Ktesias’ Geschiedenis van de Perzen

Een Perzische ruiter verslaat een Griekse soldaat (Staatliche Münzsammlung, München)

In het vorige blogje introduceerde ik de Griekse geschiedschrijver Ktesias, en vertelde ik dat aan zijn betrouwbaarheid sterk wordt getwijfeld. Dat heb ik niet echt toegelicht, dus ik bied nu een becommentarieerd overzicht van zijn Geschiedenis van de Perzen.

Assyrië, Babylonië en Medië

Dat werk begint met drie boeken over de geschiedenis van wat Ktesias aanduidt als Assyrië. En daarmee verraadt hij dat hij staat op de schouders van de door hem bekritiseerde Herodotos van Halikarnassos, die met deze naam verwijst naar zowel Assyrië als Babylonië. De verklaring kan alleen maar zijn dat beide voormalige koninkrijken in Achaimenidisch Perzië behoorden tot dezelfde bestuurseenheid, maar het is absurd om het terug te projecteren op de eerdere geschiedenis. Ktesias volgt Herodotos in zijn vergissing, en wat hij presenteert als geschiedenis is grotendeels legendarisch.

Lees verder “Ktesias’ Geschiedenis van de Perzen”

Ktesias, geschiedschrijver (of zo)

Zomaar een Griek (Archeologisch museum, Delfi)

Het is voor ons, levend in de rijke westerse wereld, eigenlijk vrij simpel: een bewering is waar of niet. Voor ons interessant is de discussie over de waarheidstheorieën (is iets waar omdat het correspondeert met een waargenomen feit of omdat het voortvloeit uit andere waarheden?) en de discussie over robuustheid (hoe waarschijnlijk is het dat iets waar is?). Over zulke thema’s kunnen wij nadenken met enige kans dat we ook iets bereiken, want we hebben de filosofische concepten, de wiskunde, de tijd en het geld. We kunnen onderzoek doen.

Wat is waar?

Dat was anders in de tijd vóór de Wetenschappelijke Revolutie, dus zeg maar de tijd van Vesalius, Stevin en Newton. Afgezien van de wiskunde, waarin een ware bewering voortvloeit uit axioma’s, was waarheid eeuwenlang ontoetsbaar. Als iemand beweerde dat je niet voorbij de evenaar kon zeilen omdat het daar te heet was voor menselijk leven, kon je niet even een expeditie ondernemen om dat te onderzoeken.

Lees verder “Ktesias, geschiedschrijver (of zo)”

De Romeinse Provence (2)

Romeinse brug in Vaison

[Tweede deel van een blogje over Gallia Narbonensis, ofwel de Provence in de Romeinse tijd. Het eerste deel was hier.]

Keizertijd

Een geschiedenis van Gallia Narbonensis in de Keizertijd is een standaardverhaal. Het Romeinse Rijk, gevestigd met Blut und Eisen, garandeerde rust. Gallia Narbonensis behoorde in deze wereld tot de “binnencirkel” van de Romeinse provincies, wat inhield dat zo’n provincie meer belastingen betaalde dan de Romeinse overheid investeerde. Het was een wingewest. In de buitencirkel, waar de kostbare grenslegers waren gestationeerd, was dat andersom: daar gaf de overheid meer uit dan het aan belastingen binnen haalde.

Lees verder “De Romeinse Provence (2)”

Faits divers (53) Bananen

Een nieuwe aflevering in de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer – serieus! – een mogelijkheid om uw redacteur in Leiden te zien optreden als banaan 🍌. Maar eerst andere zaken.

Klaas Worp

Papyroloog Klaas Worp is overleden. Hij gold als een van “the big three”, waarmee werd bedoeld dat hij behoorde tot de meest geciteerde en invloedrijkste geleerden in zijn vakgebied. Ik heb hem leren kennen toen ik werkte aan mijn boek Bedrieglijk echt, en ik zou aan de necrologie op de website van de Leidse universiteit twee dingen willen toevoegen. Het eerste is dat zijn onmiskenbare liefde voor zijn vak tegen het einde van zijn leven begon af te nemen. Eén van zijn ergernissen was dat zijn waarschuwingen voor Dirk Obbink in de wind zijn geslagen. Als zoiets ter sprake kwam, kon hij zich weleens een brompot betonen. Het andere dat ik noem is dat ik hem tijdens onze samenwerking altijd heb ervaren als hoffelijk, als oprecht geïnteresseerd en als een uitstekende docent, voor wie werkelijk geen moeite te veel was. Dat klinkt wellicht wat obligaat, maar het komt uit mijn hart.

Lees verder “Faits divers (53) Bananen”

De Romeinse Provence (1)

Pont du Gard

Ik noem dit blogje “De Romeinse Provence”, opdat u meteen weet dat het gaat over het Mediterrane zuidoosten van Frankrijk. De Romeinen hebben het gebied in de loop der eeuwen aangeduid met verschillende namen, te beginnen met Gallia Transalpina, “het Gallië aan de andere kant van de Alpen”. Het andere Gallië, vanuit Rome bezien aan “deze kant” van de bergketen, was de Povlakte, die vanouds werd bewoond door Kelten.

Gallia Transalpina

In de vroegste tijden hadden de Romeinen hartelijke contacten met de Griekse havenstad Marseille, en toen de Romeinen ontdekten dat de mensen in het achterland van Marseille dezelfde Gallische taal spraken als de bewoners van de Povlakte, was de naam Gallia Transalpina al snel bedacht. De Galliërs woonden in heuvelforten als Ensérune en Le Cailar, waarover ik al eens blogde.

Lees verder “De Romeinse Provence (1)”

Het ontstaan van Marseille (2)

Keltische prinses (of prins) uit de zesde eeuw v.Chr. (Musée de la romanité, Nîmes)

Gisteren blogde ik over de door Justinus en Aristoteles overgeleverde sage over het ontstaan van Marseille. Samengevat: rond 575 v.Chr. arriveerde een groep Grieken die in het gebied van de Segobrigiërs een stad wilde stichten. Toevallig stond koning Nannos op het punt zijn dochter, die Gyptis of Petta wordt genoemd, uit te huwelijken. Zij moest uit de aanwezige huwelijkskandidaten haar echtgenoot kiezen door hem een beker met water te overhandigen, en koos toen een van de zojuist aangekomen Grieken, die Protis of Euxenos heette.

Veel van deze namen zijn ronduit verdacht. De mannelijke stadsstichter heette Euxenos, wat zoiets betekent als “gastvrij”. Zijn alternatieve naam, Protis, betekent “eerste”, maar lijkt te zijn afgeleid van de naam van de latere aristocraten van Marseille, de Protiaden.

Lees verder “Het ontstaan van Marseille (2)”

Het ontstaan van Marseille (1)

Marseille

In de eerste eeuw v.Chr. ontstonden enkele supergrote geschiedwerken. De Romeinse Geschiedenis van Quintus Valerius Antias telde ongeveer 80 boeken; de Wereldgeschiedenis van Nikolaos van Damascus was 144 boeken lang; Titus LiviusGeschiedenis van Rome sinds de stichting van de stad bestond uit 142 boekrollen. Met 44 rollen was Pompeius Trogus’ geschiedwerk aan de korte kant, in tegenstelling tot de nogal opvallende titel: Geschiedenis van Filippos, het ontstaan van de hele wereld en de steden op aarde. Al deze werken zijn grotendeels verloren, maar gelukkig zijn er in de Oudheid al uittreksels gemaakt. Zo beschikken we wel over Justinus’ Epitome, een uittreksel uit de Geschiedenis van Pompeius Trogus.

De Epitome bevat een schat aan informatie, want Trogus had belangstelling voor de hele wereld. We zouden over de vroege geschiedenis van de Parthen een stuk minder hebben geweten als ook Justinus’ uittreksel verloren zou zijn gegaan. En we zouden het volgende pareltje niet hebben bezeten.

Lees verder “Het ontstaan van Marseille (1)”

Voor-westerse geschiedenis (10) zeevaart

De bark van koning Khufu

Begin vorig jaar publiceerde ik met classicus Hein van Dolen een vertaling van de fragmenten die we nog hebben van de Fenicische Geschiedenis van Filon van Byblos. Een van die passages, onderdeel van het lange Fragment 2, is een opsomming van uitvindingen waardoor de mens meer mans was geworden. Hier zijn enkele voorbeelden die betrekking hebben op de scheepvaart:

  • Ousoös pakte toen een boom, brak de takken ervan af en waagde zich als allereerste op zee.
  • Een van hen, Chousour, bekwaamde zich in het spreken, bezweren en profeteren. … Hij vond ook vishaak, lokaas, snoer en vlot uit, waarmee hij als eerste mens heeft gezeild.
  • De Tweelingen of Kabeiren, Korybanten of Samothrakiërs waren de uitvinders van het schip.

Lees verder “Voor-westerse geschiedenis (10) zeevaart”

De Alexandersarcofaag

De Alexandersarcofaag achter spiegelend glas (Archeologisch Musea, Istanbul)

Osman Hamdi was een van de belangrijkste Ottomaanse archeologen, en het is aan hem te danken dat de koninklijke graven in Sidon in 1887 niet zijn geplunderd maar redelijk professioneel zijn opgegraven. Het gaat om twee complexen; het een was door antieke vandalen geplunderd, in het ander stonden de sarcofagen van een dynastie die in de vijfde en vierde eeuw v.Chr. regeerde over de Fenicische havenstad. De jongste van de stenen grafkisten staat bekend als de Alexandersarcofaag en was het graf van koning Abdalonymos (Abd-Elonim, “dienaar van de hoogste goden”). Deze koning van Sidon zou Alexander volgen tot in India.

Hamdi begreep meteen het belang van de vondst, borg alle sarcofagen en liet ze overbrengen naar het Ottomaanse Museum in Constantinopel, niet ver van het Topkapi-paleis. Daar staat de verzameling grafkisten nog altijd, al heet de instelling inmiddels de Archeologische Musea van Istanbul.

Lees verder “De Alexandersarcofaag”

Ekbatana

Gouden rhyton uit Ekbatana (Nationaal Museum, Teheran)

Een van de vele wonderlijke verhalen die de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos vertelt, is zijn beschrijving van Ekbatana, dat volgens hem de hoofdstad was van het Iraanse volk der Meden. Het gaat met zekerheid om de huidige stad Hamadan in het westen van Iran: beide plaatsnamen gaan terug op een oud-Iraans woord Hagmatana, “verzamelplaats”. Herodotos vertelt dat een zekere Deïokes, een onkreukbare rechter, de verschillende Medische groepen tot een eenheid maakte en een hoofdstad stichtte.

Ekbatana is vanwege de concentrisch gebouwde muren onneembaar. Ze zijn zo aangelegd dat iedere ringmuur slechts met zijn tinnen boven de volgende uitsteekt. Deze constructie werd vergemakkelijkt door het feit dat de vesting zich op een heuvel bevindt, maar het is voornamelijk het werk van mensenhanden geweest. In totaal zijn er zeven van dergelijke cirkels en in het middelpunt staat het paleis met de schatkamers. … De tinnen van de eerste vijf zijn fel beschilderd in verschillende kleuren: wit voor de eerste, dan zwart, de derde rood, de vierde blauw en de vijfde oranje. De twee binnenste muren zijn respectievelijk verzilverd en verguld. Dit vestingwerk diende om de koning en zijn onderkomen te beschermen. Op bevel van Deïokes moest het volk zijn huizen in een kring om de buitenmuur heen bouwen.noot Herodotos, Historiën 1.98; vert. Hein van Dolen.

Lees verder “Ekbatana”