Het Forum van Augustus (2)

Karyatide uit het Forum van Augustus (ik weet niet meer waar ik deze foto heb genomen)

Wie het Augustusforum, waaraan ik ook het vorige blogje wijdde, betrad vanaf het Forum van Caesar, zag op het plein eerst een beeld van keizer Augustus in een vierspan. Daar achter verrees de vijfendertig meter hoge tempel van Mars de Wreker. De onverwachte aanblik van zo’n groot bouwwerk moet enorme indruk hebben gemaakt, zeker als het witte Carraramarmer op een zomermiddag fonkelde in de zon.

Aan de voet van de ook nu nog imponerende trap stonden fonteinen, waarvan tegenwoordig alleen lage muurtjes resteren die amper boven het gras uitsteken. Hier stonden ook enkele standbeelden die ooit van Alexander de Grote waren geweest. In het gevelveld van de tempel lag links een beeld van Palatinus (de personificatie van de heuvel waarop Rome was ontstaan), daarop volgde een zittende Romulus die het voorteken van de twaalf gieren gadesloeg (een voorteken dat ook Octavianus eens zei te hebben ontvangen), en middenin stonden een schaars geklede Venus en een stoere Mars. Rechts van hem stond Victoria, zat Roma en lag de riviergod Tiber. Door deze verwijzingen naar de stichtingssage presenteerde Augustus zich als nieuwe Romulus.

Lees verder “Het Forum van Augustus (2)”

Het Forum van Augustus (1)

De resten van het Forum van Augustus

Er zijn veel plekken in Rome waarover iets te vertellen valt, maar als blogger loop je regelmatig tegen je grenzen aan. Zeshonderd woorden, of desnoods een tweetal blogjes van elk achthonderd, is meestal onvoldoende om méér te vertellen dan wat oppervlakkigheden. Het Forum van Augustus, waarover ik het vandaag wil hebben, is een prettige uitzondering, omdat de ideologie die Romes eerste keizer uit wilde dragen, herkenbaar is voor ons. Of beter: wij kunnen hedendaagse ideeën projecteren op die stille stenen, die niets terug zeggen en ons in dit geval niet confronteren met feiten die zich niet laten interpreteren.

Maar eerst twee dingen die u vermoedelijk wel weet: keizer Augustus kwam aan de macht als geadopteerde zoon van Julius Caesar, en die had naast het oeroude Forum Romanum al een eigen forum laten aanleggen, waarover ik al eens eerder heb geblogd. Het was het eerste van de zogeheten keizerfora. Augustus kon niet achterblijven. Zijn forum was gemodelleerd op het Caesarforum en diende eveneens de propaganda van de bouwer. Er waren echter verschillen.

Lees verder “Het Forum van Augustus (1)”

Jezus in de Tempel

Schriftgeleerden in debat met een jonge Jezus (Acheologisch museum, Córdoba)

Een nieuwe zondag, een nieuw blogje over het Nieuwe Testament, en vandaag gaat het over een bekend verhaal. Hier is het.noot Lukas 2.41-51; NBV21.

Jezus’ ouders gingen jaarlijks voor het pesachfeest naar Jeruzalem. Toen hij twaalf jaar was, maakten ze weer hun gebruikelijke pelgrimstocht. Na afloop van het feest vertrokken ze naar huis, maar Jezus bleef in Jeruzalem achter zonder dat zijn ouders het wisten.

Dat vinden wij wat raar, want ouders hebben meestal een zesde zintuig waarmee ze precies weten waar Junior zich bevindt. De evangelist Lukas anticipeert op vragen door het uit te leggen:

Lees verder “Jezus in de Tempel”

Glanum: kleinood in de Alpilles

Glanum

Tussen het bij toeristen zeer populaire Saint-Rémy-de-Provence en de kleine, maar indrukwekkende bergketen van de Alpilles, ligt één van de belangrijkste opgravingen van Frankrijk: Glanum. Waar je in steden als Arles, Orange en Nîmes verspreid over het hedendaagse stedelijk grondgebied grootse bouwwerken vindt als (amfi)theaters, tempels, triomfbogen necropolen of villa’s, en nabij Nîmes ook nog eens het imposante aquaduct van de Pont du Gard, is Glanum echt een nederzetting waar moderne bebouwing nauwelijks een rol speelt.

Eerder kwam in deze Franse serie al Alba-la-Romaine voorbij, en later zal Vaison-la-Romaine volgen. Alba is bescheiden qua omvang, en Vaison biedt – naast een prachtig maar zwaar gerestaureerd theater – ook een opgravingsterrein dat (in tweeën gesplitst) beslist het bezoeken waard is: vergeet daarbij vooral ook niet het mooie museum met een aantal meer dan levensgrote beelden van Hadrianus, Sabina en Claudius en een marmeren torso van (vermoedelijk) Antinoös.

Lees verder “Glanum: kleinood in de Alpilles”

Cairns en brochs en Skara Brae (1)

Ierse mantelspeld, ca 800 (National Museum of Scotland, Edinburgh)

Mijn rondreis door Schotland had als verste doel het blootgekomen neolithische dorp Skara Brae op Orkney’s Mainland, het grootste van de eilandengroep Orkney-eilanden. De nog noordelijker gelegen Shetland-eilanden en de Outer Hebrides vielen buiten het reisplan. In grote lijnen was het plan langs de oostkust naar het noorden via Edinburgh, en terug langs de westkust met het eiland Skye en Glasgow, en dan weer terug naar de veerboot in Newcastle-upon-Tyne.

Historische resten uit de Middeleeuwen en later bestaan veelal uit de ruïnes van burchten, vervallen na  politieke verwikkelingen en verandering van de eindeloze oorlogvoering, en van abdijen en kerken, die na de reformatie geheel of gedeeltelijk zijn gesloopt. Geholpen door het lidmaatschap van de Scottish Historical Society heb ik er in mijn zevenweekse rondreis talloze van bezocht. De reis ging natuurlijk ook door een overweldigend landschap.

Lees verder “Cairns en brochs en Skara Brae (1)”

De onbekende god

Altaar voor een onbekende god (Antiquarium van het Palatijn, Rome)

We zullen vermoedelijk nooit weten wie Gaius Sestius Calvinius was, behalve dat hij in Rome het bovenstaande altaar oprichtte. Het is gevonden op de plek die bekendstaat als Velabrum, dat wil zeggen de doorgang tussen Palatijn en Capitool die het Forum Romanum verbond met het Forum Boarium, de veemarkt. De tekst, die bekendstaat als EDCS-17200112, is eenvoudig:

Sei deo sei deivae sac(rum)
C(aius) Sextius C(ai) f(ilius) Calvinus pr(aetor)
de senatinoot Je zou senatus hebben verwacht. sententia
restituit

Lees verder “De onbekende god”

De Kushana’s

Een Kushana-prins uit Dalverzintepa (Nationaal Museum, Tasjkent)

Het begint dus in China. Of beter, ten noorden van China. Aan het begin van de tweede eeuw v.Chr. woonden daar twee groepen nomaden. In het noordwesten waren dat de Tochaars-sprekende Yuezhi en in het noordoosten de Xiongnu. En verder was er de eeuwige trek waarmee herdersvolken westwaarts reizen, omdat je dan van het betrekkelijk droge Manchurije en Mongolië naar steeds groenere gebieden reist – over de Altai, naar de Pontische Steppe, naar de Hongaarse poesta.

En dat wil dus zeggen dat de Xiongnu westwaarts trokken en de Yuezhi voor zich uit dreven. In 176 v.Chr. kwam dit proces door een militair conflict in een stroomversnelling en de Yuezhi migreerden via het huidige Kazachstan naar Sogdië, zeg maar het huidige Oezbekistan, waar ze rond 130 v.Chr. aankwamen. Ook vestigden ze zich in Baktrië, het grensgebied tussen Oezbekistan en Afghanistan, aan weerszijden van de rivier de Oxus. Ze woonden hier te midden van een Sogdisch-Baktrisch-Perzisch-Griekse bevolking en namen het Griekse alfabet over. Opgravingen als het Oezbeekse Khalchayan en het Afghaanse Tillya Tepe documenteren het pluriforme karakter van deze wereld.

Lees verder “De Kushana’s”

Provinciale herindelingen

Africa (Musée des beaux-arts, Lyon)

Dit wordt een saai blogje. Ik schrijf het vooral voor mezelf, omdat ik even wat dingen op een rijtje wil hebben. Dus u moet het maar niet lezen, tenzij provinciale herindelingen uw hobby zijn.

Maar het zit dus zo. Als u in de eerste helft van de tweede eeuw v.Chr. naar de Maghreb had gekeken, dan lag in het oosten, waar nu Tunesië ligt, het gebied waarover de stad Karthago de scepter zwaaide. Reisde u naar het westen, dan arriveerde u in Numidië, en dat bestond uit het gebied van twee groepen: in het oosten de Massyliërs en in het westen de Masaeisyliërs. De koning van de Numidische volken is op dat moment Massinissa; hij resideerde in Cirta, het huidige Constantine. Nog wat verder naar het westen, zeg maar in wat wij Marokko noemen, leefden de Mauri.

Lees verder “Provinciale herindelingen”

Saturnus Africanus (2)

Wijding aan Saturnus Africanus (Nationaal archeologisch museum, Algiers)

[Dit is het tweede van twee blogjes over Saturnus Africanus. Het eerste was hier.]

Het onderzoek naar de inscripties is al begonnen in de negentiende eeuw en de grote Algerije-kenner Stéphane Gsell vatte het allemaal samen. Daaraan voegde Marcel Le Glay in 1966 de resultaten van driekwart eeuw archeologisch onderzoek toe; u vindt de monografie hier. Daarna zijn er deelpublicaties geweest, maar ik ken geen andere synthese dan die van Le Glay. Die behandelt gelukkig wel een veelvoud aan aspecten, zoals de eigenlijke eredienst.

Verering

Er was, zo begrijp ik, onderscheid tussen de priesters (sacerdotes) en de ingewijde gelovigen (sacrati), die bij wijze van initiatie onder een juk moesten doorgaan. Een ander ritueel was het samen drinken van een honing-melk-drank. Ouders konden, zoals met de christelijke kinderdoop, baby’s al opdragen aan de bescherming van de god. De Saturnus-eredienst stond dus niet voor iedereen open; je moest een keuze maken voor toetreding, waarna er eisen aan je werden gesteld. Die doen zo oosters aan als je verwacht bij een godheid die minimaal ten dele uit Fenicië komt: je moest je schoenen uitdoen als je een heiligdom betrad en je mocht geen varkensvlees eten. En je moest je zoveel mogelijk onthouden van de verering van andere goden. Saturnus was niet zomaar een god, hij was simpelweg de heer, ba’al ofwel dominus.

Lees verder “Saturnus Africanus (2)”

Saturnus Africanus (1)

Saturnus Africanus (Musée du Bardo, Tunis)

Je hoeft geen Latijn te kennen om te begrijpen dat “Saturnus Africanus” de godheid Saturnus is zoals die werd vereerd met Afrikaanse rituelen. Wie Tunesië, Algerije of Marokko bezoekt, kan niet om deze Romeinse godheid heen, al was het maar omdat hij staat vermeld in bijna 2500 gepubliceerde Latijnse inscripties, gevonden van Karthago in het oosten tot Volubilis in het westen. Vaak staat hij op die inscripties ook afgebeeld; er zijn verder honderden afbeeldingen zonder tekst. Ook zijn 200 cultusplaatsen bekend. Het bovenstaande reliëf was tien jaar geleden een van de pronkstukken op de Karthago-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden; als u het daar niet zag, zult ervoor Tunis moeten, naar het Bardo-museum.

Van boven naar beneden herkent u de god, gezeten op een troon, met een scepter en een snoeimes in de hand, met vóór hem het hoofd van óf zijn echtgenote Venus Caelestis óf de zon. Onder hem ziet u degene die deze stèle heeft opgericht. Hij staat op het punt een lam te offeren. De vlammen laaien al op van het altaar. Er zijn honderden van dit soort afbeeldingen. De baardige godheid draagt vaak een kleed over het hoofd en gaat niet zelden vergezeld van de goddelijke Tweelingen of de Zon en Maan.

Lees verder “Saturnus Africanus (1)”