Maria en Marta en genderrollen

Twee zussen uit Palmyra (Altes Museum, Berlijn)

Over het lezen van antieke teksten zei een wijze classicus me ooit dat je niet alleen moet kijken naar wat er staat, maar vooral naar wat er niet staat. Ik heb het nooit beter geformuleerd gehoord. Het slaat niet alleen op onderdrukte perspectieven, maar ook op impliciet aanwezige kennis van de cultuur die de schrijver deelt met zijn doelgroep. Hieronder is een voorbeeld, en omdat het Pinksterzondag is haal ik dat uit het Nieuwe Testament, meer precies uit het verhaal van Maria en Marta uit het Lukas-evangelie.

  1. Toen ze verder trokken ging hij een dorp in, waar een vrouw die Marta heette hem gastvrij in haar huis ontving.
  2. Haar zus, Maria, ging aan de voeten van de heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Maar Marta werd helemaal in beslag genomen door de zorg voor haar gasten.
  3. Ze ging naar Jezus toe en zei: “Heer, kan het u niet schelen dat mijn zus mij al het werk alleen laat doen? Zeg tegen haar dat ze mij moet helpen.”noot Lukas38-40; NBV21, met een aanpassing.

Lees verder “Maria en Marta en genderrollen”

Vooroordelen over gender

Mannen en vrouwen, zoals Erica Jong al wist, daar moet wel ellende van komen. In elk geval is het idee dat de natuur slechts mannelijke en vrouwelijke mensen zou kennen, dus mensen met een X- en een Y-chromosoom of mensen met twee X-chromosomen, simpelweg onjuist. Dat is geen nieuw inzicht; het was in elk geval leerstof toen ik in 4 VWO zat, ergens rond 1980. Ik hoef u verder niet te vertellen dat niet iedereen heteroseksueel is, ik hoef u niet te vertellen dat oriëntatie niet bij iedereen levenslang dezelfde blijft, en evenmin hoef ik te vertellen dat er trans-, cis-, a-, inter- en biseksuele mensen bestaan. En tot slot variëren de maatschappelijke verwachtingen, want gender is niet alleen een kwestie van natuur, maar ook van cultuur. Daarom wordt er zo verschillend over gedacht. Ik zal wel iets hebben overgeslagen, maar het moge duidelijk zijn: het is allemaal nogal complex.

Wetenschappelijke vooroordelen

Omdat gender zo complex is als de mens zelf, trek je regelmatig je wenkbrauwen op bij het lezen van wetenschappelijke literatuur. Vaak analyseerden onderzoekers hun data aan de hand van de simpele dichotomie man/vrouw. Vonden ze een graf met wapens, dan was het automatisch een man; lazen ze over vrouwen die zich bij festivals staken in mannenkleding, dan was het automatisch een omkeringsfeest, veronderstellend dat er twee genders zijn.

Lees verder “Vooroordelen over gender”

Faits divers (34)

Meisje in toga (© Museo de Navarra)

Een nieuwe lente, een nieuwe aflevering van de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: allerlei kleine, onsamenhangende berichtjes. Daarom heet de rubriek ook faits divers.

***

Toga

De toga geldt als een Romeins mannenkledingstuk. Meer precies, een kledingstuk voor heren die op chique wilden gaan. De dichter Vergilius typeerde de Romeinen als gens togata, getogeerd volk, en keizer Augustus citeerde die woorden toen hij decreteerde dat heren op het Forum Romanum goed gekleed dienden te gaan. Voor mij kwam het vrij onverwacht dat in het noorden van Spanje een standbeeld van iemand, gehuld in een toga, blijkt te hebben toebehoord aan een jonge vrouw. Was het iemand die tot man was “gepromoveerd”? Vergiste de bronsgieter zich? Begrijpen we Romeinse gender-rollen niet goed?

Lees verder “Faits divers (34)”

Heliogabalus (3): beleid

Heliogabalus (Espace gallo-romain, Ath)

[Dit is het derde van een achttal blogjes dat Lauren van Zoonen schreef over regering en religie van keizer Heliogabalus. Het eerste is hier.]

Cassius Dio vermeldt slechts één goede daad van keizer Heliogabalus: hij nam nooit wraak op degenen die zijn naam of die van zijn vader hadden besmeurd. Van de andere kant gaf hij zich over aan “de meest beschamende, wetteloze en wrede praktijken”. Hij had zijn karakter natuurlijk van zijn oosterse moeder, Julia Soaemias, een pervers wezen. Zij was de macht achter de troon – en dat zal grotendeels waar zijn – en ze verving allerlei respectabele mannen door wagenmenners, acteurs, mimespelers, slaven, vrijgelatenen en degenen die ’s keizers seksuele verlangens bevredigden. Dat zal overdreven zijn, maar Dio’s onderliggende verwijt, dat senatoren werden benoemd zonder onderscheid te maken in leeftijd, afkomst of fortuin, klinkt authentiek.

Seksualiteit, gender en machtige vrouwen

Cassius Dio en Herodianos tonen zich geschokt door het verwijfde gedrag van de vorst, die zich als man en als vrouw presenteerde en in beide gedaanten allerlei losbandige relaties aanging. Heliogabalus’ verwijfdheid zou blijken uit zijn stem en gedrag. Niet alleen had hij gemeenschap met veel vrouwen, hij vond het ook geweldig om als vrouw op te treden als hij met zijn minnaars lag. Dio insinueert dat de keizer zich vaak als prostituee verkleedde en naar een bordeel ging om zichzelf te verkopen. Deze praktijken vonden plaats in het paleis, omdat de keizer een bordeel liet bouwen dat open was voor vrienden, klanten en slaven.

Lees verder “Heliogabalus (3): beleid”

De Bronstijd: sociale stratificatie

Het zwaard van Jutphaas: teken van sociale stratificatie (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Dit najaar begint in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een expositie over de Bronstijd. Om die tijd te begrijpen, benutten oudheidkundigen vanouds drie soorten bewijsmateriaal. Om te beginnen waren er de antiquariërs van de zeventiende en achttiende eeuw, die materiële overblijfselen combineerden met etnografische informatie. Voortaan was die vreemd gevormde steen geen uit de hemel gevallen dondersteen maar een projectiel, want op Vuurland gebruikten mensen stenen pijlpunten. In de late achttiende eeuw plaatsten geleerden als Turgot en De Condorcet de gecombineerde informatie in één grote theorie over de menselijke ontwikkeling. Twee soorten bewijsmateriaal waren verenigd en de Prehistorie was ontdekt.

Tegelijkertijd ontsloten taalkundigen de derde bewijscategorie: ze begrepen dat de reconstrueerde Proto-Indo-Europese taal eveneens zicht bood op wat toen nog een vaag gedefinieerde oertijd was. Inmiddels weten we dat de Yamnaya-cultuur (ca.3300-ca.2600 v.Chr.) de drager was van de Proto-Indo-Europese talen en dat zaken die aanwezig waren in én het vierde millennium v.Chr. én de samenlevingen waarin de Indo-Europese talen zijn gesproken, ook aanwezig moeten zijn geweest in de tussenliggende periode. De Bronstijd dus. Ik blogde al eens over de structuur van de eigennamen, over religie en over bezit.

Lees verder “De Bronstijd: sociale stratificatie”

Op bezoek in Libanon (4)

Gezocht, dood of levend: de topbankiers van Libanon

Ik kwam op vrijdagavond aan in Libanon en heb sindsdien drie dagen doorgebracht in Beiroet, Zahlé en de Qadishavallei. Het is verbluffend hoeveel kleine karweitjes zich in zo korte tijd opstapelen. Die heb ik vandaag maar eens afgewerkt. Ook ging ik naar twee musea die open hadden moeten zijn, maar die gesloten bleken. Dat gebeurt wel vaker. Ik herinner me dat, toen de Libanese overheid in de coronacrisis de ambtenaren had toegestaan thuis te werken, ook de bewakers van een opgraving bij Sidon thuis waren, zodat we het terrein niet op konden. Op dat moment frustrerend maar welbeschouwd grappig.

Ik heb een bevriende archeologe gevraagd of zij duidelijkheid kon scheppen, dus wie weet komt het er morgen nog van. En anders heb ik een reden om terug te komen.

Verder heb ik wat losse aantekeningen. Dingen die me zijn opgevallen. Ik geef u geen garantie dat ze kloppen of op een of andere manier juist zijn: ik geef alleen maar door wat ik me heb laten vertellen en wat ik denk te hebben begrepen. Voor verificatie komt u zelf maar kijken.

Lees verder “Op bezoek in Libanon (4)”

Grafstèle en gender

Grafstèle uit Zincirli (Pergamonmuseum, Berlijn)

Meestal blog ik op zondag over het Nieuwe Testament. Dat stukje schrijf ik doorgaans op zaterdag, de dag waarop ik probeer te studeren. Ik heb nu echter, vroeger dan verwacht, de zetproef liggen van Oudheidkunde is een wetenschap (en dat mag je ook best eens uitleggen) en ik heb even andere prioriteiten. Dus u krijgt bovenstaande foto uit Zincirli in het zuiden van Turkije. U kunt de naam kennen want er was een groot kamp voor Syrische vluchtelingen.

Grafstèle

Zincirli is het antieke Sam’al, de hoofdstad van het Aramese IJzertijdstaatje Bit Gabbar, geregeerd door koningen die afstamden van de Hittieten die hier in de Bronstijd regeerden. Kortom: een gemengde cultuur. En daar is dus deze grafstèle gevonden, die ik onlangs fotografeerde in het Pergamonmuseum in Berlijn. (U heeft nog precies een maand voordat het tot 2037 sluit.)

Lees verder “Grafstèle en gender”

De Skythen (1)

Een Skythische boogschutter op een Griekse vaasschildering (Louvre, Parijs)

Het is pas op blz.311 in zijn vorig jaar verschenen boek The Scythians. Nomad Warriors of the Steppe dat de door mij bewonderde Britse oudheidkundige Barry Cunliffe het punt maakt waar ik op zat te wachten. Het is wat lyrisch geformuleerd maar belangrijk:

The wide expanse of steppe flowing through Eurasia, with its grey-green horizons receding in the distance and its shimmer as the wind rustles the grass, challenges everyone to be on the move. Like the sea, it is a world where nothing can stay still and, like the sea, it sweeps everything onward. For millennia people have progressed through the steppe, sometimes in repeating patterns of transhumance and sometimes with astonishing speed, crossing huge distances to seek out new pastures. The Scythians occupy only one small part of the grand narrative.

Skythen en andere nomaden

De golven van de zee zijn de perfecte metafoor. Ze bewegen op en neer, vormen samen een enorme stroming en verplaatsen grote watermassa’s over enorme afstanden. Steppenomaden bewegen met de jaargetijden van zomer- naar winterweiden, clusteren samen onder leiding van deze of gene charismatische leider – een Attila de Hun, een Djengis Khan, een Timoer Lenk – en vormen een volk, verplaatsen zich van het oosten naar het westen, vallen weer uiteen en herclusteren dan weer als er een nieuwe leider opstaat. Het geldt ook voor de Indo-Europeanen, voor de Kimmeriërs, voor de Skythen, voor de Sarmaten, voor de Kushana’s, voor de Alanen, voor de Hunnen, voor de Avaren, voor de Turken, voor de Bulgaren, voor de Khazaren, voor de Magyaren, voor de Tataren, Mongolen, Kozakken, Oezbeken. Seizoensmigratie van veetelers, krijgers te paard, steeds weer trekkend van de droge steppe van Manchurije naar het wat vochtiger Oekraïne, Roemenië en Hongarije. De Skythen vormden maar één hoofdstuk in het grote verhaal, één golf in een zee van migrerende steppenomaden.

Lees verder “De Skythen (1)”

Libanese vrouwenrechten

De werkgelegenheid is voor Libanese vrouwen slecht, maar het onderwijs biedt wel kansen (en lage lonen).

Ik kom graag in Libanon en schrijf er meestal positief over. Vandaag eens een blik op een minder leuk aspect: de positie van de vrouw. Die is op het eerste gezicht niet slecht, en dat bedoel ik letterlijk, want wie over straat gaat ziet weinig verschillen met westerse landen. Je vindt vrouwen in elke economische sector. Ze volgen elke soort onderwijs en er zijn geen van overheidswege opgelegde kledingvoorschriften. Vergeleken met de vrouwen in de andere Arabische landen zijn de Libanese vrouwen inderdaad vrij geprivilegieerd.

Als je strikt juridisch kijkt, is het in orde. Zelfs hier bedriegt echter de schijn: pas twee jaar terug is een wet afgeschaft die mannen vrijwaarde van vervolging wegens verkrachting als ze met hun slachtoffer trouwden. Maar goed, die wet is dus afgeschaft en strikt juridisch kon het allemaal een stuk minder.

Lees verder “Libanese vrouwenrechten”

Lafheid

Ik heb een slaapstoornis die bekendstaat als Delayed Sleep Phase Syndrome. Zeg maar dat ik een extreem nachtmens ben. Met een geestverwant maak ik weleens grappen dat we eigenlijk Ieren zijn, maar geboren in een Nederlands lichaam. Ongeveer zoals Arjan Ederveen ooit een sketch had over een Afrikaan die gevangen zat in het lichaam van een Drentse boer. Een grapje. Maar het zal je maar eens echt gebeuren, dat je lichaam niet is wie je denkt of voelt te zijn. Dat je een man bent in een vrouwenlichaam of andersom.

Als buitenstaander is mijn allereerste reactie dan vooral een nieuwsgierige: hoe ontstaat die ervaring? Voor wie het meemaakt, is die nieuwsgierigheid pas iets dat later komt: je zit gevangen. Ik ken twee mensen die daarom een geslachtsveranderingsoperatie hebben ondergaan. Beide begrijpen dat anderen niet meteen – sterker nog: nooit – zullen navoelen wat zij ervaren. Ze snappen ook dat er weleens een grap wordt gemaakt. Maar ze hopen vooral op wat sympathie.

Lees verder “Lafheid”