder gaat: een handig landkaartje is hier.

Lees verder “Een geschiedenis van Syracuse (1)”

Caesar opnieuw dictator

De resten van de tempel van Diana / Artemis van Efese

Als ik u zeg dat het begin september was in het jaar waarin Julius Caesar en Servilius Isauricus consuls waren van Rome, en als ik dat omreken naar eind juli 48 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Hij was nog steeds bezig met het achtervolgen van Pompeius, van wie we hebben gezien dat hij naar Antalya was gevaren, en via Cyprus verder wilde naar Egypte. Het was onvermijdelijk dat Caesar op steeds grotere achterstand zou raken, want hij reisde met veel meer soldaten en had onderweg bestuurlijke zaken te regelen.

Caesar en de goden

In Efese stuitte hij op een aanhanger van Pompeius die zich wilde vergrijpen aan de enorme tempelschat:

Caesar ontdekte dat Titus Ampius Balbus geprobeerd had de schat uit de tempel van Diana weg te halen. Hij had alle senatoren uit de provincie opgeroepen om te getuigen voor het bedrag aan geld, maar was door Caesars komst gestoord en op de vlucht gegaan. (Caesar, Burgeroorlog 3.105; vert. Hetty van Rooijen)

Lees verder “Caesar opnieuw dictator”