De stadsmuren van Byblos

De derde fase van de stadsmuur

Een filmpje over Byblos, waarom ook niet? Helaas kan ik er geen kameel of dromedaris in stoppen, en ook al geen Zijderoute waarover die beesten, beladen met allerlei soorten handelswaar, voortsjokken tot ze in China zijn. Maar handel en Byblos, dat lukt natuurlijk wel.

Vanaf het einde van het vierde millennium v.Chr. stuurde men cederhout vanuit Byblos naar Egypte. En er kwamen allerlei kostbaarheden terug. Naarmate de havenstad rijker en rijker werd, werden de verschillen met de omgeving groter. En dus de jaloezie. Om zich tegen bewapende aanvallen van piraten en rovers te beschermen, bouwde men aan het begin van de Bronstijd een stadsmuur.

Lees verder “De stadsmuren van Byblos”

Byblos’ Grande Résidence

De Grande Résidence

Naast de Torentempel van Byblos waarover ik onlangs schreef, stond een groot gebouw dat de Franse archeologen aanduidden als de “Grande Résidence”. Groots was het zeker, althans voor wie zo praktisch is geen energie te verspillen aan het opwerpen van die horizonvervuiling die ze piramiden noemen. De Grande Résidence is, voor een utiliteitsgebouw uit het derde millennium v.Chr., behoorlijk indrukwekkend.

Indrukwekkende muren

Het was vijfendertig meter lang en tweeëndertig meter breed. Het dak moest worden gestut met pilaren. Een architectonische primeur voor Byblos. De hamvraag is: wat is de Grande Résidence? De opgravers kunnen het dan wel een residentie hebben genoemd, maar dat wil niet zeggen dat het dat ook was. De huidige interpretatie is dat het een administratieve functie heeft gehad. Misschien lagen hier ook de meest kostbare voorraden opgeslagen.

Lees verder “Byblos’ Grande Résidence”

De bron van Byblos

De bron van Byblos

Het plateau waarop Byblos verrees, bestaat uit twee heuvels, eigenlijk keihard geworden duinen. Daar tussenin lag nog tot in de jaren dertig van de vorige eeuw een bron. Regenwater dat neersloeg op de Libanon, sijpelde door allerlei aardlagen heen naar beneden, naar het voorgebergte, naar de uitlopers, naar de kust. En zo lag er, vlakbij de kust, een fijne bron voor redelijk zoet water. Nou ja, een tikje brak, want de zee was in de buurt.

Misschien dankt de stad haar naam aan de bron, want Byblos, Gubla in de Semitische taal die er in de Bronstijd werd gesproken, is te lezen als Gub-El, wat zoiets betekenen kan als “put van god”. Alleen weten we natuurlijk niet of er altijd een Semitische taal is gesproken in deze regio. Het kan gaan om een volksetymologie waarin aan een oude naam een nieuwe betekenis werd gegeven. Niemand weet wat Babylon betekent, maar latere bewoners hoorden er Bab-Ili in, wat zoiets betekent als “poort der goden”.

Lees verder “De bron van Byblos”

De haven van Byblos

Links de dichtgeslibde zuidelijke haven

De trouwe lezers van deze blog weten het: medio oktober begint in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een expositie over Byblos en met David Kertai maakte ik het publieksboek. Byblos is interessant omdat het feitelijk de eerste wereldhaven is. Dankzij de rivier de Adonis, waarover ik afgelopen maandag blogde, was het eenvoudig cederhout uit de Libanonbergen naar de kust te brengen. Overigens is “eenvoudig” hier zéér relatief. Bijlen waren in de Bronstijd vrij klein. Bovendien voert ook een Adonis nog niet zo simpel boomstammen met zich mee.

Dat gezegd zijnde: Byblos exporteerde het hout naar Egypte en groeide uit tot een internationale haven. Maar waar legden de schepen aan? Even een kengetal: een zeevarend schip was al gauw een meter of veertig lang. De boot die is opgegraven bij de piramide van Khufu meet 43½ meter. Het Egyptische Verhaal van de Schipbreukeling noemt schepen met een lengte tussen de 54 en 63 meter.

Lees verder “De haven van Byblos”

Adonis: mythe en rivier

De waterval bij Afqa.

U weet het: oudheidkundigen hebben altijd te weinig informatie. Dataschaarste is wat de oudheidkunde onderscheidt van andere wetenschappen. Leren denken over wat je weten kunt als je te weinig gegevens hebt, is de voornaamste vaardigheid die het vak biedt. En vaak weet de oudheidkundige helemaal niets. Of bijna niets.

Romeinse mythe

Zoals bij de mythe van Adonis. De naam is onmiskenbaar Semitisch – Adon betekent zoiets als “heer” – maar over de oudste, Fenicische mythe valt weinig te weten. We moeten tot de Romeinse tijd wachten eer we een bron hebben. Dat is de dichter Ovidius, die leefde aan het begin van onze jaartelling. In zijn Metamorfosen vertelt hij dat Adonis een knappe jager was die de aandacht trok van de godin Venus. Tot haar verdriet doodde een everzwijn haar minnaar, uit wiens bloed de anemoon was ontstaan.

Lees verder “Adonis: mythe en rivier”

Byblos in het Chalcolithicum

Chalcolithische amuletten (Nationaal Museum, Beiroet)

In het vorige filmpje over de (oude) geschiedenis van Byblos legde ik uit hoe de eerste mensen er in de Prehistorie waren komen wonen. Dat was ergens in het zevende millennium v.Chr. We slaan twee millennia over en komen dan, ergens rond 4500 v.Chr., aan bij het Chalcolithicum. Dat betekent letterlijk “kopersteentijd” maar we zeggen vaak Kopertijd.

Die naam is wat misleidend. Het betekent alleen dat men in die tijd – en niet per se in Byblos – in staat was ovens te bouwen waarmee men temperaturen kon halen om koper te bewerken. Dat zegt vooral veel over het technologisch potentieel van die tijd en vertelt iets over de oplossingen die de mensen kiezen konden. Ook als je geen koper gebruikte, waren er bepaalde opties die eerder niet hadden bestaan en dus is “Kopertijd” een redelijke typering voor een bepaalde samenleving. Zelfs als daar geen koper of ander metaal wordt gebruikt.

Lees verder “Byblos in het Chalcolithicum”

Byblos in het Neolithicum

Een begraving in een kruik (Nationaal Museum, Beiroet)

Ik vertelde het u al: mijn geliefde en ik wilden weten hoe het met onze Libanese vrienden ging. Los daarvan werk ik met David Kertai aan het publieksboek over de komende expositie over Byblos, waarvoor ik nog wat landschapsfotografie wilde doen. En het leek me leuk om, zoals we deden in Irak, wat filmpjes te maken in Byblos. Het Rijksmuseum van Oudheden gunde een bijdrage uit het potje dat ze hebben voor persreizen. En dus was ik onlangs in Libanon.

Hoe het met mijn vrienden ging? Naar omstandigheden redelijk. Hoe de foto’s zijn geworden? U ziet het wel als het boek er is. Hoe de filmpjes eruit zien? Dat kunt u vandaag zien. Zoals u weet: het is simpel gedaan, zonder veel toeters en bellen, maar de inhoud is zo goed als ik kon, en Kees Huijser was zo vriendelijk nog even een begin en einde toe te voegen.

Lees verder “Byblos in het Neolithicum”

Libanees dagboek: Byblos

De antieke haven van Byblos, of beter, het gebied er vlak voor. De eigenlijke aanlegplaats lag verder naar rechts maar is verzand.

De tweede dag in Libanon volgde op de tweede nacht in dat land – en wat heb ik slecht geslapen. De oorzaak daarvan was de generator naast onze kamer. Slecht uitgerust begonnen we aan de dag, maar dat mocht de pret niet drukken van het weerzien met Françoise en Elie, over wie ik al eens eerder heb geschreven. Er viel een hoop bij te praten. De rit naar Jbeil, het antieke Byblos, vloog voorbij.

Byblos

Waarom Byblos? Ik schreef al dat het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een expositie over de antieke havenstad organiseert. Er waren al eerder exposities over bijvoorbeeld Petra, Karthago en Nineveh. Je zou Dorestad, dat onderdeel is van de vaste collectie, kunnen toevoegen aan dit rijtje. Byblos illustreert hierbij hoe lastig het concept stad is, want het gaat om een haven met tempels en een paleis. We kennen ook de koninklijke graven en de graven van de aristocratische families. De huizen van de gewone mensen zijn echter slecht bekend, terwijl er vissers, boeren, houthakkers en stuwadoors moeten zijn geweest.

Lees verder “Libanees dagboek: Byblos”

De vuurtoren van Byblos

De torentempel van Byblos

Byblos is een havenstad in Libanon. En niet zomaar een havenstad. Achter de stad begint het Libanongebergte, beroemd om de cederbomen. Het hout was geliefde koopwaar want het is relatief licht en krimpt of rot nauwelijks. Dat maakt het eenvoudig te bewerken. Elke sigarenroker weet dat het stukje cederhout waarmee je een sigaar aansteekt, heerlijk ruikt. Tot slot: de stammen zijn dertig meter lang, recht en sterk, wat ze ideaal maakt om enorme balken, masten en kielen van te produceren. Het enige nadeel is dat je zo’n boom, eenmaal gekapt, zo heel mogelijk in een haven moet zien krijgen. Laat er bij Byblos nou net een fijn riviertje zijn, de Wadi Ibrahim, ooit bekend als de Adonis.

Doordat Byblos van alle Levantijnse havens het gunstigste lag voor de export van cederhout, was het al rond 3000 v.Chr. een belangrijk centrum voor de internationale handel. Grote schepen – in Egypte aangeduid als ‘Byblosschepen’ – vervoerden behalve hout ook hars, olie en andere waardevolle producten. Een monumentale muur, tempels en een paleis maakten de bezoekers duidelijk dat Byblos een belangrijke stad was.

Lees verder “De vuurtoren van Byblos”

Byblos in verval

Fenicische stadstoren in Byblos

“Kleine staten”, zo lees ik in Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, “konden profiteren van de verzwakking van de grote mogendheden”. De auteurs hebben het over de eeuwen na de verzameling problemen die we aanduiden als de Zeevolken-crisis. De Bronstijd kwam ten einde, de IJzertijd begon.

De stadstaten in Syrië werden weer zelfstandig, hoewel er zich soms nieuwe bewoners gevestigd hadden. In sommige stadstaten heersten vorstenhuizen van Hethitische origine (bijvoorbeeld in Karkemiš). Wij noemen deze rijkjes neo-Hethitische vorstendommen. In andere steden kwamen Aramese dynastieën aan de macht.

Nieuwe bewoners?

Ik weet niet of ik het zo zou schrijven. Ik ben er althans zo zeker niet van dat er nieuwe bewoners waren in de oude steden. Voor de Arameeërs is vaak betoogd dat ze geen nieuwe bewoners waren, maar allang woonden in de regio waar ze in de Bronstijd niet opschreven wat in het Aramees was gesproken. Vergelijk het met Nederland en Vlaanderen in de Vroege Middeleeuwen: in de Merovingische en Karolingische kanselarijen schreef men Latijn, maar de mensen spraken Oudnederlands.

Lees verder “Byblos in verval”