Het manicheïsme

Illustratie uit een manichees handschrift (Humboldtforum, Berlijn)

Vrijwel zeker kent u de Dode-Zee-rollen: een kleine duizend teksten die documenteren hoe veelkleurig het jodendom was. Iets minder bekend zijn de teksten uit Nag Hammadi, die varianten op het christendom documenteerden die vóór de ontdekking van deze boeken alleen bekend waren uit de polemische geschriften van orthodoxe auteurs. Nog iets minder bekend: bij de verkoolde boekrollen uit Herculaneum waren filosofische traktaten die licht wierpen op het epicurisme. En helemaal onbekend zijn de laatantieke, manichese teksten die zijn gevonden op verschillende plaatsen in Centraal-Azië. Daarover straks meer. Eerst iets over het manicheïsme zelf.

Ideeën

De manicheeërs geloofden dat de kosmos bestond uit twee conflicterende principes: het Rijk van het Licht staat tegenover dat van de Duisternis. Goed versus kwaad dus. Nu zegt dat op zich niet zo veel. De crux is het mensbeeld. De manicheeërs meenden dat mensen bestonden uit een lichtvonk, de ziel of geest, die gevangen was geraakt in de materie, de duisternis. Een gelovige probeerde de gevangen lichtvonk te bevrijden, wat betekende dat de geest krachtiger moest zijn dan het lichaam.

Lees verder “Het manicheïsme”

Gymnosofisten

Boeddha als naakte wijze (Gogdara)

Voor ik vandaag begin, eerst even een petitie: Cardiff, oude geschiedenis deze maand. De sloop van de oudheidkundige instituten gaat gewoon verder.

***

Hebt u getekend? Dan gaan we nu beginnen.

Gymnosofisten

Een gymnosofist is, letterlijk, een naakte wijze of een wijze naaktloper. Het Griekse woord duikt voor het eerst op in beschrijvingen van de Indische campagne van Alexander de Grote in 327-325 v.Chr. Volgens een door Ploutarchos overgeleverde anekdote ondervraagt hij tien gymnosofisten die allemaal slimme antwoorden geven.noot Ploutarchos, Leven van Alexander 64. Het verhaal, dat wat folkloristisch aandoet, is ook bekend van een papyrus in Bern, die dateert uit de eerste eeuw v.Chr.

Lees verder “Gymnosofisten”

Het Maurya-rijk: Ashoka en daarna

Stenen met de Rotsedikten van Ashoka (Shahbazgarhi)

[Dit is het tweede en laatste blogje over het Maurya-rijk; het eerste was hier.]

Teksten uit het zuiden van India vermelden dat de Maurya-strijdwagens het land binnenvielen, als donder komend over het land, met witte wimpels die schitterden als de zon. Ashoka, die in 272 v.Chr. zijn vader Bindusara was opgevolgd, was de eerste die het hele Indische subcontinent verenigde, met uitzondering van het uiterste zuiden.

Hij kreeg echter een hekel aan oorlog nadat hij het bloedvergieten in Kalinga (in het oosten van India) had gezien en bekeerde zich tot het boeddhisme. Hij wilde voortaan overal dhamma vestigen, “de wet van de rechtvaardigheid”. In de rots-edicten liet hij op verschillende plaatsen in zijn rijk achterliet, verklaart de keizer:

Lees verder “Het Maurya-rijk: Ashoka en daarna”

Het ontstaan van het Maurya-rijk

Kopie van een kapiteel uit een paleis uit het Maurya-rijk (Museum van Lahore)

Eerst maar even wat u al weet: tussen eind 327 en eind 325 v.Chr. trok Alexander de Grote door de Indusvallei, zeg maar het huidige Pakistan. Ik heb eerder over die genocidale campagne geschreven en beperk me nu tot de constatering dat hij, na zijn overwinning op de Indische radja Poros, oprukte tot aan de oostelijke grens van de Punjab. Daarvandaan wilde hij oprukken naar het koninkrijk Magadha in de vallei van de Ganges, maar zijn soldaten weigerden verder te gaan en dwongen Alexander terug te keren.

Alexander heeft dus nooit India veroverd en is maar marginaal in het huidige India geweest. Hij is alleen door Pakistan getrokken. Van verovering was geen sprake; al voor zijn dood in 323 v.Chr. hadden de Macedoniërs posities moeten opgeven. Zoals u in een moment zult zien, was de Europese aanwezigheid in het Indusland al snel voorgoed voorbij.

Lees verder “Het ontstaan van het Maurya-rijk”

B6: Boeddhisme als oosterse filosofie

De eerste preek van Boeddha, met onder de toehoorders Brahma en Indra (Kizil-grotten; Humboldtforum, Berlijn)

Het boeddhisme, waarover we het in vijf afleveringen hebben gehad, ontstond in India, en verspreidde zich daarvandaan eerst naar het huidige Pakistan en Afghanistan, met invloeden tot in Iran en vandaar naar Centraal-Eurazië, en aan de andere kant naar Tibet, Nepal en China, en van daaruit weer verder naar Zuid-Oost Azië tot in het huidige Indonesië.

Hellenistisch boeddhisme

Er hebben hellenistisch-boeddhistische rijken bestaan, zoals Baktrië en het Kushana-rijk. Hier vermengde de Griekse vormentaal zich met boeddhistische ideeën. Er zijn beelden gevonden waarin Boeddha wordt afgebeeld als een soort Herakles of staat geflankeerd door Griekse helden als Achilleus. Kunsthistorici wijzen er graag op dat het typische Boeddha-portret een Griekse oorsprong heeft. De proporties en de mantel zijn inderdaad Grieks.

Lees verder “B6: Boeddhisme als oosterse filosofie”

B5: Boeddhisme, een religie zonder god

Maitreya (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Wellicht is religie te omschrijven als een bundeling van cultuur, traditie en geloof. In die zin is het boeddhisme behalve een filosofie ook zeker een religie. Het boeddhisme is echter ten diepste een atheïstische religie.

In onze huidige westerse beschaving wordt religie vaak gelijkgesteld aan een geloof in God of goden. Het boeddhisme gaat niet uit van goden. Ook Boeddha is geen god. Hij is een mens die de verlichting heeft bereikt. Vooral in de boeddhistische stroming die bekendstaat als ‘het kleine voertuig’ (Hinayana) is het belangrijk de Boeddha als mens te blijven beschouwen. Een verlicht mens, maar een mens als jij en ik.

Lees verder “B5: Boeddhisme, een religie zonder god”

B4: Het achtvoudige pad van het Boeddhisme

Boeddha (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Vanmorgen behandelden we de drie juwelen ofwel de drie wegen naar boeddhistische kennis, die leidden tot vier waarheden, waaruit een achtvoudig pad viel af te leiden dat richting nirwana voerde.

Het achtvoudige pad

Het eerste pad is dat van inzicht in de werking van het lijden. De boeddhist leert begrijpen wat lijden is en leert inzien hoe het valt op te heffen. Dit inzicht komt neer op de eerder genoemde ‘vier waarheden’.

De drie volgende paden lijken wat op de drieslag van het zoroastrisme: goed denken, goed spreken, goed handelen. Het tweede pad is dus het nastreven van de juiste gedachten en bedoelingen. De boeddhist is onzelfzuchtig, liefdevol, vriendelijk, geweldloos en harmonieus, en heeft mededogen.

Lees verder “B4: Het achtvoudige pad van het Boeddhisme”

B3: De leer van Boeddha

Boeddha (Jaulian, Taxila)

De boeddhistische leer, waarover we gisteren al lazen, is vastgelegd in leerstellingen met commentaren. Om de leer gemakkelijk te onthouden is zij samengevat in termen als ‘de vier nobele waarheden’, ‘het achtvoudige pad’, en ‘de drie juwelen’.

Juwelen, waarheden en paden

De drie juwelen zijn de zaken waartoe de boeddhist zich kan wenden om meer over de boeddhische levensbeschouwing te weten te komen, en deze te ervaren en in de praktijk te brengen. Het betreft

  1. de persoon van Boeddha, als lichtend voorbeeld van hoe te leven,
  2. de boeddhistische leer,
  3. de boeddhistische gemeenschap.

Van deze drie juwelen leert de boeddhist over de vier nobele waarheden:

Lees verder “B3: De leer van Boeddha”

B2: Boeddha en de Indische filosofie

Boeddha (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Vanmorgen behandelden we het mogelijke belang van het boeddhisme voor de hellenistische filosofie en het leven van zijn grondlegger, Boeddha. Het is niet helemaal duidelijk wanneer deze wijsheidsleraar precies leefde, maar schattingen lopen uiteen tussen de de zesde eeuw v.Chr. (‘Achsenzeit’) en de vierde eeuw v.Chr. Dat sommige Grieken, zoals Pyrrhon van Elis, in India in de leer zouden zijn gegaan bij Boeddha, is onbewijsbaar, en het klinkt ook niet waarschijnlijk. De zogenaamde Indiase ‘naaktfilosofen’ waarnaar Pyrrhon volgens getuigenissen zou hebben verwezen doen niet erg Boeddhistisch aan. Zij zouden eerder behoord kunnen hebben tot het Jaïnisme of een andere spirituele sekte. We zullen het er daarom maar op houden dat eventuele beïnvloeding niet rechtstreeks is geweest. Het Perzische Rijk kan echter een doorgeefluik zijn geweest.

Ook de andere kant op trouwens. Maar terwijl er intrigerende aanwijzingen zijn voor Indische invloed op een Hegesias en de voornoemde Pyrrhon en het bij hem beginnende Grieks/Romeinse scepticisme, ontbreken zulke aanwijzingen voor Griekse of Hellenistische invloed op het Boeddhisme. Die levensbeschouwing is dan ook prima te duiden als een product van de Indiase cultuur.

Lees verder “B2: Boeddha en de Indische filosofie”

B1: Het leven van Boeddha

Koningin Maya vertelt haar echtgenoot Suddhodana over een droom die de geboorte van Siddharta, de latere Boeddha, voorspelt (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

[Het boeddhisme was vanaf ongeveer 400 v.Chr. tot circa 700 na Chr. de belangrijkste levensbeschouwing in de regio van het huidige Afghanistan, Pakistan, Nepal en India. Daarna raakte het boeddhisme overvleugeld door nieuwe vormen van de hindoeïstische religies en de islam. Het geloof van Boeddha kon zich echter handhaven in China.

Misschien heeft het boeddhisme enige invloed gehad op de westerse wereld, zoals op het denken van Hegesias en Pyrrhon van Elis, al bestaat het bewijs vooral uit overeenkomsten. Ideeën kunnen natuurlijk ook op verschillende plaatsen ontstaan. Tot de contactpunten zouden de rijken langs de Zijderoute kunnen hebben behoord. Hoe dan ook: er is alle reden voor een serie over het boeddhisme, die is geschreven door Kees Alders.]

Volgens de overlevering werd Boeddha geboren als Siddhartha Gautama, een koningszoon. Boeddha betekent ‘de verlichte, de ontwaakte’. Zijn levensverhaal wordt verteld als een legende, die geschiedkundig niet al te letterlijk genomen moet worden, maar wel erg mooi en ontroerend is.

Lees verder “B1: Het leven van Boeddha”