Koning en hoveling

Het defilé in Persepolis begint: de hoveling rechts kondigt het begin aan (Nationaal Museum Teheran)

Het bovenstaande reliëf uit Persepolis is een van de beroemdste uit de Perzische kunst. Middenin zit de koning. Je mag hem Darius noemen, omdat het reliëf is bedacht tijdens zijn regering, of Xerxes, omdat het tijdens zijn regering is gemaakt. In feite is het gewoon De Koning. De afbeelding lijkt een feest te weer te geven dat we voor het gemak zouden kunnen gelijkstellen aan het Nederlandse Prinsjesdag: de dag waarop de monarchie door het volk wordt bevestigd. In Nederland gebeurt dat met de troonrede, waarin de koning alle mooie plannen bekendmaakt, en roept iemand “leve de koning!”; in Perzië deelden de mensen over en weer geschenken uit.

Het defilé staat op het punt te beginnen en van rechts komt een hoffunctionaris aanlopen die de gasten aankondigt. Links van de koning – meer dan menshoog afgebeeld – staat zijn beoogde troonopvolger, ook wat groter dan de anderen. Ze hebben ruikers in hun hand om hun verheven positie aan te geven. Achter de kroonprins een religieuze functionaris, een doek voor de mond, en ’s konings wapendrager. De doek voor de mond heeft dezelfde functie als de twee wierookbranders middenin: de koning moet leven tussen de aangename geuren, dus geen mondgeur als iedereen hem een kushand toe blaast. Bedenk dat dit een tijd was waarin een rotte tand niet werd gevuld maar bleef rotten.

Lees verder “Koning en hoveling”

Lotfollah

Lotfollah-moskee, Isfahan

Het zal u niet zijn ontgaan dat Libanon een land is vol minderheden. Een van die minderheden is de sji’itische islam, die ook weer aanwezig is in diverse varianten. Voor insiders: er zijn twaalvers en zeveners en van die laatste groep zijn de druzen weer een variant. De twaalvers zijn voor een deel nationalistisch en stemmen dan doorgaans op de Amal-partij maar anderen zijn internationaler van oriëntatie en stemmen dan op Hezbollah. Deze groep staat bekend om zijn banden met Iran.

Die banden zijn niet van vandaag of gisteren. Libanon kende al heel lang sji’itische groepen toen Perzië in de zestiende eeuw besloot deze stroming te aanvaarden. Natuurlijk waren er al sji’ieten in Perzië, waar de achtste imam ligt begraven, maar het staatsapparaat was eigenlijk altijd soennitisch geweest. De eerste sjah van de Safavidische dynastie, Ismaïl I (r.1501-1524), koos echter voor de twaalver-sji’a, voor een deel uit overtuiging en voor een deel om zich te onderscheiden van de grootmacht in het westen, de Ottomanen, en van de Oezbeken in het noordoosten.

Lees verder “Lotfollah”

Vondel in Keulen

De Große Witschgasse in Keulen

Niemand leest Vondel nog maar hij zou de held kunnen zijn van de burgerlijke samenleving. Hij nam zijn verantwoordelijkheid en was bereid zijn mond open te trekken als dat zijns inziens nodig was. Prins Maurits had als militair genie een ereplek kunnen hebben in de Europese geschiedenisboeken, maar dankzij Vondels Stockske en Palamedes is prins Maurits voor eeuwig de man van de gerechtelijke moord op Van Oldenbarnevelt. Laat niemand zeggen dat literatuur bijzaak is.

Vondel is ook actueel. De burgerlijke samenleving garandeert gewetensvrijheid en in de Nederlanden misschien wel meer dan elders, want het was een van de redenen waarom men hier in opstand kwam tegen de Spaanse koning. Vondel kende het belang van deze waarde. Zijn geestelijke biografie staat in het teken van zijn keuze voor het katholicisme, een in die tijd niet populaire religie, in Holland hooguit gedoogd. Alsof je nu de islam omhelst. Maar een kwezelige bekeerling was Vondel niet, want hij kon moordend effectief schrijven over de uitwassen van religie, zie zijn Jeptha. En dan heb ik het nog niet over het simpele gegeven dat Vondels oeuvre een voorbeeld is van migrantenliteratuur. Vondel zou de held kunnen zijn van de burgerlijke samenleving.

Lees verder “Vondel in Keulen”

MoM | Seriatie

Seriatie van Bronstijd-bijlen (Grand Curtius Museum, Luik)

Onder de Place Saint-Lambert in Luik is het Archeoforum, waar de resten van een Romeinse villa zijn te zien en voorwerpen vanaf de Late Steentijd tot op heden. Even verderop is het historisch museum Grand Curtius, dat een mooie archeologische collectie heeft uit oostelijk Wallonië, uitgebreid met voorwerpen uit andere delen van Europa. Beide instellingen zijn modern en mooi, en als u toch in Luik bent moet u er zeker heen, maar ik beken dat je wel veel van de Oudheid moet houden om er speciaal voor naar Luik te gaan. Tongeren is in dit opzicht aantrekkelijker. Waar ik in het Grand Curtius echter heel blij van werd, was dat er uitleg was van een seriatie.

Archeologen graven dingen op en de oudere voorwerpen liggen doorgaans onder de jongere. Als je maar genoeg materiaal hebt, kun je een ontwikkeling vaststellen. Op de foto hierboven loopt die van links naar rechts en op de foto’s die ik hieronder zal tonen, is – eigenlijk heel ergerlijk – het oudste boven en het jongste onder. Eerst de bijl die op de foto boven links is te zien: een vuurstenen bijl uit het Late Neolithicum. Dit voorwerp, een Flint Rechteckbeil, is afkomstig uit Denemarken.

Lees verder “MoM | Seriatie”

Xerxes in Griekenland

Als alles naar wens gaat, rond ik vandaag mijn nieuwe boek af. Het heet Xerxes in Griekenland. De mythische oorlog tussen Oost en West. Net als in het boek over Constantijn de Grote probeer ik u te tonen dat er een wetenschappelijk proces is waarmee oudheidkundigen komen tot reconstructies. Xerxes’ invasie van Griekenland in 480 v.Chr. is daarbij een fijn voorbeeld, hoop ik, waardoor mensen het boek met plezier zullen lezen.

Weinig archeologie dit keer, wel veel teksten, en dan natuurlijk vooral die van Herodotos. In feite neem ik u ruim 52.000 woorden mee langs zijn Historiën, om te kijken hoe hij nu eigenlijk zijn doelen najaagt. Ondanks de titel van dit werk is Herodotos namelijk geen historicus. Hij is de vader van de journalistiek en zijn Historiën zijn te lezen als een artistieke reconstructie van wat was gebeurd, als een verslag van wat de auteur persoonlijk geneigd was te geloven, als een monument voor de gevallenen en de overwinnaars.

Lees verder “Xerxes in Griekenland”

Fort Battice

Battice

Luik is niet alleen Luik. Wie vanaf Maastricht langs de Maas naar de grote Waalse stad reist, rijdt eigenlijk al vanaf de grens langs de eindeloze industrieterreinen en bedrijvenparken. Dit is een van de grootste economische knooppunten van Noordwest-Europa. Dat was al zo in de negentiende eeuw en om er zeker van te zijn dat de strategisch belangrijke zone in oorlogstijd Belgisch zou blijven, kreeg Luik na 1887 een gordel van twaalf forten, die de stad moesten beschermen als Duitsland en Frankrijk ooit nog eens ten oorlog zouden gaan en de neutraliteit van België zouden negeren.

Toen het er in 1914 op aankwam, bleken de Duitsers de zwakten van de reeks te kennen. Ze vielen langs verschillende kanten aan, kenden het gat in de reeks (langs de Maas) en op 7 augustus, drie dagen na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, capituleerde Luik. Daarna werden de forten van binnenuit de cirkel aangevallen. Daar waren ze niet op ontworpen, maar de forten hielden het desondanks nog zes dagen uit, ondanks de inzet van het allerzwaarste veldgeschut dat de wereld tot dan toe had gezien, de Dikke Bertha.

Lees verder “Fort Battice”

Grenzen op de Vaalserberg

In Karelië in het oosten van Finland schijnt een plek te zijn die “Stalins vinger” heet. Volgens de moderne legende legde de tiran, toen de grens in 1940 werd getrokken, zijn hand op de landkaart, zodat degene die de grens aan het intekenen was, er met de pen omheen moest. Het plaatje hierboven toont de Duits-Belgische grens en toont, zoals u ziet, ook zo’n vreemde en onlogische vorm. Daar moest ik het mijne van weten en toen ik vorige week toch naar Aken moest, ben ik er dus heen gefietst.

Dat was makkelijker gezegd dan gedaan, want (a) ik moest de Vaalserberg op en (b) er was geen weg naar deze “vinger”. Er is wel een onregelmatig bospad dat langs de grens loopt, zodat ik in feite nogal aan het cross-country cycling was. Wat ook wel weer eens leuk is op je vierenvijftigste. Voorbij het stuk voorbij de Duitse “vinger” in België was het bospad trouwens meer de bedding van een beekje. Maar goed, ik kwam er en de vinger bleek een weilandje te zijn.

Lees verder “Grenzen op de Vaalserberg”