Alexander rukt op naar Thebe

Macedonische helm uit de tijd van Alexander de Grote (Neues Museum, Berlijn)

Een maand geleden blogde ik over de militaire campagnes die Alexander, die pas net koning was geworden, in de zomer van 335 voerde tegen de Thraciërs en de Illyriërs. De Europese tournee eindigde in Griekenland, al was dat eigenlijk niet de bedoeling. Terwijl het Macedonische leger actief was in Illyrië, had de Atheense politicus Demosthenes echter het gerucht verspreid dat Alexander was gesneuveld, waarna de Griekse stadstaten in opstand waren gekomen.

Thebe in opstand

Dit was een serieuze zaak. Weliswaar had Alexanders vader Filippos de Grieken verslagen en gedwongen samen te werken in de Korinthische Bond, en weliswaar hadden Alexander en de stadstaten de samenwerking nog in de voorafgaande winter hernieuwd, maar de Grieken beschikten over getrainde legers – en ze konden rekenen op steun uit Perzië, waar onlangs een nieuwe koning was aangetreden, Darius III Codomannus.

Lees verder “Alexander rukt op naar Thebe” →

Kottabos

Deze Griek speelt kottabos (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

In een ontwapenende passage vertelt de Griekse onderzoeker Herodotos dat alle spelletjes, behalve het dammen, zijn uitgevonden door de Lydiërs.noot Herodotos, Historiën 1.94. De Grieken, als intelligentste van alle mensen, zouden ledigheid natuurlijk nooit hebben uitgevonden.

Niet dat de Grieken hun neus ophaalden voor het spelen van spelletjes. Niets menselijks was hun vreemd. Van verschillende daarvan kennen we de regels, zoals van efedrismos, waarover ik al eens eerder schreef. Ook van kottabos, dat u hierboven ziet afgebeeld, kennen we de regels. Het kwam erop neer dat de speler de droesem die hij aantrof op de bodem van zijn wijnschaal, naar een afgesproken doel moest zien te werpen. Afgaand op de talloze afbeeldingen die ervan zijn, moest de speler blijven liggen op de bank waarop hij aanlag. De prijs, het kottabion, bestond uit een kleinigheid zoals gebak of kussen van de andere deelnemers.

Lees verder “Kottabos” →

Hoe lang was Herakles?

Herakles (Archeologisch museum, Korfu)

Het stadion in Olympia was 192,27 meter lang, ofwel één stadion, zoals de Griekse lengtemaat heette. Die werd gedefinieerd als 600 voet ofwel pous. Helaas gebruikten niet alle stadstaten dezelfde voet: bij de Ioniërs in westelijk Turkije was de lengte 29,6 cm (net als bij de Romeinen) en bij de Atheners 31,5 cm. In Olympia ging men uit van de voet van Herakles, die 32,1 cm lang was geweest. Welk gegeven, zo lezen we in Asterix en de Olympische Spelen, ons in staat stelt te bepalen dat de halfgod ongeveer schoenmaat 46 heeft gehad.

Tegenwoordig is dat maat 49. Uderzo en Goscinny maakten deze grap omdat het Europees Comité voor Normalisatie in 1968, toen dit album verscheen, bezig was met de grote harmonisatieslag. Dat leidde in ambachtelijke kringen, zoals bij de schoenmakers, nogal eens tot gemopper. En Asterix is natuurlijk in de eerste plaats altijd commentaar op Frankrijk in de jaren zestig en zeventig. Althans, ik dacht dat het zo zat. Maar de grap blijkt al vijfentwintig eeuwen oud.

Lees verder “Hoe lang was Herakles?” →

Faits divers (23): gemopper

De schreeuwende vrouw (© Kasr Al Ainy Faculty of Medicine)

Een nieuwe aflevering van de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer vooral: hoe de oudheidkunde niet in het nieuws moet komen. De trouwe lezers van deze blog kennen mijn bezwaren en mogen dit blogje dus overslaan.

***

Een hop in het NRC Handelsblad

Eerst nog even de hop, de guitige vogel waarover ik eergisteren blogde. Dat deed ik naar aanleiding van een stuk in het NRC Handelsblad waarin stond dat het diertje naar Nederland was teruggekeerd. We lazen tevens dat in de gedichten van Homeros Odysseus op zijn reis een hop had als begeleider, wat mij verbaasde omdat ik dat niet had gelezen. Verschillende mensen bevestigden: er is geen hop in de Odyssee. Gert Knepper wees erop dat de hop in Aristofanes’ komedie De vogels de andere vogels één voor één oproept in wat misschien een parodie is op Odysseus’ afdaling naar de Onderwereld. Tot er een andere verklaring is, wil ik dit geloven, maar het is gewoon jammer dat NRC Handelsblad onjuiste informatie deelt.

Lees verder “Faits divers (23): gemopper” →

De hop

Hop (Zoo, Antwerpen)

Vroeger heette het milieu en tegenwoordig leefomgeving, maar evengoed verandert Nederland in een dystopie. Een doodenkele keer is er echter goed nieuws en keert zomaar een verdwenen diersoort terug. De otter, de zeearend, de bever, de wolf, de hop.

Het enige exemplaar van die wonderlijk gekuifde vogel dat ik in onze contreien ooit zag was in de Antwerpse dierentuin – zie boven. In het Midden-Oosten heb je meer kans het grappige beestje te zien en we kennen het dan ook uit allerlei antieke teksten. De Egyptenaren vereerden het dier omdat het voor zijn ouders zorgdenoot Horapollon, Hiërogliefen 1.55., terwijl de Joden deze vogel nou juist beschouwden als weerzinwekkend. noot Leviticus 11.19. Dat wil zeggen dat het noch rein, noch onrein was, maar niet paste in de categorieën en dus helemaal verontrustend was.

Lees verder “De hop” →

Opnieuw: Pytheas

StableDiffusion reconstrueert Pytheas

Hé, dit is leuk: een nieuw boek over Pytheas van Marseille, de Griekse ontdekkingsreiziger die rond 325 v.Chr. de Atlantische Oceaan en de Noordzee bevoer. Hij bereikte een plek die hij Thule noemt en geeft ook aan op welke breedte dat lag. Het moet gaan om IJsland of  – volgens een theorie van de beroemde poolreiziger Fridtjof Nansen – om de kust van het huidige Noorwegen. Bovendien bereikte Pytheas de plaatsen waar tin en barnsteen vandaan kwamen. Er zijn al eerder boeken over de Griekse ontdekkingsreiziger geschreven, zoals dat van Barry Cunliffe (heel informatief) en dat van Lionel Scott (teleurstellend). En nu is er het zojuist verschenen boek van François Herbaux, Pythéas. Explorateur du Grand Nord. Als u meer wil weten over de man, dan is dit het boek om mee te beginnen.

Het boek van Pytheas, De Oceaan, is verloren gegaan, maar er zijn allerlei citaten. Herbaux noemt er achtendertig. Scott heeft er meer, waaronder twee passages van de Romeinse aardrijkskundige Pomponius Mela, die zouden teruggaan op Pytheas. Daarover is echter bepaald geen consensus en Herbaux is terughoudender. Hij is wel op de hoogte van Scotts werk, maar alle verwijzingen naar Mela in Pythéas. Explorateur du Grand Nord zijn terzijdes. Herbaux lijkt zijn manuscript al grotendeels af gehad te hebben toen het Engelse boek in 2022 verscheen en hij heeft zich beperkt tot enkele verstandige inlassen. Ik denk terecht.

Lees verder “Opnieuw: Pytheas” →

Griekse sieraden

Griekse schildering van een dame met sieraden (British Museum, Londen)

Trouwe lezers van deze blog kennen Lauren van Zoonen van de blogs die ik weleens mag publiceren. Ze attendeerde gisteren op het bovenstaande schilderijtje, dat ze vorig jaar fotografeerde in het British Museum in Londen. Het voorwerpje meet negentien bij zeven centimeter en is gevonden in Saqqara. Een importstuk: het is immers Grieks in stijl en valt te dateren tussen 420 en 380 v.Chr. We weten dat in 404 v.Chr. het Perzische gezag over Egypte instortte en het is best mogelijk dat de eerste koning van het opnieuw onafhankelijke rijk, Amyrtaios (eigenlijk Amenirdisu), Griekse huurlingen in dienst heeft genomen. Na het einde van de Dekeleïsche Oorlog (414-404 v.Chr.) waren er nogal wat werkloze Griekse broodsoldaten. Zo iemand kan het beschilderde plankje hebben meegenomen.

De Griekse letters linksboven spellen “…odkles” of misschien “…oakles”. Ze worden onvoldoende begrepen om te weten wie de afgebeelde mevrouw is. Ze zit op een troon, maar of ze een voorname dame is of een godin, dat weten we niet. We herkennen echter een halssnoer, een armband, oorbellen en een haarnetje. En hoewel de kleuren wat verbleekt zijn, durf ik te gokken dat het van goud was. Hier is zo’n haarnetje. Het dateert uit de derde eeuw v.Chr. en ik fotografeerde het in het museum van Agrigento op Sicilië.

Lees verder “Griekse sieraden” →

Hoe Alexander de Grote koning werd (2)

Tempe, waar Alexander de Grote zijn eerste overwinning boekte

In het vorige stukje gaf ik aan dat er allerlei geruchten gingen over de moord op koning Filippos II van Macedonië. Niet iedereen was overtuigd door de officiële lezing dat twee broers van Alexandros van Lynkestis achter de moord zaten. Zo benadrukt filosoof Aristoteles, die goed geïnformeerd was over het Macedonische hof, in zijn Politika dat Pausanias had gehandeld uit persoonlijke motieven.

Erkenning door het leger

Een extra loyaliteitsbetuiging van de Macedoniërs moest de legitimiteit van de heerschappij van Alexander de Grote benadrukken. Daarom belegde Antipatros na de begrafenis een legervergadering, waarbij de manschappen Alexander erkenden als koning. Deze bijeenkomst zou bepalend zijn voor Alexanders verdere carrière. De acclamatie door de manschappen gaf hem wat hij nodig had, maar schiep ook verplichtingen. Hij dankte zijn positie aan de manschappen en zou bijvoorbeeld nooit een veldslag kunnen aangaan als zijn soldaten het daar niet mee eens waren. Hij kon ze niet zomaar bevelen geven maar zou ze ook moeten overtuigen, bijvoorbeeld door te delen in de gevaren. De enige acceptabele stijl van leidinggeven was een theatrale: Alexander moest zich presenteren als een homerische held die de mannen voor ging in de strijd. Dit vormt de kern van de mythe van de jonge wereldveroveraar.

Lees verder “Hoe Alexander de Grote koning werd (2)” →

Hoe Alexander de Grote koning werd (1)

Het theater van Aigai, waar Alexander de Grote koning werd

Een tijdje geleden blogde ik over koning Filippos II van Macedonië, de vader van Alexander de Grote. In oktober 356 v.Chr. werd hij in het theater van Aigai vermoord door een zekere Pausanias. Dat was vrijwel zeker om persoonlijke redenen, al valt niet helemaal uit te sluiten dat een Perzische agent Pausanias had aangespoord. Immers, de voorhoede van het leger waarmee Filippos Perzië wilde aanvallen, was al in Azië. Ze werd gecommandeerd door de generaals Parmenion en Attalos. De Perzische koning had dus een motief. De informatie die we over de moord hebben, suggereert bovendien dat er meer samenzweerders waren.

Feit is in elk geval: Filippos was dood. Het is zinvol eens te kijken hoe het verder ging. Onder welke omstandigheden werd Alexander koning?

Lees verder “Hoe Alexander de Grote koning werd (1)” →

Euripides

Euripides (Ny Carlsberg Glyptotek, Kopenhagen)

In eerdere stukjes heb ik het gehad over Aischylos en Sofokles, twee grote Atheense tragici. Van hen zijn tweemaal zeven toneelstukken over. Met Euripides, de derde treurspeldichter uit het rijtje, zijn het er niet minder dan achttien. Ik zal straks uitleggen hoe dat zo is gekomen, mar eerst iets over de man en zijn oeuvre.

Kluizenaar

Hij debuteerde in 455 v.Chr. en was niet werkelijk succesvol. Hij won maar vier keer de jaarlijkse toneelwedstrijd ter ere van Dionysos en verliet op hoge leeftijd zijn vaderstad om in Macedonië te gaan wonen. Daar is hij in 406 overleden. Waar Aischylos zich erop beroemde een rol te hebben gespeeld in de slag bij Marathon – naar verluidt zou Marathonstrijder het enige woord op zijn graf zijn geweest – en waar Sofokles de Atheense wetten had helpen herschrijven in een crisissituatie, koos Euripides voor een meer teruggetrokken leven. De kluizenaar zou een grote persoonlijke bibliotheek hebben gehad – de oudste privécollectie boeken waarvan we weten.

Lees verder “Euripides” →