Vijf dagen Parijs

Illustratie uit een Arabisch commentaar op Galenus’ beschrijving van theriac (Institut du monde arabe, Parijs)

Je wil het liefst het nuttige met het aangename verenigen, en als je iets nuttigs te doen hebt in Parijs, is het vanzelf aangenaam. Aangenaam waren vooral de musea die ik kon bezoeken. Hierbij een paar aantekeningen.

Institut du monde arabe

Het Institut du monde arabe is gevestigd in een prachtig gebouw tegenover het Île Saint-Louis. De vaste collectie is niet wezenlijk vernieuwd, maar die is zo interessant dat dat ook niet nodig is. Er is momenteel een expositie over Bagdad in de negende eeuw. Die is opgehangen aan de laatste versie van Assassin’s Creed, zodat je niet alleen voorwerpen ziet die het leven in de hoofdstad van het Abbasidische Rijk documenteren, maar ook uitleg krijgt over het maken van zo’n game. Die uitleg is niet heel anders dan wat je in Groningen in StoryWorld verneemt over Horizon Zero Dawn, dus de voorwerpen trekken de meeste aandacht. Wat mij betreft was een beeldschoon manuscript van een vertaling van / commentaar op Galenus het hoogtepunt. En uiteraard de vaste collectie.

Lees verder “Vijf dagen Parijs” →

De poorten van Tell Balawat

Een van de reliëfs uit Balawat: de capitulatie van Tyrus (British Museum, Londen)

Een van de wonderen van het British Museum is de zogeheten Balawat Gate. Het gaat om de poort van een Assyrische tempel. Als u het museum binnen gaat, is links de garderobe, en onmiddellijk daarna is de zaal met deze tempelpoort. Als u de Steen van Rosetta ziet, bent u al te ver doorgelopen. De Balawat Gate is gevonden door archeoloog Hormuzd Rassam.

Hormuzd Rassam

Het verhaal van de archeologie in het Ottomaanse Rijk wordt vaak verteld alsof het gaat over westerse avonturiers die in het oosten de fundamenten – in meer dan één betekenis – van de beschaving opgroeven. Onwaar is dat niet, incompleet is het wel, want er waren volop Ottomaanse archeologen, waarvan Osman Hamdi de bekendste is. Hormuzd Rassam, geboren in Mosul, was een ander.

Hij was een veteraan, die het metier had geleerd tijdens Layards eerste expeditie naar Nimrud, vervolgens had gestudeerd in Oxford, en had behoord bij Layards staf tijdens zijn latere expedities. Rassam vond onder meer het kleitablet met het Zondvloedverhaal (onderdeel van het Epos van Gilgameš), deze stèle en de Cyruscilinder.

Lees verder “De poorten van Tell Balawat” →

De Etrusken in Ezinge

Etruskische spiegel

Een goed museum brengt bezoekers van buiten de regio tot begrip van die regio. En omgekeerd kan een goed museum bezoekers uit de eigen regio kennis laten maken met iets buiten die regio. Museum Wierdenland in het Groningse dorpje Ezinge is zo’n goed museum. De niet-Groninger krijgt er informatie over het leven op de wierden, terwijl de Groninger er momenteel kennis kan maken met iets waar ’ie anders 1600 kilometer voor op reis moet: de Etrusken.

De expositie “Etrusken – Pracht en Macht” begint wat verontschuldigend met de constatering dat op het moment dat de eerste bewoners zich vestigden op de wierde van Ezinge, dus zo’n 2500 jaar geleden, ook de Etruskische cultuur bloeide. Even verderop lezen we over de overeenkomst tussen de wierden en de Etruskische tumuli (allebei heuvels) en over het feit dat waterbeheer zowel in het Nederlands kustlandschap als in Etrurië belangrijk was. Zulke beweringen zijn overbodig. Aandacht voor de Oudheid behoeft geen rechtvaardiging. Het tijdvak is uit zichzelf voldoende interessant. En interessant zijn de Etrusken: een stedelijke cultuur die even oud is als de Griekse en die een handelsnetwerk had dat zich, via de Hallstatt– en de La Tène-mensen, uitstrekte tot in het hoge noorden.

Lees verder “De Etrusken in Ezinge” →

Dacië in Assen

Portretkop uit Petetu

Ergens rond 5000 v.Chr, ontdekten de mensen van de zogeheten Gumelnița-cultuur, in het zuidoosten van het huidige Roemenië, hoe ze koper moesten bewerken. In de volgende eeuwen leerde men op de Balken ook hoe men goud smeden kon. De oudste gouden sieraden dateren, voor zover ik weet, van rond 4600 v.Chr. en komen uit de omgeving van het huidige Varna in Noordoost-Bulgarije. Dit is de tijd van de laatneolithische culturen, waaraan het Luikse Musée Grand Curtius in 2019 een heel mooie expositie wijdde. Varna kon u kort daarvoor leren kennen bij de tentoonstelling “Het oudste goud van de wereld” in Dordrecht.

Het gulden vlies

Het is geen toeval dat het edelsmeden is ontstaan aan de oostkant van het Balkanschiereiland, want er waren hier diverse metaaladers, zodat sommige rivieren rijk aan goudpoeder waren. Zoiets viel te winnen door rivierklei op een vacht neer te leggen en uit te spoelen, waardoor klompjes en poeder op de vacht bleven kleven. Wellicht is deze methode de achtergrond van de Griekse sage over het Gulden Vlies. In elk geval: al heel vroeg was er goudwinning op het oostelijke Balkanschiereiland.

Lees verder “Dacië in Assen” →

Het Archéoforum van Luik

Romaanse sculptuur (Archéoforum, Luik)

Je kunt het op één dag doen: een bezoek brengen aan museum Le Phare in Andenne en aan het Archéoforum in Luik. Het eerste museum wijdt een complete verdieping aan één onderkaak: de onderkaak van een neanderthalermeisje. De bezoeker krijgt daarbij uitleg over alle wetenschappelijke technieken waarmee archeologen informatie verwerven. Dit is een superieur museum en ik ken in ons taalgebied niets dat de kwaliteit ook maar begint te benaderen.

Vijftig kilometer stroomafwaarts langs de Maas – er is een mooi RAVel-fietspad – is in Luik het Archéoforum. Het is complementair aan Le Phare. Waar in Andenne de nadruk ligt op de methoden, ligt in Luik de nadruk op de resultaten en de ethiek. Concreet: de bezoeker krijgt er informatie over de complexe en grote (70×50 meter) opgraving onder de huidige Place Saint-Lambert. Hartje Luik dus. Ook is er aandacht voor archeologische dilemma’s.

Lees verder “Het Archéoforum van Luik” →

Pou Hakanononga

Pou Hakanononga (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Sinds in 1962 een moai, zoals de beelden van Paaseiland heten, aanspoelde bij Zandvoort, zijn Nederlanders natuurlijk allemaal geboeid door die wonderlijke stenen kolossen. Alleen: waar kunnen u en ik ze zien? Niet iedereen kan even reizen naar Paaseiland of, zoals het eigenlijk heet, Rapa Nui. Gelukkig zijn er de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel, waar zo’n moai staat. Het beeld heet Pou Hakanononga, “baken bij een baai vol vis”. En het is niet zomaar een beeld.

Expeditie naar Paaseiland

Maar eerst: hoe komt Brussel aan zijn moai? Daarvoor moeten we bijna een eeuw terug, naar 1932, toen de Hongaars-Franse chemicus Guilleaume de Hevesy (de latere Nobelprijswinnaar) attendeerde op de overeenkomsten tussen het Indus-schrift en het schrift van het Paaseiland. Onzin natuurlijk: er liggen vier millennia en duizenden kilometers tussen de Indusvallei en het afgelegen eiland. Desondanks vertrok een Frans-Belgische expeditie naar de Stille Zuidzee. Aan boord van het schip waren de Belgische classicus Henri Lavachery, die een zucht had naar het mysterieuze, en de Zwitserse etnograaf Alfred Métraux, die niets geloofde van de theorieën van De Hevesy.

Lees verder “Pou Hakanononga” →

De villa’s van Romeins Limburg

Romeins Limburg: het zal niet het eerste zijn waaraan je denkt bij het Romeinse Rijk. Het behoorde echter wel degelijk tot het wereldrijk. Het zuidelijke deel van Nederlands Limburg was rijk geworden door de productie van graan, waar in de wijde regio vraag naar was. Zuid-Limburg kende de hoogste concentratie landhuizen in Nederland. De tentoonstelling “Romeinse villa’s in Limburg”, momenteel te zien in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, brengt die landhuizen en de mensen die er woonden, weer tot leven met prachtige reconstructies en even interessante als mooie voorwerpen.

Caesars tegenstanders

Met zijn glooiende heuvels onderscheidt Zuid-Limburg zich van de rest van Nederland, dat immers een overwegend vlak land is. In de eerste eeuw v.Chr. had het heuvelland al een eeuwenlange geschiedenis van autarkische boerengehuchten, gelegen tussen velden vol wuivend graan.

Lees verder “De villa’s van Romeins Limburg” →

Archäologische Staatssammlung, München

Sieraden van een Baiuvaarse dame (Archäologische Staatssammlung, München)

Diluviale regens in zuidelijk Duitsland, ook in München, en de meteorologische dienst had een waarschuwing afgegeven: “Gefahr für Leib und Leben durch Überflutungen von Straßen/Unterführungen sowie gewässernahen Gebäuden; mögliche Erdrutsche.” Volmaakt museumweer dus. En daarom bezochten mijn betere helft en ik afgelopen zaterdag de Archäologische Staatssammlung. Het museum met de nationale collectie van Beieren is een maand geleden na een verbouwing heropend.

En het is een triomf. Zeg maar iets in de orde van het Akropolismuseum. De verzameling zelf is indrukwekkend, er zit een heldere visie achter de opstelling en die visie is ook effectief uitgewerkt. Het museum is nog niet helemaal klaar, overigens. De toelichting in het Engels en Beiers is nog niet overal aanwezig en er zijn nog geen tentoonstellingen. Althans niet in het museumgebouw; op verschillende plekken in de stad is aangegeven wat daar is opgegraven. Wie bijvoorbeeld vanaf de Odeonsplatz de Hofgarten binnenloopt, kan daar ontdekken dat hier ooit een Romeins reliëfje is opgegraven. Maar ook al is er nog geen tentoonstelling in het museum zelf, de collectie is klaar en staat prachtig opgesteld. Het personeel heeft er zin in en je voelt je welkom.

Lees verder “Archäologische Staatssammlung, München” →

Culturele toe-eigening

Monet, La Japonaise

Culturele toe-eigening: ineens was die term er, althans voor mij, twaalf jaar geleden, toen een Nederlandse zangeres een Indiaanse verentooi wilde dragen bij het Eurovisie-songfestival. Ze zou zich iets hebben toegeëigend uit een cultuur die niet de hare was. Het was een soort klacht waarvan ik nooit eerder had gehoord.

Daar zijn verklaringen voor. De eerste is: er zijn machtige en minder machtige culturen en omdat ik behoor tot een wat machtigere cultuur, ben ik er minder op gespitst dat het verkeerd is als iemand uit een machtige cultuur iets toe-eigent uit een minder machtige cultuur. Vandaar dat ik er nooit van had gehoord. Met die verklaring neem je de constatering serieus, maar ik vind het wat makkelijk aan te nemen dat machtigere culturen per se insensitief zijn. Makkelijk vind ik ook een andere verklaring voor mijn onwetendheid: dat je zegt dat het overnemen van dingen uit andere culturen het wezen is van beschaving. Dan maak je je met een dooddoener af van het verwijt. Dat is dus ook wat al te gemakkelijk.

Lees verder “Culturele toe-eigening” →

De Europese canon (26-30)

De Capitolijnse Musea

Het zevende blogje in de reeks over de Europese historische canon behandelt het tijdperk van de revoluties, zeg maar de achttiende eeuw.

Het museum

Periode: 1734

De Capitolijnse Musea in Rome gelden als het oudste museum ter wereld, al waren er natuurlijk altijd rijke mensen met mooie verzamelingen, die ze graag aan anderen toonden. De collectie op het Capitool, waar het Romeinse stadhuis staat, gaat terug tot 1471, toen paus Sixtus IV een paar bronzen beelden schonk aan de stad. Daar kwam sindsdien een enorme collectie standbeelden en inscripties bij.

Wat in 1734 nieuw was, was dat de stad het museum open stelde voor het publiek. Kunst was niet langer iets van de eigenaren, maar werd het gemeenschappelijk bezit van de mensheid. Het museum bestond ooit uit één vleugel naast het raadhuis, daar kwam al snel een tweede vleugel bij; in de twintigste eeuw annexeerde het museum een aangrenzend paleis en de laatste uitbreiding is een ondergrondse corridor onder het stadhuis. Het beroemdste stuk op het Capitool is de middeleeuwse wolvin.

Lees verder “De Europese canon (26-30)” →