Irak kort (14): Ibn Firnas

Ibn Fernas, Bagdad

Het reisbureau in Bagdad waar we onze tickets naar Istanbul en Amsterdam omboekten, was vernoemd naar Abbas ibn Firnas. Het standbeeld van de Arabische geleerde, die leefde in de negende eeuw, ziet u hierboven. Het staat langs de weg naar het vliegveld. Ibn Fernas moet een van de grootste uitvinders van zijn tijd zijn geweest. Niet alleen vond hij een methode om kleurloos glas te maken, hij sleep ook vergrootglazen en bedacht een manier om bergkristal te bewerken. Hij bouwde een waterklok en hield zich bezig met astronomie.

De eerste vliegenier

Hij is echter beroemd geworden als de eerste mens die het luchtruim zou hebben gekozen. De Arabische auteur Ahmad al-Maqqari schrijft:

In Firnas bekleedde zich met veren, maakte een vleugelpaar aan zijn lichaam vast en wierp zich vanaf een verhoging in de lucht. Volgens verscheidene betrouwbare bronnen, die ooggetuigen zijn geweest, vloog hij zelfs een aanzienlijke afstand, alsof hij een vogel was. Toen hij echter landde bij zijn vertrekpunt, bezeerde hij zijn rug, omdat hij onvoldoende had begrepen dat vogels op hun staart neerkomen en was vergeten zich daarmee uit te rusten.

Lees verder “Irak kort (14): Ibn Firnas”

Friese vikingen

Detail uit het Fivelgoër en Oldambtster landrecht landrecht

In het Fries Museum in Leeuwarden is momenteel een expositie over het Noord-Nederlands kustgebied in de Vroege Middeleeuwen, “Wij Vikingen”. De boodschap is vrij simpel samen te vatten: de Noormannen hebben in de negende eeuw behoorlijk huis gehouden in de Lage Landen, maar er waren mensen in wat nu Friesland en Groningen heet die zich bij de plunderaars aansloten en meededen.

Het bewijs voor die stelling valt archeologisch moeilijk te leveren. Je kunt natuurlijk het skelet van een slachtoffer tonen – en het Fries Museum toont een skelet – maar de dode zal je niet melden wie hem heeft vermoord. Het bewijs zal uit de geschreven bronnen moeten komen, maar doorgaans vermelden die alleen dat de Noormannen tekeer zijn gegaan op deze of gene plaats. Of het Noren of Denen waren, staat er niet bij, laat staan dat erbij staat of het Friezen waren, dus mensen uit het gebied van Vlaanderen tot Noord-Duitsland. Gelukkig bieden de Friese rechtsteksten aanwijzingen en nog gelukkiger is dat het Fries Museum de manuscripten ook toont.

Lees verder “Friese vikingen”

Byzantium, een onbegrepen wereldrijk

Athene, Tempel van Zeus
Resten van het Byzantijnse Rijk in Athene: een huisje op de Tempel van Zeus

Vandaag rond ik mijn reeks stukjes over het Byzantijnse Rijk af met een lief verhaaltje over de bovenstaande gravure, gemaakt door de Beierse schilder Johann Michael Wittmer, die in 1833 Athene bezocht, één jaar nadat de Beierse prins Otto de eerste koning was geworden van het onafhankelijke Griekenland. U herkent links de Akropolis met het Parthenon, in het centrum de Boog van Hadrianus en in de voorgrond de Tempel van Zeus.

Wellicht ziet u wat er mis is: op de dwarsbalk boven de enorme zuilen staat een rare structuur die daar onmogelijk kan behoren. Het past eenvoudigweg niet in een Griekse tempel en bij een latere restauratie is dit uitstulpsel, de hut van een pilaarheilige à la Simeon de Styliet, verwijderd. Aan het begin van de twintigste eeuw waren er in Athene nog oude mensen die zich uit hun jeugd de pilaarheilige herinnerden.

Lees verder “Byzantium, een onbegrepen wereldrijk”

Abbasiden en Turken

Modern beeld van Al-Khwarizmi in Khiva
Modern beeld van Al-Khwarizmi in Khiva

Zoals ik eerder aangaf, kan de geschiedenis van Centraal-Azië schematisch worden samengevat in “vier vegen”. De eerste daarvan is een noord-zuid-beweging: de migratie van de Indo-Europeanen waardoor de regio een eenheid werd. De tweede “veeg” is vanuit het zuidwesten naar het noordoosten en is de komst van de islam. Hiermee kwam de religieuze identiteit vast te liggen. De derde beweging was noordoost-zuidwest: de etnische grenzen werden getrokken toen de Mongolen kwamen. Tot slot was er een noordwest-zuidoost-veeg, toen de Russen het gebied in handen kregen en de staten werden gevormd. Ik heb in de eerdere stukjes (1, 2, 3, 4, 5) de eerste twee vegen geschetst en vandaag heb ik het over de islamitische tijd.

De islam was de dominante godsdienst in Iran, in Oezbekistan en in de oases in het zuiden van wat nu Turkmenistan heet. De Abbasidische kalief zond gouverneurs naar het gebied, die soms wat trouwer aan Bagdad waren, soms wat meer hun eigen koers voeren en uiteindelijk de heerser der gelovigen alleen nog in naam erkenden. Ondanks het afbrokkelende centrale gezag maakte het feit dat je overal terecht kon met Arabisch, de bloei van de wetenschappen en kunsten mogelijk.

Lees verder “Abbasiden en Turken”

Langs de Zijderoute (3)

Het mausoleum van Abd ol-Azim in Reyy
Het mausoleum van Abd ol-Azim in Reyy

In mijn eerste stukje over de Iraanse Zijderoute van Teheran naar Mashhad vertelde ik dat dit gebied, zolang de Arabische legers streden in wat nu Turkmenistan en Oezbekistan heet, strategisch belangrijk was. De kalief in Damascus zag daarom toe op de islamisering en faciliteerde deze door bijvoorbeeld de bouw van de moskee in Damghan. In het tweede stukje gaf ik aan dat het belang van dit gebied de bewoners in staat stelde de islam te aanvaarden op hun eigen voorwaarden, en dat zij hun steun gaven aan de afstammelingen van Mohammed, die terzijde waren geschoven toen de Umayyaden het kalifaat naar zich toe hadden getrokken.

Rond het midden van de achtste eeuw slaagden de moslims van de Zijderoute erin de Abbasiden aan de macht te brengen: een zijtak van de familie van de profeet, residerend in Bagdad. Als de gelovigen hadden gemeend dat nu de vraag wie moest heersen voorgoed ten grave was gedragen, kwamen ze bedrogen uit. Er bleven er die vonden dat het familiehoofd van de hoofdtak, de imam, moest heersen. Kalief Al-Ma’mun heeft daarmee ook ingestemd en heeft de achtste imam, Reza, aangewezen als opvolger. In 818 overleed deze echter in Mashhad – door vergiftiging, zoals zijn aanhangers wisten.

Lees verder “Langs de Zijderoute (3)”

Hamlet de Deen

Runen-inscriptie: gedenksteen voor koning Sigtrygg

Eergisteren bezochten we de oude Vikingstad die in Duitsland Haithabu en in Denemarken Hedeby wordt genoemd. Ik adviseer de eerste naam te gebruiken, omdat de Deense /d/ onuitspreekbaar is.

Stad op de istmus

Het gaat om een grote, vroegmiddeleeuwse stad, omgeven door een ringwal (kijk maar), gelegen op de Deense istmus. Dat is de plek waar de afstand tussen de Oostzee en Noordzee het kortst is. De bewoners van Haithabu gebruikten ossenkarren om schepen van de ene naar de andere zee te slepen. Hier ligt ook de enorme muur die het zuiden van Jutland moest beschermen tegen de Saksen in noordelijk Duitsland, de Danevirke. Haithabu lag dus strategisch.

Enkele Vikinghuizen zijn herbouwd en er is een erg mooi, zeker te bezoeken, rustig museum, waar onder andere de oude technieken worden uitgelegd en wordt getoond tot waar handel werd gedreven: Byzantium in het verre oosten en in het westen Dorestad en de Frankische gebieden. Karel de Grote kon een muntstelsel invoeren dankzij het zilver dat hij via de Vikinghandelaren verwierf uit het Abbasidische kalifaat van Bagdad. Helemaal in het verre westen waren de Engelse steden de handelspartners van Haithabu.

Lees verder “Hamlet de Deen”

De keizers van het Byzantijnse Rijk

Het hof van het Byzantijnse Rijk (op een reliëf uit Istanbul).

Ik heb de woorden van de Duitse filosoof Georg Hegel al eens eerder geciteerd: de geschiedenis van het Byzantijnse Rijk was

eine tausendjährige Reihe von fortwährenden Verbrechen, Schwächen, Niederträchtigkeiten und Charakterlosigkeit.

Andere negentiende- en twintigste-eeuwse auteurs hebben soortgelijke uitspraken gedaan. Moderne auteurs over het onderwerp nemen deze opmerkingen vaak als uitgangspunt om aan te geven hoe sterk onze opvattingen sindsdien zijn veranderd.

Zo ook Hein van Dolen in zijn sympathieke Een kleine geschiedenis van het Byzantijnse Rijk. Hij begint met de constatering dat het onderwerp “verwaarloosd en ondergewaardeerd” is geweest, wijst erop dat dit beeld de afgelopen halve eeuw radicaal is gekanteld en neemt de lezer vervolgens mee door een geschiedenis van ruim elf eeuwen.

Lees verder “De keizers van het Byzantijnse Rijk”

Het gouden Byzantijnse Rijk

Een met een watermolen aangedreven zaagmachine uit het Byzantijnse Rijk (reconstructie, Schloss Schallaburg)

“Eine tausendjährige Reihe von Verbrechen, Schwächen, Niederträchtigkeiten und Charakterlosheit”: zo typeerde Georg Hegel de geschiedenis van het Byzantijnse Rijk. Dat beeld bestaat in feite nog altijd – als er al een beeld is, want Byzantium is in de westerse wereld nog onbekender dan de wereld van de middeleeuwse islam. Het keizerrijk wordt in het onderwijs genegeerd, en in ons taalgebruik is “Byzantijns” synoniem met luxe, weelde, decadentie, corruptie en complexiteit.

Een voorbeeld van een klein jaar geleden: tijdens de republikeinse voorverkiezingen riep de Amerikaanse politicus Herman Cain op tot een drastische vereenvoudiging van de belastingen om een einde te maken aan het vigerende “Byzantine tax system”. Zou hij hebben geweten dat het Byzantijnse Rijk slechts twee belastingen kenden, een vaste heffing per hoofd en een variabele heffing per eenheid landbouwgrond? Cains eigen 9/9/9-plan was, vergeleken hiermee, nogal, eh, Byzantijns.

Lees verder “Het gouden Byzantijnse Rijk”

Vikingen in Assen

Een fijne, lichte opstelling

Vikingen, dat waren van die wilde krijgers uit het hoge noorden met helmen met horens. Ze voeren in drakars en plunderden alle kloosters en steden, zoals Dorestat. De middeleeuwers baden “van de woede der Noormannen, verlos ons Heer”. De Vikingen ontdekten IJsland, Groenland en de kust van Canada. Ze voeren over de Wolga. Ze aanbaden allerlei woeste goden.

Frankische broche, gevonden in Vasby

Een van de eerste voorwerpen in de tentoonstelling de Vikingen in het Drents Museum in Assen is een helm waarbij twee losse horens liggen. De uitleg maakt de bezoeker meteen duidelijk hoe weinig hij weet, want het blijkt dat er geen enkele Vikinghelm bekend is met horens; wel zijn er voorwerpen die de indruk wekken dat er iets op die helmen stond, maar dit zijn vermoedelijk vogelkoppen. Het misverstand is ontstaan toen Denemarken werd aangevallen door Pruisen en Oostenrijk, en de Denen een afschrikwekkend krijgersimago nastreefden. Zo ontstond het beeld van de woeste Viking. De horenhelm is uitgevonden bij opvoeringen van Wagners Ring des Nibelungen en werd zo over heel Europa populair.

Lees verder “Vikingen in Assen”

De Limes Tripolitanus: de Late Oudheid

De versterkte boerderij van Qasr Banat, een van de vele boerderijen langs de Limes Tripolitanus.

[Dit is het vijfde deel van artikel dat oorspronkelijk verscheen in het tijdschriftje dat Livius Onderwijs enige tijd uitgaf, Momentum; het eerste deel verscheen hier.]

De ambitie van keizer Septimius Severus was een krachtige, op zorgvuldig watermanagement gebaseerde grenscultuur, waarin kolonisten voedsel produceerden voor de garnizoenen. In het Zeskeizerjaar 238 bleek het ongelijk van critici als Cassius Dio. Het Derde Derde Augusta, dat de verkeerde pretendent had gesteund, werd ontbonden en de Tripolitaners kwamen er alleen voor te staan. Maar de kolonisten trokken niet weg van de akkers die ze hadden ontgonnen en organiseerden zelfbewust de verdediging van hun eigen land.

Op grote schaal versterkten ze hun huizen, die ze aanduidden als centenaria. Er zijn er ongeveer tweeduizend bekend, herkenbaar aan wat plompe, uit regelmatige stenen gebouwde muren, rechthoekige plattegronden en signaaltorens waarmee ze in contact stonden met andere versterkte boerderijen. Voorbeelden zijn Gheriat esh-Shergia, Qasr Banat en Suq al-Awty. Mochten de Garamanten het land naderen, dan konden de bewoners rekenen op steun van hun buren en van milities in de drie grensforten.

Lees verder “De Limes Tripolitanus: de Late Oudheid”