Strijdwagen

Reconstructie van een Cypriotische strijdwagen

Het Allard Pierson-museum in Amsterdam wordt verbouwd en de laatste keren dat ik er was heb ik de bovenstaande strijdwagen niet gezien. Hoewel hij lijkt op een Assyrische strijdwagen, zoals we die kennen van reliëfs, stond hij op de afdeling Cyprus: een wagen uit wat ik gemakshalve de IJzertijd zal noemen. Ik mis hem wel een beetje want het was een leuk ding om kinderen uit te leggen dat de Oudheid anders was. Geen auto maar een wagen, geen benzine maar paardenkracht. Voor volwassenen kun je toevoegen dat de energie dus niet uit delfstoffen kwam maar uit voedsel en dat trekdieren met mensen concurreren om de schaarse voedingsmiddelen.

Strijdwagens waren vooral belangrijk in de Bronstijd. U kent de afbeeldingen uit Egypte wel, waarop de koning als boogschutter staat afgebeeld, zijn vijanden verdelgend. Eigenlijk is dat een beetje problematisch, want het is volstrekt onmogelijk om staand in zo’n gammel bakje en rijdend over een oneffen terrein aan te leggen en te mikken. Het idee van rijdende schutterij moet u dus maar vergeten. Het is mogelijk dat strijdwagens vooral werden ingezet om op andere legers in te rijden, dus voor een shock-and-awe-aanval. Tijdens de veldslag op de vlakte bij Kadesh (1274 v.Chr.) sloegen de Hittitische strijdwagens inderdaad een complete Egyptische divisie uiteen.

Lees verder “Strijdwagen”

Votiefgift

Votiefgift uit de tempel van Aesculapius in Rome (Nationaal Museum, Rome)

Ik schreef onlangs over de leuke Bes-expositie in het Allard Pierson-museum en vertelde dat die ook aardig was voor kinderen. De voor dit doel gevraagde externe deskundige (8 jaar) beleefde veel plezier aan de speurtocht langs de diverse beeldjes en reliëfjes van de kleine Egyptische godheid. Ik schreef ook dat de Grieks-Romeinse afdeling mooi aan het worden is. Die is echter voor kinderen wat minder toegankelijk.

Zo kwam het dat de externe deskundige bij de Etruskische voorwerpen wat verbaasd stond te kijken naar enkele votiefgiften, de voorwerpen die mensen in de Oudheid achterlieten bij een heiligdom na een genezing.

Lees verder “Votiefgift”

Horoscoop en sterrentaal

Leeuw of de berg Nemrud: voorbeeld van sterrentaal.

Een herinnering van lang geleden: die keer dat mijn zakenpartner en ik in Oost-Turkije de berg Nemrud wilden zien. Het is geen ongebruikelijke toeristische bestemming en er staan richtingborden, maar desondanks slaagden we erin met onze gehuurde Fiat Pinda de weg kwijt te raken. Toen we uiteindelijk de top bereikten, was het via allerlei onverharde paden geweest. Evengoed hadden we een prachtige middag met een schitterend uitzicht over de Eufraat en de onvergetelijke herinnering aan de Nederlandse vrouw die daarboven niets beters had te doen dan in zo’n destijds nieuwerwetse draagbare telefoon te brullen dat dit “the real thing” was en dat ze aan de andere kant van de lijn de kleine Bastiaan kon horen.

Anyhow.

De berg Nemrud is ruim 2100 meter hoog en daar bovenop heeft koning Antiochos I van Kommagene (r.ca.70-ca.31), zijn graf laten bouwen: een enorme tumulus van miljoenen grapefruit-grote stenen. Archeologen hebben geprobeerd die met dynamiet te verwijderen om zo bij de grafkamer te komen maar zoals het met de Dimitrovs dezer wereld gaat is dat niet gelukt, zodat de stenen er nog altijd liggen – zij het dat de berg instabiel is. Om de berg staan standbeelden van de goden en reliëfs van de koning en zijn voorouders. Er is een altaar en er is het bovenstaande reliëf van een leeuw.

Lees verder “Horoscoop en sterrentaal”

Bes, Your Friendly Neighborhood Helping God

Dansende Bes, met links Beset (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Eigenlijk houd ik niet zo van de animaties die je tegenwoordig ziet in tentoonstellingen. Ze zijn vaak wat kinderachtig en gaan nog lang door ook. Ik loop er dus meestal langs, op weg naar de eigenlijke voorwerpen. De openingsanimatie van de expositie “Bes, kleine god in het oude Egypte” in het Amsterdamse Allard Pierson-museum is echter perfect: een kort filmpje toont het leven van de oude Egyptenaren, bedreigd als dat was door wilde dieren en kwade geesten, en verklaart waarom mensen hunkerden naar goddelijke steun. Weliswaar waren Amun-Ra, Isis en Osiris te druk met het op orde houden van het universum, maar gelukkig was er altijd de god Bes, voor alle alledaagse zorgen. Your Friendly Neighborhood Helping God.

Met de animatie is de toon gezet voor een lichtvoetige tentoonstelling over een kleine maar nabije Egyptische godheid, die net als de zwangere nijlpaardgodin Taweret en de leeuwengod Toetoe de gewone mensen beschermde en hielp. Het is een geslaagde expositie. Als ik kinderen zou hebben, zou ik zo nog een tweede keer gaan. Dat doe ik trouwens sowieso, want ik wil nog wat foto’s maken.

Lees verder “Bes, Your Friendly Neighborhood Helping God”

Numidische grafstèle

Grafsteen uit Mascula (Algerije), nu in het Amsterdamse Allard Pierson-museum

Vorige week blogde ik over twee Numidische votiefstèles die ik ooit in het Louvre heb gefotografeerd. Beide waren gesteld in het Punisch, dateerden uit de tweede eeuw v.Chr., waren voorzien van het “teken van Tanit” en waren afkomstig uit hetzelfde heiligdom bij Cirta (Constantine in Algerije). De ene was een gewoon bedankje van een zekere Abdeshmun aan de god Baal-Hammon, de tweede was interessant omdat degene die de stèle had opgericht een Italische naam had. Niet onmogelijk, maar ik had in de tweede eeuw v.Chr. geen Italiaan in Algerije verwacht. Zo leren we elke dag bij.

Vandaag een andere Algerijnse inscriptie, dit keer uit Mascula (het huidige Khenchela), die ik fotografeerde in het Amsterdamse Allard Pierson-museum. Deze stèle is zo’n tweehonderd jaar jonger. Terwijl de vorige inscriptie een Romein of een Italiaan documenteerde die in het Punisch een lokale godheid aanbad, is dit keer de godheid geromaniseerd. Hij is bovenaan afgebeeld: dit is Saturnus. De aloude Baäl-Hammon, de heerser van het dodenrijk, had een nieuwe naam aangenomen, ongeveer zoals in Gallië de god Lug zich was gaan tooien met de naam Mercurius.

Lees verder “Numidische grafstèle”

De val van Karthago (4)

Slingersteen, opgegraven in de verwoestingslaag van Karthago (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

[Omdat ik een paar dagen naar Libanon ben – ik heb een heel zwaar leven – plaats ik vandaag, na eerdere reeksen over de Eerste en de Tweede Punische Oorlog, vier stukken over de ondergang van Karthago. in 146 v.Chr. Het eerste deel was hier.]

Het ging Scipio vooral om Byrsa, het sterke bolwerk van de stad waarheen de meeste inwoners hun toevlucht hadden gezocht. Er liepen vanaf de Markt drie toegangswegen naar toe, aan weerskanten begrensd door huizen van zes verdiepingen. Van hieraf werden de Romeinen beschoten, maar ze veroverden de eerste huizen, vanwaar ze de bewoners van de belendende percelen konden aanvallen.

Toen ze die eenmaal in bezit hadden, legden ze balken en planken als bruggen over de nauwe doorgangen en liepen er zo overheen. Dit leidde tot een gevecht op de daken, terwijl het samentreffen zich ook wel in de stegen afspeelde. Overal was gekreun, gekrijs en geschreeuw te horen en de dood nam vele vormen aan. Sommigen werden neergestoken of levend van het dak afgegooid, anderen kwamen terecht in de punten van speren, steekwapens of zwaarden.

Tot de komst van Scipio in Byrsa durfde niemand de huizen in brand te steken, vanwege de mensen op de daken. Maar hij liet daarop de drie stegen tegelijk in brand steken, zij het met de opdracht bij elke brand de weg voor anderen vrij te houden zodat het leger gemakkelijk kon oprukken of zich terugtrekken.

Lees verder “De val van Karthago (4)”

Bes

Reliëf van de god Bes (Karatepe)

Het lijp kijkende heerschap hierboven is de god Bes. Het reliëf is te zien in het zuiden van Turkije op een plek die ter plaatse bekendstaat als Karatepe, maar die, omdat in Turkije vrijwel ieder dorp Karatepe (“zwarte heuvel”) heet, door archeologen meestal wordt aangeduid als Aslantaş, “leeuwensteen”. In de Oudheid noemden de Neo-Hittitische bewoners de stad Azatiwataya.

Het natuurstenen reliëf bewaakt een van de stadspoorten en is gemaakt tegen het einde van de achtste eeuw v.Chr. In Griekenland zongen barden de epen van Homeros en Hesiodos, in Juda zette men zich schrap voor de strijd tegen de Assyriërs en in onze contreien doken op dat moment ongeveer de eerste ijzeren voorwerpen op.

De vindplaats is opmerkelijk want Bes geldt als een Egyptische god, hoewel hij tegen het einde van de achtste eeuw in dat land geen tempels bezat. (Daarna vermoedelijk ook niet, trouwens. Ik ken ze althans niet.) Hij werd echter al eeuwen vereerd, maar deze kobold – anders kan ik het niet noemen – behoorde vooral tot de volkscultus.

Lees verder “Bes”

Gezicht op Palmyra

Restauratie van het “Gezicht op Palmyra” van Gerard Hofstede van Essen (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Gisbert Cuper was, behalve burgemeester van Deventer, een van die wonderlijke geleerden uit de zeventiende, achttiende eeuw: de te weinig bezongen voorgangers van de professionelere wetenschap die later zou ontstaan, liefhebbers van kennis, even rusteloos als creatief zoekend naar informatie, vol van de ideeën van de vroege Verlichting. Cupers specialisme was Palmyra, de in 1691 voor het eerst door westerse bezoekers aangedane woestijnstad in Syrië. Weliswaar heeft hij zelf Palmyra nooit bezocht, maar hij was voor die tijd buitengewoon goed geïnformeerd. Dat was eenvoudiger dan u misschien denkt, want er was aan het einde van de zeventiende eeuw een Nederlandse handelskolonie in Aleppo, die namens hem munten kocht en informatie doorspeelde, zoals een afschrift van het reisverslag van de Engelsman William Halifax, die in 1691 als eerste Europeaan Palmyra bereikte.

In Cupers huis hing sinds 1694 een ruim vier meter breed schilderij, dat in 1693 is vervaardigd door de verder nauwelijks bekende schilder Gerard Hofsted van Essen. Deze lijkt deel te hebben genomen aan de expeditie van Halifax. De schetsen die Hofsted maakte, zouden ook worden gebruikt voor de prent van Palmyra die Halifax in 1695 toevoegde aan zijn officiële publicatie. Op dat moment waren er dus twee afbeeldingen van Palmyra: het schilderij uit 1693 en de prent uit 1695, die beide teruggingen op schetsen die Hofsted in 1691 had gemaakt.

Lees verder “Gezicht op Palmyra”

Waterdrager

Hellenistisch beeldje van een waterdrager (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Het bovenstaande leuke beeldje, waarvan de foto ietwat onscherp is, staat in het Amsterdamse Allard Pierson-museum. Het komt uit Egypte, is gemaakt van terracotta en dateert volgens het museum uit de tweede of eerste eeuw v.Chr. Misschien kunnen we iets preciezer zijn, want de amfoor die het mannetje draagt lijkt er een te zijn van het type dat bekendstaat als AE 2 en dat is na het midden van de eerste eeuw v.Chr. niet meer vervaardigd.

Hoe dat ook zij, de man is een waterdrager: hij verdient zijn brood door in de haven kruiken met vloeistoffen (dus niet alleen water) te vervoeren naar de plaats waar wijn of de olie wordt overgeslagen in een handzamer verpakking, zoals leren zakken, flessen of kleinere kruiken. Dit was zwaar lichamelijk werk, want zo’n volle amfoor woog al snel een kilo of vijftig. Ik zou weleens willen weten wat deze mensen wisten van de juiste ergonomische manier om een lading op te pakken, te tillen, te dragen en neer te zetten. Ik heb in Andalusië weleens een Dressel-20-olijfolieamfoor in mijn handen gehad en die vond ik, leeg als ’ie was, al behoorlijk zwaar.

Lees verder “Waterdrager”

Crossroads

In de vijftiende eeuw was ze er ineens, de term “Middeleeuwen”. Het achterliggende idee was dat er ooit een glorieuze Romeinse Oudheid was geweest, dat het daarna allemaal minder was geweest maar dat men nu, in het Italië van de Renaissance, althans de ambitie had die glorieuze tijd te doen herleven. De driedeling Oudheid – Middeleeuwen – Nieuwe Tijd is sindsdien blijven bestaan, inclusief de negatieve beoordeling van het middelste tijdvak. Het is geen compliment als iemand je toevoegt dat je er middeleeuwse denkbeelden op nahoudt.

Geen historicus die er nog zo over denkt. Enerzijds omdat aan het einde van de Middeleeuwen het belang van de Italiaanse Renaissance sterk is genuanceerd, anderzijds omdat aan het begin van de Middeleeuwen in feite een compleet nieuw tijdvak “ertussen is geschoven”. Werd vroeger een cesuur aangenomen op het moment dat het Romeinse staatsapparaat in West-Europa in de late vijfde eeuw desintegreerde, tegenwoordig zien historici de periode tussen pakweg 300 en 1000 meer als eenheid. Ik heb weleens geblogd over Chris Wickham, een van de historici die deze omslag hebben bewerkstelligd. Het Amsterdamse Allard Pierson-museum wijdt momenteel een prettige expositie aan dit tijdvak.

Lees verder “Crossroads”