De Palatijn

De Domus Augustana op de Palatijn

Ik heb me zelden in mijn leven zó in mijn oudheidkundige waanwijsheid betrapt gevoeld als op een grijze decemberdag, nu een jaar of twintig geleden, in Rome. Ik was met twee studenten op het Forum Romanum en we wandelden naar de Palatijn, de heuvel waar ooit de keizerlijke paleizen stonden en waar Romulus de stad zou hebben gesticht. Uiteraard moest ik alles uitleggen en stond ik al in de doceerstand toen een van de studenten (de Lauren van Zoonen die hier ook weleens leuke blogs schrijft) zei dat dit toch wel een magische plek was.

Bam. Dat was ik even vergeten. Maar Rome is natuurlijk niet slechts een plaats waar allerlei oudheidkundig interessants is te zien. Het is ook een plek die je moet ervaren. Er is niets mis met Ruinenlust. Zeker op de Palatijn, waar de overblijfselen van de oude gebouwen zijn opgenomen in een prachtig park, dat zelfs op een grijze decemberdag magisch is.

Lees verder “De Palatijn”

Het Colosseum (2): bezoekers

Het Colosseum

[Dit is het tweede van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

De bouw van het Colosseum (de naam is niet authentiek) was vooral een politieke daad. Door het te bouwen op de plaats waar ooit het Gouden Huis van Nero had gestaan, begon Vespasianus de herinnering aan zijn voorganger uit te wissen. Maar al wilden Vespasianus’ bouwkundigen breken met Nero’s projecten, het lukte niet helemaal. De hoofdas van het amfitheater viel samen met de door Nero aangelegde Heilige Weg. Maar wellicht was dat tóch de bedoeling, want het Colosseum stond nu precies achter de tempel van de vergoddelijkte Julius Caesar. De nieuwe dynastie leek zo als het ware de vorige te overtreffen: een duidelijk signaal.

Dat werd opgepikt door de dichter Martialis, die debuteerde met een boek vol puntdichten over het amfitheater:

Waar nu de Colossus naar de sterren blikt,
daar stond ooit het huis van een boosaardig heer.
Rome was destijds door één huis ingepikt.
Middenin was toen het keizerlijke meer;
tegenwoordig staat het Colosseum daar.
Op de plaats waar nu de nieuwe Thermen staan
lagen de vertrekken van die moordenaar.
Iedereen kan nu naar bad en spelen gaan,
Rome is de stad van de Romeinen weer
en niet alleen van Romes heer.noot Martialis, De schouwspelen 2.

Lees verder “Het Colosseum (2): bezoekers”

Het Colosseum (1): de bouw

Het Colosseum

Ik kondigde een tijdje geleden aan dat ik het zou hebben over het Colosseum, het enorme amfitheater in het midden van Rome. Zo’n gebouw – ik bedoel een amfitheater – diende  voor jachtpartijen, executies en gladiatorengevechten en had, zoals de naam eigenlijk al aangeeft, het uiterlijk van een dubbel theater. Deze bouwvorm is ontstaan in Campanië, waar in de tweede eeuw v.Chr. op verschillende plaatsen zulke houten executieschouwburgen verrezen. Vanaf de tijd van Sulla werden ze opgetrokken uit steen, zoals dat van Pompeii. Rome deed vooralsnog niet mee aan deze mode, want daar bleef het Circus Maximus in gebruik voor gladiatorengevechten. Ook het Forum bleef ruimte bieden aan deze vorm van vermaak en nog ten tijde van Julius Caesar zijn daar onderaardse gangen aangelegd om wilde dieren naar hun dood te laten lopen.

In 34 v.Chr. begon een generaal van Octavianus, Titus Statilius Taurus, met de constructie van het eerste Romeinse amfitheater. Het moet op het Marsveld (Campus Martius) hebben gestaan en was waarschijnlijk niet zo groot, want onze bronnen vermelden dat Augustus zijn gladiatorenshows bleef organiseren in het Circus Maximus. Pas met de bouw van het Colosseum, waarmee in 71 na Chr. werd begonnen, kreeg deze vorm van amusement een eigen plaats.

Lees verder “Het Colosseum (1): de bouw”

Nero’s Gouden Huis (2)

Mozaïek uit het Gouden Huis (Antiquarium del Palatino, Rome)

Ik beschreef in mijn vorige stukje de bouw van het Gouden Huis van keizer Nero. Hier is het landkaartje nog even. De hoofdingang lag op de Velia: de helling ten oosten van het Forum Romanum, waar later de beroemde ereboog van Titus is opgericht. Nero liet ook het Klooster van de Vestaalse Maagden herbouwen en een straat naar zijn paleis aanleggen, aan weerszijden voorzien van galerijen. Wie de straat uit liep, bereikte op de heuveltop een rechthoekig plein, het vestibulum, met daarop de Colossus. Die moet dus hebben gestaan in de buurt van de Titusboog, vrijwel zeker op plek van de huidige kerk van Santa Francesca Romana. De kerktoren geeft een idee van de hoogte van het enorme standbeeld.

Op de top van de Velia begon een zijstraat naar de verblijven op de Palatijn, maar wie rechtdoor liep, bereikte het dal tussen Velia, Caelius en Oppius. Hier lag de vierkante, door colonnades omgeven vijver en begon het parkachtige deel van het Gouden Huis. Ten zuidoosten van de vijver stond het podium waarop de tempel van de vergoddelijkte Claudius moest verrijzen. (De aanleg werd na de brand onderbroken om de bouwvakkers in te zetten bij de wederopbouw van de stad.) Daar liet Nero een waterpartij aanleggen, waarvan de resten nog te zien zijn aan de Via Claudia.

Lees verder “Nero’s Gouden Huis (2)”

Nero’s Gouden Huis (1)

Interieur van de vleugel van het Gouden Huis op de Oppius

In juli 64 na Chr. werd Rome getroffen door een catastrofe. Ik heb op deze blog de beroemde beschrijving door Tacitus weleens geciteerd. Grote branden waren niet ongewoon – elke voorindustriële stad werd er van tijd tot tijd door getroffen – en er waren voorzorgsmaatregelen genomen. Zo stonden her en der brandmuren, waarvan die achter het Forum van Augustus tegenwoordig nog het meest herkenbaar is.

Maar tegen een brand zo groot als die van 64 waren alle menselijke maatregelen vergeefs. De brand woedde dagenlang en legde hele wijken in de as. Keizer Nero nam meteen maatregelen voor de getroffen bevolking. Hij liet barakken bouwen in zijn tuinen aan de andere zijde van de Tiber, voerde levensmiddelen aan, liet toezien op woekerprijzen. Allemaal voorbeeldig, maar het gerucht dat hij de lier ter hand had genomen om de brand van Troje te bezingen, liet zich niet onderdrukken. De oplossing was, zoals bekend, dat hij de stedelijke Joden, die woonden tegenover de plek waar de brand was begonnen, de schuld gaf. Omdat dat er nogal veel waren, selecteerde hij een kleine, toch al omstreden groep: de messiasbelijdende joden die in het Grieks christenen heetten, vereerders van een gekruisigde rebel.

Lees verder “Nero’s Gouden Huis (1)”

Antieke technologie in Frankfurt

Antieke technologie: reconstructie van de sfaira van Archimedes.

Zoals ik maandag al vertelde zijn er in Frankfurt momenteel enkele interessante exposities. Om te beginnen een over de samaritaanse geloofsgemeenschap in het Bibelhaus en een andere over Mithras in het Archäologische Museum. Over de eerste had ik het afgelopen maandag al; de tweede was wat anders dan de tentoonstelling in Morlanwelz, met de nadruk op de verering van de licht- en vruchtbaarheidsgod in het Rijnland en Etrurië. In het Städel Museum is momenteel een kleine expositie van negentiende-eeuwse fotografie in Italiaanse steden en tot slot wijdt het Liebieghaus een tentoonstelling aan antieke technologie.

Techniek en machines?

Ik noem het gemakshalve antieke technologie, maar de titel is “Maschinenraum der Götter. Wie unsere Zukunft erfunden wurde” en dat is natuurlijk een hype, bedoeld om bezoekers te lokken. Die maken eerst kennis met de Babylonische wiskunde en de Egyptische astronomie, met een uitstapje naar het chemische proces waarmee de Egyptenaren blauw pigment maakten.

Lees verder “Antieke technologie in Frankfurt”

Domitianus (32): De Palatijn

Reconstructie van de troonzaal op de Palatijn

De Palatijn! Mooi hè. Zo zag de troonzaal eruit in het paleis dat de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) liet bouwen op de centrale heuvel in Rome. Het groen basalten standbeeld links staat tegenwoordig in Parma met een ander beeld uit dezelfde reeks: een Hercules en een Dionysus. In de Romeinse sculptuur behoren deze macho’s, die zich evident hebben vergrepen aan de anabole steroïden, tot mijn persoonlijke favorieten.

Ergens in deze zaal hing de voorhang uit de tempel in Jeruzalem. Na een audiëntie deed rabbi Eleazar ben Yose verslag:

Ik heb de voorhang gezien en er zaten veel vlekken in van het bloed van de os en de bok van Grote Verzoendag.

De menora, eveneens afkomstig uit de tempel in Jeruzalem, schijnt te hebben gestaan in de door Domitianus’ vader Vespasianus gebouwde tempel van de Vrede.

Lees verder “Domitianus (32): De Palatijn”

De colossus van Constantijn de Grote

Constantijn de Grote (Capitolijnse Musea, Rome)

Na de brand van Rome van het jaar 64 na Chr. – berucht van een door Tacitus beschreven christenvervolging – liet keizer Nero zijn hoofdstad herbouwen. In het oosten kwam een kolossale villa, het Gouden Huis, waarin hij zelf zijn intrek nam. In de vestibule stond de “colossus van Nero”: een gigantisch beeld van wel dertig meter hoog. Het verrees achter de tempel voor Caesar, die de oostelijke afsluiting vormde van het Forum Romanum. Wie vanaf dit plein naar die tempel keek, zag altijd het portret van Caesars afstammeling boven het heiligdom van zijn voorvader uitsteken. (Dat Nero alleen via adoptie afstamde van Caesar, deed voor de Romeinen niet ter zake.)

Nadat Nero in 68 zelfmoord had gepleegd en toen met keizer Vespasianus een nieuwe dynastie was aangetreden, werd het beeld aangepast: voortaan stelde het de zon voor. Ook werd het voorzien van een nieuw portret: dat van Titus, de beoogde troonopvolger. Een halve eeuw verplaatste keizer Hadrianus het beeld van de zonnegod over de achterliggende heuvel naar het amfitheater. De auteur van de Historia Augusta schrijft:

Met hulp van de architect Decrianus verplaatste Hadrianus de colossus – rechtopstaand! – vanaf de plaats waar nu de tempel van Roma staat, ook al was het gevaarte zo zwaar dat hij voor het karwei vierentwintig olifanten moest inzetten.

Lees verder “De colossus van Constantijn de Grote”