Frankenstein in Bagdad

Ik hoorde vertellen – en ik denk dat het waar is – dat een jaar of twintig geleden bij een dorp in het noorden van Irak een massagraf werd gevonden waarin allerlei losse lichaamsdelen lagen. De slachtoffers waren onherkenbaar, maar met enige moeite vielen ze te herleiden tot acht mensen. In dat dorp waren echter tien mensen vermist. Van twee doden ontbrak alles wat identificeerbaar had kunnen zijn. De dorpelingen besloten daarop de ledematen te verdelen over tien kisten, zodat er tenminste tien begrafenissen konden zijn.

Frankenstein

Iets soortgelijks is de premisse van Frankenstein in Baghdad van de Iraakse auteur Ahmed Saadawi. Een man neemt na een bomaanslag waarbij een vriend om het leven komt, allerlei lichaamsdelen van gewelddadig gestorven mensen, naait ze aan elkaar om er één lichaam van te maken om de autoriteiten te dwingen te erkennen dat een volledig mensenleven kapot is gemaakt. Het schepsel komt echter tot leven en begint aan een wraakcampagne: hij doodt degenen die verantwoordelijk zijn voor de dood van degenen uit wier lichaamsdelen hij is samengesteld.

Lees verder “Frankenstein in Bagdad”

Voor-westerse geschiedenis (8) de zeeën

Straat van Gibraltar

Oké, daar gaat ’ie. Dit blogje gaat over de Adriatische Zee, de Alboránzee, de Balearische Zee, de Egeïsche Zee, de Ikarische Zee, de Ionische Zee, de Kretenzische Zee, de Levantijnse Zee, de Libische Zee, de Ligurische Zee, de Myrtoïsche Zee, de Sardijnse Zee, de Thracische Zee, de Tyrrheense Zee en de Zee van Marmara. En verder gaat het over de Atlantische Oceaan, het Aralmeer, de Indische Oceaan, de Kaspische Zee, de Noordzee, de Oostzee, de Perzische Golf, de Rode Zee en de Zwarte Zee. Alles bij elkaar vierentwintig zoute watervlakten.

Wij noemen de eerste vijftien samen de Middellandse Zee, maar al die wateren hebben andere eigenschappen. Dat krijg je ervan als je zo’n verfrommeld landschap hebt. Dat de Romeinen spraken van Mare Nostrum, “onze zee” in enkelvoud, was een weinig subtiele manier om te zeggen dat ze vele volken en landen hadden overwonnen.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (8) de zeeën”

Poëzie: Een draak

Sint-Joris en de draak (Amay)

Een draak

Er was eens een draak met zeven hoofden
Vallende sterren, waarin de Kelten geloofden
Perseus, Michaël, Joris, Siegfried, Beowulf, Walewein
Vele helden kregen hem klein

Maar volgens Herman Clerinx kent het verhaal nog een staartje
De draak spuwde zijn vuur
In de literatuur
En gaf de pijp aan Maartje

[Een gastbijdrage van de huisdichter van deze blog, Hans Koonings. Het is vandaag Sint-Joris, u weet wel, van de draak. Dank je wel Hans!]

Cornelis de Bruijn (5) Jeruzalem

Cornelis de Bruijn, het Heilig Graf

Dit is het vijfde van dertien stukjes over Cornelis de Bruijn. Het eerste was hier.

***

Het heilige Land

Cornelis de Bruijn wilde naar Jeruzalem, dat lag op twee dagen van de haven van Jaffa. Maar toen hij halverwege was, in Ramla, gaven de Ottomaanse gezagsdragers hem bevel te blijven waar hij was. Een epidemie in Jeruzalem maakte verder reizen onverantwoord. Pas na bijna drie maanden kon De Bruijn verder reizen en op 17 oktober 1681 bereikte hij de heilige stad. Onderweg passeerde hij het vervallen kerkje voor Sint-Joris in Lydda, waar ik vorig jaar over blogde.

De autoriteiten stonden geen privébezoek toe aan de heilige plaatsen. Ze hadden de franciscanen, die al sinds de Kruistochten de Europese christenen vertegenwoordigden, aangewezen als coördinatoren. De monniken organiseerden rondleidingen, die voor de zekerheid werden beschermd door bewapende Ottomaanse escortes. Pelgrimage was zo veilig en verantwoord, maar bezoekers kregen zo alleen te zien wat hun was toegestaan.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (5) Jeruzalem”

Ernest Renan over godsdienst

Machnaqa

Toen de Franse keizer Napoleon III in 1860 een leger naar Libanon stuurde om daar de druzen en maronieten uit elkaar te houden, suggereerde de Franse geleerde Ernest Renan hem dat hij ook wat wetenschappers mee zou sturen. De eerste Napoleon had geholpen om van de egyptologie een echte wetenschap te maken, Napoleon III kon de fenicologie stimuleren. En zo reisde Renan naar Libanon. Ik heb al wel eens eerder naar zijn Mission de Phénice (1864) verwezen. Het is een fascinerend, speels boek.

Het volgende citaat toont een romantische geest aan het werk; je zou het zo niet meer schrijven. Maar Renan maakt duidelijk dat de christenen de Libanonbergen hebben gekerstend en daarbij niet iets volledig nieuws brachten, maar iets ouds aanpasten.

Lees verder “Ernest Renan over godsdienst”

Het Hefaisteion

Het Hefaisteion in Athene

Hefaistos, de Griekse god van de smeedkunst, had een bijzondere band met de stad Athene. Net als de stadsgodin Athena. Beide hadden de mensheid ambachten en kunsten bijgebracht, beide werden vereerd in een gedeeld festival, de Chalkeia, en samen deelden ze een tempel. Die lag op een heuvel bij de Atheense agora, verkeert nog in uitstekende staat en heet Hefaisteion.

De bouw van het Hefaisteion

De constructie van het Hefaisteion behoort tot de stedelijke vernieuwing van Athene rond het midden van de eeuw. Begonnen in 449 v.Chr. werd de bouw een project van de lange adem: het dak lijkt tussen 421 en 415 te zijn gebouwd en pas daarna kon het heiligdom in gebruik worden genomen.

Lees verder “Het Hefaisteion”

De kerken van Cyprus

Apsismozaïek in de Angeloktisti-kerk bij Larnaka, een van de oudste kerken op Cyprus

Ik beloofde u onlangs een stukje over de kerken van Cyprus. Ze zijn mooi en vaak interessant. Kerken vind je uiteraard overal, maar ik ken geen plaats waar zoveel verschillende soorten christelijke godshuizen bij elkaar staan: orthodoxe kerken in het binnenland én gotische kathedralen uit de tijd van de Kruistochten, orthodox én nestoriaans én katholiek.

***

De Byzantijnse kerken

Hierboven zag u een Byzantijns mozaïek uit de Panagia Angeloktisti-kerk bij Larnaka. Angeloktisti wil zeggen dat de kerk is gebouwd door engelen, Panagia betekent zoiets als de Alheilige en is een gebruikelijke eretitel voor Maria. Het mozaïek dateert uit de zesde eeuw, het kerkje is in de Middeleeuwen herbouwd.

Lees verder “De kerken van Cyprus”

3500 jaar Sint-Joris (2)

Sint-Joris (Historisch Museum, Sofia)

In het eerste deel toonde ik hoe de legende van Sint-Joris via de legende van Sint-Theodorus teruggaat op het verhaal over Perseus. Maar het is ouder.

De groene man

Nog niet zo heel lang geleden waren er in het Midden-Oosten cultusplaatsen die werden gedeeld door christenen en moslims en soms ook door druzen en joden. Dat is niet zo vreemd. De grenzen tussen godsdiensten zijn niet overal en altijd scherp. In Libanon bestond lange tijd de gewoonte dat moslims, vóór de pelgrimage naar Mekka, de zegen kwamen vragen van de dorpspriester. Want waarom ook niet? Het had eeuwenlang reizigers beschermd, dus zo’n gebruik schaf je niet af. Moslims lieten zich ook weleens dopen, niet om christelijk te worden, maar omdat het doopsel kwade geesten op afstand hield. Ook dat was eeuwenlang goed gegaan, ook dat schafte je niet af. En in elk dorp waren de kinderen islamitisch ten tijde van het Suikerfeest en christelijk met Pasen. Je geloof is waar snoep valt te halen.

Lees verder “3500 jaar Sint-Joris (2)”

3500 jaar Sint-Joris (1)

Sint-Joris (muurschildering uit Bahdidat)

Draken bestaan niet en drakendoders bestaan dus evenmin. En toch hebben we een verhaal over Sint-Joris die een draak versloeg en een prinses bevrijdde. Dat moet ergens vandaan zijn gekomen.

De meest invloedrijke versie zal die zijn uit de Gulden Legende, een collectie christelijke heiligenlevens die rond 1260  is samengesteld door Jacob van Voragine, de aartsbisschop van Genua. Ik citeerde die al eens op deze blog. Als de heilige Georgius, zoals Joris in het Latijn heet, ergens in Libië een prinses wil bevrijden en daartoe ten strijde trekt tegen een waterdraak, beschermt hij zichzelf met een kruisteken, velt zijn lans en verwondt het ondier. Daarop beveelt hij de prinses de draak met haar ceintuur aan te lijnen en “als een goed afgerichte hond mee de stad binnen te brengen”. Bij het zien van het monster willen de bewoners vluchten naar de nabijgelegen bergen, maar Georgius legt hun uit dat God hem heeft gezonden om hen te bevrijden van het kwaad en dat ze zich alleen maar hoeven laten dopen. Als ze dat doen, zal hij de draak alsnog doden. En zo geschiedt: twintigduizend mensen bekeren zich tot het christendom, Joris doodt het ondier en er zijn vier span ossen nodig om het kadaver de stad weer uit te krijgen.

Lees verder “3500 jaar Sint-Joris (1)”

Sint-Joris in Chtaura

Sokkel van het ruiterstandbeeld van, eh, Sint-Joris in Chtaura

Chtaura – de Arabische naam wordt ook anders getranscribeerd – ligt aan de grote weg van Beiroet naar Damascus, op de plaats waar deze zich vertakt naar Baalbek en Nabatiye. Een kruispunt van wegen, clichét uw reisgids. Het was lange tijd een van de centra van de Syrische bezetting. Nog altijd zijn er in Chtaura talloze banken die hun diensten aanbieden aan vooral Syriërs.

Langs de grote weg stond ooit een groot standbeeld van Bassel al-Assad, de oudste zoon van Hafez en de broer van de huidige Syrische president Bashar al-Assad. Het was een ruiterstandbeeld, want de geportretteerde hield ervan paard te rijden. Hij gold als opvolger van Hafez al-Assad, maar overleed in 1994 bij een auto-ongeluk. De sokkel van het beeld ziet u op de foto hierboven.

Lees verder “Sint-Joris in Chtaura”