De Bourgondiërs in Limburg

Karel de Stoute (Rogier van der Weyde)

Het is een slecht voorteken als in een museumgarderobe alle lockers vol zitten. Dan zijn er te veel bezoekers. Ook ziet het er slecht uit als je met je kaartje ongevraagd het apparaat voor de audiotour in handen gedrukt krijgt. Audiotours betekenen immers dat je eindeloos zult kijken naar dezelfde ruggen, die in hetzelfde tempo door de zaal bewegen. Je verwachtingen worden nog lager als je je herinnert dat eerdere museumbezoekers je voorhielden dat de audiotour te lange uitleg geeft.

Ik zag dus een beetje op tegen het bezoek aan de expositie over de “Bourgondiërs in Limburg” in het Limburgs Museum in Venlo. Dat kwam ook door het thema, dat me te veel geïnspireerd leek door het populaire boek van de Belgische auteur Bart Van Loo. Ik houd er niet van als musea hun oren laten hangen naar een door anderen bepaalde actualiteit. Het suggereert weinig vertrouwen in het eigen aanbod en de eigen missie.

Lees verder “De Bourgondiërs in Limburg”

De Romeinse “war lord” Aetius (2)

Valentinianus, de moordenaar van Aetius (Bodemuseum, Berlijn)

Twitter, daar stonden ooit best leuke dingen op, zoals de draadjes van de Gentse oudhistoricus Jeroen Wijnendaele over de Late Oudheid. Hier is er weer een, voor u vertaald in het Nederlands. Het eerste blogje was daar.

***

Rimini

16. In 432 roept het hof de krijgsheer Bonifatius terug uit Africa om van de krijgsheer Aetius af te komen. Bij Rimini stuiten de twee legers op elkaar.

17. Het gevecht zelf was kleinschalig: twee bevelhebbers en hun respectievelijke gevolg bestreden elkaar. Het is echter symbolisch voor het verlies van het gezag van de keizer. De twee bevelhebbers vochten immers hun conflict uit onder de rook van Ravenna, zonder zelfs maar te proberen zelf keizer te worden. Ze streden om en voor een wereld waarin war lords het beleid maakten.

Lees verder “De Romeinse “war lord” Aetius (2)”

De eerste Baiuvaren (1)

Reconstructie van twee Baiuvaren (Museum Aschheim)

In een eerder blogje schreef ik over het lemma dat de Thesaurus Linguae Latinae (het grote oerwoordenboek van de Latijnse taal) wijdde aan de Baiuvaren, zoals de bewoners van het huidige Beieren in de zesde eeuw na Chr. heetten. In dat eerdere blogje behandelde ik het korte tekstje dat bekendstaat als de Frankische Volkentabel.

In de twee blogjes van vandaag neem ik de andere bronnen onder de loep: de oudste vermeldingen van de Baiuvaren. Weliswaar doen ook latere, middeleeuwse auteurs weleens verslag van de zesde eeuw en vermelden ook zij daarbij de Baiuvaren, maar ik beperk me tot de begintijd. De eerste bekende hertog (dux) van de Baiuvaren was Garibald I, die de titel in 548 kreeg van de Frankische koning Theudowald (meer).

Lees verder “De eerste Baiuvaren (1)”

Vienne

De “triomf van Vienne” (Lugdunum, Lyon)

In mei 1992, deze maand drieëndertig jaar geleden, maakte ik een lange fietstocht naar Griekenland. Ik ging dwars door Frankrijk – Reims, Troyes, Alesia, Beaune – en op een dag bereikte ik Lyon. Op de Place Bellecour, zoals het mooie centrale plein heet, trok mijn met tent en tassen beladen fiets wat bekijks en ik raakte aan de praat met een jonge vrouw die, als ik het me goed herinner, Adrianne heette. Het was een hartelijk gesprek, en eigenlijk was ik niet eens heel erg verbaasd toen ze m even later in Vienne opwachtte met dingen die ik op de camping lekker zou vinden. Een reiziger heeft altijd leuke ontmoetingen, maar deze zal me altijd bijblijven. En dus heb ik ook warme herinneringen aan Lyon en Vienne.

Gallisch oppidum

Die laatste stad ligt aan de samenvloeiing van de rivieren Rhône en Gère. Ze is ontstaan toen de Gallische stam der Allobrogen een oppidum (heuvelfort) inrichtte op de heuvels die tegenwoordig Pipet en Sainte-Blandine heten. De stam werd in 120 v.Chr. door de Romeinen onderworpen – de zegevierende generaal Quintus Fabius Maximus kreeg de bijnaam Allobrogicus – en kregen te verstaan dat ze aan de voet van hun heuvel moesten gaan wonen. Een stad in een rivierdal was voor de Romeinen immers makkelijker in te nemen dan een nederzetting op een heuvel.

Lees verder “Vienne”

Romeins Lyon

Het altaar van de drie Gallische provincies in Lyon (Thermenmuseum, Heerlen)

Ik ben gisteravond aangekomen in Lyon. Een oude stad, met een voor-Romeins verleden. Er zijn hier twee Keltische nederzettingen geïdentificeerd, waarschijnlijk bewoond door de stam van de Segusiavi; ze gaan terug op de vroege La Tène-tijd, zeg maar 450 v.Chr. De ene nederzetting was een oppidum, een heuvelfort, op de westelijke oever van de Saône; deze locatie staat bekend als Fourvière. De andere nederzetting lag op de landtong tussen de Saône en de Rhône. Deze vroege stad heette mogelijk Lugudunon (“heuvel van Lugus”). Die naam is in elk geval aangetroffen op een munt uit 42 v.Chr. Het moge duidelijk zijn dat de Latijnse naam Lugdunum daarvan is afgeleid.

Het vroege Lyon lag dus aan de samenvloeiing van twee belangrijke rivieren. De Saône verbond de regio met de Moezel en de Rijn, en de Rhône leidde in de richting van de Boven-Donau. We kunnen ons het vroege Lyon voorstellen als een handelscentrum. Dat wordt bevestigd door de aanwezigheid van Italische amforen en Grieks aardewerk.

Lees verder “Romeins Lyon”

De “Frankische Volkentabel” in de Thesaurus Linguae Latinae

De Thesaurus Linguae Latinae, het grote oerwoordenboek van de Latijnse taal, kent ook een Onomasticon: een lijst van in het Latijn overgeleverde eigennamen. Het is bijgehouden tot de letter D en dus is er ook een vermelding van de Baiovarii ofwel Baiuvaren ofwel “Beieren”. Dat is vooral leuk omdat we weinig weten over de oorsprong van dit volk.

Zoals het plaatje hierboven toont zijn de Baiovarii blijkbaar een gens Germanica, wat op zich waarschijnlijk correct is, maar verder weinig zegt. De eerste, en dus oudste, vermelding is in een tekst die de TLL aanduidt als de GENER. reg. Franc. Volgens de index van de TLL is dit de generatio regum Francorum, ook wel bekend als de “Frankische Volkentabel”. Jona noemde die al eens.

Lees verder “De “Frankische Volkentabel” in de Thesaurus Linguae Latinae”

Siegfried, held van Nederland

Hagen doodt Siegfried, muurschildering uit Xanten

Een klein berichtje dat gisteren mijn aandacht trok: in Xanten wordt het Siegfriedmuseum (waarover ik wel vaker heb geschreven) bedreigd met sluiting. Nu eet men de soep doorgaans niet zo heet als die wordt opgediend. Vooralsnog wordt sluiting alleen maar onderzocht en museale collega’s uit Bocholt, aan de overzijde van de Rijn, schieten het Siegfriedmuseum te hulp, maar het is toch ietwat verontrustend. Er zijn wereldwijd slechts twee musea gewijd aan het middeleeuwse Nibelungenlied en zijn helden. En straks resteert misschien wel alleen het museum in Worms.

Toegegeven, het Siegfriedmuseum is het Louvre of het Vaticaan niet. Gevestigd in het oude gebouw van het archeologisch museum, is het vrij klein en wat onoverzichtelijk. En het gaat meer over het gebruik – en, zo u wil, misbruik – van de sage dan over de sage zelf. Daarvoor moet u in Worms zijn. Ik had in Xanten de indruk dat de loop er nooit echt in is gekomen. Maar toch. Xanten is wel de stad van Siegfried en de hoofdstad van wat in het Nibelungenlied “Nederland” heet: het noordelijke van twee koninkrijken aan de Rijn. Net als de Zwaanridder, die in zowel Nijmegen als Kleef aan land zou zijn gestapt, behoort tot Siegfried tot het gedeelde Duits-Nederlandse erfgoed. Frankisch, om zo te zeggen.

Lees verder “Siegfried, held van Nederland”

Theodorik

Munt van Theodorik namens keizer Anastasius (Staatliche Münzsammlung, München)

Twitter, dat was ooit leuk, tot schreeuwlelijkerds er de toon gingen zetten en Elon Musk er de macht overnam. Evengoed stonden er best leuke dingen, zoals de vier draadjes die de Gentse oudhistoricus Jeroen Wijnendaele in 2021 en 2022 postte over de Late Oudheid. Hier is de laatste, over Theodorik, voor u vertaald in het Nederlands.

***

1. Op deze dag in 526 na Chr., stierf Theodorik. Niet alleen had hij verschillende niet-Romeinse gemeenschappen en krijgsbenden omgesmeed tot één volk, de Ostrogoten, hij had ook Laat-Romeins Italië omgevormd tot het meest formidabele westerse koninkrijk van de vroege zesde eeuw.

Jeugd

2. Theodorik is rond 454 ergens in Midden-Europa (in Pannonië?) geboren, op een moment waarop deze regio verkeerde in een machtsvacuüm. Attila was in 453 gestorven en zijn zonen waren niet in staat het Hunnenrijk bij elkaar te houden. Dat resulteerde in de opstand van verschillende gemeenschappen tegen de Hunse overheersers.

Lees verder “Theodorik”

De identiteiten van Hariulf

Grafschrift van Hariulf (Landesmuseum, Trier)

De Romeinse bronnen noemen eindeloos veel Germaanse volken en stammen. Een zo’n groep is die van de Bourgondiërs, die we, op gezag van de geograaf Ptolemaios van Alexandrië, in de tweede eeuw na Chr. ergens tussen de Oder-Neisse en de Weichsel kunnen plaatsen. Later, in de crisis van 406/407 (meer…), zou deze groep naar het westen trekken. Dit is een andere manier om te zeggen dat de Bourgondische elite aansluiting zocht bij het netwerk van de Romeinse elites. Ze kregen land toegewezen langs de Rijn, vrijwel zeker rond Worms, waar archeologen inderdaad Oost-Germaanse voorwerpen hebben gevonden. Het Nibelungenlied bevat echo’s uit deze tijd.

Al eerder waren Bourgondiërs naar het westen getrokken. Ze golden als de aartsvijanden van de Alamannen, zoals de Romeinen de bewoners van het huidige Baden-Württemberg aanduidden. Toen keizer Valentinianus I aan de macht was gekomen en zich in 367 via een machtsdemonstratie verder wilde legitimeren, zocht hij een van de Alamannische leiders, een zekere Macrianus, uit als vijand en rukte tegen hem op, samen met de Bourgondiërs. Ergens aan de Neckar versloegen de Romeinen en Bourgondiërs hun tegenstanders.

Lees verder “De identiteiten van Hariulf”

Het Nibelungenmuseum van Worms

Hagen en het Rijngoud (standbeeld in Worms)

Volgens de Gallo-Romeinse kroniekschrijver Prosper Tiro maakte de Romeinse generaal Aetius in het jaar 435 een einde aan de heerschappij van de Bourgondische leider Gundihar:

Rond deze tijd versloeg Aetius Gundihar, de koning van de Bourgondiërs die woonden in de Gallische provincies. Toen hij om vrede smeekte, werd die hem verleend. Gundihar genoot echter niet lang van die vrede, aangezien de Hunnen hem en zijn volk uitroeiden.

Dit incident vormt de historische kern van het tweede deel van het Nibelungenlied, het nationale gedicht van Duitsland. Het is een duistere tekst over onheil en loyaliteit, die eerst de ondergang beschrijft van de stralende held Siegfried en in de tweede helft de verschrikkelijke wraak die zijn echtgenote Kriemhild neemt op degenen die verantwoordelijk zijn voor de dood van haar man. De eerste helft speelt in Worms, de residentie Gunther, en de tweede helft in het paleis van koning Etzel – namen waarin we Gundihar en Attila herkennen. Het is zeker mogelijk dat Attila als jonge man heeft deelgenomen aan de door Prosper Tiro vermelde veldtocht die resulteerde in de dood van koning Gundihar.

Lees verder “Het Nibelungenmuseum van Worms”