De Edomieten

Koper uit de Araba (Jordan Museum, Amman)

Omdat ik volgend voorjaar een reis naar Jordanië organiseer, leek het me aardig om iets te vertellen over de volken die daar vroeger woonden. Dat waren aanvankelijk de IJzertijdrijkjes van de Ammonieten, Moabieten en Edomieten, ruwweg even oud als Juda en Israël, aan de overzijde van de rivier de Jordaan. Hun woongebieden werden ingelijfd in de rijken van de Assyriërs, Babyloniërs en Perzen. Toen Alexander de Grote laatstgenoemden had onderworpen, kwam de regio in handen van hellenistische heersers; we lezen dan over de Nabateeërs. De Romeinen stichtten er een Dekapolis, een “tienstedenbond”, en uiteindelijk zien we dat de macht verschuift naar de Arabieren, die al voor de komst van de islam dominant zijn. Al die volken zijn al aan bod geweest of komen nog aan bod. Vandaag echter: de Edomieten.

Edom lag direct ten zuiden van de Dode Zee, aan weerszijden van de slenk die we de Araba noemen, de bijbelse Zoutvallei. De naam van het koninkrijk, Edom dus, betekent zoiets als “het rode land” en verwijst vermoedelijk naar de rossige kleuren van het Seir-gebergte. De naam is heel oud, want ze duikt al op in Egyptische teksten. Zo mochten tijdens de regering van koning Merenptah (r.1213-1203) “de Šasu-nomaden uit Edom” het koninkrijk van de Nijl betreden. Deze vermelding is interessant omdat ze bewijst dat er in de Late Bronstijd nomaden heen en weer trokken door de Sinaïwoestijn. Dat biedt een context voor de verhalen over de tocht van Mozes en de Hebreeën. Lees verder “De Edomieten”

Faits divers (17)

Mykeense krater (dertiende eeuw v.Chr.; Cyprusmuseum, Nicosia)

In de reeks faits divers deze keer van alles en nog wat. Daarom heet het ook faits divers natuurlijk.

Correctie

Eerst maar even een correctie. Ik blogde laatst over Al-‘Ula en vertelde toen dat de noordelijke nederzetting Hegra heette, een oude naam, waarvan ik zei dat die correspondeerde met een Perzische vorm én de bijbelse naam Hagar, de moeder van Ismaël en stammoeder van allerlei zuidelijke volken die we nu gemakshalve Arabisch noemen. Benjamin Suchard van de universiteit in Leuven attendeert me erop dat dit niet klopt.

Hegra, schrijft hij, is een weergave van het Aramese חגרא ḥegr-ā = Arabisch الحِجْر al-ḥiǧr, en dat betekent zoiets als “ommuurde plaats”. De moeder van Ismaël heet echter הָגָר hāḡār, en dat is echt een ander woord. Het zou verwant kunnen zijn met het Arabische werkwoord هاجر hāǧara, “van stad wisselen”, wat voor de stammoeder van een halfnomadisch volk natuurlijk niet zo’n gekke naam is.

Lees verder “Faits divers (17)”

De rand van de oude wereld: Al-‘Ula

De omgeving van Al-‘Ula

Zoals u wellicht weet, proberen de Arabische oliestaten zich aan te passen aan een wereld waarin de petroleumdollars niet langer als vanzelf binnenstromen. Men investeert in groene technologieën, zet in op scholing, ontwikkelt filmstudio’s en haalt toeristen binnen. Saoedi-Arabië heeft het noordwesten, dat grenst aan Jordanië en de Rode Zee, aangewezen als ontwikkelingszone. Daar strekt de Al-‘Ula-oase zich uit over een lengte van ongeveer veertig kilometer. Althans, dat heb ik gelezen; ik ben nog nooit in Saoedi-Arabië geweest. In elk geval is het gebied weliswaar droog, maar zijn er flashfloods; wie dammen, qanats (ondergrondse waterleidingen) en cisternen bouwt, kan het water goed beheren en boomgaarden aanleggen. Denk aan palmbomen.

Dedan / Lihyan

Binnen de oase zijn diverse nederzettingen, die zich in de Vroege IJzertijd ontwikkelden tot het vroege koninkrijkje Dedan. De voornaamste nederzetting is geïdentificeerd bij Al-Khuraybah. Het is hetzelfde proces als waarmee in het noorden Edom, Moab, Ammon, Juda en Israël ontstonden. Hoewel onze informatie beperkt is, zijn diverse monumenten geïdentificeerd, zoals de tempel voor Dhu Ghaybah, de god van het water en de landbouw. De inscripties zijn geschreven in een alfabet en een taal die we Dedanitisch noemen. De Arabische taal arriveerde pas later.

Lees verder “De rand van de oude wereld: Al-‘Ula”

Nieuwe oude alfabetten

Dedanitische inscriptie (Koning Saoed-universiteit, Riyad)

Ik heb al eens geschreven dat het niet de Feniciërs waren die het alfabet uitvonden, al hebben ze het wel doorgegeven aan de Grieken. Sinds het begin van de twintigste eeuw is bekend dat in de Sinaï-woestijn al alfabetisch werd geschreven in wat egyptologen de Tweede Tussenperiode noemen, tussen 1800 en 1550 v. Chr.

Primitievelingen

Nog oudere aanwijzingen voor het gebruik van iets dat alfabetisch kan worden genoemd, komen uit de Wadi el-Hol in Boven-Egypte. Daar lijken vermoedelijk West-Semitisch-sprekende arbeiders rond 1900 v.Chr. graffiti te hebben aangebracht. Je kunt je voorstellen hoe Egyptische klerken op die mensen neerkeken: wie een beetje wilde schrijven moest honderden hiërogliefen kennen, dat stelletje primitievelingen kende maar twee dozijn tekens, wat een simpelaars toch, die Aziaten konden nog niet eens een fatsoenlijk determinatief noteren.

Lees verder “Nieuwe oude alfabetten”

Een Joods graf uit Saoedi-Arabië

Joods grafschrift uit Hegra

Een paar jaar geleden kondigde de Saoedische oudheidkundige dienst aan dat ze meer aandacht zou besteden aan het joodse erfgoed op het Arabische Schiereiland. Het is al heel lang bekend dat dit er is want ooit was Jemen een Joods koninkrijk. De islamitische traditie vertelt over hardhandige conflicten tussen Mohammed en joodse stammen. Vreemd is het dus niet dat er aandacht voor is, zeker nu Saoedi-Arabië en Israël elkaar hebben gevonden in hun vijandschap met Iran.

Toch is het blijkbaar nog een stap te ver om er ook mee te koop te lopen. Een voorbeeld is het bovenstaande grafschrift, dat is opgegraven in het Al-Mabiyat-grafveld bij het Romeinse fort Hegra (Al-‘Ula) en dat deel uitmaakt van de archeologische collectie van de Koning Saoed-Universiteit in Riyad. Ze is tot 8 maart nog te zien op de overdonderend mooie Al-Ula-expositie in het Institut du Monde Arabe in Parijs. De bovenste helft van de inscriptie, waarin de naam van een overleden man moet hebben gestaan, is verloren maar het restant is intrigerend.

Vrede (šlm) over het graf van Rammanat, zijn echtgenote, de dochter van Yusuf, de zoon van Irar uit Qaryat. Ze overleed op 26 ijar van het jaar 175.

Lees verder “Een Joods graf uit Saoedi-Arabië”

De wierookroute (2)

Ergens langs de Wierookroute ontmoeten deze vrouw en deze man elkaar bij een bron (Istanbul, Archeologische Musea)

Van Shabwa naar Gaza

arabia_mapNa de formaliteiten in Shabwa reisden de handelaren verder. De routes lagen vast en volgens Plinius gold het als misdrijf een andere weg te nemen. De karavanen trokken eerst naar Timna en Marib, de hoofdsteden van Qataban en Saba. Daar wendden ze zich naar het noordwesten, naar de vruchtbare oase van Najran, waar de kooplieden de stedelijke wereld van Jemen verlieten en begonnen aan de tocht door het Arabische nomadengebied.

Lees verder “De wierookroute (2)”

Tayma

Inscriptie uit Tayma: “Geplaatst door Sasag, de zoon van Abdosiris, de zoon van Qursan”.

De Tayma-oase ligt in het noordwesten van het huidige Saoedi-Arabië, langs de handelsroute die ooit van Yathrib (Medina) en Khaybar leidde naar de Duma-oase en Mesopotamië. Oeroude qanats (ondergrondse waterleidingen) en de stenen die ooit de velden afbakenden, duiden op een landbouweconomie die vrij complex was.

Archeologen vonden ook “Qurayya painted ware”, een type aardewerk dat in het laatste kwart van het tweede millennium v.Chr. is vervaardigd. Het wijst op handelscontacten die reikten tot in de Araba, de vallei op de grens van Jordanië en Israël tussen de Dode Zee en de Rode Zee. De Taymanieten hebben misschien dadels, aluin en steenzout verkocht en zullen daarvoor wel koper terug hebben gekregen. Een inscriptie met de naam van koning Ramses III (r.1184-1152) bewijst dat ook Egyptische kooplieden Tayma wisten te vinden

Lees verder “Tayma”