Het einde van de Avaren

De aartsengel Michael (Kunsthistorisch Museum, Boedapest)

Ik heb al een paar keer eerder geblogd over de Avaren: een groep steppenomaden die in de zesde eeuw n.Chr. naar het westen kwam, zich vestigde in wat nu Hongarije, Kroatië, Servië en Roemenië is en daarvandaan een serieuze bedreiging vormde voor het Byzantijnse Rijk. Ik blogde al over de val van Sirmium. In het kielzog van de Avaren trokken ook andere volken naar het Balkanschiereiland, zoals de Bulgaren en de Slavische migranten die zich vestigden in wat nu Griekenland heet. In 626 belegerden de Avaren zelfs Constantinopel.

Dat was echter het voorlopige eindpunt van hun expansie want nadat hun leider, de khagan, het beleg had afgebroken, kwam het in het Avaarse Rijk tot een burgeroorlog tussen een Avaarse en een Bulgaarse troonkandidaat. Hiermee was de dreiging voor Constantinopel afgewend maar het khaganaat bleef nog een kleine twee eeuwen bestaan: dé grote Centraal-Europese macht. Omdat de Avaren zelf niets opschreven, weten we er maar heel weinig van. Het staat wel vast dat ze eind achtste eeuw nog altijd heidens waren, wat in 791 voor Karel de Grote voldoende reden was om ze aan te vallen met een enorm leger van Franken, Saksen, Friezen, Thüringers en Beieren.

Lees verder “Het einde van de Avaren”

De Avaren

Laten we er kort en duidelijk over zijn: de Avaren zijn een van de allerbelangrijkste spelers geweest in de geschiedenis van Europa. Ruim een kwart millennium, laten we zeggen van 550 tot 800 ofwel van Justinianus tot Karel de Grote, beheersten ze het centrum van het werelddeel, ruwweg van wat nu Oostenrijk heet tot halverwege Bulgarije. Een supermacht. We kunnen er echter even kort en duidelijk over zijn dat wat we over hen weten, omgekeerd evenredig is aan hun belang. Kortom, een vrijwel vergeten koninkrijk of (zoals ze het zelf noemden) khaganaat.

Het standaardwerk over de Avaren is al sinds jaar en dag – nou ja, eigenlijk bedoel ik sinds 1988 – Die Awaren. Ein Steppenvolk im Mitteleuropa, 567-822 n.Chr. van de Weense historicus Walter Pohl. Ik heb het boek jaren bezeten, las het ooit voor een kwart, verloor de draad, hernam de lectuur, heb het in Boedapest in een hotel laten liggen en vergat het daarna. Ik heb die omissie goed kunnen maken nu enkele maanden geleden een verbeterde, Engelse versie is verschenen: The Avars. A Steppe Empire in Central Europe, 567-822.

Lees verder “De Avaren”

Een kroon van de Hunnen

Kroon (Nationaal Museum van Hongarije, Boedapest)

Ik heb het er weleens eerder over gehad: in musea vind je veel aardewerk omdat dit materiaal niet makkelijk écht kapot te krijgen is – het breekt hooguit – en ook niet zó kostbaar is dat je er bijvoorbeeld voor terugloopt om het uit een brandend huis te halen. Goud is iets anders. Als een dorp is verwoest, door mensenhanden of door natuurgeweld, gaan mensen daar nog eens naartoe om het edelmetaal veilig te stellen. Sieraden zijn daardoor in museumcollecties ondervertegenwoordigd.

In vaktermen: er is een c-transformatie geweest, een culturele handeling die ervoor zorgt dat het bodemarchief geen gewone weergave is van wat er ooit is geweest. (Je hebt ook n-transformaties, een natuurlijk proces dat er bijvoorbeeld voor zorgt dat organisch materiaal makkelijker verdwijnt dan bijvoorbeeld bakstenen of aardewerk.)

De kroon hierboven is dus zeldzaam, te zien in het Nationaal Museum in Hongarije.

Lees verder “Een kroon van de Hunnen”

Hunse bruiden

Vervormde vrouwenschedel (Nationaal Museum van Hongarije, Boedapest)

Eerlijk gezegd houd ik er niet zo van als menselijke resten in musea liggen tentoongesteld. Zo ga je niet om met de doden. Van de andere kant begrijp ik ook wel dat bijvoorbeeld mummies en het botmateriaal uit pakweg Herculaneum belangrijke informatie bieden. Vandaar dat ik toch maar een foto heb gemaakt van de schedel hierboven, die ligt in een vitrine in het Hongaarse Nationaal Museum in Boedapest (waar u, bij een bezoek, vooral het lapidarium in de kelder moet bekijken).

Wat we tot voor kort zeker wisten was dat deze vervormde schedel dateerde uit de Late Oudheid en dat het gaat om een vrouw. Meteen na haar geboorte is haar hoofd ingebonden, waardoor het deze aparte vorm heeft gekregen. Er zijn er meer gevonden. Vermoedelijk gaat het om de resten van Hunnen, de steppenomaden die vanaf de late vierde eeuw vanuit Centraal-Azië naar het westen kwamen en wel voor eeuwig geassocieerd zullen blijven met moord & doodslag, ook al is allang bekend dat de praktijk genuanceerder was. De reputatie van koning Attila als “gesel Gods” vlakken we echter niet meer uit.

Lees verder “Hunse bruiden”

Avaren

Hoorn uit een Avaars graf (Nationaal Museum, Boedapest)
Hoorn uit een Avaars graf (Nationaal Museum, Boedapest)

De Romeinse wereld was altijd bedreigd, of voelde zich bedreigd, door de bewoners van de omringende gebieden. De auteurs van onze bronnen besteden veel aandacht aan de conflicten en beschrijven de tegenstanders als de wildste barbaren. Zo heeft het idee kunnen ontstaan dat het altijd oorlog was, dat het Imperium Romanum ten onder ging toen de druk op de grenzen te groot werd en dat de wildste woestelingen de macht overnamen. De standaarduitdrukking is “Grote Volksverhuizingen” en bij mijn weten denkt alleen Mark Rutte nog dat het echt zo is gegaan.

De bronnen geven voldoende informatie om te zien dat het niet klopt. Als een van die verhuizende volken in de vijfde eeuw Catalonië bereikt en wordt aangevallen door een lokaal Romeins leger, blijkt de volledige stam te passen binnen de stadsmuren van één stad, Barcelona. Zo talrijk waren de barbaren dus niet. Trouwens, hoe barbaars waren die barbaren eigenlijk als we ze archeologisch niet kunnen onderscheiden van de Romeinen uit die tijd? Sterker nog: we weten dat weggelopen slaven en opstandige boeren zich graag aansloten bij zo’n migrantengroep, wat erop duidt dat die groepen etnisch niet zo homogeen waren als hun stamnamen suggereren. Als je tot slot ziet dat de leiders van de migranten carrière maakten binnen het Romeinse staatsapparaat, komt de vraag op wat het verschil was tussen een Romein en een Frank, Visigoot of Vandaal.

Lees verder “Avaren”

Marcus Antonius

Marcus Antonius (Museum voor Schone Kunsten, Boedapest)
Marcus Antonius (Museum voor Schone Kunsten, Boedapest)

Ergens is het gewoon een sprookje: de dappere soldaat die trouwt met de prinses en zou kunnen heersen als koning. Daarnaast is het een ontroerende tragedie als een koningstelg probeert haar land te redden, geen middel onbenut laat en faalt. Als het verhaal zich dan ook nog afspeelt in een mysterieus land als Egypte, is succes verzekerd.

En inderdaad. De Romeinse generaal Marcus Antonius en de Egyptische koningin Cleopatra behoren tot de bekendste personages uit de Europese cultuurgeschiedenis. In de Renaissance schreef Giovanni Boccaccio al over het tweetal, William Shakespeare bracht het verhaal op de planken, Blaise Pascal achtte Cleopatra’s neuslengte van wereldhistorische belang, ruim 210 schilders en 100 componisten benutten de stof. Er gaat geen jaar voorbij zonder dat een gemakzuchtige netwerkcoördinator de Hollywoodfilm met Elisabeth Taylor en Richard Burton programmeert. Nu de materie vervelend wordt, is er de parodie. De Duitse romantici wisten er al raad mee, stripliefhebbers koesteren Asterix en Cleopatra, en de moord op Julius Caesar in het pismelige Carry on Cleo is ooit uitgeroepen tot een van de hoogtepunten van de Britse komedie.

Lees verder “Marcus Antonius”

Mongolenstorm

Nishapur: slachtoffers van de Mongoolse aanval. Let op het gat in de schedel links.
Nishapur: slachtoffers van de Mongoolse aanval. Let op het gat in de schedel links.

De vaste lezers van deze kleine blog weten het: ik probeer vat te krijgen op de complexe geschiedenis van Centraal-Azië door haar te reduceren tot “vier vegen” over de landkaart (1, 2, 3, 4, 5, 6). De eerste veeg was – ik verval in herhaling, maar dat zij zo – de noord-zuid-beweging waarmee de Indo-Europese volken het gebied tot een eenheid maakten. De tweede was de komst van de islam, waarmee de religieuze landkaart kwam te ontstaan. De derde “veeg” is de Mongolenstorm, waarover ik vandaag zal schrijven: de etnische grenzen werden getrokken. Later deze week de komst van de Russen en het ontstaan van de moderne staten.

Wie waren die Mongolen? Hoe kon een betrekkelijk eenvoudig steppevolk uit de noordelijke periferie van het Chinese keizerrijk in 1206 beginnen aan een reeks aanhoudende successen, die leidde tot de inname van Peking (1215) en daarna de verovering van Centraal-Azië (1220), Rusland (1237), Hongarije (1241), Perzië (1253), Irak (1258), Palestina (1260), zuidelijk China (1276), Sumatra (1293) en Burma (1297)? Wat verklaart zoveel succes?

Lees verder “Mongolenstorm”