China en Rome

Chinese ruiter (Jin-dynastie; Volkenkundig museum, Leiden)

In het westen lag het Romeinse Rijk, dat in de vijfde eeuw n.Chr. nogal wat gebied verloor maar overleefde als het Byzantijnse Rijk. In het oosten lag China, geregeerd door diverse dynastieën, zoals de Han, de Jin, de Sui en de Tang. Daar tussenin lag Perzië, beheerst door eerst de Parthen en daarna de Sassanieden. Iets verderop regeerden de Kushana’s in Baktrië en de Punjab. Op de Centraal-Euraziatische steppe bestond de multi-etnische en meertalige federatie van de Hunnen.

De geschiedenis van deze rijken is complex maar komt erop neer dat ze elkaar in een dynamisch evenwicht hielden. En ze hadden contact, zelfs het westelijkste en het oostelijkste keizerrijk.

Lees verder “China en Rome”

Geld, cultuur en welzijn (2)

Reconstructie van een inscriptie (op naam van Plinius de Jongere) met een schenking aan de stad Como (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)

[Tweede deel van een recensie, geschreven door Dirk-Jan de Vink, van Daniel Hoyer, Money, Culture, and Well-Being in Rome’s Economic Development, 0-275 CE (2018). Het eerste deel is hier.]

Te rade bij sociale wetenschappen

Een klacht van de auteur is dat kwantificerende oudhistorici en maatschappelijk georiënteerde oudhistorici langs elkaar heen werken. Om tegenstellingen te overbruggen gaat hij zelf te rade bij de sociale wetenschappen, in het bijzonder economie en politicologie. Verder maakt Hoyer – zeer beperkt – uitstapjes naar pre-industriële grootmachten als het Chinese Keizerrijk en het Indiase Mogolrijk.

De auteur betrekt nadrukkelijk het welzijn van mensen bij zijn onderzoek. Dat wil zeggen: de mate waarin zij in hun behoeften kunnen voorzien, hun gezondheid, levensverwachting, toegang tot kennis, inclusiviteit van de samenleving en de mate waarin mensen invloed hebben op hun eigen leefomstandigheden. Een interessante vraag in dat verband is: welke omstandigheden bepalen dat mensen een betere kwaliteit van leven ervaren? Door deze insteek maakt het boek een moderne indruk.

Lees verder “Geld, cultuur en welzijn (2)”

Chinese Skythen

Hazenjager, Tang-dynastie (Museum voor Volkenkunde, Leiden)

Dit beeldje fotografeerde ik onlangs in de afdeling China van het Museum voor Volkenkunde in Leiden. Het stelt een ruiter voor die terugkomt van de hazenjacht. Het is gemaakt ten tijde van de Tang-dynastie, dat wil zeggen in de zevende, achtste of negende eeuw. Dus terwijl in het westen de Franken de hegemonie in Europa verwierven, terwijl het Byzantijnse Rijk de Avaren en Arabieren op afstand hield en in het Nabije Oosten het kalifaat bloeide.

De Zijderoute

Tussen deze mogendheden waren allerlei contacten: kooplieden en andere reizigers trokken langs de Zijderoute en wisselden goederen en verhalen uit. Wandschilderingen uit Samarkand tonen een Chinese prinses die in 648 met de plaatselijke heerser Varkhuman lijkt te zijn getrouwd. (Ik blogde er al eens over.) Er waren militaire confrontaties, zoals de slag aan de Talas die de Arabieren en Chinezen in 751 uitvochten. Westerse huurlingen dienden in de legers van de Tang-keizer. Diens hoofdstad, Chang’an, moet even kosmopolitisch zijn geweest als Constantinopel en Bagdad.

Lees verder “Chinese Skythen”

Skythen in een gebied zonder landkaarten

Detail van een replica van het Pazyryk-tapijt (Tapijtmuseum, Teheran)

Een dezer dagen neemt Jean Bourgeois afscheid van de Gentse universiteit. Hij is in Nederland niet zo bekend, maar hij is een van degenen die zich heeft beziggehouden met archeologische luchtfotografie. Vooral de foto’s uit de Eerste Wereldoorlog hebben de aandacht getrokken, al was het maar omdat zo is vastgesteld dat de kaarten waarop de soldaten destijds hun posities intekenden, substantiële fouten bevatten. Met deze foto’s zijn echter ook zo’n vijfhonderd omwalde hoeven (“moated farms”) uit de Middeleeuwen ontdekt. Dit onderzoek loopt nog steeds en als u iets van de resultaten wil zien, is er dit prachtige boek van Birger Stichelbaut en Piet Chielens.

Skythen in de Altaj

In het midden van de jaren negentig raakte Bourgeois betrokken bij onderzoek in Centraal-Azië, meer precies in de Altaj. Deze regio (drie keer België, twee keer Nederland) is waar Rusland, Kazachstan, China en Mongolië samenkomen. Omdat de Sovjet-Unie er niet op zat te wachten informatie weg te geven aan China, zijn er van dit grensgebied geen goede landkaarten. Omgekeerd heeft China niet zo’n behoefte om informatie te delen over het leefgebied van de Oeigoeren. Ook hier geen landkaarten dus. Dit is voor een oudheidkundige natuurlijk een handicap van de eerste orde. Temeer daar de Altaj belangrijk is. Hier bestaat namelijk nog nomadisme.

Lees verder “Skythen in een gebied zonder landkaarten”

Klimaatcrisis, 2200 v.Chr.

Stofstorm in het noorden van Mesopotamië

In een eerder stukje in mijn reeks over het handboek oude geschiedenis dat ik, in een recente herdruk, aan het lezen ben, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, wees ik erop dat als het boek nu zou zijn opgezet, er geen gescheiden behandeling zou zijn geweest van Egypte in het derde millennium en Mesopotamië in het derde millennium. De Vroege Bronstijd, zoals we deze periode ook wel noemen, veronderstelde handel in tin en netwerken die zich uitstrekten over duizenden kilometers. Hoewel in de twee genoemde regio’s voor ons leesbare schriftsystemen zijn ontstaan die voor ons begrijpelijke talen documenteren, was het Nabije Oosten onderdeel van één groot, vroeg wereldsysteem.

Hypercoherentie

Een systeem dat hypercoherent was geworden. U herinnert zich die term uit de complexiteitstheorie nog van de kredietcrisis van 2008 of kunt haar kennen uit het fijne boek van Eric Cline over het einde van de Late Bronstijd, 1177 BC. Het komt erop neer dat als alles met elkaar vervlochten is, een ramp in één onderdeel onvermijdelijk gevolgen heeft voor de andere delen. Je zou willen dat een van de onderdelen ongeschonden overeind bleef, als een anker voor de andere, maar in een hypercoherent systeem ontbreekt dat. Dat was niet alleen de situatie aan het einde van de Late Bronstijd, maar ook in de tweeëntwintigste eeuw v.Chr.

Lees verder “Klimaatcrisis, 2200 v.Chr.”

Achsenzeit

Boeddha (Nationaal Museum, Tasjkent)

Ik weet niet of ik u de roman Creation van Gore Vidal moet aanraden. Het idee was al lastig: een Perzische edelman, kleinzoon van Zarathustra, reist naar India en ontmoet de grondleggers van het jaïnisme en boeddhisme, reist naar China en ontmoet Confucius en Lao Tse, reist naar Griekenland en hoort Herodotos spreken, en dicteert aan Demokritos (die van de atoomtheorie) het verhaal van koning Xerxes. Dat is teveel name-dropping om geloofwaardig te zijn. Je zou misschien willen denken dat het boek overeind blijft als spoedcursus vergelijkende cultuurwetenschappen, maar daarvoor springt het ontbreken van de joden teveel in het oog. Dat Vidal een negatief portret van Athenes “gouden eeuw” baseert op een kritiekloze lectuur van Herodotos, zij het met reverse bias, maakt het eigenlijk ook nog tot een hypocriet boek.

Maar er is nog een dieper probleem. Al in de achttiende eeuw had de eerste westerse wetenschapper die het Perzische heilige boek Avesta bestudeerde, Abraham Hyacinthe Anquetil-Duperron – wat hadden ze destijds toch mooie namen –, geopperd dat de zesde/vijfde eeuw v.Chr. het moment vormde waarop de mensheid een soort spirituele geboorte meemaakte. In de Avesta kwamen ethische noties voor die ook elders doorklonken. Ook Mahavira en Boeddha, ook Confucius en Lao Tse, ook de Grieken stelden vragen over de relatie tussen mens en samenleving. We kunnen de door Vidal genegeerde joodse profeten Maleachi, Haggai, Zacharia toevoegen en de auteurs van het slot van Jesaja en de eerste hoofdstukken van Spreuken. De Duitse filosoof Karl Jaspers noemde deze creatieve periode de Achsenzeit, het tijdperk waarom de wereldgeschiedenis draaide.

Lees verder “Achsenzeit”

Hoe bestuur je een wereldrijk? (2)

Chinees borduurwerk, herkenbaar aan het gebruik van de kettingsteek, maar gevonden in het Romeinse Rijk (Palmyra)

[Tweede deel van een bespreking van de door Walter Scheidel geredigeerde bundel State Power in Ancient China and Rome (2015). Het eerste deel was hier.]

De steden

Terug naar de verschillen. En dan springen de verschillen tussen de steden in het oog, zowel in het stadsbestuur als in het uiterlijk voorkomen van de steden. In het Middellandse Zee-gebied was er een lange traditie van autonoom stadsbestuur, in China was die traditie veel minder sterk en hadden de Qin doelbewust de stedelijke elites uitgeschakeld, onder andere door grootschalige deportaties.

Dat was ook zichtbaar in het uiterlijk van de steden. Romeinse steden kenden pleinen, fora, theaters, badhuizen en andere publieke gelegenheden waar de stadsbewoners konden samenkomen. De Chinese keizers en hun bestuurders moesten niets hebben van massale samenkomsten van hun onderdanen, ze waren er eerder bang voor. De enige plek aan samenkomst was de markt, er waren nauwelijks pleinen, geen grote theaters of publieke badhuizen. En er werd er afstand gecreëerd tussen bevolking en de bestuurders.

Lees verder “Hoe bestuur je een wereldrijk? (2)”

Hoe bestuur je een wereldrijk? (1)

Een Chinese kameel (Metropolitan Museum, New York)

Rond het begin van onze jaartelling bestonden er twee wereldrijken: het Romeinse Imperium en het Chinese Keizerrijk onder de Han-dynastie. Samen heersten zij over ongeveer de helft van de toenmalige wereldbevolking. Beide rijken hebben zich in dezelfde periode maar onafhankelijk van elkaar ontwikkeld. Is het de moeite waard om een vergelijking te maken tussen de Romeinen en de Han? De Oostenrijkse historicus Walter Scheidel, sinds 2004 hoogleraar in Stanford, meent van wel en laat dat zien in de bundel State Power in Ancient China and Rome. De bundel bevat acht artikelen die het Romeinse keizerrijk vergelijken met het China van de Han-dynastie.

Scheidel is een pleitbezorger van vergelijkende geschiedenis (comparative history). Eén van de voordelen van het vergelijken van staten en ontwikkelingen, zoals tussen Rome en de Han, is volgens hem dat het de historicus dwingt uit de specialistische “comfort zone” te treden en nieuwe vragen te stellen. Het dwingt tot het overstijgen van (historische) disciplines en het helpt bij het identificeren van causale relaties en factoren en hoe die in verschillende omgeving verschillend uitwerken. Vergelijken is overigens geen doel op zich, maar een middel voor het stellen van vragen en formuleren van verklaringen.

Lees verder “Hoe bestuur je een wereldrijk? (1)”

Illegale handel, alweer

Het voorbeeld is wat verouderd maar wel duidelijk: als je in pakweg 1990 op straat in Amsterdam een fiets kocht voor vijfentwintig gulden, dan wist je zeker dat die was gestolen. Je was dus heler. Geen Amsterdammer wist dat niet. Ik moest daar even aan denken toen ik op de website van de NOS las over een kunstverzamelaar die roofkunst teruggeeft aan het land van herkomst, China.

Henk Nieuwenhuys wilde niet langer naar zijn stukken kijken, toen bleek dat de papierwinkel van zijn kunstaankopen niet op orde was. Hij brengt zijn verzameling nu terug naar China en schenkt de collectie aan het Shanghai Museum.

Toen bleek dat de papierwinkel van zijn kunstaankopen niet op orde was? Ik ben geen expert in Chinese kunst, maar ik heb in Londen weleens een Iraanse IJzertijd-ring gekocht en neem van mij aan: daar kwam wat papierwerk bij kijken. Er stond keurig netjes op uit welke opgraving het voorwerp kwam en er was een verwijzing naar de exportvergunning die de regering van zijne keizerlijke majesteit de sjah had afgegeven voor de vondsten uit die opgraving. Dat zal bij de handel in Chinese oudheden niet anders zijn.

Lees verder “Illegale handel, alweer”

Armenië en China

En dan hoor je ineens dat in Yerevan de Amerikanen de grootste ambassade hebben – en het complex is inderdaad eindeloos groot – en dat de Chinezen hebben besloten een nóg grotere ambassade te bouwen. Het staat niet op zichzelf. Eigenlijk zie je best vaak Chinese dingen in Armenië. De stadsbussen in Yerevan zijn bijvoorbeeld een cadeautje uit Peking en China financiert de grote noordzuidweg van Rusland en Georgië door Armenië naar Iran. Vanwaar die Chinese belangstelling voor Armenië?

Ik hoorde een verklaring die weliswaar valt in de categorie “Armeens straatrumoer”, maar die aardig genoeg is om met u te delen omdat ze u iets toont van hoe mensen in een klein West-Aziatisch land naar de wereld kijken. Ze menen hier dat de Armeniërs en de Chinezen een gedeelde vijand hebben: de Turken. Dat de relatie tussen Armenië en Turkije slecht is, veronderstel ik bekend; de relatie met de oosterburen, de met de Turken verwant Azeri’s, is zo mogelijk nog slechter. Maar, zo vertelde mijn Armeense informant me, ook de Chinezen ontwaren een Turkse dreiging: Peking identificeert de Oeigoeren als staatsvijanden.

Lees verder “Armenië en China”