Herodotos was geen historicus

Herodotos (Neues Museum, Berlijn)

Ergens in februari liet een oudheidkundige mailinglijst weten dat een classicus een online-lezing zou verzorgen over “Herodotus and the Invention of History”. Het was gratis, het was online en het was toegankelijk voor iedereen. De goede bedoelingen spatten er vanaf en ik wil er ook niet over mopperen. Daarom blog ik er pas nu over. Maar het is wel onzin.

Geschiedwetenschap

Kijk, het zit zo. Geschiedenis, d.w.z. het verklaren van gebeurtenissen uit het verleden, is een wetenschap. Net als chemie en astronomie. Maar wetenschappen komen niet kant-en-klaar uit de hemel vallen. Aan de astronomie ging het tastend zoeken vooraf van de astrologen en aan de chemie ging de alchimie vooraf. Pas in de Nieuwe Tijd zijn deze activiteiten van een proto-wetenschappelijk stadium overgegaan naar het wetenschappelijke stadium. Het springende punt is, zoals Rens Bod zo mooi heeft beschreven in Een wereld vol patronen, de reflectie op het proces waarmee we informatie zoeken.

Lees verder “Herodotos was geen historicus”

De vloot van Majorianus

Majorianus (Valkhof Mmuseum, Nijmegen)

Niemand reist met de trekschuit, geen industrieel gebruikt een stoommachine, lithografie is vooral leuk als curiosum. De achttiende eeuw is in veel opzichten voorbij, maar de inmiddels twee eeuwen verouderde History of the Decline and Fall of the Roman Empire van Edward Gibbon wordt nog geciteerd alsof dat het Woord Gods is. Menig Wikipedia-artikel is verschlimmbessert doordat correcte informatie werd vervangen door verwijzingen naar een boek uit 1776.

Keizer Majorianus

Elk nadeel heeft echter een voordeel: keizer Majorianus, aan wie Gibbon enkele positieve zinnen wijdt, is iets minder onbekend dan de andere heersers van zijn tijd. Gibbon prijst Majorianus’ energie en het is niet moeilijk te zien waarom, want toen deze keizer aantrad was het gezag van het westelijke keizerlijke hof beperkt tot Italië en Illyricum, en Majorianus deed zijn best het machtsbereik te herstellen.

Lees verder “De vloot van Majorianus”

Een metafoor voor het verleden

Aristoteles (Huis van de Europese Geschiedenis, Brussel)

Zonder Aristoteles zouden we geen debat hebben gehad over de val van het Romeinse Rijk, schreef ik geen blogjes over de Eerste Tussenperiode en hoefden we ook de Zeevolkencrisis niet te bediscussiëren. Hadden wetenschappers daarentegen wat meer Ovidius gelezen, dan was ons een hoop bespaard gebleven. Helaas is het niet zo en nou zitten we dus met de brokken.

Groei, bloei en neergang

De moeilijkheid is te illustreren aan de hand van een van Aristoteles’ bekendste werken, de Poëtika, waarvan het overgeleverde deel is gewijd aan tragedies. (Een slothoofdstuk over komedies ontbreekt.) De auteur beschrijft hoe het genre zich stap voor stap ontwikkelde, tot het zijn eindvorm bereikte. Aristoteles gebruikt dus een botanische metafoor: de tragedie groeide steeds meer naar wat de filosoof beschouwde als natuurlijk einddoel.

Lees verder “Een metafoor voor het verleden”

Cornelis de Bruijn (10) Persepolis

De uitklapplaat van Persepolis in het boek van Cornelis de Bruijn

Dit is het tiende van dertien stukjes over Cornelis de Bruijn. Het is ook het meest spectaculaire (vind ik). Het eerste blogje was hier.

***

Persepolis

Op 8 november 1704 arriveerden Cornelis de Bruijn en VOC-ambtenaar Adriaan Backer in Persepolis, waar ze tot 23 januari 1705 zouden blijven. Ze waren niet de eerste westerlingen die de oude stad bezochten. Ze ligt immers langs de hoofdweg van de Perzische Golf en Shiraz naar Isfahan. Verschillende Europese reizigers hadden al beschrijvingen gegeven van Chehel Minar, “veertig kolommen”, maar geen van hen verbleef tweeënhalve maand tussen de ruïnes, geen van hen raakte zo vertrouwd met de plek, geen van hen maakte zulke prachtige illustraties.

De Bruijns boek, Reizen over Moskovie, door Persie en Indie, bood de eerste betrouwbare beschrijving van de oude ruïnes, die hij correct identificeerde als de overblijfselen van de hoofdstad van het oude Achaimenidische Rijk, wat destijds nog werd betwist. De Fransman Jean de Thévenot (1633-1667) vond de plek te klein en suggereerde dat het een tempel was. De Bruijn realiseerde zich echter dat het terras slechts een deel was van de stad en dat de mensen in de vlakte hadden gewoond: een idee, zo geeft hij toe, dat hem in een Perzisch boek was geopperd.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (10) Persepolis”

Het late Romeinse Rijk

Diocletianus en Maximianus, de architecten van het late Romeinse Rijk (Bode Museum, Berlijn)

Ik gaf u gisteren een overzicht van de Tetrarchie: twee keizers, de augusti, die als co-managers samenwerkten met hun kroonprinsen, de caesares. Ik vertelde al dat het Romeinse Rijk, dat in theorie altijd een eenheid bleef, in twee helften uiteen begon te vallen: een Griekstalige met oude steden en een Latijntalige, waar de urbanisatie minder grondig was. Er zijn overigens nog volop momenten geweest waarop er slechts één augustus was die heerste over beide rijkshelften. Maar wat, afgezien van het bestuurssysteem, veranderden de twee augusti Diocletianus en Maximianus?

De curiales

De Crisis van de Derde Eeuw had aanzienlijke schade achtergelaten. Niet overal op elk moment evenveel, en sommige streken (zoals de Maghreb) kwamen er juist beter vanaf, maar grosso modo waren de omstandigheden niet bepaald geweldig. In Een kennismaking met de oude wereld wijzen Luuk de Blois en Bert van der Spek erop dat de lokale elites het hard voor de kiezen hadden gekregen. Deze mensen, die we aanduidden als curiales, stonden in elke stad met hun persoonlijke vermogen borg voor allerlei gemeentelijke uitgaven em de vaste belastingafdracht . Hun probleem was dat enerzijds de kosten van bijvoorbeeld het onderhoud van een stadsmuur constant waren terwijl de centrale overheid meer geld nodig had om een vergroot leger te financieren, terwijl anderzijds de steden kampten met bevolkingsafname, en dus minder belastingbetalers.

Lees verder “Het late Romeinse Rijk”

Het Byzantijnse Rijk (2): Bloei

Mozaïek uit de Hagia Sofia

[Tweede van drie blogs over het Byzantijnse Rijk. Het eerste was hier.]

De Byzantijnse geschiedenis begint op het moment dat de Romeinse keizers Constantinopel in gebruik namen als voornaamste keizerlijke residentie. Wie een datum zoekt, zou 11 mei 330 kunnen noemen, maar iedereen begrijpt dat het niet op een dag eerder of later steekt. De geschiedenis eindigt in elk geval op een heel precies moment: op 29 mei 1453. Toen veroverde de Ottomaanse sultan Mehmet II de stad. Ik blogde er al eens over. Historici verdelen het tussenliggende millennium in drie perioden.

Justinianus

De eerste daarvan, van 330 tot 867, is te typeren als ontstaan, crisis en voortbestaan. Tijdens de regering van Justinianus (r.527-565) deden de Byzantijnen een laatste poging de westelijke provincies van het voormalige Romeinse Rijk te heroveren. Dit plan slaagde grotendeels: generaal Belisarius heroverde de rijke provincies in Italië en Afrika, de steden in Libië verjongden (de Ananeosis) en Byzantijns goud kocht invloed in Frankisch Gallië en Visigotisch Spanje. De hervonden eenheid werd gevierd met de bouw van de kerk van de Heilige Wijsheid, de Hagia Sofia, in Constantinopel. De prijs voor de hereniging was echter hoog. Justinianus moest de Sassanidische Perzen afkopen en kreeg te maken met stevig verzet, bijvoorbeeld in Ostrogotisch Italië.

Lees verder “Het Byzantijnse Rijk (2): Bloei”

Het Byzantijnse Rijk (1): Ontstaan

Het wapen van het Byzantijnse Rijk: de adelaar (Gouden Poort, Istanbul)

Ik heb nog nooit systematisch geblogd over het Byzantijnse Rijk. O zeker, het machtigste keizerrijk uit de Middeleeuwen is op deze plaats zo nu en dan aan de orde geweest. Er is zelfs een reeks krabbels geweest. Maar een systematisch overzicht ontbreekt en daar moet rap verandering in komen. Vind ik dan.

Byzantion

Om te beginnen: Byzantion was een kleine maar belangrijke stad aan de Bosporus, de zeestraat die de Egeïsche Zee via de Zee van Marmara verbindt met de Zwarte Zee en die Europa scheidt van Azië. Een kleine anderhalve eeuw, van 479 tot 334 v.Chr., markeerde de stad de grens tussen de Griekse en de Perzische wereld. Later was het de verbinding tussen Macedonië en het Seleukidische Rijk. In de Romeinse wereld, waarin het belang van de handel geleidelijk toenam, nam ook het belang van Byzantion toe.

Lees verder “Het Byzantijnse Rijk (1): Ontstaan”

Alpenpas gezocht

Col de Montgenèvre

Je zou denken dat intelligente mensen alleen maar heel verstandige dingen doen en hun tijd besteden aan heel belangrijke zaken. Of zaken waar iets zinvols over te zeggen is. Maar zo is het niet en als voorbeeld noem ik de trivialiteit der trivialiteiten: de plaats waar Hannibal in het najaar van 218 v.Chr. de Alpen is overgestoken. Ik heb inmiddels een kleine vijftig publicaties over de materie verzameld en het zijn niet de geringste geleerden die zich over deze kwestie het hoofd hebben gebroken.

Grappig genoeg is er al in de Oudheid over gedebatteerd. De Griekse historicus Polybios schrijft namelijk ergens dat hij het gebied heeft bezocht. Hij zou nooit zo’n autoriteitsclaim hebben hoeven doen als er geen discussie over was geweest. Niet iedereen was overtuigd. In elk geval Titus Livius vond niet dat hij Polybios’ verslag zomaar kon overnemen. De kwestie speelde daarna steeds minder een rol, tot de de Zwitserse humanist Josias Simmler in de zestiende eeuw de kwestie weer oprakelde met de bewering dat Hannibal over de Mont-Cenis van Gallië naar de Po-vlakte was getrokken. Sindsdien is het bal.

Lees verder “Alpenpas gezocht”

Misverstand: Bevroren Rijn

Als ik de Rijn moest oversteken, nam ik deze brug bij Mainz. Ik weet niet meer waar ik deze penning heb gefotografeerd.

Misverstand: De barbaren staken in 406 een bevroren Rijn over

Het Romeinse Rijk bleef niet eeuwig bestaan, al is niet precies duidelijk waardoor het in West-Europa verdween. Er wordt al een eeuw of twee, drie over gediscussieerd en het einde van het debat lijkt nog niet in zicht. Eén factor wordt echter steeds opnieuw genoemd: de invallen van barbaarse stammen. Die raakten weliswaar snel geassimileerd, maar de dreiging was van tijd tot tijd zeer reëel.

Zo staken op de laatste dag van 406 de Vandalen, Sueben en Alanen de Rijn over. Het Romeinse leger dat de grens had moeten verdedigen, was op dat moment niet op volle sterkte omdat veel troepen in Italië waren om te vechten tegen een andere groep barbaren, die al eerder een inval hadden gedaan. Een jaar later brak er tussen de Romeinen ook nog eens een burgeroorlog uit. De Vandalen, Sueben en Alanen konden vrijwel ongehinderd Gallië onder de voet lopen.

Lees verder “Misverstand: Bevroren Rijn”

Misverstand: Herodotos bezocht Babylon

Herodotos (Agoramuseum, Athene)

Misverstand: Herodotos bezocht Babylon

Na Xerxes’ mislukte poging Griekenland te onderwerpen, zette een door Athene aangevoerd bondgenootschap de strijd tegen het Perzische Rijk voort met aanvallen op de Perzische havensteden. Een poging de Perzen uit Egypte te verdrijven liep echter uit op een mislukking, en omstreeks 449 kwamen Athene en koning Artaxerxes I overeen elkaars invloedssfeer te respecteren. Of er sprake is geweest van een officieel verdrag is onduidelijk, maar de verhoudingen verbeterden zodanig dat de Griekse onderzoeker Herodotos vrijuit door het Perzische Rijk kon reizen en bijvoorbeeld Babylon bezocht. Althans, die indruk wil hij wekken met zijn uitgebreide beschrijving van de stad, waarin hij vol verontwaardiging melding maakt van tempelprostitutie. Zijn verhaal werd zó bekend dat “Babylon” synoniem is geworden met erotiek en decadentie.

Lees verder “Misverstand: Herodotos bezocht Babylon”