Misverstand: Pasargadai

Graf van Cyrus, Pasargadai

In de verzameling misverstanden die tijdens de corona-lockdown op deze blog is gegroeid, was zelden sprake van kwaadwillendheid. Veel mensen weten niet beter. Slechts een enkele keer is er sprake van werkelijk kwaad opzet en één van die gevallen betreft de hoax dat de Iraanse autoriteiten Pasargadai, de eerste hoofdstad van het Perzische Rijk, onder water zouden willen zetten.

Pasargadai was de residentie van koning Cyrus de Grote, die overleed in 530 v.Chr. Vrijwel zeker door natuurlijke oorzaken, want uit de kleitabletten blijkt dat zijn zoon de regeringstaken al eerder had overgenomen; misschien gesneuveld op een of andere oostelijke campagne. We weten het niet goed. In elk geval is Cyrus begraven in Pasargadai, in een relatief bescheiden graf op loopafstand van zijn paleis. De plek werd voor moderne Iraniërs een lieu de mémoire toen Mohammed Shah daar in 1971 voor een kwart miljard dollar verspijkerde aan een feestje voor alle gekroonde hoofden ter wereld. De sjah had iets met Cyrus, die hij, op overigens oneigenlijke gronden, beschouwde als eerste heerser van een land dat zich had gecommitteerd aan de mensenrechten.

Lees verder “Misverstand: Pasargadai” →

I.M. Romke Hekstra

De verhalenverteller

Een van mijn eerste docenten – we hebben het over 1985 – was Romke Hekstra. Ik hoorde pas vorige maand dat hij vorig jaar op 23 november is overleden, een paar dagen voor zijn zevenentachtigste verjaardag. Hij doceerde oude geschiedenis aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, was een vriendelijke man, een enthousiasmerende docent en iemand met ongebruikelijke ideeën. Vooral de antieke religies hadden zijn belangstelling en hij had het vaak over de Indo-Europeanen. Die noemde hij overigens “Indo-Germanen” omdat hij uit Nederlands-Indië kwam, waar “Indo-Europeaan” een andere betekenis had.

Politiek

Zoals ik weleens verteld heb, behoorden mijn medestudenten en ik tot een generatie die een fuik in was gezwommen: het onderwijs was vernieuwd (de “tweefasenstructuur”) maar de ons toegezegde tweede fase, waarin we van kandidaatsniveau naar doctoraalniveau zouden worden getild, is nooit ingevoerd. In wat mijn derde studiejaar was richtten we een vereniging op om onze studie te redden, en meneer Hekstra – die pas later Romke voor ons zou heten – was een van de eerste leden. Hij begreep, geloof ik, de diepte van onze verontwaardiging niet maar dacht wel met ons mee. Zo wees hij erop dat inadequaat onderwijs des te grimmiger was omdat minister Deetman de studiefinanciering voortdurend in ons nadeel veranderde. Waar wij een slechte studie zagen, zag hij het politieke aspect.

Lees verder “I.M. Romke Hekstra” →

Der Himmel über Berlin

Twee engelen en alle kennis

Het volgende is echt gebeurd. Ik dronk koffie met een studente die me een raar verhaal vertelde dat ze net had gehoord van een docente. Die was naar bioscoop geweest om Der Himmel über Berlin (1987) te gaan zien. Daar was ze een kennis tegengekomen die er was met een vriend, en zij waren links in de zaal gaan zitten omdat ze de film al van rechts hadden gezien. Welke idioot gaat nou een film uit verschillende hoeken bekijken?

Nou, die kennis van de docente van die studente waarmee ik koffie dronk, dat was ik zelf. Het moet rond 1995 zijn geweest. Dat ik van links wilde kijken omdat ik de film al van rechts had gezien, was een grap van mijn zakenpartner, die me plaagde met het feit dat ik voor de veertiende keer deze film van Wim Wenders was gaan kijken. Misschien maakt het overigens wel degelijk uit waar je in de zaal zit, want het camerawerk in deze film is adembenemend. Als de hoofdpersoon een engel is moet je niet opkijken van een vogelvluchtperspectief of een duikvlucht meer of minder.

Lees verder “Der Himmel über Berlin” →

Het Teheran van F. Springer

“Het Shayad-monument doemde op. ‘De pik van Arie. Kijk er nog eens goed naar. Die moet een nieuwe naam krijgen.” (p.344)

Er is een romantisch idee over literatuur dat een goede auteur zich onderscheidt van vakbekwame auteurs doordat hij een bepaalde intuïtie bezit die hem of haar doet aanvoelen wat nog belangrijk zal gaan worden. De auteur als profeet: ik weet dat ik me aan obscurantisme te buiten ga. Maar toch: sommige boeken overstijgen de plaats- en tijdgebondenheid van hun auteur. Dan blijkt die aangevoeld te hebben, misschien niet eens bewust, dat er andere visies mogelijk zijn, en een latere generatie ontdekt dat die perspectieven in zo’n boek dan al aanwezig zijn. Teheran, een zwanezang van F. Springer (pseudoniem van C.J. Schneider) is volgens mij zo’n boek.

Springer zelf was niet bepaald positief over de Iraanse Revolutie, die hij meemaakte terwijl hij als diplomaat was gestationeerd in Teheran. Hij zou later opmerken dat hij zelfs niet meer over Iran wilde vliegen en in zijn roman laat hij een Nederlandse diplomaat samenvatten dat de Middeleeuwen op de stad neerdalen. Omdat de revolutie in Teheran, een zwanezang zo negatief wordt beoordeeld, blijft wat mysterieus waarom een van de vrouwelijke personages thuisblijft in Iran en een kans laat lopen zich in veiligheid te brengen.

Lees verder “Het Teheran van F. Springer” →

David Bowie

Ik zocht vanmiddag iets anders maar vond David Bowie. Jaren niet op gehad. Nu klonk het ineens weer zoals ik het ooit voor het eerst hoorde. De wonderlijk hypnotiserende dreun. De onvermijdelijkheid. Het optimisme tegen de klippen op. Voor een moment was ik weer zestien, woonde ik bij mijn ouders in Apeldoorn, was ik nog nooit in Berlijn geweest en had ik alleen maar een mooi stuk vinyl gehaald uit de fonotheek in Deventer.

En vanmiddag vaagde David Bowie me opnieuw weg.

Aardbeving in Armenië

Gyumri, een stad in het noordwesten van Armenië, is nog altijd niet helemaal van de aardbeving hersteld

Op 7 december 1988, morgen eenendertig jaar geleden, werd het noordwesten van Armenië getroffen door een verschrikkelijke aardbeving. Wie de cijfers wil kennen: de eerste schok was 6,9 op de schaal van Richter en duurde bijna vijftig seconden; daarna was er een naschok met een kracht van 5,4. In de volgende twee weken volgden nog eens 1500 schokken, gelukkig allemaal veel minder heftig. Maar dat zijn er dus wel honderd per dag en u kunt zich de paniek van de bevolking voorstellen. Of beter: hopelijk kunt u het zich niet voorstellen.

De ramp voltrok zich rond kwart voor twaalf. Dus op het moment waarop iedereen naar het werk was. Ook de artsen. Die kwamen dus om in de ziekenhuizen, die niet bestand bleken tegen de schokken en instortten.  Ook de scholen stortten in. Al voor het middaguur hadden steden als Spitak, Vanadzor en Leninakan niet alleen hun kinderen verloren maar ook de medici die hulp zouden hebben kunnen bieden. Grimmig detail: op de afdeling verloskunde van het ziekenhuis van Leninakan lagen op dat moment zestig vrouwen, die allemaal om het leven kwamen, met hun baby’s.

Lees verder “Aardbeving in Armenië” →

Een archeologie-canon

Zomaar eens een foto van een archeologische stratigrafie

Gisteren bood ik op deze plaats een overzicht van een kleine veertig dingen die mensen zouden moeten weten over geschiedvorsing. Aangezien de historische canon van Van Oostrom / Kennedy geschiedenis presenteert als het ene feit na het andere, wilde ik toch eens benadrukken dat geschiedenis ook een wetenschap is.

Een van de trouwste lezers van deze blog, CK uit het archeologisch en historisch zo rijke Nijmegen, wees me erop dat een archeologiecanon ook niet zou bestaan uit een lijst van losse opgravingen, maar uit een lijst van methodische en technische vernieuwingen. In een telefoontje bespraken we dat archeologen, doordat ze de wetenschappelijke dimensie almaar niet benoemen en zich verschuilen achter de monumentenwetgeving, zélf de reden zijn waarom een staatssecretaris van Cultuur zich afvraagt wat hij aan moet met musea vol opgegraven potten en pannen, waarom de limesvoorlichting zo verrekte contraproductief is, waarom een hoogleraar publiek begrip van wetenschap de raarste dingen kan vertellen over het Rijksmuseum van Oudheden en waarom De Volkskrant archeologie te onbelangrijk vindt om iets te rectificeren. Een Nijmegenaar herinnert zich natuurlijk ook de aquaductenaffaire en de affaire in de buurgemeente Cuijk.

Lees verder “Een archeologie-canon” →

De historische canon

Stelt je voor dat astronomen een canon zouden opstellen van wat iedereen over hun vak moest weten. Zou dat een overzicht opleveren van sterrenbeelden? Nee natuurlijk. Ze zouden de telescoop, de periodieke terugkeer van kometen, radioastronomie en zwaartekrachtgolfdetectors noemen. Een wetenschap onderstreept haar belang immers niet met de objecten die ze onderzoekt, maar met de ontdekte patronen. En haar vooruitgang blijkt uit vernieuwende methoden, nieuwe soorten inzicht en nieuwe bijdragen aan andere disciplines.

Het is, dacht ik althans, logisch je niet te presenteren met de onderzoeksobjecten. Presenteer een wetenschap als wetenschap. De canon die de Commissie Van Oostrom voor de Nederlandse geschiedenis heeft opgesteld, beperkt zich echter wel tot de objecten en draagt zo bij aan het beeld dat geschiedvorsing geen echte wetenschap is. Het gaat om hunebedden, de Romeinse limes, Karel de Grote en wat dies meer zij. Onderwerpen, kortom, die zich lenen voor een blogje hier of een causerie daar, maar die niet tonen waarom geschiedenis een wetenschap is. Hieronder is mijn alternatief.

Lees verder “De historische canon” →

Archeologie in Libanon

Beit ed-Din: het funky mozaïek en een jonge cederboom

Gisteren ben ik naar Beit-ed-Din en Sidon geweest. Het eerste is het paleis van Bashir II, die in de vroege negentiende eeuw een eigen staatje stichtte, vrij succesvol was, maar uiteindelijk op het verkeerde paard wedde en door de Ottomaanse heersers werd afgezet. In de voormalige stallen en in de tuinen liggen momenteel prachtige laatantieke mozaïeken, zoals het funky mozaïek waarover ik al eens blogde. De kunstige voorwerpen zijn gevonden tijdens de Burgeroorlogen en de leider van de druzen, Walid Jumblatt, heeft ze voor grote bedragen gekocht van de vinders en in die stallen laten leggen. (Hij is ook de man die ingreep toen de Libanese ceders dreigden uit te sterven en een nieuw woud liet planten.)

Hoe netjes het ook is wat Jumblatt deed, er ligt hier wel een probleem: waar komen die mozaïeken nu vandaan? Het punt is dit keer niet dat unprovenanced voorwerpen vervalsingen kunnen zijn. Dit zijn geen papyri. De kwestie is dat je wil weten uit welk gebouw ze komen. Een afbeelding van een pauw in een kerk representeert de wederopstanding, een pauw in een tempel is een aanwijzing voor de cultus van Hera. Een ander prachtig mozaïek kan, afhankelijk van de vindplaats, zowel Johannes de Doper als Dionysos voorstellen. We mogen blij zijn met wat we wél hebben, maar het niet registreren van een provenance is toch wel behoorlijk onpraktisch. We hadden meer kunnen weten.

Lees verder “Archeologie in Libanon” →

Centrum en periferie

Glazen armbanden (Keltenmuseum, Manching)

Eigenlijk had ik voor vandaag een ander stukje in gedachten, maar ik hoor juist dat Immanuel Wallerstein is overleden en dat wil ik toch niet helemaal onopgemerkt voorbij laten gaan, zelfs als dit op deze vroege ochtend – ik schrijf dit om zes uur – niet het onderwerp is waar ik helemaal op was voorbereid.

Kort en goed: Wallerstein wordt vooral geassocieerd met de wereldsysteem-theorie en die is weer op te vatten als een vorm van de dependencia-theorie. Deze was ontstaan omdat de klassieke liberale theorie niet verklaarde waarom Latijns-Amerika in de kwart eeuw na de Tweede Wereldoorlog niet méér economische groei had meegemaakt, terwijl rijkere landen nota bene investeerden in de regio. De verklaring van de dependencia-theorie, waaraan marxistische invloed niet vreemd was, was dat de noordelijke landen (het “centrum” van de wereldeconomie) hun welvaart opbouwden door de Derde Wereld (de “periferie”) systematisch in onderontwikkeling te houden. De investeringen dienden bijvoorbeeld vooral om grondstoffen goedkoop te kunnen bemachtigen of om om aan goedkope arbeidskrachten te komen. De periferie kon zo niet de economische ontwikkeling doormaken die het centrum had doorgemaakt. Wallerstein benutte deze ideeën om de wereldeconomie te beschrijven na de instorting van het feodale systeem.

Lees verder “Centrum en periferie” →