De opstand van Tacfarinas (3)

Een ereteken voor de Romeinse commandant Scipio in Lepcis Magna

[Dit is het laatste van drie blogjes over de opstand van Tacfarinas. Het eerste was hier.]

De voor het jaar 21 na Chr. door keizer Tiberius aangewezen commandant, Quintus Junius Blaesus, had een nieuwe strategie. Hij begreep dat een regulier leger 100% van de bezittingen 100% van de tijd moet beschermen, terwijl een guerrilla-leider maar af en toe succes hoeft te hebben om door te kunnen gaan. Mits hij de steun heeft van de boeren, die het guerrilla-leger moeten voeden. Blaesus besloot de boerenbevolking beter te beschermen of – afhankelijk van je perspectief – meer onder druk te zetten en verspreidde daarom zijn troepen. Hij bezat immers twee legioenen met hulptroepen en kon zijn manschappen dus ook over een breed terrein inzetten.

Contraguerrilla

VIIII Hispana opereerde in het oosten, langs de weg naar Lepcis Magna, waar generaal Scipio belette dat de rebellen samenwerkten met de verderop wonende Garamanten. Blaesus’ zoon beschermde de boeren rond de Numidische hoofdstad Cirta (tegenwoordig Constantine). Zelf opereerde Blaesus, aan het hoofd van III Augusta, in het centrum, in de omgeving van het huidige Tébessa. Tacitus schrijft:

Lees verder “De opstand van Tacfarinas (3)”

De opstand van Tacfarinas (2)

Een Numidische ruiter (Musée du Bardo, Tunis)

[Dit is het tweede van drie blogjes over de opstand van Tacfarinas. Het eerste was hier.]

In hetzelfde jaar [17 na Chr.] brak er in Africa oorlog uit. De aanvoerder van de vijanden was Tacfarinas. Hij was een Numidiër van geboorte en had in het Romeinse leger gediend bij de hulptroepen. Later was hij gedeserteerd.noot Tacitus, Annalen 2.52.1; vert. Wes.

Een deserteur: de Romeinse geschiedschrijver Tacitus weet wel hoe hij een personage zó bij moet introduceren dat lezers meteen weerzin voelen. En nu was die nietswaardige dus vervallen tot banditisme.

Eerst had hij een aantal figuren die zonder middelen van bestaan rondzwierven en overvallen pleegden, om zich heen verzameld om links en rechts te roven en te plunderen…noot Tacitus, Annalen 2.52.1; vert. Wes.

Lees verder “De opstand van Tacfarinas (2)”

De opstand van Tacfarinas (1)

Ruiter uit een nomadenvolk (Museum Bani Walid)

Het simpele verhaal eerst: Tacfarinas was een Numidische plattelandsrebel die het tijdens de regering van keizer Tiberius opnam tegen de Romeinse legers. Zulke opstanden zijn overal gedocumenteerd waar de Romeinen de macht overnamen. Dat was het simpele verhaal. Nu de iets complexere betekenis. Je kunt zulke gebeurtenissen op verschillende manieren interpreteren, bijvoorbeeld als een vorm van verzet tegen een vreemde overweldiger, of als protest tegen een te geringe mogelijkheid om te profiteren van de kansen die de Romeinse wereld bood, of een combinatie van deze twee motieven, of nog anders.

Perspectiefwisselingen

Het kan nog iets complexer. In de jaren na de Tweede Wereldoorlog veranderde de westerse visie op Griekenland en Rome. Tot dan toe had men de verspreiding van de klassieke cultuur beschouwd als iets goeds. Een veroveraar als Alexander de Grote of een imperialistische mogendheid als Rome bracht de verslagen bevolking naar een hoger cultureel plan. Na de Dekolonisatie keerde het perspectief om: Alexander gold als een massamoordenaar en de Romeinen stonden vijandig tegenover de lokale culturen.

Lees verder “De opstand van Tacfarinas (1)”

Lodewijk de Heilige in Karthago

Lodewijk de Heilige (Karthago)

Een week of drie, vier geleden blogde ik over de Zevende Kruistocht. De Franse koning Lodewijk de Heilige boekte in Egypte aanvankelijk succes, werd daarna verslagen, raakte in krijgsgevangenschap, werd vrijgekocht en concentreerde zich vervolgens op het versterken van de havensteden van het Koninkrijk Jeruzalem. Dat gebeurde allemaal tussen 1248 en 1254. In 1270 trok Lodewijk, zesenvijftig jaar oud, opnieuw ten strijde.

De Achtste Kruistocht

Het was urgent het Heilig Land te verdedigen. De Mammelukse sultan Baybars was bezig de christelijke steunpunten in de Landen van Overzee een voor een uit te schakelen. Desondanks was de eerste bestemming van de Achtste Kruistocht de stad Tunis. We hebben geen idee waarom, al biedt Lodewijks biechtvader een aanwijzing: Lodewijk zou hebben gemeend dat sultan Muhammad I al-Mustansir – hij behoorde tot de Hafsidische dynastie waarover ik al eens blogde – zich wilde bekeren tot het christendom. Zo iemand zou een extra steun kunnen zijn voor het eigenlijke werk in het oosten. Toen dat niet zo bleek te zijn, was het Franse leger al slaags geraakt met het Hafsidische en was er geen weg terug.

Lees verder “Lodewijk de Heilige in Karthago”

Bulla Regia

Huis van de Jacht (Bulla Regia)

Een van de interessantste plekken om in Tunesië te bezoeken is de antieke stad Bulla Regia. Ze is makkelijk te bereiken, want ze ligt aan de grote weg van Tunis naar Algerije. En die weg ligt niet zonder reden waar ze ligt, aangezien ze de vallei volgt van de rivier de Medjerda. Dit gebied is opvallend vruchtbaar en wie de rivier stroomopwaarts volgt, komt aan op de al even vruchtbare Hautes Plaines van Algerije. Zeg maar Numidië. Langs de Medjerda ontstonden al vroeg grote nederzettingen, die het geheel in de Romeinse tijd een stedelijk aanzicht gaven. De bewoners voerden hun oogsten over de rivier af naar de stad aan de monding: Utica.

Huis van Baäl

Dolmens, misschien wel drieduizend jaar oud, documenteren de eerste menselijke aanwezigheid in Bulla Regia, maar het werd pas echt wat toen de handelsroute opbloeide. Dat is zo rond 300 v.Chr. onder Karthaagse auspiciën gebeurd; er zijn aanwijzingen voor Karthaagse begrafenissen en een tempel voor de godin die de Karthagers Tanit noemden. De Numidiërs noemden haar Tinnit en onderzoekers weten niet of de Karthagers een Numidische godin overnamen of dat de Numidiërs een Karthaags-Fenicische godin begonnen te vereren. Dat ook Baäl vereerd is geweest, blijkt uit de naam: BBʿL staat voor “huis van Baäl”.

Lees verder “Bulla Regia”

Een Fenicische stad: Kerkouane

Kerkouane

De Feniciërs woonden midden tussen de Egyptenaren, Mesopotamiërs, Anatoliërs, Grieken en Romeinen, maar zijn ondanks deze centrale plek in de oude wereld minder goed gekend dan je verwacht. Hun teksten zijn verloren gegaan, en bovendien: probeer eens op te graven in Sidon en Tyrus, antieke havensteden die deels zijn verzwolgen en deels overbouwd door moderne steden. Hoewel er links weleens een Fenicische tempel is opgegraven en rechts weleens een Fenicisch straatje, zijn er eigenlijk maar twee plaatsen waar je een Fenicische stad als stad kunt bekijken: Motya op Sicilië en Kerkouane in Tunesië.

Kerkouane

Kerkouane ligt op het Kaap Bon-schiereiland, dat als een vinger vanuit Afrika wijst naar Sicilië. Op het schiereiland zijn belangrijke steengroeven, en verder verbouwen de boeren er allerlei gewassen. Het is dus niet vreemd dat hier een handelshaven kwam, waarvandaan het voedsel kon worden geëxporteerd, en waar schepen konden aanleggen als ze op weg waren naar de groeve. De oudste sporen van Fenicische aanwezigheid in Kerkouane dateren van rond 650 v.Chr.

Lees verder “Een Fenicische stad: Kerkouane”

Reclame

Zomaar een griffioen die u tegen kunt komen in Tunesië (Museum El-Djem)

U hoeft niet verder te lezen; wat nu volgt is slechts reclame. Het is echter niet alleen omdat mijn schoorsteen moet roken. Ik heb voor Home Academy een cursus gemaakt over de Libanese geschiedenis, waarover u hier meer informatie vindt. Door bemiddeling van Cordaid gaat de opbrengst rechtstreeks naar Catholic Relief Services, een hulporganisatie in Libanon. Die ondersteunt momenteel Palestijnse en Syrische vluchtelingen, mensen die hun huis bij de ontploffing in Beiroet zijn verloren en mensen die door Israëlische bombardementen dakloos zijn geworden. Als u geen zin hebt om naar mijn cursus te luisteren, kunt u ook daar doneren.

Reizen

Dan: ik verzorg in het najaar een reis naar Tunesië [dode link]. Dat is een tof land, waar ik al een paar keer ben geweest. We bezoeken onder andere Karthago en talloze Romeinse opgravingen. Welke? U leest het daar. Meer informatie over de reis naar Tunesië vindt u hier [dode link].

Lees verder “Reclame”

Toerist in Tunesië

Olijfoogst in Romeins Tunesië (Bardomuseum, Tunis)

De vaste lezers van deze blog zal het wellicht zijn opgevallen: ik ben momenteel voor mijn werk in Tunesië. En omdat ik onverwacht wat tijd over heb, trakteer ik u op wat foto’s uit dat mooie land.

Het Bardomuseum

Het Bardomuseum in Tunis is het voornaamste museum van Tunesië. Het heeft een heel mooie collectie Romeinse mozaïeken. Hierboven heeft u een voorbeeld: een olijfoogst. Ik schreef al eerder over een mooi mozaïek dat Vergilius voorstelt, over de reis van Afrodite en een goudschat.

Lees verder “Toerist in Tunesië”

Het rijk van de Vandalen

Munt van Geiserik (Residenzschloss, Dresden)

In 439 nam Geiserik, de leider van het leger dat we doorgaans aanduiden als dat van de Vandalen, onverwacht de stad Karthago in. Een donderslag op klaarlichte dag zou de toenmalige wereld niet meer hebben kunnen verrassen. In één klap was de graanvoorziening van Italië niet langer gegarandeerd. De centrale overheid van het West-Romeinse Rijk was niet voorbereid op deze ramp en hedendaagse historici wijzen er wel op dat de Romeinse bevolking dit het keizerlijk hof en een war lord als Aetius zeker mocht aanrekenen.

Ooit had Italië de wereld beheerst, nu was het zelf afhankelijk. En dat was nog niet alles. Geiseriks vloot, uitgebreid met de schepen die hij in Karthago had bemachtigd, beheerste de Straat van Sicilië en kon de handel tussen het oostelijk en westelijk bekken van de Middellandse Zee afsnijden. De piraterij – of kaapvaart, zo u wil – droeg bij aan de groeiende scheiding van de twee rijkshelften.

Lees verder “Het rijk van de Vandalen”

De zwerftocht van de Vandalen

Reliëf met afbeelding van het paleis van Córdoba uit de Vandaalse tijd (Archeologisch Museum, Córdoba)

Een nieuwe donderdag, een nieuw stukje over Een kennismaking met de oude wereld, het handboek van De Blois en Van der Spek dat ik de afgelopen maanden heb becommentarieerd. We zijn inmiddels aanbeland bij de transitie van Oudheid naar Middeleeuwen, en omdat ik momenteel ben in Tunesië, moeten we het maar eens hebben over de Vandalen.

Germaanse en Iberische Vandalen

Het in deze reeks al besproken landkaartje in het handboek suggereert dat de Vandalen vanuit Germaans Polen deels naar het zuiden trokken en deels naar het westen. Onze bronnen vermelden bij de groepen die in de vroege vijfde eeuw de Rijn overstaken, inderdaad Vandalen, samen met de Alanen. Ze trokken dwars door Gallië en bereikten [V]Andalusië, waar ze zich vestigden. De handboekauteurs schrijven:

Lees verder “De zwerftocht van de Vandalen”