Poëzie: Isis

Een beeld van Isis in Rome 

Isis

Op de vijfde dag van mei in de druilende regen

Zoals zoveel doodzieke vrouwen
Word ik voortdurend bezongen
Moeder en meesteres
Licht in de lucht

Eerstgeborene van de tijd
Genezende zeebries
Tranende stilte
Ik ben met velen

Alleen waar de ochtendzon
De avondzon kust
Noemt hij mij
Bij mijn enige naam

Ik herinner me niets
Van de blinde slaap
In het wilde onbekende land
Waar het niet fout kon gaan

[Een korte gastbijdrage van de huisdichter van deze blog, Hans Koonings. Dank je wel Hans!]

Heliogabalus (7): henotheïsme

Heliogabalus (privé-collectie)

[Dit is het voorlaatste van acht blogjes die Lauren van Zoonen schreef over regering en religie van keizer Heliogabalus. Het eerste is hier.]

Tempelprostitutie, (zelf)castratie, dierentuinen en (heel misschien) mensenoffers behoorden tot de Syrische cultus van Elagabal. Het is aannemelijk dat de auteurs van onze geschreven bronnen deze praktijken verkeerd hebben begrepen en benutten om de keizer gruwelijker te presenteren dan hij was. Desondanks resteert de vraag hoe Heliogabalus’ daden passen in de cultus in het algemeen. Tempelprostitutie en castratie waren aspecten van de cultus van specifieke godinnen – wat was hun relatie tot Elagabal, wat was het grote geheel?

Er is wel aangenomen dat er in de derde eeuw een tendens naar monotheïsme bestond. Zo’n tendens valt ook in de religieuze hervormingen van Heliogabalus te ontwaren. Het is zelfs mogelijk te denken dat de cultus van Elagabal later, via de zonnecultus van keizer Aurelianus en Constantijn de Grote, de weg bereidde naar het christendom. Dat wil niet zeggen dat Heliogabalus de architect van het monotheïsme was. In Emesa werden ook andere goden aanbeden en, zoals we hebben gezien, negeerde Heliogabalus die niet. Het is niet zo dat de keizer alle andere goden wilde vernietigen om alleen zijn eigen god te vereren.

Lees verder “Heliogabalus (7): henotheïsme”

Justinianus

Justinianus (Louvre, Parijs)

Aan het einde van hun handboek Een kennismaking met de oude wereld bieden De Blois en Van der Spek een korte typering van de regering van keizer Justinianus:

Het Oost-Romeinse (= Byzantijnse) Rijk bleef gedurende de hele Middeleeuwen bestaan. In de zesde eeuw wist de Oost-Romeinse keizer Justinianus (r.527-565) Italië, Noord-Afrika en Zuid-Spanje te heroveren, maar al kort na zijn dood gingen Zuid-Spanje en Noord-Italië weer verloren.

Dit is onhandig geformuleerd. De argeloze lezer kan denken dat Justinianus, net als Trajanus, Marcus Aurelius of Septimius Severus zelf naar het front is gegaan. Hij bleef echter, met zijn keizerin Theodora, in Constantinopel en liet de oorlogvoering over aan zijn vertrouwde generaal Belisarius.

Lees verder “Justinianus”

Christenvervolging in de derde eeuw

Decius (Musée Grand Curtius, Luik)

In het vorige blogje vertelde ik dat er twee visies zijn op het Romeinse religieuze leven in de derde eeuw: enerzijds waren er continuïteiten, anderzijds innovaties. De beruchtste daarvan was de christenvervolging. Het handboek waarover ik op donderdag blog, Een kennismaking met de oude wereld van Luuk de Blois en Bert van der Spek, meldt dat er een aantal grote vervolgingen was en dat de christenen niet wensten te bidden tot heidense goden en de keizer.

Het is altijd complexer dan het handboek meldt. Het is immers een handboek, een basis die iedere student van A tot Z behoort te kennen voordat hij op college leert hoe we weten wat we weten en ontdekt hoe we de gebeurtenissen óók kunnen lezen. Maar in dit geval is er geen sprake van andere interpretaties. Volgens mij is wat De Blois en Van der Spek schrijven over christenvervolging incompleet en deels gewoon fout.

Lees verder “Christenvervolging in de derde eeuw”

De Romeinse religie in de derde eeuw

Apollonios van Tyana (Bodemuseum, Berlijn)

Een reeks over de Crisis van de Derde Eeuw kan alleen eindigen met het spirituele aspect. Buitenlandse vijanden zoals de Sassaniden, een epidemie, wegvallende handel, burgeroorlogen en de opportunistisch van die burgeroorlogen profiterende Germaanse stammen: het was voldoende om mensen te laten wanhopen. De oude goden overtuigden niet langer. Oudheidkundige Eric Dodds heeft, met een citaat van W.H. Auden, het tijdperk weleens aangeduid als een Age of Anxiety. Een concept uit het existentialisme.

Dat een complete samenleving existentieel wanhoopte is overdreven. Maar het kan wel zijn dat het opkomende christendom profiteerde van een interne implosie van het heidendom. Er zijn andere vragen. Wat is heidendom eigenlijk? Was de hysterie zo groot dat men het christendom vervolgde? Speelde christenvervolging een rol bij de groeiende populariteit van het nieuwe geloof? Daarover vertel ik in het volgende blogje meer. Nu eerst de vraag naar de stand van zaken binnen de Romeinse religie.

Lees verder “De Romeinse religie in de derde eeuw”

De tempel van Isis in Rome

Maquette van de tempel van Isis in Rome (Koninklijke Musea voor kunst en geschiedenis, Brussel)

De sterke verhalen over de Isiscultus, die ik in mijn vorige stukje noemde, bewijzen dat de godin niet onomstreden was. Althans aanvankelijk. Dat veranderde toen Vespasianus eind 69 na Chr. na een burgeroorlog het keizerschip bemachtigde. Men vertelde dat hij in Alexandrië met steun van de Egyptische goden een lamme had doen lopen en een blinde had doen zien. Bovendien was zijn zoon Domitianus tijdens de laatste gevechten van het burgerconflict aan de dood ontsnapt door zich aan te sluiten bij een groep Isisvereerders. U las er hier meer over.

Eerst bevorderde Vespasianus de cultus in Rome en na een grote stadsbrand in 80 herbouwde Domitianus haar tempel grootser dan ooit. Vanaf toen behoorden Isis en Serapis tot de populairste goden in Rome. Afgaande op dateerbare inscripties van niet-magistraten, waren de Egyptische goden geliefder dan de Romeinse Jupiter, Juno en Minerva. Ook keizer Hadrianus sympathiseerde met de cultus, maar de grootste vereerder zou Septimius Severus zijn, die zijn portret liet modelleren op dat van Serapis. Van de keizers Commodus en Caracalla is bekend dat ze verkleed als Anubis deelnamen aan de processies.

Lees verder “De tempel van Isis in Rome”

De Romeinse Isis

Isis (El Kurru)

Van alle goden uit het oude Egypte is de bekendste vermoedelijk Isis. In een pantheon waar de meeste godheden een dierenkop hebben, heeft zij een mensenhoofd, met als attribuut op haar kruin een kleine troon. Wat dat betekent, weet ik niet. De herkomst van haar naam, die we kennen vanaf pakweg 2400 v.Chr., is ook voor egyptologen een raadsel. De eerste afbeeldingen zijn nog jonger.

Haar mythologie is goed bekend. Ze is een dochter van Nut en de echtgenote van haar broer Osiris. Hun zoon Horus is een enfant du miracle, geboren nadat zijn vader door de god Set is vermoord. In een lange speurtocht zoekt Isis naar de diverse delen van het in stukken gehakte lichaam van haar man; een daarvan vindt ze in het koninklijk paleis van Byblos. Deze associatie met de dood én de hereniging van de lichaamsdelen van Osiris maakte Isis tot beschermvrouwe van het leven.

Lees verder “De Romeinse Isis”

De Dame van Byblos

De Dame van Byblos (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Hunter S. Thompson was ooit te ver heen – drugs of alcohol, daar wil ik vanaf zijn – om de reportage die hij moest inleveren, fatsoenlijk af te ronden. Daarom leverde  hij toen bij wijze van ooggetuigenverslag zijn aantekeningenbriefjes maar in. Zo ontstond de gonzo-journalistiek. Eigenlijk zou ik de grotendeels onbewerkte, notitieachtige filmpjes die mijn geliefde en ik maakten in Irak en in Byblos, gonzo-filmpjes moeten noemen. De draad van de microfoon komt regelmatig in beeld, de horizon ligt scheef, op de achtergrond gebeurt van alles, er duiken Kruisvaarderskastelen op zonder dat iemand daarom heeft gevraagd. Wij waren niet dronken of stoned. De reden van onze gonzo-filmpjes is dat we een telefoon als camera gebruikten en in het felle licht niet goed konden zien wat we precies filmden.

Dame van Byblos

Nou ja, het gaat om de inhoud. Vandaag de Dame van Byblos ofwel Baälat Gubla. De Egyptenaren identificeerden haar lange tijd met hun godin Hathor. Na de IJzertijd lijkt ze gelijkgesteld te zijn aan Astarte. In de hellenistische tijd kwamen identificaties met Afrodite en met de gehelleniseerde Egyptische godin Isis. De Romeinen dachten dan weer aan Venus. De vraag is wel gesteld hoe de bewoners van Byblos hun godin noemden, maar dat is misschien de verkeerde vraag. In de Levant heette de oppergod gewoon Ilu of El of Allah (“god”), Balu of Baäl (“heer”), of Adon (“meester”). Een godin heette Allat (“godin”) of Baälat (“heerseres”). De Dame van Byblos heette dus gewoon Dame.

Lees verder “De Dame van Byblos”

De bron van Byblos

De bron van Byblos

Het plateau waarop Byblos verrees, bestaat uit twee heuvels, eigenlijk keihard geworden duinen. Daar tussenin lag nog tot in de jaren dertig van de vorige eeuw een bron. Regenwater dat neersloeg op de Libanon, sijpelde door allerlei aardlagen heen naar beneden, naar het voorgebergte, naar de uitlopers, naar de kust. En zo lag er, vlakbij de kust, een fijne bron voor redelijk zoet water. Nou ja, een tikje brak, want de zee was in de buurt.

Misschien dankt de stad haar naam aan de bron, want Byblos, Gubla in de Semitische taal die er in de Bronstijd werd gesproken, is te lezen als Gub-El, wat zoiets betekenen kan als “put van god”. Alleen weten we natuurlijk niet of er altijd een Semitische taal is gesproken in deze regio. Het kan gaan om een volksetymologie waarin aan een oude naam een nieuwe betekenis werd gegeven. Niemand weet wat Babylon betekent, maar latere bewoners hoorden er Bab-Ili in, wat zoiets betekent als “poort der goden”.

Lees verder “De bron van Byblos”

Hathor

Hathor (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Van alle antieke godheden is Hathor een van de bekendere. De kunstenaars van Egypte en Nubië, waar de cultus begon, beeldden haar regelmatig af als koe, vaak ook als een vrouw met een koeienkop, en ook wel als een volledig mens met op haar hoofd een zonneschijf, ingeklemd tussen koeienhoorns.

Het waren allemaal aardse weergaven van Hathor, die onder meer werd vereerd als de hemelkoe. In het antieke wereldbeeld rustte de hemel op vier pilaren, die men in Egypte beschouwde als koeienpoten. De zon, maan en sterren voeren over Hathors buik. De hemelheerseres hield zo het universum bijeen en observeerde het. Ze was tevens de moeder die de schepping voedde. Dit maakte haar tot beschermgodin van alle leven, liefde en vruchtbaarheid.

Lees verder “Hathor”