De Thraciërs (4)

Seuthes III (Archeologisch museum, Sofia)

[Dit is het vierde van zeven blogjes over de Thraciërs. Het eerste was hier.]

Lysimachos

Zoals ik in het vorige blogje al aangaf, slaagde de Macedonische officier Lysimachos er in de jaren na de dood van Alexander de Grote (323 v.Chr.) niet in om de Odrysische leider Seuthes III te onderwerpen. De Macedoniërs imiterend stichtte ook Seuthes een stad die hij naar zichzelf noemde, Seuthopolis. (De resten ervan bevinden zich op de bodem van een stuwmeer in de Vallei van de Thracische Koningen.) De Panagyurishte-schat, die in Macedonië niet zou hebben misstaan, dateert uit deze jaren en bewijst dat de Thracische elite culturele aansluiting zocht bij de Grieks-Macedonische wereld.

Pas na een decennium lijkt Lysimachos de situatie meester te zijn geweest; Seuthes erkende hem als heerser, maar bleef zelf aan en lijkt nog rond 295 in leven te zijn geweest. Seuthes’ graf is teruggevonden in de Vallei van de Thracische Koningen en is interessant omdat het bronzen hoofd van Seuthes III ritueel is begraven in de toegang. Het lichaamloze hoofd doet denken aan de mythe dat het lichaamloze hoofd van Orfeus bleef zingen: een soort minachting voor de dood.

Lees verder “De Thraciërs (4)”

Het mausoleum van Belevi

Sculptuur uit het mausoleum van Belevi

De geschiedenis van de opvolgers van Alexander de Grote, de zogeheten Diadochen, is eigenlijk iets te complex. Zijn voornaamste officieren raakten eerst slaags over de vraag als regenten moesten optreden voor Alexanders zwakbegaafde broer, en belandden vervolgens in een reeks oorlogen, waarin de koninklijke dynastie steeds meer op de achtergrond raakte en vervolgens de rijkseenheid verloren ging. De oorlogen gingen net zo lang door tot al het door Alexander op de Perzen veroverde edelmetaal was uitgegeven aan soldij.

De beslissende slag was daarom die bij Ipsos, in 301 v.Chr., want daarna was er geen geld meer. Voor enige tijd lagen de grenzen vast: een machtig rijk in Egypte voor Ptolemaios I Soter, een immens Aziatisch rijk voor Seleukos I Nikator, in het aloude Macedonië een rijk voor Demetrios de Stedendwinger en in Thracië en Klein-Azië een rijk voor Lysimachos. In de meeste geschiedenisboeken staat het allemaal nog beknopter, want voor vrijwel alle doelen die je als auteur wil bereiken, kun je makkelijk twee decennia overslaan en doorgaan naar het eindresultaat.

Lees verder “Het mausoleum van Belevi”

Wat is een diadeem?

Alexander met een diadeem met ramshoorns (Numismatisch museum, Athene)

Het nadeel van een blog die al bijna veertien jaar loopt, is dat je weleens in herhaling moet vervallen. Ik heb weleens eerder geblogd over diademen, die voornaamste tekens van koninklijke waardigheid in de Oudheid. Zo lepelde ik een keer de mooie anekdote op dat op een dag, toen Alexander de Grote een boottochtje maakte op de Eufraat, zijn diadeem afwaaide en in het moeras belandde, en dat Seleukos die zwemmend ophaalde, waarbij hij de haarband droog hield door die op zijn eigen kruin te plaatsen. Zijn koning beloonde hem én liet hem slaan omdat hij het koninklijk attribuut had gedragen – en achteraf bleek het een voorteken van Seleukos’ koninklijke macht.

Eerst even twee voorlopers. De beroemde wagenmenner van Delfi, een van de indrukwekkendste beelden uit de Oudheid, heeft een inderdaad een haarband; een praktisch ding als je in een vierspan moet racen. Het beroemde, rond 420 v.Chr. door de beeldhouwer Polykleitos vervaardigde beeld van de Diadoumenos toont een jonge atleet die zijn haar aan het binden is – de door Winckelmann gegeven naam is een beetje een misvatting. De diadeem werd pas meer dan een gewone haarband toen de Griekse alleenheersers van Syracuse gouden kransen rond hun hoofd begonnen te binden.

Lees verder “Wat is een diadeem?”

Hellenistisch en Romeins Cilicië

Een van de Hellenistische steden in Cilicië was Olba, het Romeinse Diocaesarea

[Laatste van drie blogjes over Cilicië, het zuiden van het huidige Turkije; het eerste blogje las u hier.]

De Hellenistische periode

Na de dood van Alexander de Grote in Babylon op 11 juni 323 v.Chr., was Cilicië inzet van allerlei conflicten. Die slaan we allemaal over tot we aankomen in het jaar 301 v.Chr., toen een einde kwam aan de diverse oorlogen tussen Alexanders opvolgers. Cilicië werd verdeeld: de kuststeden kwamen in handen van Ptolemaios I Soter, terwijl Seleukos I Nikator heerste over het binnenland. Er is nog enkele keren om gevochten maar vanaf de Vijfde Syrische Oorlog (202-195 v.Chr.) behoorde heel Cilicië tot het Seleukidische Rijk.

Dat zou nog een eeuw zou blijven. Er kwamen nieuwe steden, die vrijwel allemaal Seleukeia heetten. De opkomst van het Grieks als bestuurlijke taal verliep parallel met de vervanging van het laatste Luwisch door het populaire Aramees, dat nog later, in de Romeinse tijd, eveneens plaats zou maken voor het Grieks.

Lees verder “Hellenistisch en Romeins Cilicië”

Het ontstaan van het Maurya-rijk

Kopie van een kapiteel uit een paleis uit het Maurya-rijk (Museum van Lahore)

Eerst maar even wat u al weet: tussen eind 327 en eind 325 v.Chr. trok Alexander de Grote door de Indusvallei, zeg maar het huidige Pakistan. Ik heb eerder over die genocidale campagne geschreven en beperk me nu tot de constatering dat hij, na zijn overwinning op de Indische radja Poros, oprukte tot aan de oostelijke grens van de Punjab. Daarvandaan wilde hij oprukken naar het koninkrijk Magadha in de vallei van de Ganges, maar zijn soldaten weigerden verder te gaan en dwongen Alexander terug te keren.

Alexander heeft dus nooit India veroverd en is maar marginaal in het huidige India geweest. Hij is alleen door Pakistan getrokken. Van verovering was geen sprake; al voor zijn dood in 323 v.Chr. hadden de Macedoniërs posities moeten opgeven. Zoals u in een moment zult zien, was de Europese aanwezigheid in het Indusland al snel voorgoed voorbij.

Lees verder “Het ontstaan van het Maurya-rijk”

Het vroegste Palmyra

De gedomesticeerde dromedaris was cruciaal voor de bloei van Palmyra (Archeologisch Museum, Palmyra)

Ik heb, naar aanleiding van het handboek Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, de afgelopen weken geblogd over de Crisis van de Derde Eeuw. Het Romeinse klimaatoptimum liep ten einde, er was een economische crisis, de stammen buiten het Romeinse Rijk werden gevaarlijk en in het oosten was er vaak oorlog met de Sassanidische Perzen. Rond het midden van de derde eeuw was er een epidemie (mogelijk ebola) en in de volgende kwart eeuw viel het wereldrijk uiteen in drie delen: naast het centrale rijk van keizer Gallienus regeerde Postumus in het westen over Gallië en omstreken, terwijl de oostelijke provincies onder keizerin Zenobia van Palmyra voor zichzelf begonnen.

De geschiedenis van Palmyra begint echter niet in de derde eeuw. Evenmin eindigt ze als keizer Aurelianus orde op zaken stelt. De geschiedenis van Palmyra begint in de Bronstijd en loopt door tot de Vroege Middeleeuwen. Ik zal er vijf blogjes aan wijden.

Lees verder “Het vroegste Palmyra”

Het Parthische Rijk (1): Ontstaan

Parthische prins (Nationaal museum, Tashkent)

Alexander de Grote had een einde gemaakt aan het rijk van de Achaimenidische Perzen. De macht in Voor-Azië kwam na zijn dood in handen van koning Seleukos I Nikator en zijn afstammelingen, de Seleukiden. Deze Macedonische dynastie beheerste dus ook het gebied in noordoostelijk Iran dat sinds mensenheugenis Parthië heette.

Seleukidische onderdanen

Toen de Seleukiden in 245 v.Chr. in het verre westen verzeild waren geraakt in de Derde Syrische Oorlog kwam in Parthië de gouverneur in opstand, Andragoras. In de verwarring verschenen ook de Parni, een nomadenstam uit het huidige Turkmenistan, op het toneel. Hun voornaamste residentie was Nysa, niet ver van het huidige Ashkhabad. Zeven jaar later veroverden ze een district dat bekendstaat als Astavene en weer drie jaar later, in 235, rondde de leider van de Parni, Tiridates, de verovering van Parthië af.

Lees verder “Het Parthische Rijk (1): Ontstaan”

Het Seleukidische Rijk

Seleukos I Nikator (Archeologisch museum, Napels)

Een pagina over de Seleukiden, die was er nog niet op deze blog. Terwijl deze hellenistische dynastie toch lange tijd heeft geregeerd over een immens gebied. Ik heb trouwens ook nog geen blog gewijd aan de Ptolemaiën, hoewel die voor Egypte en Cyprus toch ook belangrijk zijn geweest. Maar goed, eerst de Seleukiden.

Na de dood van Alexander de Grote op 11 juni 323 v.Chr. verdeelden zijn generaals, de Diadochen, zijn rijk. Een daarvan was zijn vriend Seleukos I Nikator (“de overwinnaar”), die zich na een reeks conflicten koning wist te maken van de oostelijke provincies – min of meer het moderne Afghanistan, Iran, Irak, Syrië en Libanon, samen met delen van Turkije, Armenië, Turkmenistan, Oezbekistan en Tadzjikistan. Het nieuwe koninkrijk zou twee hoofdsteden hebben, allebei gesticht rond 300 v.Chr. en allebei Seleukeia genaamd. De ene stad lag aan de Middellandse Zee en zou al snel worden overvleugeld door het even verderop gelegen Antiochië; het andere Seleukeia lag aan de Tigris en zou nog eeuwenlang belangrijk zijn.

Lees verder “Het Seleukidische Rijk”

De Antigoniden

Demetrios de Stedendwinger (Louvre, Parijs)

Alexander de Grote, zo lezen we aan het begin van 1 Makkabeeën, voerde vele oorlogen, veroverde vestingen, liet overal op aarde koningen doden en trok op tot aan de uiteinden van de aarde. Toen de Macedonische veroveraar de hele wereld in zijn macht had, werd hij ziek en omdat hij wist dat hij zou sterven, riep hij zijn hoogste bevelhebbers bij zich en verdeelde zijn koninkrijk onder hen. Na zijn dood namen die bevelhebbers het bestuur over, ieder in hun eigen gebied, waarna zij zichzelf tot koning kroonden. Hun bewind en dat van hun nakomelingen bracht nog lange tijd veel onheil op aarde.

Tot zover 1 Makkabeeën. Het is mooi geschreven maar daarom nog niet waar. Dat er nog lange tijd veel onheil op aarde was, kwam doordat Alexander in 323 v.Chr. stierf zonder zijn opvolging te hebben geregeld. Zijn broer was zwakbegaafd en zijn zoontje was een enfant du miracle, geboren na de dood van zijn vader. Aanvankelijk waren er regenten die de koninklijke familie dienden, maar hun gezag was van korte duur. Er waren oorlogen, er waren wapenstilstanden en in de tussentijd werden de leden van de dynastie vermoord.

Lees verder “De Antigoniden”

De hellenistische steden

De hoofdstraat van Apameia

Zoals zoveel zaken in de hellenistische tijd, was de gewoonte steden te stichten een voortzetting van een eerdere praktijk. De vader van Alexander de Grote, Filippos, was de stichter van Filippoi, terwijl drie Fenicische moedersteden Tripoli hadden gesticht. Dit zijn geen koloniën – sowieso een lastig begrip – want Filippoi en Tripoli verrezen niet overzee. Het waren volksplantingen in eigen land.

Het was, zoals zo vaak, Alexander die radicaliseerde. Het lijstje begint met Iskenderun in Turkije, Alexandrië in Egypte en Edessa in Turkije. In Afghanistan liggen Alexandrië in Areia (Herat), Proftasia, Alexandrië in Arachosië (Kandahar) en Alexandrië in de Kaukasos (Begram bij Kabul). Alexandrië aan de Oxus is identiek aan Kampyr Tepe in Oezbekstian. Het Verste Alexandrië is vermoedelijk Khojand. Nikopolis, Boukefala en Alexandrië aan de Akesines (Uch) liggen in de Punjab. Er lijken stadstichtingen te zijn geweest rond Karachi. Charax ligt in zuidelijk Irak. We ronden af met Alexandrië in de Troas in Turkije en Alexandrië in Margiana (Gyaur Kala in Turkemistan). Dit waren compleet nieuwe steden of sterk vergrote oudere dorpen.

Lees verder “De hellenistische steden”