Gladiatrices en dwergen

Gladiatrices op een reliëf uit Halikarnassos (British Museum, Londen)

[Bijna iedereen heeft wel een idee van wat gladiatoren waren: Romeinse strijders die in arena’s als het Colosseum vochten om de bevolking te vermaken. Die kennis is meestal opgedaan in stripboeken als Asterix, Hollywoodfilms of tv-series. Daardoor zingen veel misvattingen rond over gladiatoren. Svenja Grosser-Fabian behandelt zes van die misverstanden. Het eerste stukje was hier.]

Gladiatrices en dwergen

Het staat vast dat er vrouwelijke gladiatoren zijn geweest, want we hebben daarvoor genoeg literair en archeologisch bewijs. Een punt van discussie is echter of ze vochten met blote borsten om zo het mannelijke publiek te prikkelen, zoals de geleerde Kathleen Coleman oppert, of dat zij vochten met een strophium (borstband), vergelijkbaar met die van de zogenaamde “bikinimeisjes” op het beroemde mozaïek uit Piazza Armerina.

Lees verder “Gladiatrices en dwergen” →

Neergedraaide duim

Pollice verso, Jean-Léon Gérôme (1872)

[Bijna iedereen heeft wel een idee van wat gladiatoren waren: Romeinse strijders die in arena’s als het Colosseum vochten om de bevolking te vermaken. Die kennis is meestal opgedaan in stripboeken als Asterix, Hollywoodfilms of tv-series. Daardoor zingen veel misvattingen rond over gladiatoren. Svenja Grosser-Fabian behandelt zes van die misverstanden. Het eerste stukje was hier.]

Duimen op en neer

Het beroemde schilderij van Jean-Léon Gérôme, waarop een zegevierende gladiator naast zijn verslagen tegenstander staat, heet Pollice verso, “neergedraaide duim”. De uitdrukking pollice (con)verso komt in de Romeinse literatuur twee keer voor, maar het is onduidelijk in welke richting de duim is gedraaid. Gérôme toont op zijn schilderij de Vestaalse Maagden, gezeten op de eerste rij met hun duimen naar beneden. Hollywood nam deze interpretatie van het schilderij over: een neerwaartse duim zou betekenen dat de dood van de verslagen gladiator gewenst was. De opgeheven duim was dan een positief teken, net als in onze huidige wereld.

Lees verder “Neergedraaide duim” →

Vochten gladiatoren tot de dood?

Twee gladiatoren in actie; de retiarius links is dodelijk gewond (Villa Dar Buc Ammera, Zliten; nu in het Nationaal Museum in Tripoli)

[Bijna iedereen heeft wel een idee van wat gladiatoren waren: Romeinse strijders die in arena’s als het Colosseum vochten om de bevolking te vermaken. Die kennis is meestal opgedaan in stripboeken als Asterix, Hollywoodfilms of tv-series. Daardoor zingen veel misvattingen rond over gladiatoren. Svenja Grosser-Fabian behandelt zes van die misverstanden. Het eerste stukje was hier.]

Vochten gladiatoren tot de dood?

Hollywoodfilms wekken de indruk dat de verslagen gladiator bijna altijd stierf. Dat was in het oude Rome echter beslist niet het geval. Daar was een gladiator veel te kostbaar voor. De huisvesting, training, voeding en medische verzorging waren kostbaar. Voor elke strijder die tijdens de spelen gedood werd of zwaar gewond raakte, bracht de lanista, die zijn gladiatoren verhuurde aan de munerarius (organisator van de spelen), de aankoopprijs in rekening. Het was de compensatie voor zijn investering.

Lees verder “Vochten gladiatoren tot de dood?” →

Morituri te salutant

Muurschildering van een naumachie uit Pompeii (Nationaal Archeologisch Museum, Napels)

[Bijna iedereen heeft wel een idee van wat gladiatoren waren: Romeinse strijders die in arena’s als het Colosseum vochten om de bevolking te vermaken. Die kennis is meestal opgedaan in stripboeken als Asterix, Hollywoodfilms of tv-series. Daardoor zingen veel misvattingen rond over gladiatoren. Svenja Grosser-Fabian behandelt zes van die misverstanden. Het eerste stukje was hier.]

“Morituri te salutant”

In de Asterix-boeken en in films, maar ook in documentaires, zie je vaak de gladiatoren in een optocht de arena binnengaan en voor de keizer (of de organisator) halt houden om hem te begroeten met de beroemde woorden morituri te salutant (“zij die gaan sterven groeten u”). Deze begroeting staat bij twee antieke auteurs vermeld: bij Suetonius (Claudius 21.6) en bij Cassius Dio (61[60].33.3). Ze verwijzen allebei naar dezelfde gebeurtenis: een door keizer Claudius in het Fucinusmeer georganiseerde naumachia (zeeslag).

Lees verder “Morituri te salutant” →

De Romeinse stad Kyrene

De Benedenstad van Kyrene

[Laatste deel van een korte geschiedenis van Kyrene, een zeer belangrijke Griekse stad in het huidige Libië. Het eerste deel was hier.]

Na de ondergang van Ofellas stuurde Ptolemaios, inmiddels koning van Egypte, generaal Magas om de Pentapolis te besturen. Die voer zijn eigen koers: toen Ptolemaios door Ptolemaios II was opgevolgd, brak oorlog uit met de Seleukidische koning Antiochos I, en Magas koos partij voor de laatstgenoemde. Het voortaan onafhankelijke Kyrene was machtig genoeg om te worden genoemd in een van de edicten die keizer Asoka in India in de rotsen liet houwen.

Magas stierf rond 250 v.Chr. De halve eeuw van zijn regering was een bloeitijd geweest. Enkele bekende burgers waren de dichter Kallimachos, de hedonistische filosofen van de Cyreense School (waaronder Theodoros de Atheïst) en vooral Eratosthenes. Deze wist als eerste een redelijke schatting te geven van de omtrek van de aarde: 43.500 kilometer, volgens hem. wat minder dan 9% verkeerd is.

Lees verder “De Romeinse stad Kyrene” →

Aanbevelingsbrieven

Trajanus (Glyptothek, München)

Een opvallend groot aantal brieven uit de Oudheid is te typeren als aanbeveling. Ik ga daar hieronder het een en ander over neuzelen, maar het is zinvol als u eerst eens zo’n aanbevelingsbrief hebt gelezen. Hieronder is dus eerst een voorbeeld uit de correspondentie van Plinius de Jongere, gericht aan keizer Trajanus en daterend uit 112 na Chr.

Plinius’ aanbevelingsbrief

Samenvatting: Plinius vraagt voor een geleerde ridder uit Hippo Regius in Numidië een ontheffing van het verplicht beheren van het vermogen van een vrouwelijk familielid. Dit kon tijdrovend werk zijn en vermoedelijk vond Plinius dat de geleerde zich verdienstelijker maakte met nieuw literair werk dan met vermogensbeheer.

Lees verder “Aanbevelingsbrieven” →

Armenië, de Parthen en Rome

Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)
Parthische boogschutter (Altes Museum, Berlijn)

[Derde van vier blogjes over de geschiedenis van Armenië in de Oudheid. Het eerste deel is hier.]

De Romeinen en de Parthen voerden een “asymmetrische oorlog”, wat wil zeggen dat ongelijksoortige vijanden tegenover elkaar stonden. Ze streefden verschillende doelen na en bedienden zich van uiteenlopende tactieken.

De Parthen, die een rijk hadden gebouwd in Irak en Iran, waren goede ruiters. Ze konden overal toeslaan en bedreigden daarom de aanvoerlijnen van de Romeinse legers. Wat ze daarentegen niet konden, was een stad belegeren. Cavalerielegers kunnen immers niet zo makkelijk de materialen meenemen om belegeringswerktuigen te bouwen. Parthische oorlogen waren daardoor nooit op één plek gelokaliseerd en waren niet gericht op verovering. Het waren in feite grootschalige plundertochten, waarbij de ruiters het liefst weidse vlakten opzochten.

Lees verder “Armenië, de Parthen en Rome” →

Nogmaals de Zijderoute

Al een paar keer heb ik geblogd over de Zijderoute, over de handelsnetwerken rond de Indische Oceaan, over wat China wist van Rome en over wat Rome wist van China. Otto Cox vergeleek het bestuur van de twee wereldrijken. Ik besprak het boek van Beckwith (waar ik gemengde gevoelens bij had) en het boek van H.J. Kim c.s. (waar ik ook gemengde gevoelens bij had). Vandaag heb ik het over Empires of Ancient Eurasia van de Australisch-Amerikaanse auteur Craig Benjamin (2018).

Vier staten

Het verhaal gaat natuurlijk over vier grote staten: Han-China, de Kushana’s in Centraal-Eurazië en India, de Parthen en de Romeinen. De nomaden spelen ook een rol: de Yuezhi, die naar het westen migreerden en de Zijderoute openden, en de oostelijke, die ook bekendstaan als de Xiongnu. Uit de eerste groep zouden de Kushana’s voortkomen. De oorlogen tegen de tweede groep bracht de Chinezen ertoe contacten te leggen in het mysterieuze westen.

Lees verder “Nogmaals de Zijderoute” →

De staat Dà Qín (大秦)

Wandtegel uit de Han-periode (Volkenkundig Museum, Leiden)

Een tijdje geleden blogde ik over de relaties tussen het Romeinse Rijk en het China van de Han-dynastie. Veel wist men niet over elkaar, maar men was niet totaal onwetend. Uit China kennen we de kroniek die bekendstaat als Hou Hanshu (“Het boek van de Late Han”). Deze tekst over de geschiedenis van de twee eerste eeuwen van onze jaartelling is in de vijfde eeuw geschreven door Fan Ye.

Mark Boersma was zo vriendelijk een passage over het Romeinse Rijk (Hou Hanshu 88.1) speciaal voor deze blog te vertalen uit het klassieke Chinees. Hij schreef ook het commentaar. Dank je wel Mark, ook namens de lezers van deze blog!

Lees verder “De staat Dà Qín (大秦)” →

Hadrianus’ houtvesters

Houtvestersinscriptie uit Bayt az-Zahlah (American University, Beiroet)

De hier afgebeelde inscriptie ligt in de tuin voor de ingang van het Archeologische Museum van de Amerikaanse Universiteit in Beiroet. De Romeinse steenhouwer had weinig ruimte en heeft aan het begin, linksboven, vier letters verstrengeld tot één complex teken, dat vrijwel iedereen destijds kon ontstrengelen tot IMP H. Omdat daarop de letters AD volgen, samen met de nu niet meer zo goed leesbare letters AU, was het te lezen als IMP HAD AU. Op de volgende twee regels was G DEFINITIO SILVARUM te lezen. Als we de diverse afkortingen uitschrijven, staat er:

IMP(eratoris) HAD(riani) AU-
G(usti) DEFINITIO
SILVARUM

Vertaald: grens van de wouden van keizer Hadrianus Augustus.

Lees verder “Hadrianus’ houtvesters” →