Spookkoning

Portret van een Romein, c.200 n.Chr. (Glyptotheek, Munchen)

Koning Chosroes van Armenië, wie kent hem niet? Hij moet een tijdgenoot zijn geweest van de Romeinse keizer Septimius Severus, die in 195 en 197 campagne voerde in het oosten en tijdens een van die veldtochten Armenië wilde annexeren. Met een flinke betaling kocht de Armeense vorst de invasie af, zo meldt de Romeinse auteur Herodianus. Als u het wil nalezen: het is de terloopse passage hier. Daar staat echter de naam van de Armeense vorst niet vermeld.

De Neue Pauly (een bekend naslagwerk) heeft een suggestie:

… doch dürfte auf ihn die Inschrift eines “Armeniers Chosroes” beim ägyptischen Theben (CIG 4821) zu beziehen sein.

CIG staat voor Corpus Inscriptionum Graecarum, een heel oud verzamelwerk met Griekse inscripties, waarvan de uitgave is begonnen in 1825. En daar staat inderdaad dit inschrift:

Lees verder “Spookkoning”

Het verhaal dat Herodotos liet liggen

Wedjahor-Resne met een cultusbeeldje van Osiris. Het beeld werd door de Romeinse keizer Hadrianus (117-138) meegenomen naar Italië en geplaatst in zijn villa in Tivoli. Het is nu in de Vaticaanse Musea.

Ik heb al weleens eerder gewezen op de verovering van Egypte door de Perzische koning Kambyses, een gebeurtenis die traditioneel wordt geplaatst in 525 v.Chr. Vóór hem had de Assyrische heerser Esarhaddon de Egyptenaren onderworpen, en dat was eigenlijk de enige keer dat een leger vanuit Azië de Nijl had bereikt. Het was dan ook een formidabele prestatie.

Een leger dat vanuit Palestina naar Egypte trekt, moet namelijk vijf dagen langs de kust marcheren, door een woestijnachtig gebied zonder veel bronnen. Als farao Psamtek III zijn vloot tegen Kambyses zou hebben ingezet, zou het er slecht hebben uitgezien voor de Perzen. Die wisten evenwel zonder verliezen Pelousion te bereiken, het huidige Port Said. De Griekse auteur Herodotos, een voorname bron, vermeldt een gevecht maar heeft daarover weinig te vertellen. Hier is de vertaling van Historiën 3.11-12 door Hein van Dolen.

Lees verder “Het verhaal dat Herodotos liet liggen”

De terugkeer van Wahibre-em-achet

Het plaatsen van de sarcofaag van Wahibre-em-achet in het Rijksmuseum van Oudheden (©RMO)

Toen ik werd benaderd om het themaboekje te schrijven voor de Week van de Klassieken, gewijd aan migratie in de Oudheid, wist ik meteen dat ik Wahibre-em-achet zou noemen. De inleiding opent dus met de sarcofaag van deze Griekse Egyptenaar, die de wacht houdt bij de ingang van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, is hij uiteindelijk uitgegroeid tot de titelheld van Wahibre-em-achet en andere Grieken. Er was echter één probleem: de sarcofaag was uitgeleend aan een Amerikaans museum. En het is toch een beetje vreemd als je schrijft “u ziet hem bij de ingang van het museum” als hij daar feitelijk niet staat.

Gelukkig werd de afgelopen maanden duidelijk dat het museumstuk tijdig zou terugkeren. U vindt de museale beschrijving hier en hieronder krijgt u het officiële persbericht. Leuk weetje: dat had eigenlijk gisteren de deur uit gemoeten, maar het museum was bang dat het zou worden opgevat als 1-april-grap.

Lees verder “De terugkeer van Wahibre-em-achet”

Bes

Reliëf van de god Bes (Karatepe)

Het lijp kijkende heerschap hierboven is de god Bes. Het reliëf is te zien in het zuiden van Turkije op een plek die ter plaatse bekendstaat als Karatepe, maar die, omdat in Turkije vrijwel ieder dorp Karatepe (“zwarte heuvel”) heet, door archeologen meestal wordt aangeduid als Aslantaş, “leeuwensteen”. In de Oudheid noemden de Neo-Hittitische bewoners de stad Azitawataya.

Het natuurstenen reliëf bewaakt een van de stadspoorten en is gemaakt tegen het einde van de achtste eeuw v.Chr. In Griekenland zongen barden de epen van Homeros en Hesiodos, in Juda zette men zich schrap voor de strijd tegen de Assyriërs en in onze contreien doken op dat moment ongeveer de eerste ijzeren voorwerpen op.

De vindplaats is opmerkelijk want Bes geldt als een Egyptische god, hoewel hij tegen het einde van de achtste eeuw in dat land geen tempels bezat. (Daarna vermoedelijk ook niet, trouwens. Ik ken ze althans niet.) Hij werd echter al eeuwen vereerd, maar deze kobold – anders kan ik het niet noemen – behoorde vooral tot de volkscultus.

Lees verder “Bes”

Vandalisme en plundering

De tetrapylon van Palmyra

Eigenlijk is het heel logisch dat als ik blog over Palmyra, zoals ik vanmorgen deed, ik reacties krijg over de plundering. Die heeft inderdaad nogal wat publiciteit gekregen en ik had moeten zien aankomen dat daarop zou worden gereageerd. Gek genoeg heb ik daar, toen ik vannacht mijn stukje typte, geen seconde aan gedacht. Mijn antwoord op een reactie op Faceboek groeide uit tot de lengte van een blogstukje en ik kan dat op deze plek weer uitbreiden met wat links. Een overzicht dus.

Syrië

De erfgoedschade in Syrië is vooral toegebracht door het regime. De zogenaamd Islamitische Staat heeft zich beperkt tot acties die eerder mediageniek waren dan schadelijk. Ik wil ze daarmee – dit schrijf ik met nadruk – niet bagatelliseren want de schade is reëel, maar het waren toch vooral de personeelsadvertenties van een terreurgroep en de westerse media hebben de taak van megafoon goed op zich genomen. Het beschadigen van oudheden was voor IS echter geen echt doel. Als dat zo zou zijn geweest, had het Resafa kunnen plunderen, maar het liet die stad ongemoeid.

Lees verder “Vandalisme en plundering”

Antieke namen

Shabti’s van Taharqo en Senkamanisken (Boston, Museum of Fine Arts)

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar als ik voor het eerst arriveer in landen waar het westerse alfabet niet wordt gebruikt, is het voor mij altijd de sport de opschriften te lezen. Het makkelijkst zijn dan namen als “Coca Cola” of “Apple”, waar een logo aangeeft wat er moet staan. De woorden “dames” en “heren” zijn ontcijferd na een eerste toiletbezoek. Daarna volgen gangbare woorden als “computer” en “telefoon”. Ik zal niet snel het moment vergeten, lang geleden in Athene, waarop ik in een flits begreep dat het mysterieuze ΒΙΝΤΕΟ dat ik al enkele keren had gezien, de Griekse manier was om “video” te schrijven.

De vorige alinea was slechts een aanloopje om een simpel punt te maken: de spelling van een woord is niet altijd een weergave van de uitspraak. Het moderne Grieks gebruikt bijvoorbeeld de twee letters nu-tau om de klank weer te geven die wij weergeven als d, terwijl de bèta onze v weergeeft. Geen Griek heeft daar moeite mee, zoals wij weten dat word en wordt twee weergaven zijn van dezelfde klanken, die dan weer niet hetzelfde betekenen.

Lees verder “Antieke namen”

Nubisch offerdier

Een bijna abstract beeldje van een offerdier

Omdat ik onverwacht de stad uit moet, en omdat de zetproef van mijn nieuwe boekje Wahibre-em-achet en andere Grieken er inmiddels is, vandaag even een heel kort stukje: een afbeelding van een ram, die zo meteen geofferd zal gaan worden. Om het slachten zo snel mogelijk te laten verlopen, hebben de offeraars de poten al gebonden.

Lees verder “Nubisch offerdier”