Alexander in India (3)

In de Oudheid meenden Alexanders biografen dat de Macedonische koning was gecorrumpeerd door zijn aanhoudende succes. Vaak vergastten deze auteurs hun lezers op naargeestige beschrijvingen van de wreedheden waarin Alexander zich had verlustigd. De historicus Arrianus is terughoudender, maar ook zijn relaas is gruwelijk.

De terugkeer naar het westen, die ik gisteren al vermeldde, begon met een simpele mars naar de Hydaspes, waar al een vloot in gereedheid was gebracht. Daarmee wilde Alexander naar de Indische Oceaan varen, terwijl op de oevers van de rivier twee legers zouden marcheren. Nog nooit hadden de Macedoniërs een operatie van vloot en leger samen ondernomen, maar de rivieren boden een goede gelegenheid tot oefenen alvorens de troepen, eenmaal aangekomen aan de kust, een soortgelijke maar veel gewaagder operatie zouden uitvoeren door langs de kust van de Oceaan en de Perzische Golf terug te keren naar Babylonië.

Lees verder “Alexander in India (3)”

Alexander in India (2)

Alexander als Zeus, met bliksemschicht in de hand

De twee jaar in Oezbekistan, waarover ik gisteren schreef, veranderden Alexander. In een onbekend land vocht hij tegen een vijand waartegen zijn eigen troepen niets konden uitrichten, terwijl zijn pas in dienst genomen Perzische cavalerie wel successen boekte. Dat leidde tot spanningen en toen Alexander probeerde wijzigingen in het hofprotocol aan te brengen om de Perzen wat meer ter wille te zijn, werd hij door de Macedoniërs tegengewerkt. Toen er versterkingen aankwamen, bleken dat vooral huurlingen uit Griekenland, wat niet op prijs werd gesteld door de Macedoniërs. In een poging de inheemse bevolking voor zich te winnen, trouwde Alexander met de lokale prinses Roxane en bruuskeerde daarmee zijn Perzische maîtresse Barsine en haar familie.

Alexander kon niet alle mensen tegemoet komen en zijn frustratie blijkt uit het radicale karakter van zijn maatregelen. Als Spitamenes werd gesteund door de bevolking, dan moesten die mensen maar worden gedeporteerd. Als er spanningen waren tussen Macedoniërs en Grieken, dan liet hij de laatsten achter als kolonisten. En toen Alexander bij een drinkgelag eens een vriend doodsloeg, was er niets aan de hand, want net als zijn vader Zeus was hij de belichaming van het recht. Het idee was hem aan de hand gedaan door de filosoof Anaxarchos, maar de auteur van een van onze bronnen, Arrianus, plaatste vraagtekens bij het denkbeeld:

Lees verder “Alexander in India (2)”

Alexander in India (1)

Alexander te paard (Metropolitan Museum of Art, New York)

Alexander had van zijn vader Filippos niet alleen zijn koninkrijk, zijn leger en zijn oorlog tegen Perzië geërfd, maar ook enkele bijbehorende problemen. Filippos had de macht van de koning sterk uitgebreid en daarmee de betekenis van de adel verminderd, maar hij had de aristocraten tevreden gesteld met grote geschenken. De gouden voorwerpen in het archeologisch museum van Thessaloniki getuigen daar na een kleine vierentwintig eeuwen nog altijd van. De noodzaak geschenken uit te delen had voor Filippos tot gevolg dat hij altijd oorlog moest voeren: enerzijds om buit te bemachtigen, anderzijds omdat zijn bijzondere positie samenhing met zijn bevelhebberschap.

Voor zijn zoon gold hetzelfde. Hij moest veroveren blijven. Hij kon na de zege bij Issos niet anders dan verder gaan naar Tyrus, naar Egypte, naar Gaugamela, naar Babylon. Hij baande zich een weg door het Zagrosgebergte, verwoestte de paleizen van Persepolis. In 330 opende hij de jacht op zijn tegenstander Darius, die in Ekbatana bezig was een leger op te bouwen. Op het nieuws van Alexanders nadering ontruimde de Perzische vorst zijn basis en trok langs de oude handelsweg naar het oosten, waar zijn nieuwe troepen zich ophielden.

Lees verder “Alexander in India (1)”

Jezus in Kashmir

Moslims gedenken Christus’ laatste dagen

Voor de profeet Mohammed was Jezus van Nazaret (“Isa, de zoon van Maryam”) een belangrijk persoon maar met diens wederopstanding uit de dood kon Mohammed weinig. De Koran gaat op de kwestie in naar aanleiding van een citaat:

“Wij hebben de messias, Isa de zoon van Maryam gedood” – maar zij hebben hem niet gedood, noch hem gekruisigd, maar de gelijkenis van Isa werd op een andere man gelegd. En degenen die daarin van mening verschillen zitten vol twijfel. Zij hebben daar geen kennis over, zij volgen niets anders dan gissingen en zij doodden hem niet. (Koran 4.157-158)

Westerse geleerden ontwaren hierin een gnostische (of beter: docetische) invloed op de jonge islam: de man die aan het kruis stierf, stierf slechts in schijn, had een schijnlichaam of was iemand waarvan de soldaten ten onrechte dachten dat het Jezus was. Er zijn ook islamitische gelovigen die denken dat het wel Jezus was die werd gekruisigd maar dat de marteling niet lang genoeg duurde om hem te laten sterven. Er is hier duidelijk een punt waar de weg van de islam een andere is dan die van de westerse wetenschap, die criteria heeft om authenticiteit vast te stellen en de kruisdood beschouwt als historisch feit. Dat hoeft ons hier niet bezig te houden. De vraag is: wat gebeurde er daarna?

Lees verder “Jezus in Kashmir”

Suddhodana en Maya

Koningin Maya vertelt haar echtgenoot Suddhodana over een droom die de geboorte van Siddharta voorspelt (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Toen ik het stukje over de Achsenzeit voorbereidde en zocht naar een illustratie, vond ik deze foto, ooit gemaakt in het Allard Pierson-museum in Amsterdam. Ik wilde een afbeelding hebben van Boeddha en heb er, zoals u al constateerde, uiteindelijk ook een gevonden, al dateert die van enkele eeuwen ná de zesde/vijfde eeuw. Dit plaatje, waarop Boeddha niet staat, vond ik echter ook en is te aardig om niet ook te gebruiken.

Middenin ziet u koning Suddhodana en koningin Maya, die haar echtgenoot vertelt dat ze heeft gedroomd dat een witte olifant met zes slagtanden een kind bij haar verwekte. Dat is de vooraankondiging van de geboorte van prins Siddharta ofwel Boeddha. Zoals op wel meer boeddhistische afbeeldingen oogt de kleding nogal Grieks.

Lees verder “Suddhodana en Maya”

Zamzam

Lahore, het kanon Zamzam

Het achttiende-eeuwse kanon hierboven, dat bekendstaat als Zam Zammah of Zamzam, staat in Lahore recht tegenover het oudheidkundig museum, waarover ik al eens eerder blogde. De man die daar in 1875 als directeur aantrad had een zoon van een jaar of tien, die later terug zou kijken op zijn jeugd én het kanon:

He sat, in defiance of municipal orders, astride the gun Zam Zammah on her brick platform opposite the old Ajaib-Gher – the Wonder House, as the natives call the Lahore Museum. Who hold Zam-Zammah, that ‘fire-breathing dragon’, hold the Punjab, for the great green-bronze piece is always first of the conqueror’s loot.

Die directeur heette John Lockwood Kipling, zijn zoon heette Rudyard en de geciteerde regel is de openingszin van Kim (1901).

De Indo-Europese migraties

Antropomorfe stèle uit Plachidol, geassocieerd met Indo-Europees-sprekenden die op zoek waren naar koperaders (Nationaal Historisch Museum, Sofia)

Zoals ik gisteren vertelde, is de vraag waarom de Indo-Europese talen op elkaar lijken, in een kwaad licht komen staan doordat de nationaalsocialisten zich meester maakten van de hypothese dat de veronderstelde Urheimat, waar de Indo-Europeanen hadden gewoond voor ze naar alle windstreken waren gemigreerd, had gelegen op de Noordduitse Laagvlakte. In de nationaalsocialistische interpretatie waren de oerbewoners van dat gebied (de “Ariërs”) autochtoon, onvermengd met migranten die bij hen waren komen wonen, raszuiver en daardoor in allerlei opzichten briljant.

Er was een tweede reden waarom het onderzoek stokte. Weliswaar betwijfelde niemand dat de Indo-Europese talen op elkaar leken doordat ze afstamden van één oertaal, maar men had domweg onvoldoende gegevens om daarover werkelijk uitspraken te doen. Zoals we zagen, probeerde men eerst aan de hand van de gedeelde woordenschat enkele aspecten van het thuisland te reconstrueren – er waren bepaalde dieren en gewassen geweest, men had de ploeg gekend en men had er met karren gereden – en was zo’n reconstructie in principe archeologisch toetsbaar.

Lees verder “De Indo-Europese migraties”

Mohra Moradu

Mohra Moradu
Mohra Moradu

De titel van dit stukje zal u vermoedelijk niet meteen iets zeggen en dat ligt niet aan u, want het gaat om een redelijk obscure opgraving in Pakistan. Ze behoort bij de verzameling ruïnes die bekendstaat als Taxila: de oudste hoofdstad van de Punjab. Het geheel geldt als werelderfgoed en dat is ook terecht: hier is de Mahabharata voor het eerst gereciteerd, hier werd de Ramayana gecomponeerd, hier kwamen Darius en Alexander, hier schreef Panini ’s werelds eerste grote grammaticaboek, hier ontwikkelden saddhu’s alternatieven voor de godsdienst van de brahmanen.

Lees verder “Mohra Moradu”

Apollonios in Taxila

Taxila-Sirkap: “stupa met de tweekoppige adelaar”.

Ik blogde gisteren over Taxila, de hoofdstad van de antieke Punjab. Het gedeelte dat Sirkap wordt genoemd, dateert uit de Grieks-boeddhistische tijd en moet zijn aangedaan door de reiziger wiens verslag ten grondslag ligt aan het gisteren genoemde Leven van Apollonios van Tyana van Filostratos. Ik citeer wat fragmenten uit de volgende maand te verschijnen vertaling van mijn vriendin Simone Mooij, die tonen dat de beschrijving van de stad redelijk accuraat is. De Poros die wordt genoemd, is de Griekse weergave van het Indische Puru, de naam van zowel de antieke Punjab als de heerser van dat koninkrijk.

Taxila is ongeveer zo groot als Nineve en passend ommuurd, zoals de steden in Griekenland. Hier was het paleis van de man die toen heerste over het rijk van Poros. Ze zeggen dat ze vóór de stadsmuur een tempel hebben gezien van natuursteen met versteende schelpen erin, niet veel minder dan honderd voet lang. Daarin was een heiligdom gebouwd, weliswaar tamelijk klein in verhouding tot zo’n grote tempel met een zuilengalerij er omheen, maar bewonderenswaardig. Want tegen elke wand waren bronzen platen vastgenageld waarop de daden van Poros en Alexander waren afgebeeld. Met geel koper, zilver, goud en donker brons waren olifanten, paarden, soldaten, helmen en schilden weergegeven; lansen, projectielen en zwaarden waren allemaal van ijzer.

Lees verder “Apollonios in Taxila”

Taxila

Bhir Mound (Taxila)

In 2004 ben ik Alexander de Grote nagereisd en zo belandde ik in Taxila, de oude hoofdstad van de Punjab, waar de Macedonische koning 2329 jaar eerder was. Er is geen draad archeologisch bewijs voor zijn aanwezigheid: we weten alleen zeker dat een Europees leger door Pakistan is getrokken omdat onze bronnen redelijk goed passen bij wat we over het gebied weten. Er zijn echter – met uitzondering van wat mogelijk katapultkogels zijn – nooit Macedonische voorwerpen gevonden. Alexanders leger kwam, zag, overwon, trok verder en bleef nergens zó lang dat het bodemarchief er substantieel door veranderde.

Alexander was in april 326 v.Chr. in Taxila; negen maanden later waren de bewoners al tegen de Macedoniërs in opstand gekomen. De Griekse culturele invloed dateert van later tijd. In 184 trokken de legers van Grieks Baktrië over de Hindu Kush, en zij veroverden de Punjab. Daar bloeide een Grieks-boeddhistische cultuur op met een heel eigen vormentaal, waarover ik al eens blogde: de Gandara-kunst.

Lees verder “Taxila”