De val van Nineveh

De laatste verdedigers van Nineveh

Hoe het Assyrische Rijk precies ten onder is gegaan, er is niemand die het weet. Onder koning Esarhaddon had het nog Egypte onderworpen, onder Aššurbanipal bloeide het wereldrijk, maar vanaf diens dood kampte het met steeds meer problemen: onrust in het binnenland, onrust in Babylonië, onrust aan de grenzen. De Egyptenaren en Babyloniërs wisten onafhankelijk te worden en de laatsten bestreden hun voormalige meesters, daarbij geholpen door de Meden uit het Zagrosgebergte. De stad Aššur viel in 614, Nineveh twee jaar later, en in 610 kwam er ook een einde aan de laatste Assyrische burcht in Harran.

Die feiten staan vast, maar niemand weet waarom het zo liep. Het helpt niet dat we voor deze periode van verval minder bronnen hebben. Imperial overstretch kan een factor zijn geweest voor de neergang van Assyrië. Dat het rijk sowieso nooit meer is geweest dan een plundermachine, zal ook een rol hebben gespeeld. In elk geval: in 612 was het voorbij.

Lees verder “De val van Nineveh”

De leeuwenjacht van Aššurbanipal

De leeuwenjacht van Aššurbanipal

Vandaag het einde van mijn reeks over museumstukken die te maken hebben met de expositie over Nineveh in het Rijksmuseum van Oudheden. Volgende week nog iets over de val van de Assyrische hoofdstad en daarna wil ik op gezette tijden schrijven over andere Assyrische zaken, al weet ik momenteel nog niet wat. Maar vandaag de laatste aflevering uit deze museumstukkenreeks en dat moet dus wel een hoogtepunt zijn uit de oud-oosterse kunst: de leeuwenjacht van koning Aššurbanipal.

De reliëfs zijn zo rond 650 v.Chr. vervaardigd. U zult ervoor naar het British Museum moeten, want dit soort kunstvoorwerpen lenen musea niet gemakkelijk aan elkaar uit. Alles klopt aan de leeuwenjacht van koning Aššurbanipal. De leeuwen zijn perfect weergegeven, de anatomie van de en profil afgebeelde jagers is in orde. De reliëfs moeten ooit beschilderd zijn geweest maar ook zonder kleur zijn ze fenomenaal. Maar waarom werden ze eigenlijk gemaakt?

Lees verder “De leeuwenjacht van Aššurbanipal”

De bibliotheek van Aššurbanipal

Sumerisch-Akkadisch woordenboek (Louvre, Parijs)

Ik ben de afgelopen week drie keer met de trein heen en weer geweest naar Leeuwarden en hoewel die rit niet zo druk is als die naar Hilversum, Utrecht of Leiden, ben je ook op weg naar het noorden gedwongen mee te luisteren naar andermans gesprekken. Zo ontdekte ik het onbegrijpelijke feit dat er mensen zijn die nog niet naar zijn geweest de expositie over Nineveh in het Rijksmuseum van Oudheden. Heel gek.

Voor degenen die er nog niet waren, blog ik nog maar eens over een Assyrisch voorwerp: een kleitablet. Daarvan zijn er in Nineveh tienduizenden gevonden. In het paleis van koning Aššurbanipal waren het er zelfs zo veel dat de opgravers meenden dat het ging om een complete bibliotheek. Weliswaar was veel materiaal in feite geschreven voor zijn voorgangers, maar de naam “bibliotheek van Aššurbanipal” is blijven hangen.

Lees verder “De bibliotheek van Aššurbanipal”

MoM | Altijd te weinig bewijsmateriaal (2)

Grafmasker uit Nineveh (British Museum, Londen)

In het eerste deel van dit stukje wees ik erop dat er discussie is over het bestaan van een Damis-bron die Filostratos kan hebben gebruikt bij het schijven van het Leven van Apollonios van Tyana. Eén van de argumenten daartegen is dat Filostratos Damis typeert als inwoner van Ninos, dat wil zeggen Nineveh. Die stad was echter in 612 v.Chr. verwoest,  wat zou suggereren dat Filostratos iets verzon.

***

Nineveh was dan wel in 612 verwoest, de stad was niet volledig verlaten. De Atheense huurling Xenofon bezocht “Mespila”, zoals de stad inmiddels heette, in 401 v.Chr. en beschrijft de stadsmuren (Anabasis 3.4.10). De dag ervoor daarvoor had hij “Larissa” bezocht, waarin we Nimrud herkennen. Xenofon vertelt hoe de bewoners van die stad waren gevlucht naar de ziggurat die onlangs door ISIS de Tigris is ingebulldozerd (Anabasis 3.4.6-9).

In beide steden zijn voorwerpen gevonden uit alle eeuwen. Toen ik vorig jaar een Nineveh-nummer van Ancient History Magazine redigeerde, plaatste ik een afbeelding van wat oorbellen uit de Parthische tijd maar het grafmasker dat dit artikel siert zou eveneens hebben gekund. Het dateert uit de tweede eeuw n.Chr. Opnieuw verbreden we het werkterrein door er aanvullende informatie bij te halen, en wel uit de archeologie. Simpel gezegd: de oudheidkundige die Filostratos in de schoenen schoof dat hij Damis uit een niet-meer-bestaande stad liet komen, vergat dat er meer informatie bestaat dan alleen tekstuele.

Lees verder “MoM | Altijd te weinig bewijsmateriaal (2)”

MoM | Altijd te weinig bewijsmateriaal (1)

Grafmasker uit Nineveh (British Museum, Londen)

Ik heb het al eerder geschreven maar doe het nog een keer: als je bezig bent met de Oudheid, heb je altijd te weinig bewijsmateriaal en kun je je niet permitteren ook maar één snippertje informatie te negeren. Het bovenstaande gouden grafmasker – gevonden in Nineveh, behorend tot de collectie van het British Museum en momenteel te zien op de Nineveh-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden – illustreert dit punt.

Maar eerst een filologische kwestie. In de derde eeuw schreef de Griekse auteur Filostratos het Leven van Apollonios van Tyana, een geromantiseerde biografie van een charismatische wijze-wonderdoener uit de eerste eeuw n.Chr. die in alle uithoeken van de destijds bekende wereld wijsheid zou hebben gezocht. Op zijn reis richting India ontmoette hij in “Ninos” zijn leerling Damis, die memoires op schrift zou hebben gesteld die voor Filostratos een bron van informatie zouden zijn geweest.

Lees verder “MoM | Altijd te weinig bewijsmateriaal (1)”

Nergal en de NASA

Reliëf van de god Nergal uit Hatra (vermoedelijk vernietigd in het museum van Mosul)

Misschien verwacht u na mijn eerdere schrijfsels dat het bovenstaande reliëf uit Nineveh komt. En u heeft wel een beetje gelijk, want dit reliëfje was ooit te zien in het museum in de Noord-Iraakse stad Mosul, de hedendaagse voortzetting van de antieke hoofdstad van Assyrië. De foto is gemaakt door Diane Siebrandt, een van de drie Amerikaanse fotografen die enkele jaren geleden het Noord-Iraakse erfgoed vastlegden. Ik blogde al eens over hen.

Het reliëfje komt echter niet uit Nineveh maar uit Hatra, een van de best-bewaarde steden uit de Parthische tijd, dus zeg maar de twee eeuwen voor en de twee eeuwen na het begin van onze jaartelling. (De kleding is evident Iraans.) U kunt het kunstvoorwerp vrijwel zeker nooit meer zien, want de zogenaamd Islamitische Staat heeft het museum van Mosul kapot gemaakt en maakte daar duivelse filmpjes van die makkelijk op de sociale media werden gedeeld – filmpjes die niet alleen de vernietiging van het erfgoed documenteerden maar de terecht verontwaardigde, cultuurminnende verspreiders de rol gaven van propagandisten van de islamitische onheilstaat.

Lees verder “Nergal en de NASA”

Nineveh!

Koning Manishtusu

Het is een beetje lastig te bloggen over een expositie waar je zelf enorm naar hebt uitgezien. Ik bedoel natuurlijk de Nineveh-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden, waarover ik sinds juli elke vrijdag heb geblogd. Gistermorgen schoof ik aan bij de perspresentatie en zag ik eindelijk waar ik zo naar had uitgezien. Ik heb ervan genoten, maar dat was wel omdat ik blij was bekend materiaal terug te zien en onbekend materiaal te ontdekken. Dat is natuurlijk leuk voor mij, maar ik ben daardoor niet in de positie te beoordelen of anderen, voor wie het een eerste kennismaking is met Assyrië, er evenveel van zullen genieten.

Ik denk overigens dat u er plezier aan zult beleven. De bezoekcijfers van The Great Liao in het Drents Museum in Assen tonen dat Nederlanders kunnen genieten van een esthetiek die niet meteen aansluit op de westerse. Assyrische kunst mag dan soms wat ongebruikelijk ogen, je herkent meestal wel wat het voorstelt en wat de kunstenaar ermee wil zeggen. De bordjes met uitleg zijn erg verhelderend.

Lees verder “Nineveh!”