WvdK | Lacus Curtius

Marcus Curtius (Capitolijnse Musea, Rome)

Op het Forum Romanum, het centrale plein van het oude Rome, ligt het kleine monumentje dat bekendstaat als Lacus Curtius ofwel het Curtische Meer. De website met de vele vertalingen is ernaar vernoemd. Ooit was dit werkelijk een meertje, gelegen in een dal tussen de heuvels van Rome. Na drainage veranderde de vochtige vallei in een plein en bleef alleen een vijver over. In de loop der tijden werd die steeds kleiner. Vanaf de tweede eeuw v.Chr. resteerde slechts een twaalfhoekig bassin.

Waarom was die er überhaupt, die vijver op het plein? Waarom was het gebied niet helemaal gedraineerd? De vermoedelijk juiste verklaring is dat in de jaren veertig van de vijfde eeuw v.Chr. de bliksem bij de vijver is ingeslagen en dat een consul Gaius Curtius daarop de plaats omheinde. De Romeinse traditie bewaarde echter een oudere herinnering. De geschiedschrijver Livius weet te vertellen dat tijdens de strijd die uitbrak na de schaking van de Sabijnse meisjes een Sabijnse ruiter met de naam Mettius Curtius op deze plaats in het moeras vast was komen zitten. Dit klinkt als een verzinsel, al is de naam Mettius een weergave van meddìs, een oud-Italiaanse naam voor legercommandant. Een andere sage speelt in het midden van de vierde eeuw…

Lees verder “WvdK | Lacus Curtius” →

Galla Placidia

Galla Placidia (Residenzschloss, Dresden)

De Romeinse keizer Theodosius I had twee zonen, aan wie hij in 395 na Chr. het keizerrijk naliet: de oudste, Arcadius, kreeg het Grieks en Aramees sprekende oosten met zijn eeuwenoude steden,  terwijl de jongste, Honorius, het Latijnse westen kreeg, waar de stedelijke levenswijze wat minder diep was geworteld. De twee keizers hadden nog een halfzus, Galla Placidia, die de pech had in 408 in Italië te zijn. Op dat moment trokken de Visigoten – er is discussie over de naam mogelijk, maar die verdaag ik naar een andere gelegenheid – daar rond, op zoek naar goede landbouwgronden. De gevangenname van Galla Placidia en de  plundering van Rome in 410 waren daarbij drukmiddelen.

Eerste huwelijk: Athaulf

De gevangen prinses moest in 414 trouwen met koning Athaulf. Het huwelijk zou moeten dienen om de Visigotische elite respectabiliteit te verlenen en zo te integreren in het Romeinse Rijk; de zoon heette daarom naar zijn grootvader Theodosius. Omdat in het oosten Arcadius zijn eerstgeborene ook naar diens opa had vernoemd, zou het mogelijk zijn geweest dat beide rijkshelften ooit gelijktijdig geregeerd zouden worden door twee naamgenoten: een Theodosius II (oost) en een Theodosius II (west). Het mocht echter niet zo zijn: Galla Placidia’s zoontje stierf jong.

Lees verder “Galla Placidia” →

Een Perzische leeuw in Frankrijk

Gotische leeuw uit de voormalige abdij van Picheny

Vroege gotiek: een van de trouwe lezers van deze blog stuurde me bovenstaande foto van een leeuw. De uitleg op het bordje in het museum, als ik het goed heb begrepen de abdij van Fontenay, vertelde dat het reliëf afkomstig is uit de abdij van Picheny bij Montlevon. Die bestaat niet langer maar stond aan de weg van Parijs naar Reims en Champagne. De toelichting vertelt verder dat het reliëf is geïnspireerd door de Sassanidische kunst.

En dat is waar het curieus wordt. Het reliëf is gemaakt rond 1150 of iets later, in de tijd van de vroege gotiek. De laatste Sassanidische koning, Yazdgard III, is vermoord in 651. Een half millennium eerder. Ik zie zo snel niet waar de parallel zit, al kan ik wel iets bedenken. Een gaande, aanziende leeuw was namelijk ook een gangbaar symbool in Perzië. Voorzien van een zwaard en met een zon op de rug waar op dit reliëf een gekrulde staart zit, stond het tot 1979 op de Iraanse vlag. De meest nationalistische Iraniër zal echter moeite hebben de combinatie leeuw, zon en zwaard terug te voeren tot de Sassanidische tijd. Over het feit dat de leeuw in Picheny een mensenhoofd heeft en dus eigenlijk een sfinx is, zullen we het dan niet hebben. Je zoekt toch eigenlijk een nauwere parallel maar ik ken hem niet.

Lees verder “Een Perzische leeuw in Frankrijk” →

De gesel Gods (7)

Het graf van Theodorik in Ravenna.

[Laatste deel van een zevendelige reeks over Attila de Hun. Het eerste deel was hier en ik behandelde de slag op de Catalaunische Velden, waarin Aetius de Hunnen versloeg.]

Een jaar later, in 452, probeerde Attila Italië binnen te vallen, maar zijn leger was al niet meer zo groot en hij keerde terug. Deze expeditie lijkt bedoeld te zijn geweest om het prestige van de Hunnen op te vijzelen en de coalitie bij elkaar te houden. Niet veel later overleed hij, naar verluidt tijdens zijn huwelijksnacht met een prinses die Hildico heette. (Ze is een van de historische personages achter de Kriemhild van het Nibelungenlied.) De Hunse federatie spatte uit elkaar en al in 454 liepen de Ostrogoten, die tot dan toe Attila hadden gediend, over naar Rome. Later zouden ze onder leiding van koning Theodorik trekken naar Italië.

Zo eindigde de slag op de Catalaunische Velden in een Romeinse zege, zij het mede behaald door legers van Germaanse afkomst. Hoe noodzakelijk was de West-Romeinse overheid eigenlijk nog? Voor de rijksverdediging en de rechtspraak had ze weinig betekenis meer en het gezag van de keizers reikte niet ver. Dat bleek in 455.

Lees verder “De gesel Gods (7)” →

De gesel Gods (2)

Petrus en Paulus op een glazen penning van bisschop Damasus (Vaticaanse Musea, Rome)

[Tweede deel van een zevendelige reeks over Attila de Hun. Het eerste deel was hier en behandelde de doorbraak van enkele Germaanse stammen over de Rijn, het Romeinse Rijk binnen. In 410 viel Rome.]

De inname van Rome was voor de Visigoten en hun leider Alarik een middel om een regeling af te dwingen. Ze wilden land. De Romeinse auteur Orosius beschrijft de gebeurtenissen in zijn Wereldgeschiedenis. De vertaling is van Hein van Dolen.

Lees verder “De gesel Gods (2)” →

Misverstand: Archimedes

Athanasius Kircher legt uit waarom het niet lukt

Misverstand: Archimedes stak Romeinse schepen in brand met spiegels

In 264 v.Chr. brak oorlog uit tussen de Romeinse Republiek en Karthago. Deze Eerste Punische Oorlog ‘duurde zonder onderbreking vierentwintig jaren en was de meest lange, intensieve en grootschalige oorlog uit de geschiedenis’, noteerde de Griekse historicus Polybios (ca. 200- ca. 118). Hij overdreef niet. Aan één gevecht, de zeeslag bij Eknomos, namen 287.000 soldaten deel, een cijfer dat vermoedelijk niet overdreven is. Na afloop van het enorme conflict was Rome meester van Sicilië en zon Karthago op wraak.

De Tweede Punische Oorlog brak uit in 218. De Karthaagse generaal Hannibal (247-192) verbaasde de wereld door laat in het seizoen nog over de Alpen te trekken en Italië te veranderen in een oorlogszone. Onder de indruk van Hannibals successen koos de Siciliaanse havenstad Syracuse, een Romeinse bondgenoot, partij voor Karthago. In 213 begonnen de Romeinen aan de belegering van de afvallige stad, waarbij hun gevaarlijkste tegenstander de slimme ingenieur Archimedes (287-212) was, die allerlei nieuwe wapens ontwikkelde.

Lees verder “Misverstand: Archimedes” →

Misverstand: De triomfboog van Titus

De triomfboog van Titus (rechts), vele jaren geleden.

Misverstand: De triomfboog van Titus staat bij het Forum Romanum

Na de verwoesting van Jeruzalem vierde generaal Titus in Rome een triomftocht, en elke reisgids voor Rome vermeldt dat de toen gebouwde triomfboog staat op de heuvelrug tussen het Forum Romanum en het Colosseum. De boog is inderdaad gewijd aan Titus, maar de inscriptie maakt duidelijk dat het monument geen triomfboog kan zijn. Er is namelijk geen sprake van glorieuze overwinningen, maar wel van de divus Titus, “de vergoddelijkte Titus”. En aangezien keizers gewoonlijk pas na hun overlijden onder de goden werden opgenomen, moet het monument dateren van na Titus’ dood.

De echte triomfboog stond een paar honderd meter verder naar het zuiden in de bocht van het Circus Maximus. Een middeleeuwse reiziger, aangeduid als de Anonymus van Einsiedeln, heeft het overwinningsteken – dat later is gesloopt – nog gezien en citeert het opschrift:

Lees verder “Misverstand: De triomfboog van Titus” →

Leveranciers van misinformatie

Muur in het Circus van Maxentius

In Pompeii, zo meldt ons dit weekend de Britse kwaliteitskrant The Guardian, is ontdekt dat de Romeinen het recyclen hebben uitgevonden. Ik durf te wedden dat de meeste mensen koppensnellers zijn, dat ze het op zich aardige artikel niet hebben gelezen en dat ze alleen de uitvinding van het recyclen hebben onthouden. Een leuk weetje. Binnenkort, als de pubs weer open zijn, zal iemand het bij zijn biertje tegen iemand anders zeggen. Zo komen de misverstanden in de wereld. Hier te lande pompten de media onlangs de wereld in dat het Thermenmuseum het oudste gebouw van Nederland was (alleen waar bij een specifieke definitie van gebouw), dat Nijmegen de oudste stad van Nederland was (negentiende-eeuwse kletspraat) en dat de Romeinen al het homohuwelijk kenden (te eenvoudig).

Voor het goede begrip: de kop in The Guardian is onzin. Elke cultuur recyclet. Om het tot de Oudheid te beperken: elk archeologisch museum toont wel een Griekse pot die met wat krammen is gerepareerd, het meisje van Yde droeg een mantel die was versteld, in de muren van het Circus van Maxentius aan de Via Appia zijn oude kruiken verwerkt – zie de foto hierboven – en elke boer verpulverde scherven om te mergelen. Kortom, iedere samenleving recyclet en de Romeinen hoefden niets uit te vinden. De enige samenleving met autokerkhoven, metershoge vuilnisbelten en kernafvalopslagplaatsen is de onze; dat wij een circulaire economie aan het uitvinden zijn is in feite een terugkeer naar normaliteit.

Lees verder “Leveranciers van misinformatie” →

Misverstand: Wolvin

De Capitolijnse wolvin (Capitolijnse Musea, Rome)

Misverstand: De Capitolijnse wolvin dateert uit de zesde eeuw v.Chr.

Terwijl de Perzen bezig waren de wereld onder één koning te verenigen en de Grieken het stedelijk leven ontdekten, ontstonden ook in Italië steden. Eén daarvan was Rome, dat al in de zesde eeuw een enorme stad was, met bijvoorbeeld een tempel voor de oppergod Jupiter die behoorde tot de grootste heiligdommen van de Mediterrane wereld. Er is geen twijfel dat het een belangrijk artistiek centrum was, maar juist het beroemdste kunstwerk dat in deze tijd in Rome zou zijn gemaakt, de Capitolijnse wolvin, is niet wat het lijkt.

Lees verder “Misverstand: Wolvin” →

De stichting van Rome

Nijlpaard op een munt die Philippus Arabs sloeg ter herdenking van het duizendjarig bestaan van Rome (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Het was in de IJzertijd niet ongebruikelijk dat mensen woonden op heuveltoppen en de vallei van de Tiber was geen uitzondering. Ook voor Rome is het gedocumenteerd: we weten dat er boeren woonden op de toppen van de Palatijn, Velia, Capitool en Quirinaal. Dat de Romeinen later dachten dat hun stad was gesticht door herders, is nog maar een eerste vergissing. Dat de stad was gesticht op 21 april is een volgend misverstand, ingegeven door het feit dat de Romeinen zich niets primitievers konden voorstellen dan herders en de herders in Latium op die dag een oud lentefeest vierden.

Wat in feite gebeurde is dat in de late negende eeuw v.Chr. de heuveltopdorpjes begonnen samen te werken. Een echo klinkt door in een opmerking van de Romeinse taalkundige Festus, die het woord Septimontium, “zevenheuvelenfeest”, moet verklaren en zegt dat

op zeven plaatsen offers werden gebracht: op de Palatijn, op de Velia, op de Fagutal, in de Subura, op de Germalus, op de Caelius, op de Oppius en op de Cispius.

Lees verder “De stichting van Rome” →