IIII Flavia Felix

De samenvloeiing van Donau en Sava, gezien vanaf de basis van IIII Flavia Felix (Belgrado)

Zoals ik vertelde in het vorige blogje, was IIII Macedonica uit Mainz in ongenade gevallen doordat het Rijnleger tijdens de Bataafse Opstand (69-70 na Chr.) opzichtig had gefaald. Keizer Vespasianus herformeerde het echter onder de naam IIII Flavia en stationeerde het in Burnum, het huidige Kistanje in Kroatië.

Hoewel veel soldaten vanuit het oude legioen naar het nieuwe zullen zijn overgeplaatst, waren er ook rekruten uit Noord-Italië en wellicht Zuid-Gallië. Gnaeus Julius Agricola (de toekomstige schoonvader van de Romeinse geschiedschrijver Tacitus) hield toezicht op de feitelijke formering van het legioen. Omdat het insigne van de vernieuwde eenheid bestond uit het sterrenbeeld Leeuw, is het mogelijk dat het eind juli of begin augustus 70 officieel werd opgericht.

Lees verder “IIII Flavia Felix”

Herakles (2)

De Kretenzische Stier (Archeologisch Museum, Antalya)

In mijn vorige blogje introduceerde ik de eerste zes werken die Herakles moest verrichten voor koning Eurystheus van Tiryns. De halfgod had de Peloponnesos ontdaan van monsters en zou voor zijn volgende zes werken reizen maken buiten de Peloponnesos.

De Kretenzische stier

Herakles’ zevende werk was het vangen van de Kretenzische stier. De bronnen zijn het oneens over de aard van dit beest: was het de vader van de Minotaurus of was dit het dier dat Europa vervoerde van Fenicië naar Kreta? Om het nog wat complexer te maken, wordt hetzelfde verhaal verteld over de Atheense held Theseus. In elk geval: men vertelde dat Herakles het ondier bedwong in de buurt van Marathon.

Lees verder “Herakles (2)”

De “Keizerlevens” van Suetonius

Hadrianus, onder wie Suetonius werkte als ab epistulis, als almachtig heerser (Altes Museum, Berlijn)

In het vorige stukje hebben we het leven van Suetonius bekeken. Maar hij is natuurlijk bekender als auteur dan als ab epistulis. We kennen van zijn hand diverse titels, zoals een biografie van Cicero, een boekje over Griekse kinderspelletjes, een scheldwoordenboek en een boek met de intrigerende titel Fysieke gebreken van de man. Helaas zijn al deze boeken verloren gegaan.

We weten iets meer over een werk dat de Pratum de rebus variis heette. Dat is te vertalen als “een weide vol uiteenlopende dingen” of, om het lichtvoetige karakter te accentueren, als “de speeltuin”. Hierin verzamelde Suetonius nuttige, interessante en vermakelijke feitjes, waarvan hij hoopte dat ze de lezer zouden amuseren. We hebben meer van dit soort collecties over uit de Grieks-Romeinse Oudheid.

Lees verder “De “Keizerlevens” van Suetonius”

Het leven van Suetonius

De inscriptie met Suetonius’ carrière (Archeologisch Museum, Annaba)

Als u nog nooit een antieke bron heb gelezen, zijn er eigenlijk maar drie plaatsen om te beginnen: de profeet Amos, voor het betere pek-en-zwavel-werk, de altijd onderhoudende Historiën van Herodotos van Halikarnassos of de keizerlevens van Suetonius. Over eerstgenoemde moeten we het bij gelegenheid nog eens hebben, over de tweede hebben we het al eens gehad, en dus is vandaag Suetonius aan de buurt.

Suetonius’ jeugd

Gaius Suetonius Tranquillus, zoals zijn volledige naam luidt, is geboren in de havenstad Hippo Regius, het moderne Annaba in het noordoosten van Algerije. Zijn vader, Suetonius Laetus, was een rijk man en behoorde tot de ridderstand, de op een na hoogste rang in de Romeinse elite (na de senatoren). In 69 na Chr., het jaar van de burgeroorlog die bekend staat als Vierkeizerjaar, diende Laetus als tribuun in het Dertiende Legioen Gemina. Zijn zoon zou later vertellen dat Laetus aanwezig was geweest toen keizer Otho besloot zelfmoord te plegen.

Lees verder “Het leven van Suetonius”

Joden en christenen in Rome

Joods grafschrift (Museo delle terme, Rome)

Voor wie Rome verliet, voerde de eerste mijl van de Via Appia langs een parkje waarvan men zei dat de legendarische koning Numa er nog eens met een bosnimf had gesproken, én door een joodse wijk. Joden mochten op de sabbat maar een beperkte afstand wandelen en vestigden zich daarom het liefst bij hun synagogen, zodat er in Rome verschillende joodse buurten waren, elk met een eigen gebedshuis en een eigen catacombe. De synagoge aan de Via Appia was genoemd naar Eleas of Elaias, maar het is onbekend wie of wat dat is geweest.

Het is echter wel bekend dat de bewoners van deze buurt vrij sterk geromaniseerd waren. Dat blijkt uit de inscripties in de catacombe even voorbij de tweede mijlpaal van de Via Appia: merendeels in het Latijn, niet in het Grieks of een meer oostelijke taal. Deze joden waren overigens niet bepaald rijk. De dichter Juvenalis (ca.60 – ca.135) vertelt hoe hij hier eens een vriend tegenkwam die aan het verhuizen was, en geeft en passant een beschrijving van de armoedige levensomstandigheden:

Lees verder “Joden en christenen in Rome”

Het ontstaan van XI Claudia

Inscriptie voor een soldaat van het Elfde Legioen, die vocht in Aktion (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)

Rome is niet gebouwd op één dag en is niet gebouwd door keizers of consuls. Het Mediterrane wereldrijk is ontstaan door de integratie van de diverse regionale economieën en kreeg een Romeins uiterlijk doordat er altijd legionairs waren die bereid waren te strijden voor consuls of keizers. Wat betekent dat de geschiedenis van de Mediterrane economie en Romeinse regimentsgeschiedenis belangrijk zijn. Wat weer betekent dat we het vandaag gaan hebben over het Elfde Legioen, dat een eeuw na zijn oprichting de bijnaam Claudia zou krijgen.

Een eerste begin

(U zult in een moment weten waarom “eerste begin” voor één keer geen pleonasme is.) Het was een van Romes oudste legioenen. Toen Julius Caesar in 58 v.Chr. besloot niet vanaf de Povlakte naar Dacië te trekken, maar in plaats daarvan Gallië binnen te vallen, rekruteerde hij twee extra eenheden: het Elfde en het Twaalfde. Caesar vermeldt het Elfde in zijn beschrijvingen van de strijd tegen de Nerviërs, en het legioen zal zeker ook hebben deelgenomen aan andere beroemde campagnes, zoals de belegeringen van Bourges en Alesia.

Lees verder “Het ontstaan van XI Claudia”

De zonnewijzer van Augustus

De zonnewijzer van Augustus (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Hij staat er nog steeds, niet ver van het Italiaanse parlementsgebouw: de Egyptische obelisk die keizer Augustus gebruikte als naald voor een zonnewijzer met de oppervlakte van twee voetbalvelden. Die was onderdeel van een enorm gebied dat als geheel een gedenkteken was voor Romes eerste keizer. Feitelijk bestond het uit vijf monumenten: het mausoleum van Augustus, dat uitzag op het oorspronkelijke Pantheon, de plaats waar zijn brandstapel had gestaan, het altaar van de Vrede (Ara Pacis) en de zonnewijzer.

Die trok natuurlijk de meeste aandacht. De obelisk – niet toevallig een monument dat was gewijd aan de zon – wierp zijn schaduw op het travertijnen plaveisel. Zoals gezegd: die was twee voetbalvelden groot. Hierover liep een waaier van bronzen lijnen die de uren aangaven. Als de zon rond het middaguur viel over de noord-zuid lopende daglijn, was daar de datum af te lezen.

Lees verder “De zonnewijzer van Augustus”

Faits divers (24)

Een scheepswrak in het archeologisch museum van Girne; wellicht krijgen we zoiets ook te zien in Cartagena

Omdat het nieuwe academisch jaar is begonnen en de oudheidkunde dus wordt bedreigd, beginnen we deze “faits divers” met een petitie. Dit keer gaat het om de gymnasia in Denemarken, die geen financiële steun meer krijgen. Vorig semester waren er petities voor twee archeologische instituten, vier voor klassieke talen, één voor geesteswetenschappen in het algemeen en twee voor musea (overzicht). Soms hielpen die petities, dus tekenen is geen vergeefse moeite. U vindt de Deense petitie daar.

Ter zake nu.

Lees verder “Faits divers (24)”

De Palatijn

De Domus Augustana op de Palatijn

Ik heb me zelden in mijn leven zó in mijn oudheidkundige waanwijsheid betrapt gevoeld als op een grijze decemberdag, nu een jaar of twintig geleden, in Rome. Ik was met twee studenten op het Forum Romanum en we wandelden naar de Palatijn, de heuvel waar ooit de keizerlijke paleizen stonden en waar Romulus de stad zou hebben gesticht. Uiteraard moest ik alles uitleggen en stond ik al in de doceerstand toen een van de studenten (de Lauren van Zoonen die hier ook weleens leuke blogs schrijft) zei dat dit toch wel een magische plek was.

Bam. Dat was ik even vergeten. Maar Rome is natuurlijk niet slechts een plaats waar allerlei oudheidkundig interessants is te zien. Het is ook een plek die je moet ervaren. Er is niets mis met Ruinenlust. Zeker op de Palatijn, waar de overblijfselen van de oude gebouwen zijn opgenomen in een prachtig park, dat zelfs op een grijze decemberdag magisch is.

Lees verder “De Palatijn”

Het Forum van Trajanus

het Forum van Trajanus (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

In het Drents Museum in Assen is momenteel een mooie expositie over het oude koninkrijk Dacië, zeg maar Roemenië. Rond het begin van onze jaartelling was dat een machtige staat, die het de Romeinen bij tijd en wijle knap lastig maakte, mede doordat de koning dankzij enkele goudmijnen altijd huurlingen kon aantrekken. Voor keizer Trajanus waren die goudmijnen voldoende reden om het gebied te annexeren. Er waren twee campagnes voor nodig, maar in 106 na Chr. was de oorlog voorbij.

Nu moest iedereen in Rome het ook nog zien, en dus zette de zegevierende keizer zijn krijgsgevangenen in om een nieuw plein toe te voegen aan de reeks Keizerfora: het Forum van Trajanus, met daarnaast de Markthallen van Trajanus. De architect was Apollodoros van Damascus, die eerder een beroemde brug over de Donau had gebouwd. Het complex, volgens onze bronnen een van de mooiste bouwwerken in Rome, was voltooid in 112. De combinatie van oorlogsvoering en bouwwerken illustreert vooral het door oudhistorici als fantasieloos getypeerde beleid van deze keizer.

Lees verder “Het Forum van Trajanus”